Tip van Dibbes

Tip van Dibbes

Mijn mens en ik
zijn altijd samen,
ik bij haar
en zij bij mij.
Wij horen bij elkaar.

Niet iedereen snapt dat.
Ik noem geen namen
maar t is hard werken,
om te behouden
wat mij toekomt.

Dus lig ik naast haar,
op haar en bij haar,
deel meppen uit
en miauw onvriendelijk
naar het klootjesvolk.

Om goed duidelijk te maken
hoe de situatie is,
markeer ik haar
met mijn heerlijke geur.
Ik lebber haar af,
lik haar wangen,
bij voorkeur ’s nachts.
Hoe meer ze protesteert
hoe langer ik doorga.

Ik vind een vlooienpil
ook bepaald niet fijn
om in mijn gevoelige bek
gepropt te krijgen,
ook al zit dat verstopt
in heerlijke biologische leverworst.

Dus dat aflebberen
heeft twee voordelen:
weet zij ook eens
hoe verschrikkelijk het is,
ongewenste intimiteiten.

En verder laat ik
mijn heerlijke geur
achter op haar,
zodat iedereen weet
dat zij van mij is.

Het is maar een tip,
belangeloos gegeven
door een voormalige zwerver
die hard moet werken
om te behouden
waar hij recht op heeft.

Wintertijd


Met mijn laatste krachten
schrijf ik dit bericht,
iemand moet het doen.

De jaarlijkse kolder is begonnen,
ook bekend als De Grote Uithongering.
Om redenen die niemand begrijpt,
krijgen wij katten later eten.

Ik ben een kat van de klok.
Het eten wordt geserveerd
om 08:00 en 17:30 uur.
Dus schuif ik een uur vooraf aan
om het voedseluitgiftepunt
met zachte dwang aan te moedigen.
Zonder dat gebeurt er niets.

De klok ineens terugzetten
en beweren dat het eten
nog steeds wordt geserveerd
om 8 uur en 17:30 uur
klopt misschien voor mensen.
Maar ik ben een kat
en herken bullshit van verre.

Ik word hier ernstig benadeeld
en moet nu een half jaar lang
twee uur van te voren klaarzitten,
alsof ik niets beter te doen heb.

En dan, nét als ik me mentaal overgeef,
krijg ik ineens eerder eten.
Snap jij het, snap ik het?

Dit is dus een noodoproep,
help mij de winter door.
Maak een eind aan deze onzin.
Speel niet met tijd,
het kost kattenlevens.

Met uitgehongerde groet,

Smoes

7 jaar Dibbes 🎶🎉

Vandaag vieren we de magische transformatie van Dibbes van zwerfkat naar huiskat.

Na maandenlange voorbereidingen en veel ups en downs wisten we Dibbes op 15 oktober 2013 eindelijk in een reismand te stoppen, brachten hem naar de dierenarts, waar hij werd gecastreerd, gechipt en geopereerd aan een zeer ernstige vorm van entropion, een aandoening waarbij de wimpers naar binnen groeien.

Het voorbereiden en de operatie was nog maar het begin. Want deze kat moest op nul beginnen. Maar al snel kwam zijn stralende koddige opdringerige overweldigende grappige en dramatische karakter naar boven drijven. Dit dames en heren is een meesterversierder.

Ons Dibbesbeertje is uniek, in alle opzichten.

❤️

Toen ik jou voor het eerst zag
wist ik vrijwel meteen
dat jij bij mij hoort te zijn.

Jij begreep dat nog niet,
was druk bezig met overleven
en dagelijks je buik vullen.

Toen ik jou dagelijks eten gaf,
zag ik je langzaam ontspannen.
Je zag er steeds wat beter uit.

Toen bleek dat ik er elke dag was
besloot je regelmatig langs te komen
en begluurde mij vanuit de struiken.

Omdat je bijna niets zag,
praatte ik met je, zoveel mogelijk
en jij luisterde heel aandachtig.

Toen het in het najaar kouder werd,
gaven wij je een buitenhok
en je sliep, dagen achter elkaar.

Ik instrueerde de postbode
om op zijn tenen de tuin in te lopen,
wat de brave man nog deed ook.

Elke dag legde ik een spoor neer
van niet te versmaden lekkere brokjes,
langzaam lokte ik jou zo naar binnen.

Elke dag schoten we centimeters op.
Je zat uren binnen bij de open deur,
klaar om weg te rennen bij onraad.

Je zat steeds langer binnen,
deed stiekem dutjes in ons huis
en overwon langzaam iets van je angsten.

Op een dag mocht ik je aaien
en de overgave was compleet.
Jij uitbundig rollend en ik huilend.

Ik haalde jou van de straat
maar ik zie helaas dat de straat
nooit helemaal uit jou verdwijnt.

Soms reageer je nog vanuit je trauma’s
en ren je in blinde paniek weg.
Je komt gelukkig altijd weer terug.

Toen ik jou voor het eerst zag,
wist ik dat jij bij mij hoorde
En jij, jij weet dat nu ook. ❤️

De strijd om het boekweitkussentje

Naast mij ligt een langwerpig kussen, gevuld met boekweitkorrels. Als ik op mijn zij lig, dan kan ik mijn arm erop leggen. Dat ondersteunt de spieren. Ook kan ik zo makkelijk lezen. Ik vorm de boekweitkorrels zo dat mijn hand die de ereader vasthoudt, ondersteund wordt. Heel handig al zeg ik het zelf.

Tot zover de theorie. Ik mag dan denken dat het mijn kussentje is, de katten weten beter. De afgelopen maanden sloten Gerrie en Moos een handige overeenkomst die voor alle partijen aan duidelijkheid niets te wensen overlaat.

Overdag is Gerrie heer en meester van de boekweitkorrels. Moos neemt vanaf de nacht de dienst over en installeert zich erop. En ik kan af en toe mijn hand erop leggen, in ruil voor een kattenstaart in mijn gezicht.

Zowel Moos als Gerrie compenseren mij door mij uitingen van liefde te geven. Gerrie rolt zich tegen me aan en kijkt me in aanbidding aan. Moos legt ’s nachts regelmatig een poot op mijn schouder. ‘Wij liggen hier samen mens, ik wil best dit kussentje met je delen.”

Afijn, win-win voor iedereen. Waarbij ik wel wil opmerken dat ik me wel wat benadeeld voel.

Onlangs besloot Dibbes de harmonie te verstoren en ook het kussentje op te eisen. Alleen Dibbes weigert afspraken te maken, houdt zich niet aan de afgesproken tijden en hij gaat ook niet netjes en rustig liggen.

Dibbes draait en draait en wurmt zich met zijn kont zo dat hij overdwars ligt en langzaam van het kussen glijdt. Uiteindelijk eindig ik dan op de rand van het bed en ligt Dibbes op mijn plek.

Een andere variant is dat Dibbes onderweg naar het kussen ontdekt dat het al door Moos bezet is en in plaats daarvan bovenop mij gaat liggen. Dat gaat niet zonder slag of stoot want ook dan moet er gedraaid en gedraaid worden tot meneer goed ligt. En dan, nét als ik in slaap val, gaat hij wieberen.

Nu Dibbes het rooster heeft verstoord, houden Moos en Gerrie zich er ook niet meer aan. Dus bezet Moos regelmatig overdag de boekweittroon terwijl Gerrie afwisselend diep ongelukkig en verontwaardigd een meter verderop ligt of Dibbes ineens ’s nachts naast mijn hoofd ligt.

Het is nu natuurlijk wachten op Smoes, tot die óók doorheeft dat boekweitkorrels heel lekker liggen. Ik denk dat ik voor mijn volgende verjaardag maar een extra boekweitkussen en een groter bed vraag.

Gênante moeder


Elke ouder zal het herkennen, de ene dag ben je de wereld voor je kleuter en ‘ineens’ in de puberteit blijkt alles wat je zegt of doet stom te zijn.

Soms lijkt dat niet alleen zo, maar is het ook zo.

Sem had op een dag alweer een flinke tijd geleden, vrienden op bezoek. Ze zaten in de huiskamer en ik was in de keuken wat aan het scharrelen en aan het doen alsof ik niet bestond. Want ineens moet dat. Dan is het niet meer de bedoeling dat je gesprekjes aanknoopt met het bezoek.

Afijn, ik stond mezelf uit alle macht weg te cijferen in de keuken tot ik Dibbes zag en vergat wat mijn taak was op dat moment: pubers niet tot last zijn. Die waren druk aan het kletsen met elkaar en hadden het goed.

Dibbes begon een praatje tegen mij. En ik, ik miauwde terug. Dat doe ik altijd. Wij begrijpen elkaar uitstekend, Dibbes en ik. En we hadden al miauwend een fijn gesprek.

Het gesprek in de huiskamer was stilgevallen. En ik werd met afgrijzen door mijn kind aangekeken. Ik had het meest gênant denkbare gedaan in bijzijn van zijn vrienden.

Ik heb plechtig beloofd nooit meer te miauwen als er mensen van buiten het gezin aanwezig zijn. Maar óf dat lukt betwijfel ik. Want de katten zijn het zo gewend hè.

Dacht ik al die jaren dat ik mijn kind een trauma bezorgde door mijn ziekzijn. Het kon duidelijk nog véél erger. Een miauwende moeder, je zal het maar hebben…

(Afbeelding Pixabay)

Happy Moos day

Op 6 augustus 2006 koos Moos ons uit om bij aan te lopen. En wat was het een schot in de roos. Twee dagen daarvoor was mijn vader overleden en wat bracht dit kleine katertje veel pret in ons huis vol verdriet.

Net als al onze katten, kwam Moos ook met wat bagage. Dit keer in de vorm van een zeer ernstige navelbreuk. Natuurlijk hingen we in de buurt overal foto’s van hem op en meldden hem bij Amivedi aan. Niemand belde op of aan om deze kleine zwarte kat van hooguit vier maanden met een overduidelijk probleem op te eisen.

Omdat hij dringend medische hulp nodig had, brachten we hem op de dag van de crematie van mijn vader voor de plechtigheid naar de dierenarts en erna haalden wij hem geopereerd, gechipt en gecastreerd weer op en kon zijn leven als huiskat beginnen.

Was hij in het begin nogal dominant en had hij last van mood swings, de laatste jaren is hij steeds liever, zachter en tevredener geworden, ook naar andere katten toe. De zwervers werden getolereerd en opgenomen. Zolang hij lekker eten en een aai op zijn tijd krijgt, is het goed voor Moos.

(Repost uit 2018)

Verhaaltjes voor t slapen gaan





‘Dibbes, zullen we elkaar een verhaaltje vertellen?’

‘Ja! Ik begin, ik! Er was eens een kat met een heel leeg buikje’.

‘Nee, niet wéér dat verhaal Dibbes, dat vertel je zo vaak’.

‘Maar ’t is echt gebeurd hoor!’

‘Wanneer had jij dan een lege buik?’

‘Nou, die ene keer!’

‘Ik geloof er niets van, vertel maar een ander verhaal’.

‘Oké, even denken.Er was eens een kat en die werd emotioneel verwaarloosd’.

‘Stop maar, ik begin wel. Welk verhaal wil jij horen?’

‘Van dat we elkaar leerden kennen!’

‘Oké. Op een dag zat er een kat in onze tuin. Een hele zielige kat’.

‘Ik! Dat was ik hè!’

‘Ja, dat was jij Dibbes. En je zat de hele dag te gluren naar mij. Maar je zag bijna niets, je was zo goed als blind. En heel erg bang’.

‘Toen had ik trouwens wel een lege buik!’

‘Nou, dat klopt niet helemaal want je bleek door zeker vijf mensen in de buurt gevoerd te worden’.

‘Maar jij werd verliefd op mij!’

‘Ja Dibbes, ik werd verliefd op jou’.

‘Dibbes is the best! Nu wil ik buikjekriebel. Dan voel je meteen dat die buik leeg is. Of pootjefriemelen, dat wil ik ook nu’

‘Geen verhaaltje meer?’

‘Nee, buikjekriebel, nu! En daarna geef ik je likjes over je neus en dan spelen we dat jij mij eten gaat geven’.

Een echte kat

Moos sprak mij er op aan dat ik onderstaand stukje wel heb gedeeld op FB en Instagram, maar niet hier.

Zo heb ik de lezers hier de kans ontnomen te zien hoe geweldig hij is. Bovendien vindt hij de buitensporige aandacht die sommige leden in dit kattenhuishouden krijgen, ongepast. Hij noemt geen namens maar het rijmt op ibbes.

Dus hier een tekst over Moos.




Moos springt op bed.
Hij loopt naar mij toe.
Ik krijg dé blik.
Goed opgevoed als ik ben, maak ik plek.
Ik haal koptelefoon, tablet, bril, mobiel weg.
Moos kijkt goedkeurend toe.
Als ik klaar ben en er plek is, loopt hij weg.
Gaat intens tevreden op de rand van het bed liggen.

Een echte kat doet dat zo.

🐾🐾

De mooiste bloem


Hoi, ik ben het, Gerrie.
De vrouw zegt dat ze trots is.
Dus vertel ik even waarom ze trots is.
Misschien willen jullie dat wel horen.

Ooit leefde ik op straat.
Wist niet wat liefde was.
Nu wel!
Ik ben opengeklapt als een bloem.
Ik! Die overal bang voor was!
Ik durf nu zóveel!
Geaaid worden vind ik heerlijk.
Soms laat ik me optillen!
Ik knuffel de vrouw heel vaak en lig naast haar hoofd.
Dat is mijn taak in dit huis.
Maar ik knuffel ook de mannen in dit huis.
Ik durf zelfs in de knuffeltunnel te komen!
Dan lig ik tussen de vrouw en de man in en dan aaien ze me en zeggen ze lieve woordjes.
Dat is zó fijn! En ik kan het heel goed!


Elke ochtend heb ik een speeluurtje.
Lekker rennen en kreetjes slaken.
Met de andere katten speel ik dan verstoppertje.
Of we gaan knuffelknokken.
Dat is een beetje meppen naar elkaar, maar wel doen alsof.

Eén ding durf ik nog niet.
Spelen met mensen.
Wát ze ook proberen, het blijft eng.
Voor de zekerheid heb ik dan mijn nagels uit.
Dat vinden zij dan weer eng.
De mensen hebben van alles geprobeerd.
Een veertjeshengel, propjes papier, stuiterballetjes.
Ik ren gewoon hard weg.

Laatst probeerde ze het met een veter.
En even, héél even, vergat ik mezelf.
Tot ik merkte wat ik deed en er vandoor ging.
Ik zeg altijd maar “zekerheid voor alles!”

Zij zegt dat het niet uitmaakt.
Dat ze geduld heeft.
Dat ik goed genoeg ben.
Misschien durf ik het ooit wel.
Want ik wil wel. 
Maar zo niet dan vind ze me ook een bloem zegt ze.
De mooiste opengeklapte bloem.
Dat klinkt goed, vinden jullie ook niet?

Dat wilde ik even zeggen.

Doei!

🐾 Gerrie

Tijdelijk niet meer nr. 1

Onze Gerrie is een zonaanbidder. Zodra de zon in de tuin komt, zie je hem zitten op de tuintafel, de eerste stralen opvangend. Als de temperaturen oplopen, zoeken alle andere katten verkoeling onder een struik. Maar Gerrie blijft vaak gewoon intens tevreden in de knallende zon zitten.

Voor mij heeft het mooie weer consequenties. Ik krijg beduidend minder aandacht van de katten. Al brengen ze wel een paar keer per dag een beleefdheidsbezoekje aan mijn slaapkamer. Maar dat kan ook met de ventilator te maken hebben. Vooral Dibbes en Smoes liggen graag pal in de luchtstroom.

Gerrie heeft daar minder behoefte aan. Als mooi-weer-kat zie ik hem nu nauwelijks. Gisteren maakte hij het wel heel erg bont. Ik zag hem gewoon de hele dag niet, vroeg een paar keer aan Mischa of alles wel goed was met Gerrie. Gerrie was overduidelijk mijn bestaan vergeten. Ik ben tijdelijk nummer 2. Niet meer het stralende middelpunt in zijn universum. Verstoten door een ander licht.

Toen Mischa gisteravond de tuin ging sproeien, greep ik mijn kans. Een PEM riskerend liep ik naar de trap, boog gevaarlijk voorover en daar zag ik Gerrie beteuterd zitten in de huiskamer. Verdreven uit het tuinparadijs door het sproeien.

Zodra ik hem riep, gebeurden er twee dingen. Gerrie zag me en werkelijk waar, er ging een schok door hem heen. Er verscheen een tekstwolkje boven zijn hoofd: “Verhip, ik was je bestaan vergeten!” en hij rende luid gillend de trap op recht mijn armen in.

Het tweede dat er gebeurde was dat Dibbes toen ik Gerrie riep, óók gillend op mij af kwam stormen. “Hier ben ik. Hier. Zie je me niet. Ik ben hier hoor!” Natuurlijk zag ik Dibbes, daar is immers geen ontkomen aan. Hij had bovendien de hele dag bij mij gelegen. Hij wel. Maar nu ging het om Gerrie. Er moesten herstelwerkzaamheden gedaan worden.

Een intensief gesprek en een nog uitgebreidere knuffelsessie volgde, waarbij de kwijlspetters van mens en kat rondvlogen. Ook dit zette twee gebeurtenissen in gang. Gerrie beloofde beterschap en om alle dagen, ook met mooi weer, tóch even de dag te beginnen met knuffels. Om mij ten minste de illusie te geven dat ik ook in de zomer zijn nummer 1 ben. En inderdaad, vanmorgen stond hij gillend op bed en kreeg ik kopjes en zoentjes.

De tweede gebeurtenis was dat Dibbes overmand door jaloezie en verdriet op bed neerzeeg en een grote geestelijke knauw heeft opgelopen door het feit dat ik voor Gerrie (Gerrie nota bene!) mijn bed verliet om hem (en niet Dibbes!) te roepen. Dus ook vandaag moet ik weer herstelwerkzaamheden verrichten. Zo is er altijd wat.