Glutenvrij/lactosevrij bakken: 1) bananenmuffins

Het hoe en waarom van glutenvrij en lactosevrij eten legde ik in de vorige blogpost uit. Zoals eerder beloofd, zal ik wat recepten plaatsen die glutenvrij en lactosevrij zijn. Wat kunnen jullie verwachten? Muffins en taarten op basis van kokosmeel of amandelmeel, pannenkoekjes van amandelmeel, pannenkoeken/wraps op basis van kokosmeel en tapioca, notenbrood, brood van teffmeel. En verder waar ik zin in heb. Ik zal in de titel telkens duidelijk zetten dat het een kookitem is, dus boeit het je totaal niet, kan je die post lekker overslaan. Nou, daar gaan we!

Zoete lekkernijen bakken met amandelmeel is hele makkelijk want van nature smaakt dit meel al heerlijk zoet. Amandelmeel an sich is glutenvrij maar ben je heel gevoelig dan raad ik je aan amandelmeel met het officiële glutenvrij logo te kopen. Dat is te koop bij reformwinkels en ook via internet. Ben je dat niet, dan kun je het in grotere hoeveelheden inslaan bij webshops als pit en pit of the body en fitshop. Probeer vooral eerst eens uit of het wat voor je is door eerst een kleiner zakje te kopen, met glutenvrij logo bij een biologische winkel of zonder bij een toko of Turkse winkel. Het is wel prijzig. Met glutenvrij logo betaal je bijvoorbeeld bij een glutenvrije webshop voor 500 gram 12 euro. Daar bak je misschien 3 keer van. Zonder logo is het ook best prijzig, ik betaal bij de Turkse winkel hier in Hoorn voor 200 gram € 4,29. Het loont dus echt de moeite om als je het verdraagt zonder logo in het groot in te kopen. Als ik het per 2,5 kilo inkoop, betaal ik € 19 per kilo. Het blijft dus een prijzige hobby om met amandelmeel te bakken. Voordeel is wel dat het vult als een tierelier, dus je eet er minder van.

Ik bak al jaren met amandelmeel, ook toen ik nog niet glutenvrij moest eten, gewoon omdat we het heel lekker vinden! Ik heb het dan ook al jaren voorgezet en iedereen schuift het naar binnen zonder dat ze het idee hebben dat ze ‘heel erg aangepast’ eten.

Met amandelmeel bakken is niet moeilijk. Je moet er wél rekening mee houden dat het sneller vochtig of wat zompig wordt. Gewoon meel zuigt beter vocht op. Als het resultaat te vochtig is naar je smaak, moet je óf de hoeveelheid vocht wat verminderen óf wat minder ei er door doen.
 
Als jij wel lactose verdraagt dan kun je de kokosolie in de recepten vervangen door een zelfde hoeveelheid roomboter.

Veel van wat ik bak is variatie op hetzelfde thema, zoals jullie zullen zien. Denk vooral in vervangingen, dat doe ik ook altijd. Dus geen dadels in huis maar wel vijgen? Gooi er vijgen door. Of rozijnen, of een scheutje honing. Ik bak zelf vrijwel nooit met suiker omdat ik al jaren suikervrij eet (ook nog, ben wel een zeikerd hè) en omdat ik inmiddels – op chocola na – helemaal ben afgekickt, is iets al snel heel zoet voor mij. Maar pas ook hierin de hoeveelheden aan naar je eigen smaak of voorkeur.

Succesnummer 1 in dit huis:
banananmuffins

Wat heb je nodig voor 12 muffins?

  • 3 rijpe bananen in stukken gesneden
  • 150 gram amandelmeel
  • 6 (gedroogde) dadels (zonder pit!)
  • 2 eieren
  • 2 el gesmolten kokosolie
  • snuf zout
  • 1 thl wijnsteenzuur bakpoeder
  • rasp van een halve biologische citroen (*)
  • optioneel: 1 theelepel vanillepoeder en/of 1 theelepel kaneelpoeder

(*) op niet biologische citroenen zit een waslaagje dat je niet naar binnen wil krijgen, dus kun je geen bio citroen vinden, dan sla je dat gewoon over. Maar ze zijn tegenwoordig zelfs al verkrijgbaar bij de Lidl.

Bereiding:
Verwarm de oven op 180 graden.
Week de dadels even in heet water als ze heel hard aanvoelen. Als je verse dadels gebruikt hoeft dat niet. Vergeet de pit er niet uit te halen!
Meng de droge ingrediënten: het amandelmeel, zout en het bakpoeder.
Smelt de kokosolie in een pannetje. Doe de eieren in een hoge kom, samen met de stukken banaan en de zacht geworden dadels. Zet de staafmixer erop. Giet de olie erbij, nog even mengen.
Voeg de droge ingrediënten toe en roer goed door. Meng als laatste het citroenrasp erdoor en evt. vanille/kaneelpoeder.

Verdeel het beslag over (ingevette) muffinvormpjes (*) en bak in het midden van de oven af. 30 minuten voor een heerlijk goudgeel resultaat.

(*) ik gebruik siliconen bakvormen, dat hoeft niet te worden ingevet.

Ik snij de afgekoelde muffins doormidden en besmeer ze met suikervrije jam van Dalfour. Dan gaan ze zo de vriezer in, tenminste wat er na het in mijn mond stoppen overblijft….

(dit recept werd eerder gepubliceerd op mijn kookblog Echt Eten, Puur Koken)

Glutenvrij en lactosevrij eten

Zoals veel lezers al weten eet ik sinds een paar jaar glutenvrij en lactosevrij. Mijn eeuwige buik- en darmklachten verdwenen daardoor. Dat ik lactose niet goed verdroeg wist ik al langer. Maar ik hield me niet heel netjes aan de beperkingen, dronk soms toch koffie verkeerd of at roomijs en accepteerde de gevolgen. Dat ik gluten niet verdroeg was een grote verrassing. Na een traject bij een diëtist/natuurvoedingstherapeut én wat testen en een proef op de som, was de conclusie dat glutenvrij en lactosevrij eten noodzaak was. En dus ook geen gesmokkel meer met lactosevrije melk omdat de therapeute vermoedde dat ik waarschijnlijk niet alleen of zozeer problemen heb met lactose maar ook met caseïne in zuivel, en dat zit gewoon nog in lactosevrij gemaakte melk of yoghurt.

Zo aangepast eten maakt het leven soms behoorlijk gecompliceerd. Vooral als je op bezoek gaat bij iemand. De meeste mensen weten wel waar lactose in zit, maar over gluten bestaan veel misverstanden. Zo zijn heel veel mensen ervan overtuigd dat speltmeel glutenvrij is. Of weten mensen niet dat gedroogde zuid vruchten soms een mooie glanscoating krijgen waar vaak gluten in zit. Ik ben dan ook behoorlijk voorzichtig geworden met iets zomaar in mijn mond te stoppen. Want de gevolgen zijn direct en duren soms behoorlijk lang. Vooral glutenfouten hebben soms het effect dat mijn darmen soms weken van slag blijven. Nu merk ik wel dat ik tegenwoordig minder snel last heb. Omdat ik misschien minder glutenfouten maak? Ik weet inmiddels goed wat waar in zit en waar ik wel of niet goed op reageer. Het verschil is voor mij trouwens goed te voelen. Van per ongeluk binnen gekregen lactose moet ik over het algemeen meteen naar het toilet. Van per ongeluk genuttigde gluten krijg ik meestal pas de volgende dag een reactie en dat duurt dan veel langer. Beeldend genoeg?

Toch is er ook altijd sprake van oorzakelijk verband en opeenstapeling. Er is een grens van wat ik kan verdragen en heel soms op een goede dag speel ik daarmee en stop ik een stukje zachte brie in mijn mond (bloos). Met gluten hoef ik dat niet te proberen overigens.

Nu is er een groot verschil tussen de ziekte coeliakie en glutensensitiviteit. Coeliakie (en ik hoop maar dat ik het goed zeg) is een chronische auto-immuunaandoening waarbij het lichaam niet in staat is gluten af te breken. De darmwand raakt onherstelbaar beschadigd door het eten van gluten omdat het lichaam antistoffen gaat aanmaken. Iemand met coeliakie herstelt niet. Een glutenvrij dieet zal voor het leven zijn.

Glutensensitiviteit ligt iets anders. De gevolgen van het eten van gluten zijn weliswaar meteen kenbaar (pijn, kramp, diarree) toch is het veeleer het gevolg van een aandoening dan dat het de aandoening zelf is. Het lichaam maakt niet aantoonbaar antistoffen aan. Er is dus geen aantoonbaar bewijs zoals bijvoorbeeld na een coeliakiebloedtest of darmbiopt, maar mensen met buik- en darmklachten knappen vaak wel enorm op van een glutenvrij dieet en hebben geen klachten meer. In dat geval spreken we van glutensensitiviteit. Interessant is dat sommige mensen die glutensensitief zijn in sommige testen geen last krijgen als ze geïsoleerde gluten krijgen en zou de reactie dus kunnen worden verooraakt door de combinatie van gluten met nog iets anders.

In mijn geval – ik heb ME/CVS – blijkt mijn lichaam gewoon sommige processen niet meer goed uit te voeren, prikkels te verwerken of het eten niet meer goed te kunnen verteren. Nu zijn gluten ook bijzonder zwaar te verteren dus waarschijnlijk dacht mijn lichaam: doei!

Over glutensensitiviteit wordt vaak wat lacherig gedaan. Dat komt ook zeker door hoe er in de media over wordt geschreven. Glutenvrij eten wordt gezien als een hype. En dat wordt opgepikt door veel mensen. Zo zat ik deze zomer met kind op een terras van een lunchtentje in ons IJsselmeerstadje om te vieren dat de zomervakantie was begonnen. Deze plek is één van de weinige gelegenheden waar ik durf te eten en waar ik gewoon echt nooit last krijg achteraf. Achter ons zaten twee meiden die luidkeels zaten te verkondigen dat ze ‘voor glutenvrij gingen omdat ze wilden afvallen’. Op dat soort momenten heb ik wel eens zin om iemand over een tafel te trekken. Want glutensensitiviteit hebben is echt geen grapje en ik val ook niet zomaar af door geen gluten meer te eten.

Hoewel ze lactose ook overal in stoppen (kijk maar eens op etiketten, bijna overal wordt melkpoeder in gedaan) heeft lactose minder de neiging te kruimelen, zoals gluten wel doen. Hier in huis maak ik mijn eigen eten dus niet meer klaar aan de kant van waar het brood wordt gesmeerd. En gil ik vaak dat ik gluten zie als ik overal broodkruimels in bed zie liggen omdat kind daarin heeft ontbeten. Op zich maken we er altijd een grapje van maar helemaal grappig is het natuurlijk niet want houten pollepels hebben wij bijvoorbeeld niet meer, wegens moeilijker schoonmaken. En gebruik ik voor mezelf liefst een plastic snijplank. Maar er zijn wel grensgevallen, ik bak wel voor mezelf dingen in dezelfde oven als waarmee ik lekkers voor de mannen bak. Ik gebruik de kenwoodmixer voor het normale pizzadeeg van de mannen maar ook voor mijn glutenvrije teffmeel-deeg. Een kwestie van goed schoonmaken maar er zijn ook mensen met glutensensitiviteit die dat niet kunnen. Er is dus binnen deze sensitiviteit een schaal waarbinnen de een meer last heeft of krijgt dan de ander. Voor mezelf heb ik het gevoel dat ik minder gevoelig wordt. Misschien omdat mijn lichaam sterker wordt of aan het herstellen is? Ik hoop het!

Niet alleen vanuit de media ook vanuit de wetenschap werd glutensensitiviteit wat afgeserveerd als aanstellerij. Maar inmiddels is het een erkende aandoening waarover zelf het voedingscentrum tegenwoordig een alinea heeft opgenomen en is de opinie wat aan het kantelen.

Wat nu de oorzaak van de klachten is bij glutensensitiviteit is nog steeds niet bekend. Maar dat boeit ook niet echt meer als je merkt dat klachten verdwijnen door het weglaten van gluten. Iets waar ik overigens geen voorstander ben om dat ‘zomaar’ op eigen houtje te doen. Want je kunt niet zomaar iets weglaten uit je dieet. En ga je denken in glutenvrije vervangers, dan zit je al snel glutenvrij brood te eten vol suikers en zonder enig echte voedingswaarde. Ik zou zelf ook nooit vrijwillig broodloos door het leven zijn gegaan want ik ben een broodjunk. Althans dat was ik. Ik bakte jarenlang mijn eigen brood en kocht speltmeel per 25 kilo rechtstreeks bij de molen.

Goed nadenken dus wat je dan wel gaat eten en laten controleren door een diëtist of natuurvoedingstherapeut of je voeding wel alles bevat. Ook lijkt het mij altijd zinvol om onder begeleiding van een arts of natuurvoedingstherapeut/diëtist te onderzoeken of je of je coeliakie hebt of glutensensitief bent. Belangrijk is niet zomaar te stoppen met het eten gluten voordat je dit gaat onderzoeken, anders heeft een test naar coeliakie geen zin (*). En misschien is er wel iets heel anders aan de hand! Aandoeningen als sarcoïdose of de ziekte van Crohn gaan ook samen met veel buik- en darmklachten.

(*) Als iemand een glutenvrij dieet volgt vóór de diagnose coeliakie is gesteld, zal het darmslijmvlies zich al herstellen en wordt de diagnose voor coeliakie gemist. Je weet dan dus niet zeker of je coeliakie hebt of een ander aan gluten of graan gerelateerd probleem. (citaat voedingscentrum)

koffie met havermoutmelk mét schuimlaagje!

Brood eten doe ik niet veel meer. Ik zoek het meer in de groenten, soepen, eieren en zo. Mijn eetstijl neigt naar paleo (nog zo’n hype) maar ik eet soms wel brood dat ik zelf bak van teffmeel. Koffie verkeerd drink ik nog steeds maar nu met kokosmelk (mijn versie van Bullet Proof Koffie en dan kan ik ontbijt meteen overslaan) of met havermoutmelk (als je dat heel lang, ik bedoel echt heel achterlijk lang staafmixert, krijg je een heerlijk schuimlaagje). Ik bak ook regelmatig wat lekkers met kokosmeel en amandelmeel. Als vet gebruik ik over het algemeen dan kokosolie. Maar soms maak ik ook ghee van roomboter die je op die manier lactosevrij maakt.

Toen ik vorige week vertelde over de glutenvrije en lactosevrije bananentaart die ik had gemaakt, kreeg ik van sommigen van jullie het verzoek om het recept te plaatsen. Eigenlijk wilde ik dat nu doen maar blijkbaar moest ik eerst andere dingen vertellen over glutenvrij en lactosevrij eten. Krijgen jullie morgen het recept, beloofd! Maar bezoek anders ondertussen gewoon even mijn kookblog, want daar staan alleen maar glutenvrije/lactosevrije recepten: echt eten, puur koken.

ps: ik ben geen expert en beschrijf mijn eigen ervaringen, waar ik baat bij heb!

Dagelijks mediteren

Op mijn opmerking in de vorige blogpost over mijn dagelijkse meditaties  reageerde Kruidig Meisje:

2x per dag mediteren. En dat lukt je! Wat goed! Stel nou dat je een keertje inspiratie hebt en energie (ergens in de toekomst hè), dan zou ik zo graag horen hoe je jezelf in dat ritme hebt gekregen. Ik heb hier wel meditatieboeken (en genoeg ervaring om te weten welke bij mij werken), een meditatiestoeltje en een heerlijk hoekje. Maar dat ritme…… En ik WEET hoe goed het voor me is.

Nou vooruit, daar komt ie (vind ik hartstikke leuk om over te schrijven)….

Toen ik jaren geleden – ik was iets van 25 jaar of zo – bij een uitgeverij werkte, kwam ik tijdens een boekenbeurs in aanraking met een uitgeverij van ‘zweefboeken’, zo ook boeken over mediteren. Ik raakte aan de praat met een medewerker van deze uitgeverij en zij vertelde me dat ze al jaren mediteerde. Ik was niet bekend met het fenomeen maar wel meteen gefascineerd. Want met een toen ook al onrustig en manisch brein, snakte ik naar de gemoedstoestand die zij beschreef.

Daar snak ik nog steeds naar ;-0. De één bereikt dat overduidelijk sneller en makkelijker dan de ander. Maar, ik heb inmiddels wel al iets meer dan 20 jaar ervaring met mediteren, het is een levenslange haat-liefdeverhouding geworden. Ik heb meerdere malen op meditatieclubjes gezeten, ben jarenlang een uur eerder opgestaan om voor vertrek naar het werk te mediteren en heb net zo vaak ook weer alles laten versloffen. Omdat het even niet uitkwam. Omdat mediteren met een kleine baby, een vol leven en een drukke baan moeilijk is, want het komt nooit uit. En de bereidheid om een uur eerder op te staan om te mediteren verdwijnt natuurlijk acuut als je last hebt van chronisch slaapgebrek omdat je een kleine baby hebt.

Maar toch. Toch keer ik telkens terug naar mediteren. Omdat het me veel oplevert.  Als mediteren op je verlanglijst staat en het er nooit van komt, heb jij als lezer misschien wat aan mijn ervaring…

  • mediteren hoeft niet op een prachtig ingerichte plek. Het kan altijd en overal. Natuurlijk is het fijn als je je kunt terugtrekken maar het kan ook in de trein, in de huiskamer of in een rommelige slaapkamer. Voorheen was ik altijd bezig met de perfecte meditatieplek. Maar die gooide ik dan vol met rotzooi en dan was dat natuurlijk een perfect excuus om niet te mediteren. Want eerst moest die plek op orde worden gemaakt
  • mediteren hoeft niet prettig te zijn – hoe meer ik dat nastreef hoe moeilijker het voor mij is om te mediteren. Nu ik ‘gewoon’ mediteer en het voor mij een onderdeel van mijn dagroutine is, net als tanden poetsen, is het niet meer zo zwaar. Het is iets wat ik gewoon doe. En de ene keer gaat het heerlijk en de andere keer helemaal niet. Die keren dat het niet lukt is dan hoogstens een signaal dat ik wat overprikkeld ben. En gooi ik er een extra meditatie tegenaan. Wat dat betreft is de opmerking die ik ooit las ‘mediteer elke dag een half uur. Tenzij je daar geen tijd voor hebt, mediteer dan een uur‘ ideaal als richtlijn. Want hoe minder het uitkomt, hoe beter het uitpakt
  • mediteren is niet je brein leeg maken. Het is observeren wat er in je hoofd omgaat en leren daar afstand van te nemen. Je gedachten zijn wolken die voorbij drijven, kijk ernaar maar je bent niet die wolk zoals dat zo mooi gezegd wordt. Met je ademhaling als anker waar je telkens naar terugkeert op het moment dat je ineens met een boodschappenlijstje bezig bent of in gedachten een mail aan het schrijven bent, lukt het vaker afstand te nemen. De voordelen daarvan merk ik niet alleen tijdens de meditatie maar vooral ook de rest van de dag, als ik merk dat mijn concentratie beter wordt.  
  • Door mijn behandelaar Gupta heb ik geleerd dat meditaties een geweldige manier zijn om naar pijn en ongemak te kijken. Vaak zijn we geneigd in het dagelijks leven dingen weg te drukken die ons niet bevallen, die ons ongemak bezorgen of die ons verdriet geven. Door het ongemak juist tijdens sommige meditaties bewust op te zoeken, wordt de lading vaak minder en kan ik er beter mee omgaan. 
  • Ik ben hier – niet daar… door te mediteren, juist als het helemaal niet uitkomt omdat ik stress heb over iets of iemand – kan ik iets afstand nemen. Ik ben niet de stress, ik ervaar alleen stress. Maar ik kan ook een stap achteruit doen. Mijn gedachten focussen op mijn ademhaling, voelen dat ik hier en nu ben. Niet met mijn gedachten bij de stress of de pijn, maar hier en nu bij mijn ademhaling. Het helpt me te voorkomen dat ik te zeer word meegesleept door prikkels/pijn/emoties
  • Mediteren kan overal zoals ik zei, maar ook op elke manier. Natuurlijk is het geweldig als je met gekruiste benen in meditatiehouding kunt zitten op je kussen. Ik heb er ook een geweldig mooi kussentje voor, zoals jullie bovenaan deze blogpost zien. Alleen mijn ME/CVS lijf kan niet meer zo zitten, op de grond. En dat was heel lang een uitstekend excuus om niet meer te mediteren 😉 Tegenwoordig mediteer ik liggend, onder een deken. En dat gaat prima!
  • Weet wat voor meditatie geschikt is voor jou – jarenlang was mediteren een enorm geworstel. Ik deed vooral ademhalingsmeditaties of mediteerde op één klank of woord en vaak in groepsverband. Dat ging heel moeizaam. Tot ik geleide meditaties ontdekte en de meditatieclubjes links liet liggen. Heerlijk! Het één is niet beter dan het ander, doe wat bij jou past. 
  • Ik mediteer meestal twee keer per dag. Niet op een vast tijdstip maar wel op een vast moment. Als ik tegen mezelf zeg dat ik bijvoorbeeld elke dag om 10 uur wil mediteren, word ik meteen enorm gestrest en ervaar ik een druk. Maar als ik het plaats in een volgorde van handelingen die ik doe – ongeacht een tijdstip – dan voelt het prima en lukt het meestal ook. Na het opstaan handel ik meestal dingen in een bepaalde volgorde af en ergens daar tussen – na de eerste koffie en mijn krantje en voor mijn ontbijt – mediteer ik. En dat doe ik ook zo in de namiddag. Na de middagrust doe ik wat dingen afhankelijk van mijn energie. En dan ergens vóór het koken doe ik weer een meditatie. Daarbij moet ik wel opmerken dat ik natuurlijk geen verplichtingen heb, niet vroeg hoef op te staan om naar het werk te gaan. Dat maakt dat ik veel vrijheid heb om tot een bepaalde dagindeling te komen, die overigens wel wordt gedicteerd door mijn energie
  • de voordelen van mediteren merk je eigenlijk heel snel. En dan is het vaak een kwestie van doen omdat het als een behoefte voelt. Voor mij werkt het het beste als ik weer begin met mediteren door te zeggen: oke, dit gaan we gewoon weer een weekje doen. Een week, dat lukt wel, vast. Net als dat een week niet snoepen lukt, of een week elke dag een kleine wandeling maken lukt. En na die week merk je misschien op dat je je rustiger voelt. Minder geagiteerd. Dat je beter slaapt. Echt. En dan ben je om. En toch laat je het weer versloffen. Net als dat je toch ooit weer gaat snoepen of te weinig beweegt. Het gaat niet zozeer om het volhouden tegen heug en meug dan wel om het elke keer weer gewoon op te pakken
  • kom ik op het laatste punt: Ik wil graag twee keer per dag mediteren. Omdat ik merk dat ik daar baat bij heb. Maar soms lukt dat niet. Omdat ik te beroerd ben. Of juist tegenovergesteld, omdat ik een goede dag heb en we iets leuks doen.  Voorheen was ik geneigd om als een meditatie werd gemist, die op een ander moment te gaan inhalen. En dan voelde ik weerstand. Dus doe ik dat niet meer. Mediteren is niet iets wat ik moet inhalen. Ik mag mediteren maar moet het niet. Hoe meer ik er zo naar kan kijken, hoe beter het lukt en hoe fijner ik het vind om die routine te hebben.

Niet iedereen is overigens geschikt om te mediteren, voor sommigen is het bovendien te zweverig. Ik voel me er fijn bij maar het is dus niet het ‘ding’ van iedereen. Er zijn ook heel veel andere activiteiten die minstens hetzelfde effect kunnen hebben: op je blote voeten in het warme zand lopen, op je rug in het gras liggen en naar de wolken kijken, kijken hoe een spin een web maakt,  je kind knuffelen, een lekkere warme douche nemen, met aandacht koken en eten, breien of haken of schilderen of hardlopen, dansen, tekenen, kleien….waar het omgaat – vind ik dan toch – is dat je doet wat goed voelt voor jou en dat je vaker activiteiten oppakt waarvan je merkt dat ze goed voor je zijn en die je opladen. En dat je zaken die je leegslurpen meer links laat liggen.

Heb jij iets met meditatie of lijkt het je helemaal niets?

Zaterdag

Op zoek naar meer gemak, laat ik steeds meer los. De wasdroger is er weliswaar nog niet maar zojuist is wél de robotstofzuiger gearriveerd die ik bestelde. Of hij bevalt weet ik nog niet, onze nieuwe huishoudhulp staat nu op te laden. Of het de katten gaat bevallen, weet ik ook niet, maar het zou zomaar kunnen dat kat Moos denkt dat we een vervoersmiddel voor hem hebben besteld.

De robotstofzuiger moet ons leven wat gaan vergemakkelijken. Want met 4 katten ligt er altijd haar, overal. Natuurlijk stofzuigt de man uitgebreid in het weekend maar mij lukt het niet om ook doordeweeks een rondje te doen. Telkens als ik het tóch probeer, weet ik weer waarom dat een slecht idee is en kan de fysio weer weken de gevolgen weg masseren. Maar kijken we dus wel tegen al die haren aan. Ik ben er op zich een ster in geworden om dat te negeren, maar een iets schonere woonomgeving is toch wel prettig. Het is dat of een werkster en daar heb ik echt geen zin in. Want die wil thee of koffie en dan ga ik daar lekkers voor bakken en helemaal pamperen want zo ben ik en dan moet ik sociaal doen doe ik heel sociaal en aardig en dat zijn dan weer een heleboel prikkels die ik juist beter kan vermijden.

Dit is typisch een uitgave die wel een beetje pijn doet (ik geef het liever uit aan iets waar mijn hart echt sneller van gaat kloppen) maar die ik toch vrij impulsief doe. Gewoon uitproberen en wie weet hoeveel profijt ik er van ga hebben.

Verder (buiten de gespannen hoopvolle verwachtingen omtrent de prestaties van onze stofzuiger…) staat deze dag in het teken van voorbereidingen voor morgen omdat we dan de verjaardag van S. vieren. Hoewel ik mezelf had bezworen niet uitgebreid te gaan bakken, zag ik vanmorgen dat ik een nogal acuut bananenoverschot had en flikkerde ik van alles door elkaar om een bananentaart te maken. Voor de glutenvrije suikervrije lactosevrije liefhebbers. Haha, dat blieft niemand natuurlijk dus die taart ga ik lekker helemaal in mijn eentje naar binnen schuiven…

Ook trof ik al voorbereidingen voor het avondeten want meestal blijft iedereen eten. Ik maak een hele grote pan pompoenblokjes met tomaten-gehakt-chocoladesaus. En een salade met sperziebonen, mango en schapenkaas. Wat rijst erbij en wat platte broden en klaar. Misschien nog een salade met zoete aardappel en appel maar die mag ik pas van mezelf maken als de de rest klaar is en er nog energie is.

Zo leer ik het steeds beter. Vroeger (nou ja, nog niet eens zó lang geleden) stond ik in de keuken en bedacht tijdens het koken dat ik ook best wel even dit of dat er bij kon maken. En stond ik 5 dingen tegelijk te maken. Dat kon ik in het pré ME/CVS tijdperk heel goed. Maar nu niet meer. Dus tegen de tijd dat dan de verjaardag gevierd ging worden was ik al een paar keer huilend en volledig doorgedraaid de keuken uitgelopen en al uitgeput voordat de verjaardag überhaupt was begonnen.

Dát doen we dus niet meer. Ik heb mezelf redelijk in de hand tegenwoordig en herken beter mijn eigen valkuilen. Dat komt zeker door het vele mediteren. Lezeres Julia merkte laatst al op dat ik weer wat blijer en vrolijker klink. Dat klopt. Ik ben sinds een paar weken weer vol enthousiasme twee keer per dag aan het mediteren. Dat en de zon waar ik veel in heb kunnen zitten, maakt dat ik me mentaal weer helemaal goed voel. Da’s maar goed ook, want het fysieke aspect van mijn aardse bestaan is bijzonder belabberd momenteel. Helaas kan ik mijn lijf niet ruilen (doet u mij een ander, en dan graag meteen 15 kilo lichter en 10 jaar jonger) dus geef ik het liefde en aandacht en overvraag het niet.

Ga ik nu weer verder met heel gedoseerd koken en voorbereiden. Fijn weekend!


14 jaar geleden

 14 jaar geleden
tijdens een wedstrijd 
Ajax-Feyenoord
met uitslag 1 – 1
werd jij geboren.
 Het leukste, grappigste, 
liefste, mooiste
 en meest stralende kind ooit.
Vinden wij dan toch.
Huilen, tja,
nou, dat kon jij 
het eerste jaar
heel goed!
Net als niet slapen.
Maar toen slapen 
eenmaal lukte
en ook het huilen stopte,
begon het grote genieten.
Rode draad 
in jouw leven
is je altijd stralende humeur,
je grapjes,
je uitgebreide verhalen
(zal ik even over mijn dag vertellen)
en je constante voorkeur
voor lang haar,
je liefde voor de katten,
je zachtheid
en je vermogen
helemaal jezelf te blijven
in elke situatie. 
Wát een voorrecht
jouw moeder te mogen zijn!
met opa op de scootmobiel

Hergebruik

Hoewel wij ons huis aardig ontrommeld hebben, staat er nog steeds best veel in. En dat vinden we prima zo. Veel bewaren we voor ‘als ooit en wellicht handig voor‘. En hoewel een beetje minimalist dan natuurlijk zegt dat dit zich nooit voordoet en dat je dus die meuk weg moet doen, ben ik het daar niet mee eens. Ik heb best vaak iets weg gedaan waar ik later tóch spijt van had. Niet die 20 handdoeken die ik teveel had, of die kampeerzooi die lag te beschimmelen. Maar wel de boeken die ik soms te rigoureus weg deed. Of die ene trui die ik weliswaar niet heel vaak droeg maar soms toch wel. Misschien voel ik niet goed aan wat weg kan. Of misschien ben ik te impulsief, dat kan ook.

Ik ben dus geen minimalist en zoek mijn gemoedsrust op andere vlakken. Ik ben meer een hamsteraar die al te erge excessen weet te voorkomen. Je kunt dus gewoon lopen in ons huis, het is redelijk georganiseerd, er valt niets uit kasten als je ze opendoet, maar we hebben wel veel. Veel schoenen (word ik blij van!) veel jassen (word ik ook blij van!) Veel katten (die blijven maar aanlopen en word ik ook blij van!) enzovoort enzoverder. Op zich zou je kunnen concluderen dat wij gewoon van heel veel blij worden en dat er niet zo snel iets in de weg staat.

We bewaren dus best veel. Voor als ooit en dan. Bijvoorbeeld hout. En echt waar, M. maakt daar dan dingen van die handig zijn. Of mooi zijn. Of allebei, zoals een wijnrek van resten hout waarvan ik al 2 jaar dacht ‘pleur het toch weg’. Of dan maakt hij van hele kleine latjes afkomstig van de oude louvredeurtjes van een kast die al 10 jaar geleden instortte, ineens met engelengeduld een zijkant van een CD-kast.

Soms zijn we te laat met echt iets te gebruiken voor als ooit. En dat is dan meestal mijn schuld. Zo sleepte ik tijdens een aanval van opruimwoede 2 oude deuren die opgeknapt moeten worden uit de schuur. En dan heb ik het over echt heel erg opknappen wil het ooit nog wat worden. Maar wel paneeldeuren, dat dan weer wel. Die al 8 jaar vreselijk in de weg stonden in de toch al veel te kleine schuur. De té kleine schuur waar ik dit najaar onze tuintafel in wilde zetten. De tafel kan worden ingeklapt en past dan net in de schuur, als die klote deuren daar dan niet verschrikkelijk in de weg zouden staan, al 8 jaar dus. Even denken: links op de weegschaal van het geweten rot deuren die al 8 jaar wachten op een opknapbeurt en verschrikkelijk in de weg staan (al 8 jaar, ik zeg het nog maar eens) óf  rechts onze mooie tuintafel netjes opbergen zodat deze niet weg rot en we die kunnen blijven gebruiken.

Dus deuren eruit, tafel erin. Die deuren lagen de hele winter in de tuin. Want ik sleepte ze weliswaar uit de schuur maar meer zat er niet in, wegens energie. En M. besloot natuurlijk dat hij toch iets met de deuren wilde gaan doen, dus een ritje vuilstort zat er niet in.

Afijn, na een winter in de tuin, zijn ze dan nu wél rijp voor de vuilstort. M. deed een paar weken geleden nog een reanimatiepoging maar helaas. Tot grote opluchting concludeerde M. dat er met de deuren boven die door deze paneeldeuren zouden worden vervangen, op zich niets mis is, dus die crisis is mooi afgewend. De klusbehoefte moest natuurlijk wel ergens anders op afgekoeld worden. Gelukkig had hij wijn besteld. En soms wordt de wijn in een kistje afgeleverd. Daar maakte hij al eerder deze prachtige kattenbakkies van door ze helemaal op te schuren zodat de heren zich niet verwonden aan uitstekende splinters:

En van de laatste vorige week geleverde wijnkist maakte hij deze mooie administratiebak voor kind, zodat hij voortaan zijn schoolspullen goed kan opbergen:

Nu wil ik natuurlijk ook zo’n bakje. Want ik kan er ook best een zooitje van maken:

Dus is M. naarstig op zoek naar nieuwe wijn – in een kist -, u begrijpt gevalletje overmacht, want zijn vrouw heeft een administratiebak nodig. Ach ja, zo houden we elkaar lekker bezig in dit huis….