Kat in de mand

Trouwe lezers weten dat het nogal een gedoe is om de exzwerfkatten in de reismand te krijgen, daar schreef ik al vaker over. Dibbes wordt eerst zwaar gedrogeerd en dan nog is het hel, voor hem en ons. De laatste keer heeft hij al zijn nagels kapot gekrabd en was hij dagen erna onbenaderbaar. Gerrie stapte de eerste keer na weken trainen wel braaf in de mand. Na weken van trainen met lekkere hapjes lukte dat. Tot het eindigde in een reis naar de dierenarts waar hij werd gecastreerd en ge-ent en toen was het uit met de pret.

Het is nu weer tijd voor de jaarlijkse controle van Gerrie maar wat ik ook deed vorige week, ik kreeg hem niet in de mand. Beetje doorduwen doe ik niet zoals ik wel met Moos en Smoes doe. Ik pak Smoes meestal vast, rol hem in een handdoek en duw hem dan de mand in. Met Gerrie durf ik dat niet aangezien hij ooit zijn heupen heeft gebroken. Zijn onderlijf is daardoor nog steeds een kwetsbare plek. Bovendien is Gerrie weliswaar heel timide van karakter, op dat soort momenten is hij een tijger die je niet kunt hanteren, net als Dibbes. Niet zo vreemd gezien hun traumatische verleden.

Nu wil ik het nu toch weer gaan trainen, zowel met Dibbes als met Gerrie. Ik moet toch iets. Dan maar wat later naar de dierenarts, nu eerst dit op orde krijgen. Van een lieve lezeres kreeg ik een reismand die een bovenlader is, dus met deksel aan de bovenkant. Daar kan je veel makkelijker een kat in zetten. Dus daarmee begon ik te oefenen.

Dat is voor Gerrie geen succes. Want als ik hem lok met snoepjes en die in de mand gooi, dan snapt hij het niet. Ik gooi het erin en dan kijkt hij me aan. Weg! Waar is het nou? Dat hij in de mand moet springen dringt niet tot hem door. Of wel en dan denkt hij waarschijnlijk ‘bekijk het maar’. Als ik hem erin til wordt hij hysterisch.

Dus oefen ik met hem met een gewone reismand, met zo’n traliehekje aan de voorkant. Alleen heb ik nu even de hele bovenkant eraf gehaald. Hij is nu zover dat hij tot wel halverwege in de mand durft te staan. Dat is een grote overwinning want de eerste dagen rende hij alleen maar hard weg.

Nee, dan Dibbes. Die heeft onvermoede talenten. Door zijn speelse karakter zou hij het uitstekend doen als circusartiest want hij vindt het leuk om stuntjes uit te halen, in dozen te springen en zich te verstoppen. Dus die springt nu braaf in alle manden waar ik iets in verstop. Hij vindt het zo leuk dat hij nu regelmatig alvast klaar gaat liggen. Over conditionering gesproken. Nu heel voorzichtig leren dat het ook nog leuk is als het deksel dicht gaat.

Laat die brokken maar doorkomen!

 

Veilig

Het is avond.
Ik lig in bed.
Ineens hoor ik een plof.
Een kat op het bed.
Hij springt over mij heen.
Ik voel een neus.

En dan een kopstoot.
En nog een.
Dat is Gerrie.
Die geeft geen kusjes,
maar kopstoten.
Vol liefde
maar wel zo hard
dat ik regelmatig
mijn tandvlees
uit mijn slotjesbeugel peuter.

De kopstoot betekent
“Aai mij, nu!”
Afgericht als ik ben,
aai ik Gerrie.
Hij leunt zwaar
tegen mijn buik aan.
Ik voel de stress
uit zijn lijf glijden.
Langzaam,
heel langzaam,
zakt hij door zijn poten.
Hij biedt zelfs
zijn buik aan.

Even,
heel even,
is alles goed
voor deze kat.
Hij voelt zich
veilig.

Dat duurt meestal
maar heel even.
De buitenwereld
dringt zich altijd
weer op.

Een geluid,
een kuchje van mij,
een andere kat
die op bed springt,
al snel is het teveel.

Maar toch
is er progressie.
Hij vlucht
en binnen
5 minuten
staat hij weer
om aandacht
te vragen.
“Aai mij, nu!”

Het leven
van Gerrie
bestaat uit
heel veel minuutjes
van schrik en herstel,
van vluchten en knuffelen.
Van observeren
en conclusies trekken.
En die conclusies
vallen steeds vaker
in ons voordeel uit.

 

Steeds minder zwerfkat en steeds meer Gerrie

De eerste foto van Gerrie, mei 2013

Nog niet zo lang geleden
was Gerrie een zwerfkat.
Dat hij nu een geliefd vachtje is,
weet hij soms wel en soms niet.
Het verleden laat zich niet
zomaar uitgummen.

De reflexen van vluchten,
niet kunnen vertrouwen
en wegduiken voor klappen
zitten nog pal
onder het oppervlak.
Hij lijkt heel wat
maar zeg je één keer “boeh!”
dan verandert onze Gerrie
in een hoopje ellende.

Dus hebben we met hem
een inmiddels vertrouwde cyclus
van genieten,
schrikken,
hard weg rennen
ALLES IS ENG!!
dagen in sluipgang
door huis en tuin lopen
en zich vaak verstoppen,
naar “o ja, maar jij bent niet eng!
Nou vooruit, ik geef je een kopje.
weet je wat, ik ga voor je liggen rollen
en ach, dan kruip ik ook
gelijk maar bij je in bed”.

Gerrie is vaak erg ongelukkig.
Bang en schrikkerig.
En zijn ‘normale’ staat
is gematigd en voorzichtig
in het leven staan.
Zijn verleden vormde hem
tot wat hij nu is:
een voorzichtige angstige kat
met weinig zelfvertrouwen.
Hoe hij echt is,
zagen we nog nauwelijks.

Het duurde even
voordat deze kat begreep
dat  niet iedereen
‘he-jij-daar-vieze-zwerver-ksst-ga-weg”
tegen hem zegt.

Net zoals het even duurde
tot de klitten en teken
uit zijn vacht verdwenen
en de wondjes heelden.

Langzaam aan
valt bij hem het kwartje
dat hij Gerrie is
en dat hij mag zijn
wie hij is.

In de ochtend heeft hij
een ren- en speeluurtje.
Doet lekker gek en maf,
rent trappen op en af,
speelt verstoppertje
en kiekeboe
met de andere katten.

En met knuffelen,
vergeet hij soms
zichzelf en zijn angsten
en laat zich gaan.
Soms zelfs bij een ander mens
dan de kattenvrouw.

En héél soms zijn er momenten
dat hij zich echt veilig voelt.
alles is goed zoals het is.
Die momenten
komen steeds vaker voor.
En dat ontroert,
steeds weer.

Dit is Gerrie.
Gerrie miauwt en kletst,
knuffelt en geniet.
Slaapt en rolt en spint.
Geeft kopstoten, likjes,
achtervolgt me overal
en poept op de bak,
elke avond precies
om kwart voor 7.
Alle dagen.
Een kat van
de klok en regelmaat
en niet meer van de straat.

Gerrie heeft een muis

Het is nacht.
Nou ja, bijna dag.
5 uur in de ochtend.
Ik wil nog slapen.
Gerrie denkt daar anders over.
Prrt prrt doet hij.
En kruipt naast me.
Hij is heel beweeglijk.
Kan niet stil liggen.
En gaat weer weg,
al geluidjes makend.
We horen hem scharrelen.
Hij speelt met iets.
Gerrie heeft een muis!
Ik doe het licht aan.
Jawel, daar ligt een muis.
Gerrie wijst ernaar met zijn poot.
Knappe Gerrie.
Een muis!
Dat is voor het eerst.
Hij is heel trots.
Dat merken we wel.
Al is er wat twijfel
of Gerrie de muis zelf ving.
Dat hij hem nu heeft
is geen overtuigend bewijs.
Behaalde resultaten 
uit het verleden
zijn bij hem meestal
wél een goede voorspelling 
voor de toekomst.
Maakt niet uit.
Gerrie is het mannetje.
Voelt zich heel wat.
Voelt zich zó veel
dat de heerlijke kattenmand
die Moos geconfisceerd heeft,
die dag van Gerrie is.
De hele dag.
Sorry muis! 

Gerrie, van buiten naar binnen

Gerrie woont nu precies 1 jaar bij ons binnen als huiskat. Nog even zien hoe het was?

Twee jaar geleden:
mei 2013 1e blik op Gerrie
Hij is te schuw om iets mee aan te vangen
niet gewend aan menselijk contact
maar blijft wel in de buurt
en wordt gevoerd door buren verderop
Ruim een jaar later:
juni 2014 – zwerft nog steeds in de buurt
en zit ineens steeds vaker bij ons in de tuin
zomer 2014 – wordt wat nieuwsgieriger naar ons,
dat hij af en toe wat lekkers krijgt, helpt natuurlijk ook mee
 augustus 2014: 
start wederzijdse grondige verkenningen.
Hij krijgt eten van ons 
en ik probeer hem te socialiseren 
en te aaien,
in het begin doe ik dat 
door met een afwasborstel
voorzichtig over zijn rug aaien.
Ik zit maanden lang
onder de krassen,
meneer heeft scherpe nagels.
Maar de aanhouder wint!
Gluren door het keukenraam
September 2014: voorwerk afgerond, Gerrie ligt in de avond
in de keuken, zo lang de deur maar openblijft. 
Steeds verder in huis
en boven op bed

of in een eigen mandje!
Steeds meer ontspanning
rondhangen met de andere katten
Steeds gelukkiger worden…

en uiteindelijk: 
totale overgave
(van 2 kanten)


De kat-in-de-mand-training en de onderlinge verhoudingen

Zoals jullie weten vierden we onlangs de verjaardag van S.  Vooraf was ik benieuwd hoe dat zou gaan, Gerrie en een huis vol visite. Nou, boven verwachting! Voordat het bezoek kwam had ik hem boven geïnstalleerd met lekkers en water. Ik wilde voorkomen dat hij naar buiten zou rennen als er ineens continu werd aangebeld. Dat doet hij wel vaak als hij beneden is. Hij bleef nu keurig boven en ging na een paar uur bovenop de trap alles eens goed bekijken. Rond etenstijd liep hij naar beneden – het is een kat van de klok – en ging bij zijn bakje zitten wachten. Na het eten vertrok hij naar buiten voor de avondronde.
Het ging dus helemaal super. Dibbes was wel erg geagiteerd. In tegenstelling tot vorig jaar, toen hing hij de clown uit. Maar toen konden we wegens onverwacht stralend weer buiten zitten. Een huis vol mensen is duidelijk wat bedreigender voor Dibbes. Natuurlijk had ik ook hem boven geïnstalleerd, maar Dibbes doet nooit wat je wil dat hij doet en trekt altijd zijn eigen hysterische plan.
De krijg-Gerrie-in-de-mand-training gaat goed. 1,5 week geleden plaatste ik het deurtje in de mand en negeerde dat vervolgens een dag of wat. Daarna deed ik af en toe voorzichtig de deur dicht en meteen weer open. De eerste paar keer vond hij dat best eng en stapte hij snel de mand uit. Maar het wende vrij snel. Nu ben ik zover dat ik, als hij in de mand zoekt naar lekkere hapjes, de deur echt dicht doe en hem soms het lekkers door de tralies aangeef. Hij raakt niet in paniek maar stapt wel zodra het dan kan, uit de mand.
Zodra ik merk dat hij in de mand blijft liggen als ik het deurtje weer opendoe, ga ik de mand een keer met dichte deur optillen en weer neerzetten. Zoals het nu gaat heb ik er wel vertrouwen in dat we hem deze maand kunnen laten castreren.
Tussen de heren ex-zwervers gaat het de laatste tijd een stuk meer ontspannen. Ik zie soms zelfs een voorzichtige poging tot neuzen. Fijne plekken bij elkaar in de buurt maken bevordert de sfeer, dus maakte ik er ook eentje boven en bespoot dat met kattenkruidspray. Gerrie ligt vaak op deze stoel. Binnen 5 minuten nadat ik een lekker kleedje in het witte mandje had gelegd, kroop Dibbes erin. Dibbes is wel iets te groot de mand is weliswaar iets te klein, maar Dibbes kan zich heel goed oprollen. Als Gerrie boven slaapt, ligt Dibbes daar ook. Gaat Gerrie naar beneden, dan hobbelt Dibbes er meestal achteraan. Of dat nu nieuwsgierigheid is, of houd-de-vijand-in-de-gaten weet ik niet, maar het ziet er voor een buitenstaander momenteel vrij relaxt uit.

De kat in de mand

Gerrie laten wennen aan de mand gaat heel goed tot nu toe. Ik heb niet eerder met de katten iets zó gericht aangepakt omdat ik ervan uitging dat een kat toch zijn eigen goddelijke gang gaat. Nu leer ik echter dat je ook een kat kunt conditioneren. Als ik tegenwoordig de kattensticks pak, rent Gerrie al naar de mand. Hij neemt een hap buiten boord en gaat er dan in staan en neemt daar het lekkers in ontvangst. Na het uitdelen blijft hij tegenwoordig in de mand liggen. Soms 5 minuten, soms een half uur. De mand is nu duidelijk een fijne plek.

Ik ga ergens deze week over tot de volgende stap: het deurtje aan de mand bevestigen. Verder doe ik niets anders en het deurtje blijft gewoon openstaan. Ik wil dat hij went aan de aanwezigheid van het deurtje zonder dat er nog iets mee gebeurt.

Dit zo aanpakken is niet alleen goed voor Gerrie, ook voor mij. Met zijn vol vertrouwen in de mand stappen, leer ik dat ik veel kan bereiken met mijn zwervers. Ik hobbel niet achter hun trauma’s en kuren aan, ik kan ze gericht iets leren.

Mijn ‘cunning plan’ om een niet te weerstane slaapplek voor Dibbes te maken, vlak naast de vaste plek van Gerrie pakt ook positief uit. Er is minder spanning tussen de heren. Laatst lag Gerrie bij ons op bed en Dibbes ging pal naast hem liggen. Eens in de zoveel tijd moesten ze elkaar even bekijken maar er werd ook veel met oogjes geknepen, voor een kat een signaal dat hij afgeeft om te vertellen dat hij geen kwaad in de zin heeft.

Zo rommelen we lekker door, de katten en ik.

Over boeken en katten…

Vorige week schreef ik een review van het in december verschenen Paleo Lifestyle Magazine op mijn kookblog. Trouwe lezers hier hebben ook vast wel mee gekregen dat ik al geruime tijd paleo eet. Sinds ik dat doe (en sinds ik de gluten uit mijn eetpatroon schrapte) zijn mijn darmen aanzienlijk opgeknapt. Het eetpatroon bevalt me goed, wel ‘kak’ ik af en toe in en eet te veel pure chocola om vervolgens te veel van het pad af te wijken. Het tijdschrift gaf me weer veel inspiratie en ik ging meteen weer strakker in paleostyle eten. Grappig genoeg merkte ik meteen een toename in energie dit keer, wat misschien ook te maken heeft met dat ik eens niet over mijn grenzen ging in de week ervoor, maar toch.

Medeblogger Marga las mijn review en bood mij een aantal paleoboeken aan die ze weg wilde doen. Lief! Twee dagen later kwam haar pakje binnen. Drie hartstikke mooie en als nieuw uitziende boeken vol informatie en inspiratie. Vooral het boek van Robb Wolf stond al een tijdje op mijn verlanglijstje. Helaas is onze bieb zeer behoudend en de meeste paleoboeken worden niet aangeschaft. Het boek ‘Oergondisch genieten’ bijvoorbeeld werd dan onlangs wel aangeschaft door de bieb en nu sta ik al weken op een wachtlijst. Dat schiet dus niet op. Als ik erover wil lezen, moet ik dus op andere manieren aan de boeken zien te komen. Ik was dus heel erg blij met het gulle gebaar van Marga.

De katten waren ook blij met het pakje. Marga heeft twee honden en die geuren werden duidelijk opgepikt, héél interessant vonden ze dat.

Over katten gesproken (kijk nou toch eens hoe vloeiend ik van het ene naar het andere onderwerp ga). ‘I have a cunning plan‘ – zoals Baldrick in mijn favoriete TV-serie Blackadder altijd zegt – om Dibbes en Gerrie meer aan elkaar te laten wennen. Gerrie is een gewoontekat en ligt vaak op dezelfde stoel aan tafel. Nu heb ik daar vlak bij twee kleine krukjes gezet, met een kleedje erover heen. Dat plekje is bovendien heerlijk warm want het staat bij een luchtrooster van onze hete luchtverwarming. Mijn inschatting was dat Dibbes gezien zijn egocentrische aard – nieuw plekje dus van mij, van MIJ! – niet zou kunnen weerstaan. En jawel, wat heerlijk toch als beesten zo voorspelbaar zijn:

Dus slapen de heren sindsdien uren vlak bij elkaar in de buurt, naar volle tevredenheid. Ik hoop dat dit ook gaat schelen op de moeilijke momenten, als ze elkaar bijvoorbeeld passeren in de keuken, op de trap of in de deuropening. Dat leidt nu nog vaak tot gemep maar wordt misschien zo wel minder.

Fijn weekend allemaal!

Kat in de mand

Het plan was om Gerrie deze maand te laten castreren. Of dat ook echt deze maand nog gaat lukken, vraag ik me af. We zijn wel flink bezig met de voorbereidingen. Gepokt en gemazeld als ik inmiddels ben met getraumatiseerde katten, ga ik er niet meer van uit dat ik op dag A en uur U de kat zomaar in de mand weet te stoppen. Dat deden we met Dibbes wel, gezien het feit dat hij echt doodziek was maar daar was wel een aanzienlijke hoeveelheid drugs voor nodig, voor kat en toekomstig baasje. Het had tot gevolg dat we hem nu echt de mand niet meer in krijgen. Met Gerrie moeten we dat dus anders aanpakken. Met beleid en geduld. Ik ben nooit de reactie van Vlasje vergeten die schreef dat ze heeft gewacht tot de kater die bij haar was aankomen lopen, zelf in de mand stapte, vol vertrouwen. Zo wil ik het ook graag!

Heel langzaam laat ik Gerrie aan de mand wennen. We hebben een plastic mand die bestaat uit twee delen, de bovenkant kan van de onderkant af. Eerst heb ik alleen de onderkant in de huiskamer neergezet, met een kleedje erin waarop Gerrie veel heeft gelegen de afgelopen maanden.

De mand werd vakkundig genegeerd. Ook als ik er lekkere snoepjes in verstopte. Die werden gevonden door Moos en Smoes die geen mand-trauma hebben en er erg van genoten. De snoepjes geven terwijl ik op de grond zit vóór de mand bleek een beter idee te zijn. Dus dat deed ik een paar weken, snoepjes uitdelen op de grond voor de mand.

Inmiddels heb ik de bovenkant op de mand gezet en deel ik nog steeds snoepjes uit. Eerst legde ik een snoepje op de rand en een enkele keer een snoepje helemaal in de mand. Tegenwoordig leg ik de eerste paar snoepjes buiten de mand, één voor één en de rest één voor één in de mand. Zo verleggen we heel langzaam de grenzen van wat Gerrie bereid is te doen. Laatst kroop hij uiteindelijk gewoon maar helemaal in de mand, om daar de snoepjes in ontvangst te nemen. Ook toen ik al klaar was bleef hij in de buurt van de mand en stapte er nog een paar keer in, want ‘je weet maar nooit’. In een paar weken tijd heeft de mand dus promotie gemaakt van ‘enge te negeren plek’ naar ‘daar waar lekkers wordt uitgedeeld’. De volgende stap zal zijn het deurtje in de mand te zetten en open te laten staan. Maar dat doe ik pas als ik merk dat hij er langer in blijft liggen.

De stappen die je kunt nemen om je kat te laten wennen aan de mand, kun je ook hier vinden. Inmiddels heb ik wel door dat een kat zijn eigen tijd neemt om aan iets te wennen en dat je met veel tijd, geduld en herhaling een eind kan komen.  Dus lukt het deze maand niet en volgende maand wel, ook prima. Al zou het wel fijn zijn als het voor half maart lukt omdat onze dierenarts van 15 februari tot 15 maart flink korting geeft op castraties van katten.

Als Gerrie succesvol is afgeleverd bij de dierenarts en gecastreerd, gaan we over op het volgende plan: Dibbes aan die mand laten wennen. Dat is een klus met nog meer uitdaging maar ook dat gaat vast lukken. Zodat we Dibbes wel gewoon kunnen laten enten en onderzoeken. Sommige mensen vragen zich af of jaarlijkse entingen nodig zijn. Ik vind van wel, ik ben bijna een kat verloren omdat ik ooit meende van niet. Kattenziekte is een heel snel verspreidend virus met vaak dodelijk resultaat. Dat risico wil ik niet meer nemen. Bovendien vind ik een jaarlijkse controle een goed idee. Zeker bij ex-zwervers met een immuunsysteem dat niet optimaal werkt.

Iedereen maakt voor zichzelf een keuze die past bij de situatie, de kat en de ervaring. Ik houd het betaalbaar door elke maand wat geld opzij te zetten voor entingen, vlooien- en wormenbestrijding en dierenartskosten. Echt grote pech – zoals de darmoperatie van € 500 van kat Smoes drie jaar geleden – betalen we van de buffer.

Krijg jij je kat makkelijk mee naar de dierenarts?

Kattengedoe

Wat niet zo lekker liep deze week was ons kattenhuishouden. 1,5 week geleden schreef ik nog dat het redelijk ging tussen Dibbes en Gerrie maar vlak daarna werden we ’s nachts wakker van een knokpartij tussen de heren. Daarna bleef er spanning in de lucht hangen.

Dinsdag ging dat helemaal mis. Eerst gaf ik Gerrie een standje omdat hij Moos opzij duwde en diens bak ging leeg eten. Gerrie schrok zo van de terechtwijzing (ik zei best hard:nee!) dat hij nogal panisch reageerde. En dát triggert Dibbes op de één of andere manier enorm. Daarna zag ik een vlo bij Gerrie en beging ik de stomme fout hem een pipetje te geven. Net als de vorige keer dat ik dat deed, ging het toedienen prima maar daarna werd hij erg angstig. Hij vloog weg naar buiten en was erg bang voor me. Toen ik naar bed ging durfde hij weer binnen te komen maar toen viel Dibbes hem aan, als in in een hoek drijven, aanvallen en meppen. M. greep in maar kon niet voorkomen dat Dibbes Gerrie het huis uitjoeg.Ik weer naar beneden om me ermee te bemoeien, maar zonder enig effect.

Gerrie kwam niet meer binnen ondanks geroep en gerammel met brokjes. Het was best koud buiten en ik deed geen oog dicht omdat ik in gedachten Gerrie met een knapzakje huilend op straat zag lopen, op zoek naar andere mensen. Ik weet het, ik ben een overgevoelige troela. Dus ging ik om 3 uur én 5 uur naar beneden om nogmaals te roepen (de buren waren vast blij met mij die nacht). Echt slim om dat midden in de nacht te doen, buiten in de tuin gaan staan op sokken en in pyjama als ik net hersteld ben van een luchtweginfectie en een beginnende blaasontsteking.

In de ochtend was hij er nog niet maar deed hij wel snel pogingen om weer naar binnen te komen. Alleen Dibbes bleef erg agressief gedrag vertonen. Door die streng aan te pakken was tegen het einde van de dag alles enigszins normaal.

Dibbes zit heel diep bij mij. Ik heb vanaf het eerste moment een enorme zwak voor deze kat. Daarom is het voor mij soms moeilijk om toe te geven dat hij naast geweldig ook heel onhebbelijk, jaloers en bezitterig is. Ik besef dat het nare gedrag van Dibbes uit dezelfde bron komt als het angstige gedrag van Gerrie, die het huis niet meer in durfde te komen en toen hij dat wel weer deed, verstopt achter de gordijnen ging zitten. Beide heren hebben als voormalige zwervers trauma’s én bovendien een verleden met elkaar. Op straat waren ze echt elkaars concurrenten en dat betekende waarschijnlijk ook letterlijk vechten met elkaar om het eten en om in leven te blijven. Gezellig samenleven onder één dak kan ik wel willen, maar is iets wat tijd nodig heeft. Misschien is bovendien wel het hoogst haalbare dat ze elkaar negeren en tolereren en meer ook niet, maar dat zou al veel rust geven.

Dibbes blijft een zorgenkatje. Hoeveel aandacht en liefde en eten ik ook geef, in dat hart zit een gat dat nooit kan worden gevuld. Ik bedacht me laatst dat Dibbes pas echt ontspannen zal worden als hij alleen met mij woont zonder andere katten, zodat hij me helemaal voor zichzelf heeft. Maar toen bedacht ik dat het geluk niet lang zou duren. Voor je het weet tuurt hij de hele dag naar buiten om te kijken of er geen kapers op de kust zijn. Zo zit hij in elkaar, jammer genoeg. Niet van natuur maar door ervaring, dankzij de mensen die hem hebben afgedankt.

Omdat het me in december opviel hoe relaxt Dibbes werd van de pillen die we hem gaven om vuurwerkangst tegen te gaan, besloot ik beide heren voorlopig maar op de zylkene te zetten. Dibbes zodat hij dan weer wat relaxter en aardiger wordt en Gerrie omdat ik hem dan beter kan benaderen, aangezien het doel nog steeds is hem in februari te laten castreren. Die zylkene werkt echt goed en kan ook voor iets langere tijd gegeven worden dus ik bestelde meteen een lading. Donderdag kwam dat binnen en de heren hebben meteen hun ‘drugs’ gekregen. Het feit dat dit midden op de dag gebeurde middels een extra maaltijd, deed de sfeer trouwens meteen flink verbeteren!