Hier en daar

Repost uit de 2012:

Soms moet het even
Voelen waar ik sta
Ik wil naar daar
Maar ik ben nu hier
En weet nooit zo goed
Hoe ik daar moet komen

Dus probeer ik maar wat
Soms met grote stappen
Soms met een hinkstapsprong
Maar nog vaker met veel vallen

Wát ik ook doe
Ik blijf altijd hier
In plaats van daar

Toch is ook hier veel mogelijk
Misschien net zo veel als daar
De kunst is te blijven zien
Wat hier is en wat daar
En met een beetje geduld
Wordt hier vanzelf daar

Zo overdenk ik liggend in bed
Gevloerd omdat ik
Te snel naar daar liep
Terwijl ik hier achterbleef


©MinofMeer 🍀

(afbeelding Pixabay)

Loslaten: geen behandelingen meer volgen

Deze week ontving ik een mail van een vrouw die als mede ME-patiënt haar ervaringen met me wilde delen over haar traject om beter te worden. Zij is niet de enige die mij hierover mailt. Ik krijg dan wel niet wekelijks, zeker toch maandelijks een mail van iemand die me vertelt wat hij of zij heeft gedaan om zich beter te voelen. Helemaal genezen is de persoon in kwestie vrijwel nooit, maar wel heel enthousiast.

Inmiddels ben ik ervan overtuigd dat genezen van ME een heel persoonlijk traject is. Wat voor de één werkt, levert de ander veel minder op. Dé behandeling tegen ME bestaat niet. Anders zouden er echt wel meer mensen genezen en dat gebeurt nog steeds mondjesmaat. De artsen zelf zijn er nog steeds niet over uit wat de oorzaak is, laat staan hoe het behandeld moet worden. Vreemd genoeg verwachten we van iemand die reuma heeft niet dat hij zomaar herstelt na een aantal jaren maar van een ME-patiënt wel. Niet alleen de omgeving (werkgever, uitkeringsinstantie of vrienden) maar ook de patiënt zelf heeft moeite met accepteren dat het een chronische aandoening is. ME is behoorlijk ongrijpbaar (omdat er nog zoveel onduidelijk is) en het is meer een verzamelnaam voor een heleboel symptomen en klachten. Waarbij de één meer fysieke klachten en moeheid ervaart en een ander vooral neurologische klachten en pijnen heeft. Of een combinatie van die twee, in meer of mindere mate. De één ligt doodziek op bed, een ander kan nog met enige aanpassing werken en de derde hangt/ligt op de bank en probeert met veel moeite een dagprogramma te handhaven van douchen, koken en voor kind zorgen maar leeft verder wel als een kluizenaar (hé, dat ben ik, herkennen jullie me).

Ik ben al een tijdje behandelmoe. Ik heb tot mei een behandeling bij een Buteykotherapeut (ademhalingstherapie) gevolgd maar ‘ineens’ stopte ik met afspraken maken. En na een tijdje stopte ik ook met de oefeningen. Bijna 10 maanden deed ik twee keer per dag oefeningen en daar was ik klaar mee. Klaar als in dat het mijn strot uit kwam. Ik zag of voelde geen vooruitgang. En elke keer maar weer dan de discipline opbrengen terwijl het op dat moment niets oplevert, zorgde voor weerzin en weerstand bij mij.

Dit jaar probeer ik op meerdere gebieden los te laten. Qua budgetteren maar ook zeker qua altijd maar bedenken hoe iets beter kan. Gewoon eens wat meer de boel op zijn beloop laten, ook op gezondheidsgebied. Ik heb met mezelf de afspraak gemaakt dat ik pas weer in 2018 een behandeling overweeg of ga volgen. Dit na de zoveelste teleurstelling. Elke keer weer een behandeltraject volgen, geeft ook onrust, zeker als de resultaten uitblijven. Ik voel me soms wel iets beter maar vaak zijn de effecten tijdelijk. Ik merk wel dat ik over de hele linie beter ben dan 8 jaar geleden maar het blijft een golfbeweging van goede en slechte tijden.

Sinds ik ziek werd in 2008 heb ik elk jaar wel een nieuwe behandeling gevolgd. Nu is het even klaar. Ik ga voelen wat er is zonder behandelaar en zonder dat ik weer iets moet. Want een behandeling volgen gaat altijd gepaard met een bepaalde discipline, je doet oefeningen een paar keer per dag, je graaft in jezelf, past je gedrag en eetpatroon aan. Bij mij slaat dat snel door in zelfdwang. Ik kan mezelf heel goed iets opleggen om te doen. Maar dát houdt bij mij de overprikkeling in stand. Mijn grote valkuil is dat ik iets te grondig aanpak en te voortvarend ben. Ik sla vaak door. Daarbij komt dat sommige behandelingen nogal veelomvattend zijn, zoals bij het Vermoeidheidscentrum waarbij de behandeling een multidisciplinaire combinatie is van fysiotherapie, ontspannings/ademhalingstherapie, psychologische begeleiding, ergotherapie,  pijnbestrijding en aanpakken slaapproblematiek. En dat voor personen die volledig uitgeput zijn en soms niet eens meer energie hebben om een kopje thee te pakken. Ik werd van deze behandeling alleen maar slechter.

Altijd maar zoeken naar dé behandeling houd ook in dat ik niet kan accepteren dat ik ziek ben. Ik leef continu in een staat van verwachting, van ‘straks als ik beter ben want ik moet wel beter worden, ziek blijven is immers geen optie‘. Voor mij betekent dit dat ik grenzen negeer. Ook op slechte dagen moet je naar een behandelaar of oefeningen doen. Maar het betekent ook, en nu word ik wat wollig, dat ik mezelf niet accepteer. Mag ik me voelen zoals ik me voel? Natuurlijk koos ik hier niet voor. Maar al die jaren behandelingen volgen heeft niet gemaakt dat ik me nu compleet anders voel, ik heb nog steeds een heel beperkt aangepast bestaan. En niet omdat ik mijn best niet deed. Want dat is zó erg, het idee dat als je maar echt je best doet, je beter wordt. Soms is het beter niet je best te doen. Altijd die verwachting koesteren, levert ook veel teleurstelling op.  Dit ben ik. Ik ben nu eenmaal ziek. Dat wil ik niet maar het gebeurt wel. Misschien levert het me wel veel meer op als ik dat echt accepteer. Dus heb ik mezelf ‘behandelvrij’ gegeven voor een flinke periode. Ik probeer elke dag binnen de grenzen die er zijn, fijne keuzes te maken. Zo kocht ik laatst een pakje stroopwafels (glutenvrij en lactosevrij, dat dan weer wel, ivm voedselintoleranties) en ga ik die vandaag lekker opeten. Zomaar. Dat mag van mezelf ook al is het niet gezond.

Van alle behandelingen heb ik wel iets opgestoken. En net als dat je soms moet stoppen met alsmaar boeken lezen over hetzelfde onderwerp en beginnen met de praktijk, ga ik nu herkauwen en voor mezelf zorgen. Mezelf rust gunnen. Niet doen wat een ander, een behandelaar, zegt maar doen wat ik voel wat fijn is of wat me rust of ontspanning oplevert. En dat is soms een boek lezen en soms een stroopwafel oppeuzelen.Loslaten is voor nu vooral mezelf toestaan te genieten van wat kan en lukt.

Lichter leven

 
Afbeelding Pixabay
 
 
 
There is a crack in everything
that’s how the light gets in
(Leonard Cohen, Anthem)
 
~
 
 Als het niet gaat zoals het moet,
dan moet het maar zoals het gaat.
 
Als het moet zoals het gaat,
dan vind ik misschien ruimte,
daar waar het eerder te vol was
en zie ik licht
waar het donker leek.
 
Als het moet zoals het gaat,
dan laat ik mijn verwachtingen los
en geniet ik van wat kan.
 
Als het moet zoals het gaat,
dan zwem ik mee met de stroom
en houd ik niet krampachtig vast
aan ‘wat als, ja maar,
eigenlijk en zo meer’.
 
Als het moet zoals het gaat,
dan houd ik me niet meer bezig
met hoe het moet
en hoe het hoort,
met wat ik wil
en wat ik verwacht,
met wat ik vind
en wat ik verdien.
 
Eén ding is zeker:
Als het moet zoals het gaat,
dan gaat het voortaan
zonder dat het moet.
Het gaat zoals het gaat.
het is zoals het is.
 
 
 
 
 
 

 

 

Succes

Al zo lang als ik me kan herinneren, wil ik trots zijn op mezelf. Dat is natuurlijk voer voor psychologen. Ik kreeg te véél aandacht, te weinig aandacht, de verkeerde aandacht, vul maar in. Ik zal best onzeker zijn en dat willen compenseren door perfectionisme. Maar de helft van de tijd is het streven naar succes volgens mij ook gewoon een ingesleten patroon, waar ik overigens héél hard van af probeer te komen want veel leverde het tot nu toe niet op, een overprikkeld zenuwstelsel niet mee gerekend.

Met verbazing kijk ik soms naar mezelf. Als ik ergens ga werken, dan wil ik degene zijn die de minste fouten maakt, het beste van de afdeling is. Als ik ziek ben, wil ik degene zijn die het beste herstelt, ook al is het een aandoening waar maar 7 % van herstelt. Hoe dan ook, ik ga bij die 7 % horen! Start ik een blog en zie ik dat de bezoekersaantallen stijgen, dan wil ik per se dat de aantallen blijven stijgen. En een blog is dan natuurlijk niet voldoende. Een boek! Ik moet een boek schrijven! Liefst een boek dat goed verkoopt.

Al het mediteren en ademhalingsoefeningen ten spijt, dat streefgedoe van mij levert stress op. Nu was er natuurlijk eerst het streven, toen de stress en toen pas het mediteren. Bijna als mosterd na de maaltijd. Maar de stress verdwijnt niet alleen omdat je het wilt, ook niet na veel mediteren, want gedrag verandert niet meteen.

Toch lukt het wel. Heel langzaam ontdek ik dat ik niet ben wat ik doe, maar dat ik ben omdat ik euh, nou ja, ademhaal. Ik ben die ogen die me aankijken in de spiegel. Het probleem met het gevoel nooit goed genoeg te zijn, is dat ik weet wat de intenties zijn van die vrouw in de spiegel. Een ander kijkt veel platter naar mij. Die denkt: daar ligt die vrouw op de bank die stukjes schrijft. Ze zien wat ik doe. Wat ze niet zien is alle bagage, dromen, intenties en verlangens die ik wél (de hele tijd) voel. Die berg shit is soms zó hoog en zó zwaar dat het geen wonder is dat ik soms bijna niet van de bank af kan komen.

Het enige dat mij tot nu toe redelijk moeiteloos afgaat is moeder zijn (even afkloppen natuurlijk want we staan aan de rand van de puberteit). Ik ben niet de leukste, beste en zeker niet de meest energieke moeder. Maar ik voel vreemd genoeg geen of weinig stress over mijn eigen functioneren. Natuurlijk twijfel ook ik regelmatig of ik de opvoeding wel goed aanpak maar over het algemeen geniet ik er gewoon van. Ik geniet enorm van mijn kind en ik geniet van het moeder zijn.

Laat het moeder zijn nou toevallig het enige in mijn leven zijn waar ik vooraf geen beeld bij had. Al zo lang als ik me kan herinneren, hoorden kinderen niet bij het plaatje van mezelf ‘als ik later groter zou zijn’ wat ik voor ogen had. Ik zag mezelf niet als moeder en was ook helemaal niet van plan moeder te worden. Ik heb dus jaren in mijn dagdromen en fantasieën mijn toekomst ingevuld zonder gedachte aan een kind.

Dat ik tóch moeder ben geworden is werkelijk waar de grootste verrassing van mijn leven. En omdat ik daar vooraf helemaal geen plaatje of beeld bij had, ben ik maar als het ware meegedreven met wat er gebeurde. En dan bedoel ik niet passief gedobber – S. was geen moetje en juist zeer gewenst na een voor mij volkomen uit de lucht vallende behoefte om toch moeder te worden – maar gewoon mee gaan met de stroom zonder te denken dat ik eigenlijk 20 meter verderop moet zijn of dat ik per abuis in het verkeerde water zwem. Ik ben eindelijk eens bezig met wat ‘is’ en niet met hoe het zou moeten zijn. En dat kan ik best wel een groot succes noemen. Mijn grootste succes is dat waarvan ik niet wist dat het er zou zijn.

Het leert me dat verwachtingen een grote belemmering kunnen zijn en dat het echte leven hier en nu is. En dat succes misschien wel het loslaten van het streven naar succes is. Althans mijn succes. Misschien is dat voor een ander niet het geval. Misschien heb jij juist wel een duwtje in de rug nodig.

Wat belemmert jou? Ben jij ook een perfectionist?