Zaterdag

Aangezien ik vorige weekend nogal druk was voor mijn doen en we dit weekend een verjaardag vieren, deed ik deze week rustig aan. Ik ging dinsdag naar de sauna en genoot van het stralende weer begin deze week. Ik was veel buiten. Als ik op de stoep voor ons huis ga zitten met mijn rug tegen de deur, zit ik helemaal uit de wind en wel in de zon (als die schijnt). Dat is mijn plekje in deze tijd van het jaar. Kopje thee erbij, een boek en meestal scharrelt Dibbes wat om me heen, heerlijk!

Qua gezondheid schiet het niet zo op. Mijn energiepeil is redelijk alleen speelt nu mijn rechterschouder weer op. Na het gezeik in december met mijn linkerarm en het carpaal tunnel syndroom dat nu weer aardig onder controle is,  kan ik nu rechts niet meer goed bewegen. Het voelt anders dan de klachten die ik daar eerder had en de fysio denkt dat het een slijmbeursontsteking is. Nu zit er daar in de praktijk ook een “Chinese darter” zoals mijn fysio een acupuncturist noemt en met hem heb ik nu een afspraak gemaakt voor komende woensdag. Ik ben benieuwd. Ik merkte namelijk dat fysio met een slijmbeursontsteking weinig uithaalt, het gaat alleen maar meer pijn doen.

In het verleden heb ik hele positieve ervaringen met acupunctuur en ontstekingen opgedaan dus ik heb goede hoop. Kind schrok van mijn opmerking dat ik naar een acupuncturist ga volgende week, maar zijn referentiekader bleek Kung Fu Panda te zijn….

Morgen vieren we de 13e verjaardag van S., dat geeft dus wat drukte. Ik maakte begin van de week al een chocoladetaart en die ging de vriezer in.  Ik maakte later in de week ook een luie appeltaart en schoof die ook in de vriezer. Vandaag moet ik ze niet vergeten eruit te halen en dan maak ik morgen de chocoladetaart af met een chocoladelaagje.

De mannen halen dan straks nog een ‘echte’ taart (lees: met suiker en gluten) in de stad en dan zijn we wat taarten betreft klaar. Hoef ik morgenochtend alleen nog maar het avondeten klaar te maken. Ik maak een pilaf (gehakt met mango en tomatensaus) met daarbij gegrilde haloumikaas, gebakken bakbanaan, rijst, salade en wat brood en kaasjes. Zo kan een ieder pakken wat hem lekker lijkt en wat overblijft kan makkelijk later in de week worden opgegeten. Ik kan zelf hier ook makkelijk van eten (met uitzondering van de kaas, brood, rijst) zonder dat ik veel moeite moet doen om aparte dingen voor mezelf te maken. Eerder deze week bakte ik  paleo-tortilla’s en hield er een voor mezelf achter, die ik morgen kan eten met het gehakt en de salade.

Fijn weekend allemaal!

Vreemde kostganger

‘Onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers’, zei mijn omaatje regelmatig om duidelijk te maken wat ze van iemand vond. Dat ze zelf trouwens ook vrij hoog scoorde op de schaal van eigenaardigheid, had ze volgens mij niet door.

Maar die uitdrukking schoot me weer te binnen toen ik wegliep uit de boekhandel waar ik zojuist mijn DHL pakje had ingeleverd. De verkoop van boeken en dvd’s via B.ol gaat heel aardig. De wat zwaardere boeken verstuur ik met DHL omdat dat voor mij de goedkoopste optie is. Het Russisch-Nederlandse woordenboek dat al 20 jaar bij mij in de kast stond – en dát terwijl ik geen woord Russisch spreek en ook nooit van plan was het te leren – was verkocht en leverde zo een bijdrage aan onze hypotheekaflossing. Het woordenboek viel in de categorie ‘zwaar’ en werd dus verstuurd via DHL.

Nu was ik de afgelopen weken al een paar keer bij het inzamelpunt – een boekhandel in ons IJsselmeerstadje – geweest om andere pakjes in te leveren. En ik was verrukt over wat ik aantrof. Een mooie ruimte vol boeken (ja duh!), grote houten tafels met boeken, stapels boeken aan de zijkanten, een heerlijke versleten chesterfield bank en een prachtige afdeling met kinderboeken. En tot slot, niet geheel onbelangrijk: een hele aardige boekverkoopmeneer die elke keer heel vriendelijk het pakje in ontvangst nam en vertelde dat ik even moest wachten, dan zou hij het in orde maken. Altijd een lach en een praatje.

Nou hoor ik dat natuurlijk altijd graag, dat iemand ‘het’ in orde maakt, het geeft me een gerustgesteld gevoel. En dat heb ik ook wel nodig want ik voel me een beetje schuldig om als voormalige boekenverzamelaar alleen maar ongewenste ‘zooi’ in te leveren bij zo’n prachtige winkel zonder iets te kopen. Dus als ik dan terugloop met de verzendbevestiging in de hand, loop ik langs al die houten tafels met boeken wél te kijken en niet te kopen. En beloof ik die boeken dat ik binnenkort heus wel een mooi exemplaar uitzoek. Want dat verdient die boekhandel.

Hoe je beeld kan kantelen werd in één klap duidelijk. Ik liep naar binnen met mijn zojuist verkochte Russisch-Nederlands woordenboek en werd niet opgewacht door de leuke boekhandelaar maar door zijn chagrijnige vader of oom of oudere werknemer. Mijn fantasie slaat nogal snel op hol, dat je het weet.

Nou ja, ik werd niet echt opgewacht, ik liep de winkel in, helemaal naar achteren en zag niemand. Wel stuitte ik op een wolk van gore sigarettenrook die net goed bleef hangen in de sectie kinderboeken, wat niet geheel toevallig was want daarnaast lag blijkbaar het rookhol.

Uit dat hol dook een geïrriteerde oudere man op. Stoorde ik hem bij het roken? Stoorde ik hem omdat ik geen boek kwam kopen maar een ordinair pakketje kwam afleveren? ‘Dat hele DHL inleverpunt gedoe is toch een teken van de gehele neergang van de boekenbranche‘ hoor ik de man denken, maar ik ben dan ook bijzonder fijngevoelig en vang dat allemaal op hè, in een mum van tijd. Het kan natuurlijk ook dat ik hem stoorde omdat hij gewoon even niets wou, lekker zitten en de benen rust geven omdat hij de hele dag al had gestaan. Maar die vibraties ving ik nou net niet op.

Dát hij echt niets wou werd al snel duidelijk, ik overhandigde het pakje en er werd me toegesnauwd dat ik mee moest lopen voor de verzendbevestiging, en hij liep zo het rookhol in! Ja, dát gingen we mooi niet doen hè! Dus ik boog me over de heruitgave van de ‘Sprookjes van Grimm’ heen en begon een vrolijk verhaal te vertellen dat ik juist van dat sprookjesboek als kind trauma’s had gekregen maar dat ik het nu als volwassene wel wist te waarderen.

Ik kreeg geen antwoord maar hoorde wel gewapper van papier. Wat ik zag mensen, werkelijk waar en niet gelogen, was een arm die om de hoek stak en ongeduldig met papier wapperde. ‘Pak mij mens. Ik kom niet naar jou toe en de eigenaar van deze arm wenst jou niet te zien, pak mij en houd je mond!’ Dus pakte ik totaal verbijsterd de verzendbevestiging en liep langs al die tafels met al die boeken zonder nog enig koopverlangen in me te voelen.

Onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers en ik had er zojuist één ontmoet.

Zaterdag

De week stond in het teken van opruimen en gisteren brachten M. en ik 5 grote tassen, 2 vuilniszakken, 1 doos en 1 krat weg. Bijna vergaten we dat we het krat en de tassen wél weer leeg terug wilden nemen (best handig omdat we daarna meteen boodschappen gingen doen). Dus renden we weer naar de afleverhal om de tassen en het krat leeg te gooien en mee te nemen. Dát viel niet in goede aarde bij het ‘opperhoofd chef verdeler binnengekomen goederen’ en we kregen een standje. Tja, ze hoeven natuurlijk niet diep buigend in nederige dankbaarheid alles in ontvangst te nemen. Aan de andere kant, vergissen is menselijk dus je omdraaien zeggen: ‘o ja al die tassen en het krat krijgen jullie niet gratis en voor niets van ons en moeten wel weer mee terug’ moet toch kunnen zonder dat we dan weg gaan met het gevoel dat we iets stouts deden.

Om even bij het onderwerp te blijven, via de Verdubbeldame die nu ook door het leven gaat als de Biobloghurt, kwam ik op het blog van de zinkende surfer terecht, die een stukje schreef over het boek ‘Weg met de warboel’. Over dat boek had ik die week al een paar keer gelezen. Dus toen bleek dat het boek als give-away werd verloot kon ik dat toeval niet negeren en besloot ik dat het boek nodig had om daarna te kunnen besluiten wat ik niet meer nodig heb in het leven. Ik stuurde een mail en krijg nou wat! Vanmorgen kreeg ik een mail terug dat deze gulle dame had besloten iedereen die zich had opgegeven, blij te maken met het boek. Is dat lief of is dat lief? Ze heeft buiten dat ze gul is trouwens ook een echt leuk blog, dus bezoek het eens.

Over naar de katten: ondanks de drugs waar onze heren ex-zwervers nu op zitten bleef de sfeer zeer grimmig. Gelukkig zag ik ineens dat de feliway – die hier standaard in het stopcontact zit – op was en bestelde het meteen. En nog geen half uur na de nieuwe voorraad te hebben ingeplugd zag je de agressie weer verdwijnen. Na vier knokpartijen in één week waren we daar allemaal flink aan toe. Inmiddels is de sfeer weer zo opgeklaard dat er twee keer samen op bed werd gelegen en dat de moeilijke plekken in huis minder stress opleveren. Wat is een moeilijke plek? Alles waar de ene kat kan gaan liggen om de andere kat de vrije doorgang te belemmeren.

Verder weinig te melden mensen, fijn weekend allemaal!

De kip, de soep en de restjesmaaltijd

In mijn supermarkt betaal ik gemiddeld € 10 voor een scharrelkip. Bij bioleveranciers via internet (okvlees.nl en natuurvlees.nl) betaal je rond de € 15 tot € 17 voor een scharrelkip en rond de € 20 voor een biologische kip. Behoorlijk prijzig, dus zorg ik ervoor dat ik alles van de kip meerdere malen gebruik. We kluiven de kip, verzamelen de vleesresten voor een kliekjesmaaltijd en koken soep van de botten. Zo eet je van die ene kip een paar keer met een gezin van 3,4 personen en zo gerekend valt het best mee.

Dag 1)
Eerst schoof ik een hele kip in de oven. Natuurlijk had ik hem eerst lekker gemarineerd met een mengsel van balsamico, mosterd, tijm, olie, peper en zout. Lekker inwrijven en masseren, even laten staan. Ondertussen een paar flinke tenen knoflook in kleine plakjes snijden en die plakjes te pas en te onpas in de kip verstoppen, onder de oksels, in elke holte die je vindt. Ik had ook nog een mishandelde citroen (volledig geraspt voor een ander recept) en die citroen stopte ik in de kip, met wat knoflook.

Een rondje langs wat voorraadbakken leverde wat knolselderij, meiknol en pastinaak op. Ik maakte alles schoon en legde het in een ovenschaal. Royaal begieten met knoflookolie en wat peper en zout. Nu leg je de kip erop en je schuift het in de oven, die is voorverwarmd op 180 graden. Voor elke kilo kip reken je een uur oventijd. Deze kip was 1250 gram dus ik rekende op 5 kwartier. Halverwege moet de je kip even omdraaien.

De kip was heerlijk en natuurlijk veel te veel voor 3 personen. Dus plukte ik het restant van het vlees van de kip en bewaarde het in een bak. Die gaat in de koelkast, voor overmorgen.

De botten gooien we niet weg maar daar gaan we meteen een lekkere bouillon van maken. Doe alle restanten en botten in een pan met net zoveel water dat het net onder staat met 5 of 6 pimentkorrels, wat knoflook en ui, een laurierblaadjes, wat bovenste bladeren van een prei en wat wortelen. Gewoon heel lang met deksel op de pan laten pruttelen. Niet vergeten uit te zetten voor je naar bed gaat.

Dag 2)
Zeef de bouillon,  gooit de bot- en groenteresten weg en verzamel wat lekkers. Ik had aardappelen, uien, knoflook, prei gesneden en wat wortel. En 2 flink eetlepels mosterd, peper en zout. Kook de aardappelen in de bouillon samen met de ui en knoflook tot de aardappelen gaar zijn. Zet de staafmixer erop. Wordt de soep te dik, verdun het dan met water. Doe de mosterd en de gesneden prei en wortel erbij. Laat pruttelen tot de groenten zachter zijn. Maak af op smaak met peper en zout. Ik haal hier zeker 6 tot 8 porties uit.

Dag 3)
En nóg zijn we niet klaar met die kip. De vleesresten van de eerste dag vormen de basis voor de laatste maaltijd met deze kip. Ik maak er een roerbak van met rijst, kippenvlees, wat mango en sperziebonen.  Veel vlees bevat deze maaltijd op zich niet meer, maar toch geeft het wel voldoende smaak af.

Eén kip, drie verschillende maaltijden. Veelzijdig beest hoor.

Opkrabbelen

Heel langzaam knap ik weer op. Ik had een fikse luchtweginfectie die aan het begin van de kerstvakantie begon. En het duurde maar en duurde maar. Nu ben ik wel af van het gehoest en gerochel en kan ik weer bouwen. Helaas stak ik M. aan. Die werd vlak na kerst beroerd. Alleen hij liep er mee door, met als gevolg dat hij het erger te pakken heeft. Deze week bleef hij maandag en dinsdag thuis, woensdag sleepte hij zich naar het werk in verband met niet te missen en heel belangrijke zaken en gisteren werkte hij thuis en stortte toch weer in . Nu ligt hij – terwijl ik dit schrijf – weer plat. Hij voelt zich echt strontberoerd.  Op mijn vriendelijke verzoek – je gaat nu de dokter bellen! – belde hij toch maar de huisarts en daar kan hij straks al terecht. Als hij een kuurtje krijgt kan hij daar dan nog voor het weekend mee beginnen en voelt hij misschien volgende week weer wat beter.

Zijn koppige doorwerken met ziek zijn doet me realiseren dat ik veranderd ben. Vroeger liep ik ook altijd door. Moet moet moet en jammer dat ik me niet zo lekker voel maar moet moet moet. Daar heb ik geen last meer van. Ik heb met mijn WIA-uitkering natuurlijk geen dwingende verplichtingen meer, dat scheelt enorm en daar kan ik dan nu ook echt dankbaar voor zijn. Maar ook toen ik net met ME thuis zat, kon ik me niet aan het ziek zijn overgeven. Ik maakte me echt enorm druk over alles en kon nauwelijks platliggen. En als ik plat lag dan werkte mijn brein nog op volle toeren zodat rusten en reserves bouwen nog steeds een utopie waren. Dat is nu echt anders besef ik. En dat is winst. En ik ben daardoor toch ook sneller op een punt dat ik me weer wat beter voel. Dus nu ga ik weer verder waar ik gebleven was.

De kerstvakantie viel hierdoor wel een beetje in het water en dat was vooral sneu voor S. We hadden gehoopt toch wel iets meer tijd samen door te brengen, beetje wandelen, spelletjes doen, maar dat ging niet. Maandag vertrok hij weer naar school en de regelmaat begon half half met een zieke man thuis en een kind dat een paar keer het eerste uur kon uitslapen wegens uitval.

Oudejaarsavond verliep heel rustig hier. Er werd niet heel erg veel geknald. Het viel me echt reuze mee. Normaal is het een enorme takke herrie vanaf het moment dat knallen mag maar nu bleef het bij een knal hier en daar en tussen 12 en 1 even heel veel.

De katten waren dit jaar wekenlang getraind met een vuurwerkcd en dat scheelde aanzienlijk. De periode voor 12 uur was voorheen al voldoende om ze met een halve zenuwinzinking door het huis te zien rennen en dan rond 12 uur was de paniek compleet. Nu reageerden ze eigenlijk nauwelijks op het knallen voor 12 uur en lieten ze lieten zich goed afleiden met spelletjes.

Dibbes vertoonde vorig jaar echt volledig hysterisch gedrag. Hij bleef maar rennen door het huis, echt helemaal over de rooie. Nu ging hij op het hoogtepunt van het geknal even onder een tafeltje zitten, samen met Gerrie, maar meer ook niet. Het scheelde ook vast dat ik Dibbes een paar weken lang pillen tegen angst gaf. Ik deed wat ‘voorwerk’ met feliway en Bach Bloesem Rescue en vanaf 3 weken voor oudjaar kreeg hij via de dierenarts zylkène. Dit vermindert angstgevoelens en hij reageerde er heel goed op. Hij was beduidend meer ontspannen dan normaal. Het is zelfs een punt van overweging om hem dit te blijven geven, want nu de voorraad op is, is hij weer zijn schrikkerige zelf.

Die tactiek, een combi van pillen en een vuurwerktraining, houden we er voortaan in. Ik ga volgend jaar gewoon weer zo rond half november beginnen met trainen. Ik kan het iedereen met angstige huisdieren echt aanbevelen.

Tot zover, fijne dag en doe voorzichtig in het verkeer, de storm is echt enorm!

Alleen met kerst

Ja dat klinkt wel hè, is een goeie binnenkomer. Wellicht dat je bij het lezen van de titel nu denkt, ‘nee hoor Min of Meer, je kan me wat, geen zielig verhaal over alleen zijn met kerst’. Maar het is geen zielig verhaal hoor. Ik ben ziek maar niet zielig maar toch zeer zeker wel alleen op deze tweede kerstdag. Nou ja alleen, wel samen met 4 viervoeters. De menselijke huisgenoten hebben het pand verlaten. Dat is natuurlijk anders alleen zijn dan de situatie van anderen die alleen zijn met kerst omdat ze altijd alleen zijn. Niet dat die per se zielig zijn, zo bedoel ik het niet. Er zijn ook mensen die bewust alleen zijn met kerst en daarvan genieten.

Nou, ik heb mezelf lekker klem geschreven, maar t is ook zo’n beladen onderwerp vinden jullie ook niet: alleen zijn, eenzaamheid en voor je het weet trap je onbedoeld op tenen, nou hè hè: terug naar het eigenlijke onderwerp: ziek.

Eigenlijk lag ik al de hele week plat, ziek te zijn met hier en daar wat koortsbubbels. Zaterdag en zondag was ik als een dweil, maandag ging het wel weer. Dus even naar de fysio en daarna blokkie om. Dinsdag volgde de algehele instorting. Plannen veranderden van minuut tot minuut, al naar gelang hoe ik me voelde maar uiteindelijk bleek mijn moeder bereid te zijn hier een uitgebreid kerstdiner te komen koken, nadat we eerder naar haar toe zouden gaan en nóg eerder haar hier uitnodigden alwaar wij zouden koken. Niets is zo veranderlijk als de mens. Zeker dit mens met een luchtweginfectie.

Gisteren dus hier kerst gevierd met Oma. Dat was heel gezellig. Ik gooide me vol met paracetamol, zette mezelf onder de douche en redde het zo net met cadeautjes uitpakken en daarna het heerlijke eten van mijn moeder inclusief toet naar binnen werken. We zijn flink verwend.

Het tweede deel van kerst zou de dag na tweede kerstdag worden gevierd, bij schoonouders. Dát ging het niet worden voor mij, daar voel ik me te beroerd voor. Een lange autorit heen en terug zie ik nu niet zitten. Maar gezien de snert weersvoorspellingen voor zaterdag veranderden ook deze plannen en vertrokken man en kind vandaag al richting schoonouders (de mijne niet die van man, het zijn gewoon zijn ouders en dus de grootouders van kind).

Dus zit ik hier alleen en vind het eigenlijk wel best zo. Ik heb niets te doen anders dan een beetje bijkomen van afgelopen week en ga zo liggen op de bank, beetje lezen en  misschien zelfs al een aflevering van de serie kijken die ik cadeau kreeg. Niets belet mij bovendien om zomaar onbespied een reep chocola naar binnen te werken. Want dat heb ik wel verdiend, zo ziek met kerst, vinden jullie ook niet? Bovendien is chocola gepast in elke situatie, vind ik dan toch. Trouwens, voor het geval jullie nog niet overtuigd zijn van de noodzaak van chocola: ik ben ongesteld, dus ik heb er recht op!

 

Middelbare schoolperikelen

Ons kind zit op de middelbare school. Via Magister – een computersysteem –  kunnen we elke scheet volgen die hij laat. Zijn huiswerk, zijn cijfers, of hij zijn boeken vergeet mee te nemen, roosterwijzigingen.  Alles is terug te vinden, heel makkelijk. Een soort ‘Big brother is watching you’ dat mijn generatie goddank bespaard is gebleven, wij kenden nog iets van vrijheid. Maar als ouders van nu plukken we natuurlijk wel graag de vruchten van dit alles-in-één-overzicht-systeem.

Maar het kent wel nadelen. Vooral het rooster en hoe je wijs moet worden uit het rooster. Want een rooster is geen constante voor een bepaalde tijd -zoals ik toch echt altijd heb gedacht –  maar een continu wijzigende situatie die je inhaalt als je even niet oplet. Gek worden we ervan. Kinderen krijgen instructies om elke avond te kijken of het rooster voor de volgende dag soms is gewijzigd. Docenten kunnen ziek worden. Oké. Maar docenten gaan ook mee met schoolreisjes of worden bijgeschoold.

De afgelopen week viel er maar liefst 9 uur uit. Bovendien was hij op vrijdag het tweede uur op school gekomen in de veronderstelling dat het eerste uur uitviel. Dat stond immers weer op infoweb. En infoweb is altijd leidend boven Magister mensen, althans zo kregen wij ingeprent. Dus konden kind en ik vrijdag lekker uitslapen, waarna hij naar school fietste om te ontdekken dat het eerste uur niet was uitgevallen. De eerdere roosterwijziging was weer ingetrokken via een mail in magister. Maar dat had hij niet gezien, hij had de roosterwijziging gecontroleerd, gezien dat er een wijziging was en heeft later niet meer gekeken of die wijziging soms was teruggedraaid. Dat verwacht je natuurlijk ook niet. Hij was niet de enige die dat niet gezien had. De docent gaf aan maandag met hem en de andere ‘spijbelaars’ te willen praten, over eventueel te nemen maatregelen.

Nou ben ik niet heel snel kwaad maar toevallig was ik vrijdag net ongesteld geworden en bovendien wind ik me al sinds hij op deze school zit op over het achterlijke communicatiesysteem. Er is mail, infoweb en magister en toch worden we telkens overvallen door wijzigingen die uit de lucht vallen. Verwachten ze soms dat je vastgeplakt aan je laptop zit van minuut tot minuut om te kijken of er iets verandert?

Dus ik stuurde een mail naar de mentor met de vraag hoe dit kon gebeuren. Waarop ik een weliswaar vriendelijk antwoord terug kreeg maar ook de suggestie dat je kind in de ochtend voor vertrek naar school kijkt of er nog iets wijzigt.

Natuurlijk kun je van de kinderen verwachten dat ze in de ochtend na het opstaan even controleren via hun smartphone of er nog laatste momentwijzigingen zijn. Maar als ze eerder het bericht kregen dat het eerste uur uitvalt, gaan ze echt niet tóch een uur eerder opstaan om even magister/infoweb te controleren, voor het geval de les dan toch doorgaat.  Ik vind het absurd om daarvan uit te gaan.

In dit geval vind ik het niet oké dat de docent op deze manier de kinderen heeft geïnformeerd, zo laat nog. Als een les uitvalt kan ik me dat voorstellen, maar andersom – eerst uitvallen en dan weer niet – vind ik vreemd want zo missen sommigen de boodschap omdat ze dus uitslapen. En dan vind ik het helemaal bezopen dat er dan ook nog met de kinderen gepraat moet gaan worden.

Ik wou mijn mouwen al opstropen en op oorlogspad gaan -altijd fijn met gierende hormonen – maar de mentor stuurde een mail terug dat ze niet wist dat de kinderen zo laat waren geïnformeerd en dat ze zou zorgen dat ze niet gestraft zouden worden en dat ze bovendien ging informeren hoe de gemiste les kon worden ingehaald.

Een prima reactie dus. Maar wel een vreemde gang van zaken. Ik kan me bovendien van mijn eigen schooltijd helemaal niet herinneren dat er zo vaak iets uitviel, dat was dan toch echt heel bijzonder hoor als het eens gebeurde! Zoals M. zei deze week, ‘die keren dát het gebeurde, kan ik me nu nog bijna allemaal herinneren.’

Maar goed, ik hoefde niet op oorlogspad. Dus ging ik maar aan de chocola. Da’s altijd goed bij gierende hormonen.

 

Kattenjournaal

Dibbes maakte deze week grote sprongen door ZwerfGerrit meer te tolereren. Zo vond ik ze een paar keer samen in de keuken, waarbij de zwerver brokken at en Dibbes toekeek, ietwat verontrust, maar niet in oorlogsstemming.

Dat gaf moed en nu komt ZwerfGerrit ineens twee keer per dag langs. Hij gaat dan onder de tuintafel zitten en wacht netjes tot ik hem zie.  Zo maakten we elke dag kleine vorderingen. Dat geluk duurde tot Kasper de Verschrikkelijke – de kater van de buren die eerder ook Dibbes de stuipen op het lijf joeg – van onder een tuinligbed toesloeg. Een paar fikse meppen en weg was Gerrit. Gelukkig vatte hij twee dagen later weer moed en kwam hij weer buurten.

Gerrit

Inmiddels heb ik hem zover dat hij eet terwijl ik naast hem zit. Mijn tactiek is continu praten in combinatie met lekkere brokjes gooien. Eerst ver weg en dan steeds dichter bij. Een spoor van brokjes en dan ineens staat hij naast me en dan geef ik hem een bak met voer. Dat dit hem zo wel bevalt, merk ik ook aan zijn gedrag na het eten. Rende hij eerder meteen de tuin uit, nu blijft hij soms nog even een paar minuten liggen. En kijken. Continu mij in de gaten houdend. Je ziet die hersens kraken…..

Cruciaal tijdens het voeren van de zwerver, is dat ook Dibbes continu aandacht krijgt. Hij voelt zich nog niet zeker van zijn plek en laat dat merken. Maar hij wordt uitbundig geprezen en geknuffeld en krijgt ook lekkers toegestopt. En Moos en Smoes vinden alles best.  Die blijven volkomen stoïcijns onder al dat extra kattenbezoek.

 

Over clichés gesproken: elk einde is een nieuw begin.

Een tijd geleden schreef ik een stukje over woede die je kunt voelen als je ontslagen wordt. Ontslagen worden is vervelend, naar, pijnlijk en vaak heel onpraktisch. Je hele leven staat op zijn kop. Maar het is ook een nieuw begin, al duurt het soms een tijdje voordat je dat kunt zien. Ik ken veel mensen die er op vooruit gaan na hun ontslag. Niet zozeer financieel, maar wel mentaal. Vaak vinden mensen een nieuw evenwicht, een ander evenwicht dat beter bij ze past. Soms worden ze zelfs gelukkiger.

Dat je gelukkig kunt zijn na je burn out, ziekte of ontslag geloven veel mensen niet. In het magazine van De Volkskrant stond afgelopen weekend een artikel met de opwekkende titel ‘Geluk is een keuze’. Als vrij snel kwam ik er na lezing  achter (net als Vlasje die er dit stukje over schreef) dat het artikel een bepaalde toon had en naar mijn mening niet zoveel om het lijf had. Er waren wat mensen bij elkaar gescharreld, die helemààl niet gelukkiger werden na hun ontslag of hun chronische immuunziekte met veel pijn. Velen ervaren bovendien dat positieve gedoe van ‘lering trekken uit de ellende en er sterker uit komen’ als gelul en als iets wat geen recht doet aan de situatie.

Natuurlijk is leven met pijn heel naar en heel afschuwelijk. Maar voorkomt dit geluk? Dat hoeft niet. Het probleem is volgens mij dat sommigen tegenwoordig gelukkig zijn als een doel zien, of zelfs een recht, en het als een probleem ervaren als ze het niet zijn. Alsof het iets is dat op komt poppen als aan alle voorwaarden wordt voldaan. Maar geluk zit juist in het hoekje waar je eerder niet keek, in die ervaring waar je vroeger aan voorbij ging. Niemand kiest voor ziekte maar als je het wordt, kun je misschien ervaren (sommigen wel en sommigen niet) dat het leven ondanks ziekte of misschien zelfs dankzij ziekte de moeite waard is. Ikzelf word nu gelukkig van zaken waar ik voor mijn ziekte nauwelijks bij stil stond, dat is de winst die ik heb gekregen.

Daar ging een proces aan vooraf en tijdens dat proces waren er meerdere omslagpunten mogelijk. Als je leven tot stilstand komt en je niet meer kunt doen wat je altijd deed, dan vraag je je af of je nog wel bent wie je was. Je voelt je aangetast. En als je die persoon niet meer bent, wie ben je dan nu? Wat is de zin van je bestaan als wat je deed niet meer kan? Erkennen dat mijn leven voorbij was, omdat ik op de bank lag was heel erg depressief makend. En zo voelde het wel, best lang. Inzien dat een leven op de bank ook de moeite waard is, was heel erg moeilijk en kwam me bepaald niet aanwaaien. Maar op een dag kantelde mijn gezichtspunt. Ik kon blijven mokken op de bank of lachen op de bank. En met dat laatste kwam ook ‘het meer oog krijgen voor het kleine en het fijne’. Het roodborstje dat ik vanuit mijn raam zag, de katten die bij me kwamen liggen, mijn kind dat me niet zag als zieke maar als ‘gewoon als mama’.

In het artikel van de Volkskrant stond ook een reactie van Roos Vonk. Zij stelde dat je door een crisis twee kanten uit kan: afglijden of herstellen. Ook schreef ze gisteren op twitter: “Door je situatie te veranderen, verander je je gedrag.” Deze uitspraak kan je ook anders zien. Als iets of iemand anders je situatie verandert, kun je ook je gedrag veranderen. Een nieuwe situatie biedt kansen voor je gedrag en je reacties. Een andere situatie is in die zin misschien een kans om nieuw gedrag uit te proberen.

Noodgedwongen uit de ratrace gestapt, komen velen er achter dat die ratrace verwoestend was voor het humeur, de gezondheid en de financiën. Veel geld wordt immers uitgegeven om alle ballen in de lucht te houden. Een duur sportschoolabonnement om de stress te lijf gaan, koken uit pakjes en zakjes met voorgesneden groenten omdat de puf ontbreekt, geld uitgeven aan een dure kantoorlunch omdat een broodje smeren in de ochtend ten koste gaat van tien minuten kostbare slaaptijd. En in het weekend zijn we zoveel van plan maar het komt er maar niet van. Voor je het weet is het weer maandagmorgen en heb je weer niet uitgezocht of je nu wel of niet een woekerpolis hebt.

Niemand zit te wachten op ontslag of ziekte. Maar als het gebeurt kun je dat misschien wel aangrijpen om de bezem er eens flink door te jagen. Weg met al die stofnesten en ingebakken gewoontes! Ontdek opnieuw wat je belangrijk vindt en nodig hebt in het leven. Onderzoek op welk minimum jij nog prettig kunt leven, welke mensen je om je heen wilt hebben, hoe je de beperkte energie die je hebt, wilt uitgeven. Voor mij was dat kantelpunt het begin van heel regelmatig een geluksgevoel ervaren. Niet omdat ik positief zijn als levensdoel heb, maar omdat ik véél realistischer ben dan vroeger. Ik baal niet meer dat ik niet een dagje naar Amsterdam kan om daar een museum te bezoeken, nee in plaats daarvan zie ik het kunnen kijken bij een voetbaltraining van mijn kind hier aan de overkant van de straat, als een gigantische meevaller. Daarmee geef ik mezelf een heel ander gevoel.

Sinds een tijd volg ik het blog van Ragna Ja, een jonge vrouw wier leven vrijwel tot stilstand kwam na een hersenbloeding. Een lange revalidatie volgde. Het blog droop soms van wanhoop en woede maar ook van levenslust. Laatst vierde zij dat het vier jaar geleden was sinds ‘het gebeurde’. Wat zij schreef over die 4e verjaardag raakte me enorm:

“Ik ben er. En dat is genoeg.
Ik heb geleerd dat wát het leven mij ook toe mag gooien er nog net zoveel geluksgevoelens in mij kunnen huizen als toen ik vrij als een vogeltje was en zwerven kon waar en wanneer ik maar wilde.
Dat mijn hart kan zingen zoals het zong.
En geen hersenbloeding ter wereld brengt daar verandering in.”


Elk einde is een nieuw begin. Hoe pijnlijk het soms ook begint dat einde, het blijkt ook vaak een afscheid van zaken te zijn die je achteraf kunt missen als kiespijn. De kunst is het begin niet te zien als een wederopbouw van dat wat je kende (en waarmee het eindigde) maar er echt een nieuw begin van te maken. Uiteindelijk kun je het misschien zo ervaren, dat het niet om dat einde gaat maar om het nieuwe begin.
Ter ere van Ragna, van Vlasje, van Firma Fluitekruid die nu een heftige tijd meemaakt, van mijzelf en van al die mensen die als een zalm tegen een stroom van pech in zwemmen en tóch geluksgevoelens kunnen ervaren plaats ik (net als Ragna in haar blog) ook hier:

PS: ik zet de woordverificatie weer tijdelijk aan want het is weer dolle pret met de spammers!