Kattenjournaal

Dibbes maakte deze week grote sprongen door ZwerfGerrit meer te tolereren. Zo vond ik ze een paar keer samen in de keuken, waarbij de zwerver brokken at en Dibbes toekeek, ietwat verontrust, maar niet in oorlogsstemming.

Dat gaf moed en nu komt ZwerfGerrit ineens twee keer per dag langs. Hij gaat dan onder de tuintafel zitten en wacht netjes tot ik hem zie.  Zo maakten we elke dag kleine vorderingen. Dat geluk duurde tot Kasper de Verschrikkelijke – de kater van de buren die eerder ook Dibbes de stuipen op het lijf joeg – van onder een tuinligbed toesloeg. Een paar fikse meppen en weg was Gerrit. Gelukkig vatte hij twee dagen later weer moed en kwam hij weer buurten.

Gerrit

Inmiddels heb ik hem zover dat hij eet terwijl ik naast hem zit. Mijn tactiek is continu praten in combinatie met lekkere brokjes gooien. Eerst ver weg en dan steeds dichter bij. Een spoor van brokjes en dan ineens staat hij naast me en dan geef ik hem een bak met voer. Dat dit hem zo wel bevalt, merk ik ook aan zijn gedrag na het eten. Rende hij eerder meteen de tuin uit, nu blijft hij soms nog even een paar minuten liggen. En kijken. Continu mij in de gaten houdend. Je ziet die hersens kraken…..

Cruciaal tijdens het voeren van de zwerver, is dat ook Dibbes continu aandacht krijgt. Hij voelt zich nog niet zeker van zijn plek en laat dat merken. Maar hij wordt uitbundig geprezen en geknuffeld en krijgt ook lekkers toegestopt. En Moos en Smoes vinden alles best.  Die blijven volkomen stoïcijns onder al dat extra kattenbezoek.

 

Nog een zwerfkat erbij?

Wie hier al langer meeleest, weet misschien nog wel dat er nog een zwerfkat was toen onze Dibbes voor het eerst vorig jaar in de picture kwam. Ze lijken sprekend op elkaar en het duurde daarom even voordat we doorhadden dat we twee zwervers te eten gaven. Afijn, het verhaal is misschien bekend: omdat de twee katten niet goed met elkaar op konden schieten, ‘verdeelden’ we ze. Dibbes werd ons project en de ander het project van buren drie huizen verderop.

Dibbes is inmiddels een enorm opgeknapte licht verwende huiskat, maar die ander is nog steeds wat hij was: een zwerver. Hij heeft een vaste slaapplek – onder de veranda van de mensen die hem eten geven – maar verder schiet het niet zo op. Ik zag hem nooit meer maar hoorde wel dat het socialiseren niet echt opschoot. Ook omdat de daar al aanwezige huiskat niets van Gerrit (ja ik kan er niets aan doen, maar zo hebben ze hem genoemd) moet hebben.

Nu zat deze ZwerfGerrit hier ineens weer in de tuin, een paar weken geleden. En een dag later weer. Ik gaf hem wat brokjes. En daar was hij weer een paar dagen later. Gerrit komt nu toch alle dagen even wat brokjes bietsen. Soms staat hij ineens in de keuken, de andere katten staan er naast en kijken ernaar, weten niet goed wat ze met dit schuwe beest aanmoeten.

Vreemd genoeg bereik ik best veel. Hij is weliswaar heel schuw – ik denk dat dit een in het wild geboren kat is – maar ik kan inmiddels steeds dichterbij komen. Dus ‘zit ik weer met een zwerfkat’. Nu ben ik niet van plan deze ook te adopteren. Dibbes zou dat niet trekken, die begint heel klagelijk te miauwen als hij ziet dat ik Gerrit eten geef, hoog verraad! Maar misschien kan ik deze zwerver wel wat socialer en minder schuw maken. Zijn mandje wacht al op hem want die andere mensen zijn echt heel lief en aardig en dol op katten. Maar ze werken allebei en zijn dus veel weg overdag, ik niet. Misschien kan ik wat ‘voorwerk’ doen.

Tja de ex-zwerver ligt volledig ontspannen op de laptoptas
 
terwijl de ander gespannen afwacht of hij eten krijgt
 

 

Raakte ik vorig jaar enorm van slag door Dibbes en de moeite die het gaf om hem te socialiseren en op te knappen, met deze kat heb ik minder moeite. Dibbes was overduidelijk erg ziek en dat raakte me enorm, ik was bezorgd.  Deze andere zwerver ziet er goed uit, zijn vacht glanst en hij heeft geen zichtbare gebreken. Hij straalt uit dat hij zich wat beter kan redden dus kan ik hier ook beter mee omgaan. Evengoed verdient het beest natuurlijk een fijne plek, voor zover het lukt om van een in het wild geboren kat een huiskat te maken. Maar eten en aandacht kunnen we hem wel bieden en met een beetje geduld en moeite moeten de ergste scherpe randjes ervan af te halen zijn. Die buren zijn best dol op hem en hun andere kat is oud, heel erg oud. Met een beetje geluk is Gerrit beter benaderbaar als die andere kat gaat hemelen. Tot die tijd zal ik mijn best doen hem wat socialer te maken. En lukt het niet, nou ja, dan heeft hij twee adressen waar hij eten krijgt, ook niet verkeerd.