The day after…

Zo, hier het vervolgverhaal over Gerrie, iets later dan de bedoeling was maar er was een fikse stroomstoring.

Nadat Gerrie gisteren om half 7 in de ochtend van zijn nachtelijke boemeltocht naar binnen kwam, ging hij boven slapen. Om kwart over 7 kwam M. uit bed en dat was voor Gerrie het sein ook weer naar beneden te gaan, M. geeft de katten altijd in de ochtend eten. Omdat hij nuchter moest blijven, viel dát natuurlijk tegen.

Wel kreeg hij een kwart pil met vetranquil om hem rustig te maken. Ik heb deze pillen vaker gebruikt vorig jaar bij Dibbes, het is een vrij sterk middel en ik gebruik het alleen als het echt moet. Een pil geven aan een kat die tot voor kort geen menselijke aanraking gewend was, is moeilijk. En de pil in de etensbak verstoppen tussen het eten, werkt ook niet. Hij eet er zo om heen. Dus kocht ik een tijdje geleden easypill. Dat is een deegachtige substantie die ruikt en smaakt naar kattenbrokjes. Je koopt het als een klein staafje waar je telkens iets van afhaalt. Dat rol je tussen je vingers zodat het warm wordt. Het laat zich dan makkelijk om een pil heen vouwen. Even rollen en het lijkt op een gewoon kattenbrokje. Zo gaf ik hem de afgelopen maanden zonder problemen af en toe een ontwormingstablet.

De gecamoufleerde pil ging er dus zo in en hij vertrok weer naar boven om verder te slapen. Rond kwart voor 9 ben ik naar zijn slaapplek gegaan. Dat is het kleine kamertje. Ik had vooraf opgeruimd zodat ik meer beweegruimte had en de mand stond daar klaar. Gerrie optillen en in de mand tillen lukte niet, hij stribbelde te veel tegen. Dus probeerde ik het met lekkers in de mand leggen zoals we al die weken geoefend hadden en die schat stapte zo de mand in.

Hij bleef verbazingwekkend rustig, ook tijdens de autorit en bij de dierenarts. Om half 1 belde de assistente al weer dat we hem konden halen. Het was prima gegaan, hij heeft geen kattenaids (voor mij was dit de belangrijkste vraag) en hij heeft inderdaad vrij recente botbreuken die naar verwachting goed kunnen helen, dus daar is geen operatie voor nodig.

Dus mochten we hem voor € 271 weer meenemen, gechipt en gecastreerd. Was hij daar nog een beetje suf, eenmaal buiten was hij meteen klaarwakker. Thuis hebben we hem in de bench gestopt om hem rustig bij te laten komen want dat hadden we vooraf bedacht. Dát bleek echt een heel slecht idee, hij hoefde helemaal niet bij te komen wegens in één klap hyper alert zijn. Hij raakte echt volledig in paniek van het opgesloten zijn en was alleen maar bezig met proberen uit te breken. De in de bench klaar staande bak met kattengrit en de waterbak lagen binnen en minuut om, alles was nat en het beest hysterisch. Dan maar eruit. Het kattenluik was al van te voren dicht getimmerd.

Toen hadden we een paar redelijk relaxte uren waarin hij wat at, lekker bij ons op bed ging slapen en zich uitgebreid liet knuffelen. Maar na het avondeten werd hij onrustig. Dat zijn ballen eraf zijn, wil niet zeggen dat de hormonen  meteen uit zijn lijf verdwenen zijn. Dat kan soms wel 2 maanden duren. Hij werd dus erg onrustig. Veel gillen (als een echte krolse kat) en veel heen en weer rennen in huis.

Wat volgde was een helse nacht met een kat die letterlijk bij ons in de slaapkamer in de gordijnen hing en beneden in de luxaflex. Ik ben er om 2 uur uit gegaan en zoveel mogelijk bij hem gebleven, omdat hij iets rustiger werd als ik hem aanhaalde of tegen hem praatte.

Een bijkomend probleem is dat Gerrie nog nooit op een kattenbak heeft gepiest of gepoept. Hij kent het niet en begrijpt het niet. Er staan hier altijd bakken klaar maar hij doet zijn behoefte altijd buiten. Hij had dus ook flinke aandrang denk ik en ook al zette ik hem telkens op de bak, hij begreep niet wat ik bedoelde. Dibbes ging op een gegeven moment wel op de bak en ik hoopte dat het kwartje zou vallen, maar nee.

Uiteindelijk ben ik vroeg in de ochtend op de bank in slaap gevallen en Gerrie boven in zijn kamertje. Na het opstaan begon meteen weer de onrust en het miauwen en hebben we hem toch maar naar buiten gelaten, ondanks het bevel van de dierenarts om hem liefst 5 dagen -maar minimaal 2 dagen – binnen te houden. Dat kan misschien met een normale kat maar niet met een kat die nog nooit opgesloten is geweest en altijd buiten heeft gewoond. Bovendien is hij hartstikke sterk, we merkten aan niets dat hij net onder narcose was geweest. Geen zwabberloopje wat ik wel bij de andere katten zag.

Het binnen houden is vooral om te voorkomen dat de wond opengaat. Maar zelf kregen we het gevoel dat die kans binnen juist groter is. Door hem op te sluiten springt hij overal op en weer vanaf, iets wat dus juist moet worden voorkomen.

Dus nu is hij op stap, op hoop van zegen. En ik ben moe. Maar vooral ook dankbaar dat het is gelukt en dat het goede leven nu echt officieel is begonnen. Geen zwerfkat meer maar een kat met een dierenpaspoort, een chip en hopelijk nog vele jaren te gaan…

D-day voor Gerrie

Nadat Gerrie de afgelopen tijd ineens continu aan de boemel was en een paar dagen en nachten weg bleef, is er sinds zondag weer wat meer rust bij hem. Het ergste krolse gedrag is weg (voor nu) en hij is weer meer thuis. Hij ligt vooral boven te slapen, doet dan overdag 1 of 2 kleine (verkennende) rondjes en na het eten in de avond gaat hij op stap. Dan komt hij zo rond half 8/8 uur in de ochtend weer binnen wankelen.

Vandaag verstoren we de pret want we hebben een afspraak met de dierenarts voor castratie, chippen, een kattenaidstest, entingen en röntgenfoto’s, dat laatste omdat we zekerheid willen hebben over ons vermoeden dat hij oude breuken heeft. Hij heeft er regelmatig last van volgens ons en hij loopt een beetje vreemd.

Wie hier al langer leest weet dat ik ME heb en dat één van de kenmerken een overprikkeld zenuwstelsel is. Ik kan dus niet zo goed met stress omgaan, ik krijg snel stress van gebeurtenissen ondanks veelvuldig mediteren om mijn hysterische brein wat rustig te houden. Het gaat al veel beter dan een paar jaar geleden maar een castratie van een ex-zwerfkat die niets gewend is en in een mand moet worden gestopt, is een wel erg grote uitdaging. Ik heb het afgelopen week wat weg gedrukt door er niet veel aan te denken maar sinds gisteren is er geen ontkomen aan. Stom genoeg vergat ik gisteren een deel van de slaapmedicatie te nemen en dat was de pil die me laat doorslapen. Dus werd ik vannacht wakker om drie uur en als ik wakker zeg dan bedoel ik wakker, helemaal alert en hyper de pieper.

Dus zit ik al vanaf 6 uur beneden, ik ga zo maar even de krant lezen, wat mediteren en wachten op Gerrie. Als hij binnenkomt, krijgt hij een heel klein beetje eten met een beetje kalmeringsmiddel (lijkt mij ook wel fijn). Dat moet binnen een uur gaan werken. Ik gok erop dat hij na dat eten meteen naar boven gaat om te slapen. De kattenmand staat klaar in het kamertje waar hij meestal slaapt. En dan na een uurtje ga ik hem in de mand stoppen, zodat we hem rond een uur of negen kunnen afleveren bij de dierenarts.

Hij komt net binnen lopen, op hoop van zegen!

Kat in de mand

De kat in de mand training ging weken lang heel goed. Stap voor stap wende Gerrie steeds meer aan de mand. Ik had hem zover dat hij in de mand bleef zitten als ik het deurtje dicht deed. Dat gaf moed voor de volgende stap, de mand optillen.

En sindsdien denkt Gerrie ‘bekijk het maar met je mand!’. Een paar dagen wilde hij helemaal niet meer en hij haalde zelfs twee keer naar me uit. De enige keren dat het lukt is als ik alleen in de huiskamer met hem ben en de andere katten er niet bij zijn. Want ja, die zitten er met hun neus boven op als er lekkers wordt uitgedeeld. Gerrie krijgt dat in de mand en de andere katten krijgen dat zo voor hun voeten gegooid, ik maak er meestal een spelletje van.

Of Gerrie het nu onrechtvaardig vindt dat hij altijd de mand in moet rennen en de andere katten niet? Ik betwijfel het. Maar enige weerzin voel ik wel bij hem. Het doel van de training is om hem de mand in te krijgen en dan hop naar de dierenarts, voor castratie, chippen en aidstest.

Omdat ik wel denk dat ik hem in de mand krijg als het moet, heb ik besloten hem volgende week te laten castreren. Liever zou ik hem nog meer tijd geven, zoveel als hij nodig heeft maar het is een redelijk jonge kater met ballen en hij is nu al hele nachten opstap, ‘hoeren en sloeren’ zoals vriendin I. dat noemt. Hij maakte het eerder deze week zó bont en bleef zó lang weg dat ik zelfs al op de site van Amivedi keek. Bleek daar net die dag een melding te zijn gekomen van een hier niet ver vandaan gevonden ongecastreerde kater die qua omschrijving leek op hoe Gerrie eruit ziet. Dus nam ik contact op en stuurde foto’s mee van Gerrie met de vraag of dit leek op de kat die was gevonden. Ik kreeg vrijwel meteen een reactie, de gevonden kat was overleden maar leek gelukkig helemaal niet op de foto’s die ik had gestuurd. Net op dat moment koos meneer uit om luid miauwend binnen te komen, tevreden over zijn avonturen.

Het is en blijft een ongecastreerde kater en hormonen zijn sterk. Ik vind het dus best wel urgent. Ook ben ik bang dat hij op straat wordt opgepakt. Hij is inmiddels iets beter benaderbaar en een volwassen kat met ballen. Voor een ander zal hij een straatkat zijn, er hangt geen bordje om zijn nek met ‘wordt aan gewerkt, nog even geduld a.u.b.

Dus belde ik en overlegde met de dierenarts. Ook zij moet voorbereid worden. Een kat die jarenlang op straat heeft geleefd en pas sinds kort went aan aanrakingen, kan zich natuurlijk onvoorspelbaar gedragen. We hebben nu een afspraak gemaakt voor volgende week. En nu maar hopen dat hij op de dag zelf ook wel thuis is. Het kattenluik dicht doen en hem binnenhouden is geen optie, daar is hij nog te wild voor.

Toch zijn er ook weer vorderingen te melden. Ik ging laatst naast hem zitten om wat te knuffelen en toen legde hij zijn kop op mijn been. Het was maar even, maar toch. Later in de week tilde ik hem op ons bed en toen ging hij helemaal tegen me aan liggen na me eerst zulke diepe kopjes te geven dat het een halve koprol werd. Ontroerend om te zien hoe hij zich steeds meer laat gaan. Hij begon laatst zelf te kwijlen toen ik hem aaide, drup, drup, zo een plasje voor me op tafel. Ook begint hij steeds meer tegen me aan te miauwen en die miauw wordt steeds luider. In het begin was het vooral zacht gepiep wat er uit kwam, nu lijkt het vaker op een mooie volle miauw. Dat is fijn die vooruitgang. Maar echt rust heb ik pas als die ballen eraf zijn en hij gechipt is.

ps: meneer is vandaag weer op stap, vertrok na het eten gisteravond rond half 6 en sindsdien weg. Terwijl het de bedoeling is dat ik hem op de dag van de castratie tussen 9 en half 10 aflever bij de dierenarts. Nou ja, ze weten van de hoed en de rand…

De kat-in-de-mand-training en de onderlinge verhoudingen

Zoals jullie weten vierden we onlangs de verjaardag van S.  Vooraf was ik benieuwd hoe dat zou gaan, Gerrie en een huis vol visite. Nou, boven verwachting! Voordat het bezoek kwam had ik hem boven geïnstalleerd met lekkers en water. Ik wilde voorkomen dat hij naar buiten zou rennen als er ineens continu werd aangebeld. Dat doet hij wel vaak als hij beneden is. Hij bleef nu keurig boven en ging na een paar uur bovenop de trap alles eens goed bekijken. Rond etenstijd liep hij naar beneden – het is een kat van de klok – en ging bij zijn bakje zitten wachten. Na het eten vertrok hij naar buiten voor de avondronde.
Het ging dus helemaal super. Dibbes was wel erg geagiteerd. In tegenstelling tot vorig jaar, toen hing hij de clown uit. Maar toen konden we wegens onverwacht stralend weer buiten zitten. Een huis vol mensen is duidelijk wat bedreigender voor Dibbes. Natuurlijk had ik ook hem boven geïnstalleerd, maar Dibbes doet nooit wat je wil dat hij doet en trekt altijd zijn eigen hysterische plan.
De krijg-Gerrie-in-de-mand-training gaat goed. 1,5 week geleden plaatste ik het deurtje in de mand en negeerde dat vervolgens een dag of wat. Daarna deed ik af en toe voorzichtig de deur dicht en meteen weer open. De eerste paar keer vond hij dat best eng en stapte hij snel de mand uit. Maar het wende vrij snel. Nu ben ik zover dat ik, als hij in de mand zoekt naar lekkere hapjes, de deur echt dicht doe en hem soms het lekkers door de tralies aangeef. Hij raakt niet in paniek maar stapt wel zodra het dan kan, uit de mand.
Zodra ik merk dat hij in de mand blijft liggen als ik het deurtje weer opendoe, ga ik de mand een keer met dichte deur optillen en weer neerzetten. Zoals het nu gaat heb ik er wel vertrouwen in dat we hem deze maand kunnen laten castreren.
Tussen de heren ex-zwervers gaat het de laatste tijd een stuk meer ontspannen. Ik zie soms zelfs een voorzichtige poging tot neuzen. Fijne plekken bij elkaar in de buurt maken bevordert de sfeer, dus maakte ik er ook eentje boven en bespoot dat met kattenkruidspray. Gerrie ligt vaak op deze stoel. Binnen 5 minuten nadat ik een lekker kleedje in het witte mandje had gelegd, kroop Dibbes erin. Dibbes is wel iets te groot de mand is weliswaar iets te klein, maar Dibbes kan zich heel goed oprollen. Als Gerrie boven slaapt, ligt Dibbes daar ook. Gaat Gerrie naar beneden, dan hobbelt Dibbes er meestal achteraan. Of dat nu nieuwsgierigheid is, of houd-de-vijand-in-de-gaten weet ik niet, maar het ziet er voor een buitenstaander momenteel vrij relaxt uit.

Afdankertjes…

Van de week lag Gerrie op een stoel en toen hij me zag, bood hij zijn buik aan voor wat kriebelwerk. Hij maakte zachte pruttelgeluidjes en ik mocht zelfs onder zijn kin aaien. Wat heeft deze kat ontzettend veel geleerd!

De buren van 2 huizen verderop hebben bijna 2 jaar geprobeerd hem te laten wennen aan mensen. Ze gaven hem eten, hij sliep in de nacht in hun huis. Dat wisten ze omdat ze witte kattenharen op de bank zagen als ze in de ochtend beneden kwamen. Hij kwam af en toe naar binnen als zij ook binnen waren maar bleef heel schuw. Ik weet zeker dat ze het heel goed met hem voor hadden, het zijn mensen die dol zijn op katten maar ze kwamen niet verder met hem, het lukte gewoon niet en waar dat nou aan lag? Katten zijn eigenwijze wezens.

op de bak buiten naar binnen gluren

Toen wij Gerrie ‘overnamen’ was hij overal bang voor. Overnemen is misschien niet het goede woord, volgens mij koos hij ons uit. Hij dook zo ergens in augustus ineens op in ons huis. We hadden hem in de twee jaar ervoor al vaker gezien maar vooral op afstand. Wij waren immers druk bezig met Dibbes te redden. Maar in ieder geval, ineens zagen we Gerrie veel bij ons in de tuin en alles was eng. Hij zat veel naar binnen te gluren op de bak buiten, het verkennende voorwerk zeg maar.  Dat maakten we ook met Dibbes mee. Uren werden we bestudeerd om uiteindelijk voor ons gunstige conclusies te trekken.

Toen hij wat vaker in huis kwam, gingen we allemaal heel rustig en zacht lopen. Want hij sprong snel een meter in de lucht van schrik. Als je in een kamer het licht aandeed of uitdeed, was er paniek en vluchtte hij weg. Als je bij hem in de buurt kwam haalde hij uit. Ik heb van oktober – het moment dat hij hier echt kwam wonen – tot half december continu met krassen en wonden op mijn armen gelopen. Geen kat heeft me zó vaak aangevallen als Gerrie. Al is aanvallen niet de juiste omschrijving, hij dacht zichzelf te moeten verdedigen.

De eerste paar weken aaide ik hem met een afwasborstel zacht over zijn rug. Later deed ik dat met mijn hand maar dat liep vaak fout af, voor mij. Aan zijn reacties merkte ik al snel dat er wat zwakke punten zijn in zijn lijf. Hij heeft een pijnlijke plek bij zijn linkerschouder en bij zijn heup. Daar is hij duidelijk gewond geweest. Wat die heup betreft, die is gebroken geweest. Vorig voorjaar werd hij gezien terwijl hij zich voortbewoog met zijn voorpoten, zijn achterpoten sleepten achter hem aan. De mensen die toen voor hem zorgden maakte zich enorme zorgen, maar kregen hem ook toen niet te pakken. Gelukkig kan een heup soms ook herstellen zonder dokter en dat is bij hem het geval. Maar je ziet aan zijn manier van lopen dat het niet soepel gaat en bij het aaien moet ik uitkijken dat ik het daar heel zacht doe.

Heel langzaam leert deze kat dat mensen oké zijn. Dat handen kunnen aaien in plaats van slaan. Dat er niets moet, behalve in het zonnetje liggen op een lekkere stoel. Ik zie hem regelmatig in een steeds diepere slaap wegzakken. De tijd van hazenslaapjes is voorbij. Hij hoeft niet meer continu alert te zijn, dus slaapt hij dieper en langer.

Hij geeft zijn vertrouwen. Als ik hem optil, laat hij zich helemaal slap hangen tot ik hem weer neerzet. Als ik aan tafel zit, komt hij bij me zitten en zitten we soms minutenlang neus aan neus. Als ik hem wil laten wennen aan de kattenmand, begrijpt hij heel snel wat de bedoeling is en stapt de mand in om het lekkers te pakken dat ik er in leg. Elke keer ga ik een stapje verder, deurtje in de mand, deur even dicht doen, hij vindt het oké.

Gerrie is mijn 7e kat. Al mijn katten zijn afdankertjes van anderen. Ik weet van geen van mijn katten waar ze vandaan komen of wat ze hebben meegemaakt. Dát ze het één en ander hebben meegemaakt merk ik aan het gedrag. Bij alle katten duurde het maanden tot soms jaren voor ze socialiseerden en vertrouwen kregen. Soms komt dat vertrouwen nooit meer. Kat Smoes voelt zich inmiddels heel wat maar ritsel met een plastic zak bij hem in de buurt en hij vliegt tegen het plafond. Dibbes is idolaat van me maar als ik hem in een mand probeer te stoppen dan krabt hij me helemaal open. Moos was zo geflipt toen hij bij ons kwam dat hij op geen enkel geluid reageerde. Maanden deed hij alsof hij doof was. We vonden hem op straat terwijl hij zo’n enorme navelbreuk had dat zijn darmen naar buiten floepten. Hij was een maand of 4. Gezien zijn reacties op een autoritje is hij uit een auto gegooid. Ik kan er niet bij wat mensen hun beesten aandoen.

Gerrie is nog vrij jong, ik schat hem op een jaar of 4,5 en hier kunnen we nog jaren van genieten. Ook nu weer – bij de 7e kat – ontroert het me dat een kat met zo’n heftig verleden zijn vertrouwen geeft, het durft te geven. Dat we mogen meemaken dat hij opbloeit en zien wat een pracht exemplaar hij is. En dat we hopelijk weer jaren gaan genieten van andermans afdankertje.

De kat in de mand

Gerrie laten wennen aan de mand gaat heel goed tot nu toe. Ik heb niet eerder met de katten iets zó gericht aangepakt omdat ik ervan uitging dat een kat toch zijn eigen goddelijke gang gaat. Nu leer ik echter dat je ook een kat kunt conditioneren. Als ik tegenwoordig de kattensticks pak, rent Gerrie al naar de mand. Hij neemt een hap buiten boord en gaat er dan in staan en neemt daar het lekkers in ontvangst. Na het uitdelen blijft hij tegenwoordig in de mand liggen. Soms 5 minuten, soms een half uur. De mand is nu duidelijk een fijne plek.

Ik ga ergens deze week over tot de volgende stap: het deurtje aan de mand bevestigen. Verder doe ik niets anders en het deurtje blijft gewoon openstaan. Ik wil dat hij went aan de aanwezigheid van het deurtje zonder dat er nog iets mee gebeurt.

Dit zo aanpakken is niet alleen goed voor Gerrie, ook voor mij. Met zijn vol vertrouwen in de mand stappen, leer ik dat ik veel kan bereiken met mijn zwervers. Ik hobbel niet achter hun trauma’s en kuren aan, ik kan ze gericht iets leren.

Mijn ‘cunning plan’ om een niet te weerstane slaapplek voor Dibbes te maken, vlak naast de vaste plek van Gerrie pakt ook positief uit. Er is minder spanning tussen de heren. Laatst lag Gerrie bij ons op bed en Dibbes ging pal naast hem liggen. Eens in de zoveel tijd moesten ze elkaar even bekijken maar er werd ook veel met oogjes geknepen, voor een kat een signaal dat hij afgeeft om te vertellen dat hij geen kwaad in de zin heeft.

Zo rommelen we lekker door, de katten en ik.

Over boeken en katten…

Vorige week schreef ik een review van het in december verschenen Paleo Lifestyle Magazine op mijn kookblog. Trouwe lezers hier hebben ook vast wel mee gekregen dat ik al geruime tijd paleo eet. Sinds ik dat doe (en sinds ik de gluten uit mijn eetpatroon schrapte) zijn mijn darmen aanzienlijk opgeknapt. Het eetpatroon bevalt me goed, wel ‘kak’ ik af en toe in en eet te veel pure chocola om vervolgens te veel van het pad af te wijken. Het tijdschrift gaf me weer veel inspiratie en ik ging meteen weer strakker in paleostyle eten. Grappig genoeg merkte ik meteen een toename in energie dit keer, wat misschien ook te maken heeft met dat ik eens niet over mijn grenzen ging in de week ervoor, maar toch.

Medeblogger Marga las mijn review en bood mij een aantal paleoboeken aan die ze weg wilde doen. Lief! Twee dagen later kwam haar pakje binnen. Drie hartstikke mooie en als nieuw uitziende boeken vol informatie en inspiratie. Vooral het boek van Robb Wolf stond al een tijdje op mijn verlanglijstje. Helaas is onze bieb zeer behoudend en de meeste paleoboeken worden niet aangeschaft. Het boek ‘Oergondisch genieten’ bijvoorbeeld werd dan onlangs wel aangeschaft door de bieb en nu sta ik al weken op een wachtlijst. Dat schiet dus niet op. Als ik erover wil lezen, moet ik dus op andere manieren aan de boeken zien te komen. Ik was dus heel erg blij met het gulle gebaar van Marga.

De katten waren ook blij met het pakje. Marga heeft twee honden en die geuren werden duidelijk opgepikt, héél interessant vonden ze dat.

Over katten gesproken (kijk nou toch eens hoe vloeiend ik van het ene naar het andere onderwerp ga). ‘I have a cunning plan‘ – zoals Baldrick in mijn favoriete TV-serie Blackadder altijd zegt – om Dibbes en Gerrie meer aan elkaar te laten wennen. Gerrie is een gewoontekat en ligt vaak op dezelfde stoel aan tafel. Nu heb ik daar vlak bij twee kleine krukjes gezet, met een kleedje erover heen. Dat plekje is bovendien heerlijk warm want het staat bij een luchtrooster van onze hete luchtverwarming. Mijn inschatting was dat Dibbes gezien zijn egocentrische aard – nieuw plekje dus van mij, van MIJ! – niet zou kunnen weerstaan. En jawel, wat heerlijk toch als beesten zo voorspelbaar zijn:

Dus slapen de heren sindsdien uren vlak bij elkaar in de buurt, naar volle tevredenheid. Ik hoop dat dit ook gaat schelen op de moeilijke momenten, als ze elkaar bijvoorbeeld passeren in de keuken, op de trap of in de deuropening. Dat leidt nu nog vaak tot gemep maar wordt misschien zo wel minder.

Fijn weekend allemaal!

Kat in de mand

Het plan was om Gerrie deze maand te laten castreren. Of dat ook echt deze maand nog gaat lukken, vraag ik me af. We zijn wel flink bezig met de voorbereidingen. Gepokt en gemazeld als ik inmiddels ben met getraumatiseerde katten, ga ik er niet meer van uit dat ik op dag A en uur U de kat zomaar in de mand weet te stoppen. Dat deden we met Dibbes wel, gezien het feit dat hij echt doodziek was maar daar was wel een aanzienlijke hoeveelheid drugs voor nodig, voor kat en toekomstig baasje. Het had tot gevolg dat we hem nu echt de mand niet meer in krijgen. Met Gerrie moeten we dat dus anders aanpakken. Met beleid en geduld. Ik ben nooit de reactie van Vlasje vergeten die schreef dat ze heeft gewacht tot de kater die bij haar was aankomen lopen, zelf in de mand stapte, vol vertrouwen. Zo wil ik het ook graag!

Heel langzaam laat ik Gerrie aan de mand wennen. We hebben een plastic mand die bestaat uit twee delen, de bovenkant kan van de onderkant af. Eerst heb ik alleen de onderkant in de huiskamer neergezet, met een kleedje erin waarop Gerrie veel heeft gelegen de afgelopen maanden.

De mand werd vakkundig genegeerd. Ook als ik er lekkere snoepjes in verstopte. Die werden gevonden door Moos en Smoes die geen mand-trauma hebben en er erg van genoten. De snoepjes geven terwijl ik op de grond zit vóór de mand bleek een beter idee te zijn. Dus dat deed ik een paar weken, snoepjes uitdelen op de grond voor de mand.

Inmiddels heb ik de bovenkant op de mand gezet en deel ik nog steeds snoepjes uit. Eerst legde ik een snoepje op de rand en een enkele keer een snoepje helemaal in de mand. Tegenwoordig leg ik de eerste paar snoepjes buiten de mand, één voor één en de rest één voor één in de mand. Zo verleggen we heel langzaam de grenzen van wat Gerrie bereid is te doen. Laatst kroop hij uiteindelijk gewoon maar helemaal in de mand, om daar de snoepjes in ontvangst te nemen. Ook toen ik al klaar was bleef hij in de buurt van de mand en stapte er nog een paar keer in, want ‘je weet maar nooit’. In een paar weken tijd heeft de mand dus promotie gemaakt van ‘enge te negeren plek’ naar ‘daar waar lekkers wordt uitgedeeld’. De volgende stap zal zijn het deurtje in de mand te zetten en open te laten staan. Maar dat doe ik pas als ik merk dat hij er langer in blijft liggen.

De stappen die je kunt nemen om je kat te laten wennen aan de mand, kun je ook hier vinden. Inmiddels heb ik wel door dat een kat zijn eigen tijd neemt om aan iets te wennen en dat je met veel tijd, geduld en herhaling een eind kan komen.  Dus lukt het deze maand niet en volgende maand wel, ook prima. Al zou het wel fijn zijn als het voor half maart lukt omdat onze dierenarts van 15 februari tot 15 maart flink korting geeft op castraties van katten.

Als Gerrie succesvol is afgeleverd bij de dierenarts en gecastreerd, gaan we over op het volgende plan: Dibbes aan die mand laten wennen. Dat is een klus met nog meer uitdaging maar ook dat gaat vast lukken. Zodat we Dibbes wel gewoon kunnen laten enten en onderzoeken. Sommige mensen vragen zich af of jaarlijkse entingen nodig zijn. Ik vind van wel, ik ben bijna een kat verloren omdat ik ooit meende van niet. Kattenziekte is een heel snel verspreidend virus met vaak dodelijk resultaat. Dat risico wil ik niet meer nemen. Bovendien vind ik een jaarlijkse controle een goed idee. Zeker bij ex-zwervers met een immuunsysteem dat niet optimaal werkt.

Iedereen maakt voor zichzelf een keuze die past bij de situatie, de kat en de ervaring. Ik houd het betaalbaar door elke maand wat geld opzij te zetten voor entingen, vlooien- en wormenbestrijding en dierenartskosten. Echt grote pech – zoals de darmoperatie van € 500 van kat Smoes drie jaar geleden – betalen we van de buffer.

Krijg jij je kat makkelijk mee naar de dierenarts?

Telkens dezelfde kat….

Kijk ik deze week de tuin in, zie ik Dibbes zitten. Nee wacht, het is Gerrie! Nee, krijg nou wat, het is niet Gerrie of Dibbes maar een dubbelganger! Voor de zekerheid pak ik mijn bril erbij en tel ook even de katten, maar zowel de één als de ander ligt te pitten in de huiskamer.

Soms lijkt het wel alsof het leven een eindeloze herhaling is van telkens dezelfde soort kat die hier komt aanlopen. Half wit, half cyper. De kat bekijkt mij uitgebreid. Ik bekijk de kat. Scan hem met kennersblik, dat mag ik inmiddels toch wel zeggen. Ziet er goed doorvoed uit. Vacht beetje verwaarloosd. Niet heel angstig. Zelfde vierkante bouw als Dibbes, dikke kont en wiebelloopje. Komt waarschijnlijk kijken waar de rest van de familie is gebleven. Zucht. Ik heb echt mijn grens bereikt. Dus kijk ik héél erg niet uitnodigend naar de kat met het vertrouwde uiterlijk, in de hoop dat dit indruk maakt.

Helaas wij zitten vol!
Probeer het eens hiernaast….