Kattenjournaal

D

Voor het eerst spelen met een veertjeshengel!

Deze week heb ik een paar keer meegemaakt dat ik ’s nachts wakker werd en dat Dibbes dan in mijn armen lag. Helemaal met zijn kop in mijn hals en plat tegen me aan. Lekker is anders, zo’n harig groot beest in mijn armen. Maar het ontroert me ook! Dan bedenk ik me dat hij vorig jaar om deze tijd onder een struik lag op de natte grond en in de stromende regen (in mijn fantasie maak ik het altijd heel erg naar) en dan blijf ik maar doodstil liggen. Uiteindelijk val ik wel weer in slaap. Ik weet het, ik ben een watje en mensen die niet van katten houden zullen gruwen van dit verhaal. Maar buiten dat hij plek inneemt en zijn haren in mijn gezicht drukt, krijg ik ook enorm veel van hem terug.

Hij krijgt meer zelfvertrouwen en krijgt meer lef tijdens het spelen. In het begin liep hij keihard weg als we hem met een touwtje probeerden te laten spelen, daarna rende hij met touwtje en al weg en vervolgens – na een paar weken – ging hij er voorzichtig mee spelen. Nu zijn we in het stadium dat hij ook uit zichzelf touwtjes en proppen papier bespringt en steeds feller wordt tijdens het spelen. Ook loopt hij me niet meer de hele dag achterna en kan ik tegenwoordig naar het toilet zonder dat hij mee wil. Andere katten aaien is tegenwoordig ook geen signaal meer voor hem om zich ervoor te storten. Een mooie vooruitgang dus. Hij weekt zich wat los en gaat meer zijn eigen gang. En zorgt dan tijdens de nacht voor compensatie door zich plat tegen ons aan te drukken, waarop de andere katten zich ook doen gelden met hun aanwezigheid. Ben benieuwd hoe lang wij nog over ons eigen bed kunnen beschikken.

Kattenjournaal

Over naar de wekelijkse kattenupdate (kattenhaters kunnen nu stoppen met lezen)…het gaat heel erg goed in ons kattenhuis. De houding van twee van de drie de bewoners op vier poten is aan het veranderen. De duidelijk te lezen tekstballon boven hun hoofd ‘wat doe die indringer hier!*^&%^$?’ is veranderd in ‘onduidelijk wat ie hier doet, maar voor nu best oké.’ Het lijkt alsof Moos en Smoes doorkrijgen dat meer katten niet betekent dat de stroom voer ineens minder wordt of dat er niet meer geknuffeld en gespeeld wordt. Dus glijden we heel langzaam in een ritme dat vertrouwd aanvoelt voor iedereen.

Smoes kan eindelijk weer ontspannen

Daarbij scheelt het enorm dat Dibbes een slimme kat is die snel aanvoelt wat kan en wat niet kan en zich goed laat bijsturen. We pasten wat tips van de dierenarts toe en met effect. Ook las ik het boek ‘Kattengeheimen’ dat mij door een hier meelezende dierenartsassistente werd aangeraden. Heel verhelderend! Dan viel het ook nog allemaal reuze mee, want het kan allemaal veel erger uitpakken met de komst van een extra kat in je huis. Buiten wat geblaas en gekwetste ego’s is er niet veel aan de hand geweest.