Kleine tegenvaller

Wat was ik opgelucht dinsdagavond na het bezoek aan het ziekenhuis. Weg met die bult! Zo! Omdat ik opdracht had gekregen de pols verbonden te houden tot laat in de avond, haalde ik vlak voor het naar bed gaan het verband eraf. En wat zag ik: een bult. Groot en keihard. Huh? Dacht even dat het door de drie glazen wijn kwam – weinig als ik gewend ben staat dat voor mij immers gelijk aan comazuipen  – maar ook M. zag de bult.

Via de app met Zus contact gezocht en die wist te melden dat waar geprikt wordt, ook zwellingen zijn. Zij kan dat weten want bij haar in de praktijk wordt met injectables gewerkt en ze is dól op alles wat met bloed en snijden te maken heeft. Op haar vraag hoe het er dan tijdens de ingreep uitzag moest ik het antwoord schuldig blijven, deze held houdt altijd haar ogen stijf dicht in geval van prikken-snijden-hakken.

Dan maar slapen en afwachten tot de ochtend. Nu was slapen best nog een hele uitdaging. Mijn hysterische brein bleef flarden van de dag herhalen. Prikkelverwerking is niet het sterkste punt van ME-patiënten en daarom blijf ik vaak achter met ‘restafval’. Het is geen piekeren maar gewoon een plaat die blijft hangen en hangen en hangen.

Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!

Zo dus. Na wat woelen en draaien veranderde de tekst in:

Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? ………

aaarrrghhhhh*(^*&Y&IOU&Y!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

Om half 3 in de nacht stapte ik over op plan B en dat is pillen erin gooien om slaap af te dwingen. Dat werkte goed, zó goed dat de wekker wel afging en uitgezet werd maar dat wakker worden pas lukte om een uur of 10. Best lekker na zo’n nacht ;-).

Meteen volgde natuurlijk nog liggend in bed de inspectie van De Bult. Hij is kleiner en zachter en vergelijkbaar met zoals hij de afgelopen paar jaar was. Er is minder druk in mijn arm en de doorbloeding voelt beter. Maar hij zit er nog wel. Nou ja, weten jullie, ik ben te beroerd om me er nu echt druk om te maken. Voorlopig ga ik even helemaal niets doen en zeker niet naar een arts.  Dit meisje is even Heel Erg Moe. Mijn lijf doet pijn en de wereld draait.

Wel bewees ik dat ik heus nog wel eens impulsief en ongepland geld kan uitgeven door een ergonomische muis aan te schaffen die geschikt is voor linkshandigen met carpaal tunnel syndroom. Ik zit weliswaar niet meer hele dagen achter een computer, zoals vroeger op kantoor, maar ik denk toch dat er een relatie is tussen de pijn in mijn arm, de bult en de laptop. Als ik achter de laptop zit, dan doe ik dat meestal zonder muis, zo op de bank. Het wordt denk ik tijd om eens gewoon netjes aan tafel te zitten in een goede houding en met een muis die de pols en arm ondersteunt en niet belast.

Zo dus! Niet helemaal wat ik wilde maar toch al beter dan eerst.

Heb jij nog ongeplande uitgaven gedaan deze maand?

Goed nieuws

Gisteren liet ik een echo maken van de bult aan de binnenkant van mijn pols. Hoewel ik niet medisch onderlegd ben zag ik wel dat het ding vastzat aan een pees. Dat bevestigde het vermoeden van een ganglioon, een goedaardig gezwel dat meestal als een soort verkleving aan een pees vast zit blijkbaar.

Vandaag ging ik voor de uitslag. De chirurg vertelde dat het ding toch gunstig ligt ten op zichte van de slagader. Twee millimeter meer naar links en het had operatief gemoeten, maar nu zei ze: kun je het aan als we het nu proberen leeg te zuigen? O hosanna! Niets beter dan meteen doen in plaats van volgende week. En even een naald erin is vele malen beter dan verdovingstroep in dat lijf! Dus hup naald erin en ik mocht een hand van een lieve mevrouw-assistente-dokter fijn knijpen. Het was niet leuk en het voelt nu best pijnlijk maar ik ben er wel vanaf! Hij kan nog terug komen, dat schijnt een ganglioon vaker te doen en in dat geval gaan ze wel snijden. Maar daar gaan we gewoon niet van uit.

Voor nu: klaar en weer bijkomen van de stress en de vele onverwachte acties van de afgelopen week! Ik ben zó opgelucht. Én ik heb een vriezer stampensvol met eten omdat ik overal op voorbereid wilde zijn, ook altijd fijn ;-).

Zo en dan nu een sigaret, o nee ik rook al 13 jaar niet meer, nou dan maar een wijntje. Vandaag mag dat van mezelf! Jullie bedankt voor alle lieve en mee levende reacties en mailtjes.

Ik zie ik zie wat jij niet ziet

‘Of ik buiten het bultje nog andere gezondheidsklachten heb’, vraagt ze. We zitten in het ziekenhuis op poli 3 en voor me zit de arts-in-opleiding van de co-chirurg-in-opleiding van de echte chirurg die ook waarschijnlijk ergens rondloopt maar zich nu niet laat zien. Een klein kamertje zonder daglicht met een computer, twee stoelen, ik en de hoogblonde, vrolijke dame die mijn intake doet en zich goed moet informeren over mijn mooie blauwe, mysterieuze bult zodat ze straks verslag kan doen bij de co-dokter-chirurg-in-opleiding-of-zo-iemand.

Ik ben lactose-intolerant vertel ik en ook gevoelig voor gluten maar zonder een  officiële coeliakie-diagnose. Vlijtig tikt ze deze gegevens in. Nu vat ik moed. Ik heb bovendien ME, sinds 2008. Nu stopt ze met tikken. ME? Ja, ME. Het tikken gaat beduidend langzamer. ‘Maar buiten dat ben je gezond’? vraagt ze.

Tja, buiten dat ben ik gezond. Mijn lijf denkt door met haar te praten dat het aan het sporten is en ik weet dat ik straks overal spierpijn zal hebben. Mijn brein is zó overprikkeld door het onverwachte ziekenhuisbezoek, dat ik niet verwacht te kunnen slapen vannacht. Mijn hormoonstelsel is al jaren zo in de war dat het altijd een verrassing is wanneer ik ongesteld word. Door de recente opleving van de ME-klachten is mijn taalgebruik weer hilarisch en we lachen elke dag hard om alle rare woorden en versprekingen die uit mijn mond rollen. Mijn dagindeling is die van een hoogbejaarde omdat ik meer niet verdraag. Mijn zenuwstelsel is zo permanent overprikkeld dat ik nog uren na het ziekenhuisbezoek haar stem in mijn hoofd hoor. De hal van prikkelverwerking is vol en het doorverwijzen naar de juiste vakjes belangrijk – weggooien – later gebruiken – weet nog niet – is volledig gestagneerd. Ik zit al 7 jaar thuis en heb het hele medische circuit doorlopen én bovendien alle kwakzalvers geraadpleegd in de hoop op verbetering. Die verbetering is gekomen, door deze millimeter voor millimeter te bevechten. Maar hoe kan ik dat uitleggen in 2 zinnen aan iemand die twijfelt of de ME de moeite van het noteren is in mijn dossier?

Ik denk dat het aan de ME ligt. Klinkt ook helemaal niet goed, vinden jullie ook niet? En CVS klinkt al nét zo stom en niet tot de verbeelding sprekend. Mensen reageren gewoon niet want het zegt ze niets. Toen ik onlangs een testje deed en aan de postbezorger (ja mensen de postbezorger, ik heb een heel leuk contact met die man) vertelde dat ik een neurologische aandoening heb met allerlei fysieke klachten tot gevolg (en daar is geen woord van gelogen) ontving ik een zeer meelevende reactie, iets wat bijna nooit gebeurt als ik het woord ME gebruik.

‘Buiten dat ben ik inderdaad gezond’, zeg ik tegen de blonde dame. Dat klopt natuurlijk ook. Buiten dat ben ik gezond, een waarheid als een koe, ook geen woord van gelogen.

Updeet ziekenhuis

Dank je wel voor de lieve reacties! Ik heb dan weliswaar geen hartelijke buurvrouw maar mijn lezers zijn des te hartelijker!

In het ziekenhuis viel het me wat tegen. Ze weten niet wat het is, de kleurt baart ze wat zorgen (blauw) en dat doet vermoeden dat er een verband is met de slagader op die plek. Het zou kunnen dat het een ganglioom is die onder de slagader doorloopt en daardoor blauw verkleurt. Maar dat testen kunnen ze niet, gezien de plek.

Maandag moet ik terug voor een echo, dinsdag voor de uitslag. Als het weg moet worden gehaald dan niet poliklinisch maar in een operatiekamer. Dat is nogmaals vanwege de risicovolle plek. Tja. Ik ga de fietsenmaker maar eens bellen want die fiets heb ik nu toch wel echt nodig komende week ;-).

Ziekenhuis

Zal je altijd zien, breng ik deze week mijn e-bike weg om te laten repareren, belt het ziekenhuis op met de vraag of ik vandaag langs kan komen om het bultje op mijn pols te laten beoordelen. Pas toen ik al had opgehangen drong het tot me door dat ik nu geen fiets heb, hoe kom ik daar?

Met de bus is niet echt een optie. Ik moet meer lopen naar en van de bushalte, dan dat ik daadwerkelijk in de bus zit en dat kost me in totaal dan een half uur. Ik kom dan bovendien voor het station uit en moet met de trap over het station heen naar de achterkant lopen richting ziekenhuis. Nou ben ik niet zozeer slecht ter been maar wel slecht van energie en een busrit levert zo bezien meer nadelen dan voordelen op.

Ik dacht ‘we werken toe naar een participatiesamenleving met zijn allen, kom ik bel eens bij één van de buren aan’. Op mijn vraag of ik vandaag een fiets mocht lenen was het weinig opwekkende antwoord ‘nou dat moet dan maar, maar leuk vind ik het niet’. Er moesten boodschappen gedaan worden op vrijdagochtend en dat moment verstoorde ik duidelijk. Nu heb ik daar alle begrip voor, aan de andere kant hebben ze alle tijd van de wereld wegens heel de dag thuiszitten en hoe erg is het nu als je even je fiets een uurtje uitleent? Bij het weglopen werd me nog even toegesnauwd dat ik niet hun e-bike meekreeg, als ik dat soms mocht denken, ik kreeg de gewone fiets mee.

Tja, tot zover mijn vertrouwen in de bereidwilligheid van mijn leefomgeving. Ik had al bedacht dat ik liever ging lopen want met deze storm is de kans dat ik het op een  normale fiets red tot het ziekenhuis en weer terug, niet groot. Bovendien zou ook dat een enorme aanslag plegen op de beschikbare energievoorraad en ik moet wel maandag naar de fysiotherapeut kunnen.

Dit mensen, is dus het gezeik op de vierkante millimeter wat het hebben van ME met zich meebrengt en wat ik soms zó zat ben. Het hebben van weinig energie is vervelend maar niet onoverkomelijk als er niets hoeft te gebeuren. Maar o wee als er wel ineens iets moet en een hulpstuk als een e-bike kapot is. Natuurlijk was het mijn lieve M. die zei: ik werk thuis vrijdag en dan breng ik je wel even weg. Meteen mijn moedertje gebeld en met haar afgesproken dat ik haar bel als ik klaar ben in het ziekenhuis dan haalt ze me op en de buurvrouw haar genereuze diensten afgezegd. Ik had het M. expres niet gevraagd omdat ik wist dat hij moest werken en hem hiermee niet wilde storen. Maar goed, ben ik ff blij dat ik met M. getrouwd ben en niet met de buurvrouw.

Dus dat ga ik doen vandaag, naar het ziekenhuis, hoop ik meteen te horen wat die vreemde bult is.

De lappenmand en wat erin zit: wij

We zitten allemaal een beetje in de lappenmand deze week. En met allemaal bedoel ik echt allemaal, zelfs een van de katten – Gerrie – was niet lekker en had gekotst op het vloerkleed en ligt nu – terwijl ik dit schrijf – zielig en in onmacht o nee, weer helemaal tevreden boven op ons bed. Misselijk en binnen zitten is nog altijd beter dan misselijk en buiten zitten, denkt deze exzwerver volgens mij.

M. had last van migraine en lag twee dagen plat. Helaas een regelmatig terugkerend iets waar hij geen grip op krijgt. Het is een tijd heel goed gegaan, maar het laatste half jaar gaat het pet.

Dan S.: die had al een paar weken last van zijn knie en lies. Dat kwam opzetten tijdens een judotraining en ging niet over. Best onhandig voor een kind dat 5 keer per week sport. Om het te laten helen, trainde hij een tijdje niet. Dat hielp iets maar niet voldoende. Dan maar naar de fysio. Die constateerde dat zijn voeten te plat staan, dat hij scheef is bij zijn heupen en dat er een spier geïrriteerd is geraakt in de lies. Die irritatie kan komen door het scheef staan, andere spieren gaan dat immers proberen te compenseren en dat vormt een risico, zeker als je zoveel sport als S.. Hij kreeg oefeningen mee, er werd wat gestretcht en er werd tape aangebracht op de geïrriteerde plek. De voeten dienen te worden  ‘opgevuld’ met zooltjes. Volgende week terugkomen en vooral rust blijven houden.

Tot slot dan uw gastvrouw: toen ik laatst onder de douche stond, viel me een plek op aan de binnenkant van mijn pols. Je kunt bij mij daar de aderen heel erg goed zien, ze liggen als het ware op de pols, meteen onder de huid. Met altijd een klein bultje op één plek. Dat bultje is altijd zacht en zit er al jaren, ik weet niet beter. Maar nu was de bult twee keer zo groot, keihard en als ik er op drukte deed het behoorlijk pijn. Ik probeerde het weg te masseren onder de warme douchestraal en dat hielp, 5 minuten, daarna was de plek weer terug.

Bovendien straalde de pijn uit naar de hele binnenkant van mijn arm. Nu heb ik daar eigenlijk al weken last van. Eerst dacht ik dat het door het breien kwam en was daar weer mee gestopt. Maar daar werd het niet minder van. De fysio voelde wel van alles vastzitten aan die kant op mijn rug, dus ik dacht eerlijk gezegd dat er gewoon iets klem zat, wat die pijn veroorzaakte. Maar misschien had dat bultje er wat mee te maken?

Naar de huisarts dus, werd ik niet heel veel wijzer van. Bultje staat op zich los van de aderen en lijkt onschuldig te zijn want geeft mee. Maar wel vreemd dat het op zijn tijd groter wordt en pijnlijk aanvoelt. Wegsnijden durft hij niet zelf want het zit te veel in de buurt van de slagader, dus moet dat eventueel in een ziekenhuis gebeuren. ‘Denk daar maar even over na, of je dit wilt, het kan volgens mij geen kwaad maar het zou wel fijn zijn als je weet wat het is, tot ziens maar weer’ en toen stond ik weer buiten en wist ik nog niets.

Op zijn eerdere vraag hoe het met me ging, hield ik het maar zo kort mogelijk. De huisarts heeft me een keer goed duidelijk gemaakt dat hij vond dat de depressie van me afdroop in de beginjaren dat ik ME had. Dat was waarschijnlijk ook wel, maar hij komt daar elke keer weer op terug. Dat het zo fijn is ‘dat ik nu een heel andere uitstraling heb’ (lees: niet huil van onmacht en woede omdat ik mijn leven terug wil). Met andere woorden: enige ruimte om eens een keer eerlijk te zeggen dat ik me niet zo denderend voel, is er niet meer. Of die ruimte neem ik niet meer, uit angst dat hij me een zeur vindt. Want stel je voor dat je als patiënt eens eerlijk zegt dat het kut gaat. Of dat het niet gezellig is, want dat moet het natuurlijk wel blijven hè, als ik op het spreekuur langskom 😉

Op zich baal ik wel. Ik voel me gewoon echt niet goed dit najaar. Elke week weer zeg ik opgewekt ( en hoopvol) tegen M. dat ik volgens mij het ergste gehad heb en dan moet ik toch telkens weer constateren dat er geen energie is om even een loopje te doen. Inmiddels komen de muren echt op me af hier want eigenlijk zit ik al sinds begin oktober binnen niets te doen, buiten af en toe een boodschap. Ik begin de goede moed een beetje te verliezen en krijg nu stiekem spijt van de keren dat ik bewust over mijn grenzen ging. Dat was drie keer sinds eind september en in ruil daarvoor ligt alles op zijn gat.  Het lukt me maar niet om weer op een basisniveau van bewegen te komen.En dat verergert zichzelf alleen maar. Toen ik laatst even een boodschap ging doen, ging de accu van mijn fiets onverwacht uit en moest ik op eigen kracht verder gaan. En dat is gewoon meer dan ik aankan. Dat duurt dan echt weer dagen voordat ik daarvan bijtrek. Soms ben ik het gewoon zo verschrikkelijk zat, dit gezeik op de vierkante millimeter! Ik sta op, ik kleed me aan, ik verzamel energie om te koken en ik ga na het eten in bed liggen. Meer is er niet op dit moment, het bezoek aan de fysio is een hoogtepunt in de week.

Bah, wat een somber gedoe. Sorry daarvoor maar soms zie zelfs ik – ik heb mezelf immers gehersenspoeld tot optimist en levensgenieter – het niet meer zitten. Ik ben moe, ik heb pijn en ik ben het zat. En dat bultje is dan – hoe klein en onbeduidend ook –  net de spreekwoordelijke druppel. Ik houd me heel vaak groot, ik houd me zó groot dat ik struikel over een bultje van 1 cm in de rondte.

Jullie merken het, ik heb een heel zwaar leven en voel me verschrikkelijk zielig. Wat dan helpt? Nou dit liedje:

Terug op aarde

Het is sommigen van jullie vast niet ontgaan, ik had de laatste tijd een energie-opleving. In de eeuwige zoektocht naar meer energie, stapte ik eind mei over op paleo eten en bereikte een prachtig resultaat. Ik voel dat dit iets voor mijn energie doet. Wat volgde was een gestage uitbreiding van activiteiten.

Zo lang ik die activiteiten zelf in de hand heb (lees: meester ben van mijn eigen agenda) gaat dat goed. Niet altijd, want ik ben nogal eens overmoedig en daarom is het belangrijk dat na overmoed ruimte is voor niets doen (lege agenda).

Dat lukte niet zo goed de laatste drie weken met de drukte van het afscheid nemen van de lagere school. Iemand zonder energiebeperking kan zich dit misschien niet goed voorstellen en denkt misschien: ‘mens stel je niet zo aan’. Kan ik me best indenken. Voor mij was twee avonden in de week achter elkaar naar school gaan voor de musical en de afscheidsavond heel wat. Laat naar bed, interactie met andere ouders en leerkrachten, veel prikkels (muziek, discobol, veel mensen) en daarbij nog mijn eigen emoties (WAUW, IK STA HIER, OM 9 UUR IN DE AVOND, IK LIJK WEL EEN NORMAAL MENS!!

Toen volgden ook diverse logeerpartijen in wisselende combinaties, voetbalavonden en het loslaten van de normale dagelijkse routine omdat het ‘ineens’ vakantie was. Best veel bij elkaar. Dit weekend viel het me weer op dat meer doen op sociaal gebied, betekent dat ik iets inlever op een ander gebied, meestal is dat ‘de rest’. Dus is het huis een zwijnestal, vooral boven en doe ik echt het minimale. Ik kan daar overigens goed mee leven. Me niet druk maken om zooi betekent ook vooruitgang voor mij.

Op andere gebieden lever ik ook in in zo’n situatie en dat is kwalijker. Als eerste gaat dan mijn dagelijkse wandelrondje er aan. Voor mij heel belangrijk. Ik heb namelijk elke extra meter die ik kan lopen, letterlijk veroverd. Startte ik twee jaar geleden met lopen in de straat vanuit huis tot de tweede lantaarnpaal en weer terug (duur 3 minuten), nu is dat rondje een wandeling langs het IJsselmeer van ongeveer 20 minuten.

Ook de officiële revalidatie begon er onder te lijden want ‘ineens’ doen al mijn spieren weer raar. Niet alleen kan ik niet meer met de fysio de oefeningen doen waarvoor ik kom, nee ze moet ook weer allerlei klachten weg masseren.

Gisteren bereikte ik een soort dieptepunt, ik dacht de hele dag aan mijn bed en lag er ook een groot deel van de dag in. Vandaag bedank ik mijzelf hartelijk voor de met veel moeite en plezier gegeven les. Kortom: ik ben weer geland op aarde. Ik weet weer waar mijn prioriteiten liggen. Ik ben niet normaal al voelde ik me even normaal maar dat maakt niet uit want het niet normaal zijn is normaal voor mij en dat is goed genoeg. Dus ik trek weer mijn eigen plan en houd het lekker rustig.

Gewoon weer dagelijks een kleine wandeling, vroeg naar bed, paleo eten, mijn gupta-oefeningen doen, twee keer in de week de revalidatie bij de fysio en als er dan nog wat overblijft: leuk maar niet elke week.

Heb jij ook wel eens last van overmoed?

Ik zie ik zie wat jij niet ziet

Het is mooi weer.
We gaan op stap!
De mannen op de fiets,
ik op mijn elektrieke wonder.

we ploffen neer
bij een zwemplek
aan het IJsselmeer.
We spelen met een bal
in het niet eens zo koude water.
Na best lang spelen,
voel ik dat het klaar is.
Ik laat me opdrogen
in de knallende zon
en verdiep me
in mijn boek.

Ik voel me zorgeloos,
voor het eerst
in jaren.
Geen gedachten
over dat ik nu
naar huis moet gaan
omdat het straks op is.

Ik schiet vol
omdat ik zó aanwezig
kan zijn bij iets
dat voor anderen
misschien heel normaal is.
Ik voel me normaal.

De mannen gaan spelen
met een volleybal
en bekenden
van de voetbalclub,
een jongen met zijn ouders.
Ze blijven lang weg
maar af en toe
is er contact
Gaat het nog?
Lukt het nog?
Wil je naar huis?

Nee zeg ik,
ik zit goed,
ik zit best
en ik geniet
van het feit
dat ik ‘zomaar’
op de grond kan zitten
zonder stoel
en dat ik ook
weer overeind kom
als ik dat wil.

Eind van de middag,
we gaan naar huis.
De bekenden waarmee
de mannen hebben gespeeld
komen ook langslopen,
zij gaan ook naar huis.

De vrouw loopt
met uitgestoken hand
op mij af
om zich voor te stellen
en roept luid
dat ik volgende keer
moet meedoen
met volleybal
en niet zo lui
moet blijven lezen.
Ze zegt het stralend.
De energie spat van haar af.
Een glimlach van oor tot oor.

Wat doe ik nu?
Wat zeg ik nu?
Ik kies voor dezelfde tactiek
en zeg ook stralend
dát ik al heb gesport
door daar aanwezig te zijn.
Dat ik enorm geniet
van het feit
dat ik een boek kan lezen
op het strand,
na jaren plat liggen
voelt dat goed.

Dat komt binnen.
Ze schrikt zich een ongeluk..
‘Maar dat zie ik niet aan je’,
stamelt ze.
‘Ja’ zegt mijn liefje,
‘dat is nu nét het probleem.
Mensen zien het niet
maar het is er wel’.

Daarna hadden we
een heel leuk gesprek.
Niet over ziek zijn
maar over genieten
van beter worden,
en over leuke dingen doen.

Toen gingen we weg,
elk een eigen kant op.
met de belofte
van mij
dat ik volgend jaar
misschien wel mee doe.

De envelop met het blauwe logo

Op de deurmat lag een brief, met een bekend blauw logo. Elke ‘uitkeringstrekker’ weet waar ik het over heb, het logo van het UUUWWWVVV. Altijd als ik dat logo zie maakt mijn hart een salto. Niet van vreugde maar van angst.

Ik wil wel werken maar kan het (nog) niet. En altijd heb ik angst dat deze instantie mij sommeert te gaan werken op een moment dat ik dat nog niet kan. Mijn arbeidsethos heeft mij eerder in de problemen gebracht. Ooit meldde ik me ziek – ik bleek ME te hebben maar wist dat nog niet – en ben na een aantal maanden weer gaan werken omdat het moest van de bedrijfsarts. Een paar maanden forceerde ik mezelf, tot ik op een dag zo zat te schudden in de trein dat ik me weer heb omgedraaid. Met mijn poging netjes te doen wat me werd verteld, heb ik een verergering van mijn toestand veroorzaakt die voorkomen had kunnen worden als ik steviger in mijn schoenen had gestaan. En als iemand wat eerder had herkend wat er met mij aan de hand was.

Het gekeurd worden om afgekeurd te worden zodat ik een W.IA-uitkering kreeg, is werkelijk waar één van de dieptepunten in mijn leven geweest. Het niet kunnen werken heeft bij mij toen tot een enorm schaamtegevoel geleid en het hebben van ‘zo’n vage aandoening als ME’, versterkte dit alleen maar. Hoe kan je uitleggen aan de arts die tegenover je zit, dat 30 keer boven je hoofd reiken in 1 uur niet lukt en dat één keer door je knieën zakken misschien wel lukt maar dat je dan niet meer overeind komt. Hoe kun je begrip en inlevingsvermogen verwachten van iemand die jou maar 1 uur ziet en die continu te maken heeft met mensen die zwak, ziek en misselijk zijn? Hoeveel sympathie kan iemand dan nog opbrengen, want is afstompen niet normaal in zo’n omgeving? En wat als die arts een rotdag heeft? Of last van PMS? Of moet voldoen aan normen zoals 60 % afkeuren en 40 % goedkeuren?

Aan de buitenkant zie je niets aan mij. Sterker nog, ik kan heel leuk praten en maak makkelijk een goede eerste indruk. Dat ik na de gesprekken met het UUWWVV een terugslag van weken had, kunnen ze daar niet weten natuurlijk. Ik heb het ze wel verteld dat het zou gaan gebeuren, maar of ze dat geloven is natuurlijk een tweede. Veel mensen begrijpen niet dat je moe wordt van praten alleen. Toen ik vorig jaar een uitnodiging om te gaan eten met wat oud-klasgenoten afsloeg, bood iemand aan me te halen en te brengen, echt super. Alleen ook dan gaat het niet. Waarop hij zei dat niet te begrijpen, ‘we gaan niet sporten of om de tafels rennen hoor, gewoon even een hapje eten’. Nee, hij gaat een hapje eten en voor mij zou het zijn alsof ik een marathon loop, want zó werkt mijn lijf. De meeste uitjes moeten worden gepland, het kost me in het goede geval dagen, maar als ik pech heb weken, aan hersteltijd. Dus maak ik zorgvuldige keuzes. Even ‘zomaar een hapje eten’ bestaat niet in mijn wereld.

Overigens begrijp ik inmiddels volkomen dat hij me niet begreep want zelf was ik vroeger ook niet zo begripvol. Voorstellingsvermogen komt vaak uit een kader en als dat kader vooral gezond en actief is, dan is het niet vreemd als je niet kunt voorstellen wat het betekent om ziek te zijn. Met uitzondering van mensen die vol inlevingsvermogen worden geboren, want die zijn er ook (tjee wat dwaal ik af!).

Terug naar die envelop op de deurmat. De angst is enorm. Het gevoel beoordeeld te worden en het besef dat de uitslag vaak buiten je macht ligt, hakt er in. En dat terwijl ik tot nu toe altijd goede ervaringen heb met het UUUWWWVVV. De arts was weliswaar niet aardig (maar dat hoeft niet, als ze maar competent is natuurlijk) maar begreep wel de aard van mijn aandoening. De arbeidsdeskundige was wél heel aardig en zei letterlijk dat hij niet met droge ogen kon beweren dat ik aan het werk moest gaan. De keren na de keuring dat ik ben gebeld om te informeren hoe het ervoor staat, trof ik alleen maar hele aardige meneren die me het gevoel gaven dat ik gehoord werd. En dan toch die angst voor die envelop met dat blauwe logo.

Trillend maakte ik hem open. Het was een overzicht van het vakantiegeld dat deze maand wordt overgemaakt. En bovendien was het nog een flinke meevaller ook, € 100 meer dan vorig jaar! Pffieuw, nu weer verder gaan met mijn dagelijkse leven.

Ooit stuur ik het UUUWWWVVV een brief in een envelop met een mooi zonnig logo dat vrolijkheid en geen angst opwekt, waarin ik schrijf dat ik weer uit werken ga, maar dan om geld te verdienen. Lijkt me heerlijk, een leuke inspirerende baan, met goed afgebakende uren en grenzen met vakanties en vrije dagen. Ik ben nu namelijk nooit vrij, ziek zijn gaat 24 uur per dag door. Ik werk nu ook mensen en wel heel hard. Ik werk aan mijn herstel.