Het losse leven

Vorige week schreef ik een stukje over mijn lijstjesmanie en hysterische overprikkelde brein.  Het plan was om geen plan meer te hebben. Hoe staat het daarmee, met het doelloze bestaan?

Nou best redelijk eigenlijk! Ik voel me vrijer en opgelucht. Ik leef meer volgens wat mijn lichaam aangeeft. Geen lijstje maken bij het opstaan (of al klaar te hebben liggen) geeft rust. Ik hoef niet meteen iets van mezelf. Ik merk dat ik vooral in de ochtend veel tijd nodig heb om op te starten. Die tijd had ik eigenlijk altijd al nodig met een lijf dat vooral in de donkere tijd van het jaar iets minder soepel is en wat meer aandacht en rust vraagt. Maar dat negeerde ik meestal. Dus moest ik opstaan, en na het uitzwaaien van man en kind begon mijn dag. Dat betekende dat ik me meteen moest gaan aankleden en dan mediteren/lopen/wat huishouden doen/ en vergeet vooral niet te lezen en dan niet alleen ontspanning maar ook-iets-waar-we-beter/slimmer/gezonder-van-worden-et cetera-bladibla. De helft van de tijd lukte dat natuurlijk niet want ik zit niet thuis wegens zweetvoeten en zo kwam ik meestal nog voor de eerste bak koffie al heftig in de knel. En voelde ik me schuldig omdat het niet liep zoals gepland.

Nu ik niet in de ochtend een plan maak maar gewoon wakker word, merk ik dat ik sommige dagen heel traag ben en op andere dagen sta ik al om half negen in de ochtend een bed te verschonen. Net zoals het uitkomt. Soms loop ik nog heel lang in  pyjama rond en hang ik op de bank met de gordijnen dicht en een dvdtje op, soms duik ik weer mijn bed in en soms kleed ik me gewoon meteen aan en ga ik iets doen. Net zoals ik voel dat het nodig is op dat moment. Zo heb ik vandaag bijvoorbeeld uitgeslapen en ben ik net uit bed, omdat het wat lijf en geest betreft best wel pokkuh is vandaag. Het feit dat ik die ruimte neem (en doorgeef aan de huisgenoten) is een grote vooruitgang.

Curieus genoeg krijg ik nu meer gedaan dan met lijstjes. Er is de afgelopen week in een heel gezapig tempo toch wat geruimd en weggegooid. Ik kom ergens in een ruimte en doe gewoon wat, zoals het in me opkomt, hooguit een minuut of 5. De reden dat ik dit nooit zo deed was dat ik bang was als een kip zonder kop tekeer te gaan als ik eenmaal bezig was, want dat manische zat er echt in bij mij. Maar ik merk nu dat ik toch meer in contact ben met mezelf dan vroeger. Dus doe ik iets en voel ik het ook als het te veel wordt, soms net iets te laat maar dat maakt dan niet uit. Ik heb toch geen plan dus kan er ook niets in de soep lopen.

Dus ga ik zo zonder plan kriskras mijn huis door, lees lekker veel, ga elke dag even naar buiten al is het maar in een tuinstoel zitten met een deken om me heen en houd me bezig met de adoptie en het socialiseren van de nieuwste aanloper. En geniet van wat kan en wat lukt. Ik kan het wel, het losse leven!

Brengt me op het volgende punt. Zo lang als ik ziek thuis ben – zeven jaar komende februari –  ben ik aan het denken over wat ik ga doen als ik niet meer ziek ben. Ik kom regelmatig tot inzichten en handel daar dan naar. Voeding, het wordt iets met voeding! En haal een cursus voedingstherapie in huis. Maar kan het niet opbrengen het te gaan doen, want de mate van gezondheid en concentratie wisselen te sterk. En dan bedenk ik later: ik wil schrijven, ik word schrijfster! En bestel voor de zekerheid alvast maar even het Basisboek Journalistiek en een goed grammaticaboek, want aan dat Nederlands van mij mankeert nog wel wat.

Bij alles wat ik bedenk (budgetcoach, schrijver, eigenaar van een paleo-eettent, bakworkshops geven, workshops geven over goedkoop en glutenvrij koken en bakken, o nee toch schrijven) volg ik steeds dezelfde routine: in mij floept een ideeballonnetje omhoog en van idee ontwikkelt zich dat razendsnel tot iets mega groots dat me verplet waar ik bij sta. Volgens mij wordt het tijd dat ik daar eens mee stop. Dus: kappen nu!

Ik hield mezelf voor dat het denken hierover mijn worst was. Het hield me gemotiveerd en ik had een doel om naar toe te werken. Maar het denken over de toekomst en de onzekerheid over wat ik zou kunnen gaan doen, genereert zó veel onrust in mij. Het wordt tijd dat ik onder ogen zie dat het nog lang niet zo ver is. Dromen mag, concrete plannen maken niet. Niet zo lang ik zoals nu, al sinds eind september, niet eens de energie heb om een wandelingetje van 15 minuten te maken. Laten we wel wezen: ik kook alle dagen, douche drie keer per week, ga twee keer per week naar de fysio, doe twee keer in de week een kleine boodschap in winkels en lig om half 8 in de avond volledig uitgepoept op bed. First things first! Het denken over straks zit me nu in de weg. Ik moet stoppen met altijd maar denken over later, later als ik groot ben, gezond ben en alles het weer doet. Want ik leef nu en verspil door al dat denken over later kostbare energie, die ik nu goed kan gebruiken.

Wat een inzicht toch weer op deze vrijdagochtend! Heb jij nog voornemens om gedrag waar je last van hebt te veranderen?

Terug in de tijd

Een paar weken geleden had ik een reünie van mijn lagere schoolklas. Eigenlijk waren er bij aanvang van de schoolcarrière twee eerste klassen en het lukte ons ongeveer de helft van die mensen te bereiken. 25 mensen kwamen, van wie ik het merendeel toen ik de deur achter me dichtdeed aan het eind van de zesde klas, echt nooit meer heb gezien. Juf Mieke, onze favoriete juf uit de 3e en 4e klas kwam ook. En was nog net zo leuk en aansprekend als in mijn herinnering.

Het was een heerlijke middag, de zon deed flink mee, we zaten buiten op een terras aan het water op een plek waar alle oud-Wormenezen wel herinneringen hebben liggen, het oude Weromeri dat nu De Hofjes heet. Wat hapjes, wat drinken en warme maaltijd ter afsluiting. Wat grappig dat je zoveel vertrouwdheid kunt voelen met mensen die je 35 jaar niet hebt gezien. Vooraf twijfelde ik, wat moet ik daar, ik heb toch niets meer met deze mensen? Maar dat bleek niet te kloppen. We hebben een gezamenlijke jeugd gehad en dat bindt, ook nog na zoveel tijd blijkbaar.

Ik heb een vriendin die ik al vanaf mijn 5e ken. De vriendschap kende verschillende fasen, afhankelijk van waar we zelf mee bezig waren in het leven. Soms was er overlap en soms ook niet. Maar wat altijd bond was dat ik nog haar opa en oma heb gekend, weet hoe het daar vroeger thuis was en zij ook met één woord van mij genoeg weet over mijn vroegere thuissituatie.

Dat vond ik terug in de ontmoeting met mijn oude klas. Waarbij het opviel dat sommigen helemaal niet veranderd leken. F. ziet er nog steeds uit alsof hij net iets stouts heeft gedaan en K. houdt zich nog steeds wat afzijdig met zijn kalme en wijze uitstraling. Grappig genoeg gingen de mensen als vanzelf zitten bij degenen waarmee ze vroeger ook het meeste optrokken maar dat werd losgelaten naarmate de middag vorderde. Misschien meer dan vroeger bereid om verder te kijken dan de neus lang is?

Eén jongen uit mijn klas was altijd heel sloom. Hij vertelde zelf dat hij vaak een wekker zette om wakker te blijven in de klas. Die wekker kon ik me niet herinneren maar wel wist ik nog dat hij weinig zei en soms in slaap viel. Ik heb nog wel eens aan hem gedacht. Wat zou hij in het leven zijn gaan doen? Van de slaapkop van toen was weinig over. Het was nu een hele drukke praatgrage man die heel succesvol is met betrekking tot geld  verdienen en die duidelijk gewend is in het middelpunt van de belangstelling te staan. Hij kwam binnen of ‘hij maakte zijn entree’ is misschien een betere omschrijving en als vanzelf kwamen er mensen om hem heen staan. De ene na de andere lachsalvo, niets deed nog denken aan die slaapkop van vroeger.

Ouder worden kan heel bevrijdend zijn. Mensen hebben een beeld van je en misschien is het heel moeilijk om je daaraan te ontworstelen. Passen we ons eigen gedrag aan naar het beeld dat anderen van ons hebben? De meeste klasgenoten vonden mij trouwens helemaal niet veranderd. Wat dit over mij zegt? Juf Mieke vertelde dat ik altijdzo leergierig was, altijd vragen stelde en altijd het naadje van de kous wilde weten. Ja, daar herken ik me wel in, dat gedrag vertoon ik nog steeds.

De reünie was in ieder geval zo’n succes dat hij volgend jaar weer wordt gehouden. Dan gaan we zeilen op de Friese meren. Leuk, kan ik nu al naar uitkijken.

Heb jij nog contact met mensen van vroeger?