katten

Eindelijk

Waar ik ook kom, daar heb ik binnen de kortste keren contact met katten. Stuur mij op vakantie en ik word vriendjes met de plaatselijke zwerfkatten. Laat mij los op straat en ik struikel over katten die aandacht willen.

Katten vinden mij snel leuk. Ze zoeken toenadering. In kattentermen word ik door veel katten geschikt bevonden voor ‘de dienst’. Iets in mij maakt dat ik jaar in jaar uit goed scoor tijdens de beoordelingsgesprekken, al blijven er natuurlijk altijd aandachtspunten.

Van onze eigen kattentroep scoren Dibbes en Gerrie denk ik het hoogst op de schaal van mogelijkheden om van een mens, en dan specifiek van mij, te houden. Dat heeft denk ik vooral met bezitsdrang te maken. Met hun achtergrond – een zwervend bestaan vol ellende en honger – promoveerde ik vrij snel van ‘eng maar wel oké’ naar ‘dit mens is van mij’ . In de praktijk vertaalt dit zich in onhebbelijk gedrag naar anderen toe. Loopt Gerrie op mij af, dan gooit Dibbes zich snel tegen mij aan. Van mij!

Echte liefde dus. Of wat daar bij een kat voor door gaat. Behalve Moos. Moos en ik hebben een ietwat getroebleerde relatie. Hoe dat komt? Geen flauw idee. Ook hij komt van de straat. In 2006 kwam hij als klein katertje van hooguit vier maanden aanlopen met een forse navelbreuk. Hij bleef. Zo gaat dat hier.

druk aan het werk als plantenpletter

Ik werd op zijn hoogst getolereerd. Maar Moos en ik begrepen elkaar niet. Ik ben best geduldig. Maar jaar in jaar uit liep Moos regelmatig beledigd weg als ik hem aanhaalde. Ik mocht hem eten geven. Op zijn tijd en alleen als hij in een héél goed humeur was, aaien. Maar daar hield het ook op.

‘Mama, je moet zo kriebelen bij Moos’. S. heeft het me wel 1000 x voor gedaan. Want Moos vertoonde zijn mood swings vooral bij mij. Op S. en M. is hij altijd al dol geweest.

Moos gaf mij altijd het idee dat ik het verkeerd deed. De kriebel op de verkeerde manier, op het verkeerde moment, te hard, te zacht, met te weinig respect. Best frustrerend voor iemand die zich een echte kattenmoeder voelt.

Maar ouder worden doet ook milder worden. Moos heeft zijn eisen bijgesteld en mij in dienst genomen. Ik ben eindelijk goed bevonden om tegenaan te liggen. Hij biedt zijn buik regelmatig aan mij aan. Hij loopt niet meer beledigd weg als ik hem benader. Hij geeft mij kopjes en aandacht. Moos heeft ontdekt dat ik eigenlijk best wel oké ben. Na 12 jaar.

6 gedachten over “Eindelijk

  1. Wat ik me afvraag komt het omdat Moos ouder en milder word of heb jij als kattenmoeder wat meer los kunnen laten? Soms willen we zelfs onbewust toch te graag en net iets teveel .Ik ga geen groot verhaal uitleggen maar ik ”wilde” ook te graag teveel van onze Mikki en ze ging liever naar het baasje zijn plek op zolder en als ik eerlijk ben was ik bijna een beetje jaloers .Tot ik dat gevoel losliet en toen kwam ze terug bij mij en redelijk onbevangen .Maar het is goed met jou en Moos en daar gaat het om .
    Gr Elisabeth

    Geliked door 1 persoon

  2. Wijsheid komt met de jaren.
    Bij katten gaat het zo: als je ze negeert, komen ze juist naar je toe.
    Ik had eens tegelijkertijd drie katten die bij mij wilden zijn. Ze kwamen dan een meter van me af liggen, in elke windstreek een (ik dan de vierde windstreek) en wachtten af wie toestemming kreeg. Wat er dan gebeurde lag dan van mij af.
    Moos heeft een lief koppie. Hij is fijngebouwd, of niet. Je kunt wel zien dat hij al wat ouder is.
    En hoe is jouw relatie met Smoes?

    Geliked door 1 persoon

    1. Moos is bepaald niet fijn gebouwd. Een dikke zwarte beer die al een halfjaar op dieet is en de bakken bij de buren leegvreet.
      De relatie met smoes is uitstekend. Smoes vindt alles en iedereen lief 😍.

      Geliked door 2 people

Zeg het maar!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s