gedrag·gezondheid

De grens

Na drie weken ellende door een zware verkoudheid en aansluitend een voorhoofdsholte- en bijholteontsteking, stond ik vanmorgen voor het eerst zonder knallende hoofdpijn op. Wat een verademing. Het is ook nog eens stralend weer; heerlijk herfstig met een zonnetje dat voorzichtig door de ochtendflarden mist heen komt en onderweg naar de huisarts voor de B12-injectie begon het gejubel in mijn brein al. ‘Ik ga dit en dit doen en dan zus en zo en aansluitend een rondje park lopen. Want ik moet weer gaan bouwen‘. Huis op orde, lijf op orde. U kent het wel.

En toen ging het alarm af in mijn hoofd.

Nou denk je misschien, wat is er dan. Het is toch normaal dat je na een paar weken plat liggen gaat opbouwen. Ja, klopt helemaal. Alleen voor mij is dat niet normaal. Als ik doe wat ik wil, lig ik volgende week weer plat maar dan voor maanden.

Dus. Niet Doen! Want? Die valkuil is heel vertrouwd. En daar ben ik al zo vaak in gedonderd.

Jaren geleden ontmoette ik een fysiotherapeut in Amsterdam met veel kennis over ME. Hij vertelde mij dat ik altijd de ondergrens en bovengrens in de gaten moet houden. Zou ik die goed respecteren dan zou ik langzaam de grens kunnen opschuiven. Te veel doen is ziekmakend. Normaal conditie opbouwen of spieren sterker maken volgens een standaard opbouwschema kan niet bij ME. Grenzen forceren betekent grenzen verschuiven, de verkeerde kant op. Dat is de bovengrens.

De ondergrens is zeker net zo belangrijk. Te weinig doen, doet ook de grens de verkeerde kant opschuiven. Want op dat gebied werkt mijn lijf net als elk ander lijf: iedereen die eens een paar weken plat gaat liggen, staat daarna te zwaaien op zijn benen. Alles verslapt, van spieren tot uithoudingsvermogen.

Dus is het altijd zoeken naar wat ik kan doen. Niet te veel, niet te weinig. Wat mij jaren daarbij dwars heeft gezeten is die bovengrens. Dat de ondergrens opschuift snap ik goed. Nu na drie weken plat liggen, kan ik niet zo heel veel meer. Maar die bovengrens begrijp ik niet goed. Mijn brein snapt gewoon niet goed dat na een ziekbed mijn bovengrens is opgeschoven de verkeerde kant op. Wat ik daarvoor wel kon, kan nu niet meer. Rationeel weet ik dat wel, maar emotioneel begrijp ik dat bijna niet. Omdat de wil om weer snel op een acceptabel niveau te komen heel groot is.

Dus ging ik in het verleden altijd de mist in. Na een virus had ik altijd grootste plannen. Ging ik toch zo snel als mogelijk een rondje park doen en dan na twee dagen weer en een week later lag ik weer in bed. (een rondje park doen is 8 minuten lopen in traag tempo, even voor de beeldvorming dat jullie niet denken dat ik al skeelerend een route van 5 km doe).

De bovengrens ligt daar waar ik net nog iets kan doen zonder in te storten. Lig ik in de namiddag jankend van uitputting op bed, dan ben ik die grens waarschijnlijk in de ochtend ergens al tegengekomen en heb ik die vakkundig genegeerd. Red ik het avondeten en kan ik de mannen erna nog helpen met afruimen, afwassen en bakjes fruit maken voor de toet en zit ik daarna klaar voor een potje Netflix? Dan ben ik de bovengrens niet gepasseerd die dag.

Natuurlijk is het zo dat je niet weet waar de grens ligt als je hem nooit opzoekt. Maar ik kan dat wel redelijk aanvoelen tegenwoordig. Dus accepteer ik mijn nieuwe bovengrens, zeg ik nu heel verstandig en publiekelijk. Ik hoef nu niet meer de hele dag plat te liggen maar gewoon rechtop zitten is óók al heel wat. Dat en dan tussen de middag een paar uur plat is mijn eerste doel. Het tweede doel is om weer gewoon alle dagen te kunnen douchen en koken. Lijkt me heerlijk. Tussendoor af en toe dat ook nog mijn hoofd in de zon houden als die schijnt. Moet ik toch een eind kunnen komen.

Wat ik heel graag, echt héél graag wil, is half november mee gaan met de mannen naar de Schouwburg. We hebben kaartjes voor Frederique Spigt. Een activiteit in de avond is voor mij al een grote uitdaging als ik een goede periode heb. In een goede periode gaan betekent ook rekening houden met een flinke tijd erna dat ik moet herstellen. Zoals ik nu ben, kan ik niet gaan. Echt geen sprake van. Maar ik wil zo graag.

Ik heb nog 5 weken. 5 weken om het willen en moeten zoveel mogelijk los te laten, mijn bovengrens te respecteren en het op me af te laten komen zonder dat mijn eigen gedrag (mijn doorzettingsvermogen en neiging om ‘even door te bijten’) me in de weg gaat zitten.

De grens heel erg in de gaten houden om naar een voorstelling te gaan die The Road heet. Dat moet toch lukken! Duimen jullie voor me?

 

 

17 gedachten over “De grens

  1. Het is ook mijn verhaal zelfs nu, alleen is mijn bovengrens een enorm stuk opgeschoven en is de ruimte met de ondergrens veel groter geworden. Griep of iets anders is nog steeds iets wat hard binnenkomt en veel hersteltijd vraagt. Die grenzen weten te liggen is ook het moeilijke in mijn herstelverhaal nu, alles is anders dus zoeken, zoeken, wat weer onzeker maakt. Hopelijk kun jij dat ook nog meemaken, nieuw territorium.

    Geliked door 1 persoon

  2. Ik duim voor je. Maar nog liever wilde ik een avond met je ruilen! Mijn rugproblemen zijn welliswaar niet helemaal onder controle, maar een avond zitten moet lukken. Ik gun t je zo, een avondje zorgeloos genieten! X

    Geliked door 1 persoon

  3. Wat vind je zo belangrijk aan elke dag douchen?
    Ik heb “alleen maar” fibromyalgie en meer energie dan de meesten met die aandoening maat douchen is een van de dingen die ik vermijdt. 2x per week vind ik genoeg, andere dagen waslapje over paar onderdelen en dat is het ook prima.

    Geliked door 1 persoon

  4. Hou vooral die avond bij Frederique Spigt in gedachten als je de komende tijd je bovengrens te dicht nadert. In 5 weken kan er heel langzaam een hoop ten goede veranderen en met een beetje geluk erbij kun je die avond gaan en ervan genieten.
    Mocht het dan nog niet lukken, dan zul je waarschijnlijk toch een stuk stabieler en wat beter belastbaar zijn dan nu.
    Veel geduld en sterkte toegewenst!

    Geliked door 1 persoon

  5. Hoi Martine,

    ik vind het zo knap hoe jij hiermee omgaat. Elke keer weer, ik bewonder je geduld. Ik kan denk ik nog heel veel van jou leren als het om willen en moeten gaat. Het stemmetje dat altijd maar in je hoofd zit en nooit tevreden is. Voor tips, hoe klein ook, hou ik me aanbevolen. Het willen en kunnen belemmert de mens in feite om te genieten van het moment en wat hij heeft.
    Nick en Simon hebben er een heel mooi liedje over geschreven (Wat het leven je brengt). Luister maar eens.

    Geliked door 1 persoon

    1. Dank je wel! Die houding is me niet komen aanwaaien, van nature ben ik heel ongeduldig. Maar dat handhaven, daar werd ik heel ongelukkig van. Deze levenshouding brengt mij veel meer.😊

      Like

  6. En je kan ook nog over 5 weekjes met je mannen mee, en desnoods in de pauze taxi terug nemen. Dan heb je in ieder geval een halve avond genoten.
    Want na 5 weken afzien (en je inhouden en je bovengrens als een koude-oorlog-spion in de gaten houden en uitdagen) mag dat echt wel.

    Geliked door 1 persoon

Laat een reactie achter op minofmeer Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s