
Valhalla had laatst een grappig stukje over dingen die zij irritant vindt. Het meeste was niet herkenbaar voor mij. Want wat bij de één een rood waas voor de ogen doet verschijnen, heeft op de ander geen enkel effect. Wat irritatie opwekt, is heel persoonlijk.
Bij mij wisselt het bovendien nogal eens, net zoals mijn humeur. Vaak is iets pas irritant als er vooraf al een stapeling van factoren is geweest. Ik ben vaak zelf de persoon die vuile vaat in de gootsteen neerzet en wegloopt. Maar kan daar op een ander moment over ontploffen. Natuurlijk omdat ik dan nét de knoflookpers nodig heb, die ergens onder die troep ligt waar ik dan met mijn handen doorheen moet. En dan blijkt hij in de la te liggen.
Eigenlijk is het enige constante irritante in mijn leven één bepaald woord. Ik haat dat woord, ik vind het zó stom. Het gaat natuurlijk nergens over, dat geef ik onmiddellijk toe. Maar mensen die dat woord gebruiken vind ik meteen minder leuk. Spreek het uit in mijn bijzijn en je kukelt zo uit de top tien van leuke mensen.
Vorig jaar tijdens de Olympische Spelen – of was het dit jaar?- plaatste een fb-vriend nadat ‘we’ weer eens een gouden of zilveren plak hadden binnen gehaald, telkens hetzelfde commentaar op zijn tijdlijn. ‘En weer een bofbips die een gouden/zilveren plak heeft binnen gesleept!’
Bofbips.
Jak! Dat woord dat roept acuut agressie in mij op. Waarom niet gewoon bofkont zeggen? Is kont tegenwoordig een ongepast woord? Niemand had het ooit vroeger in de goede oude tijd over bofbips. Plotseling word je er dood mee gegooid, ik zie het nu bijna dagelijks voorbij komen. Bips, dat zeg je tegen kleutertjes. ‘Zo, dan gaan we nu even je bips afvegen.’
Bofbips is een woord dat inderdaad vrij recent meer wordt gebruikt, ontdekte ik toen ik er eens op ging googlen. Ik kwam al meldingen op internet tegen uit 2004 maar het stond pas in 2015 op een lijst met woorden die in dat jaar ineens veel op twitter voorkwamen. Sommige zijn duidelijk gelegenheidswoorden die je op een bepaald moment veel hoort, zoals terroroehoe (daar zal vast die uil die in Purmerend de boel terroriseerde bedoeld mee worden). Andere woorden zijn blijkbaar blijvertjes, zoals kibbelkabinet of bofbips.
Bofbips. Het enige dat ik ten voordele van dat rotwoord wil zeggen is dat het wel lekker bekt zo met die twee B’s. Maar gebruik dit woord één keer te veel en ik verwijder je uit mijn omgeving. Zou zomaar kunnen gebeuren.
Trouwens, nu ik toch lekker aan het zeiken ben: vrouwen die het over hubbie hebben als ze hun man bedoelen, vind ik ook stom (ook mannen die dit zeggen trouwens, want dát kan ook). Net als bestie zeggen als je het over je beste vriendin hebt. Niet leuk!
Wil jij me dus eens echt goed op stang jagen dan zeg je tegen mij dat jouw hubbie vindt dat jij toch maar een bofbips bent met zo een lieve bestie.
Maar verder gaat het wel goed met mij. Eigenlijk ben ik een heel mild mens. Echt.
