Inleven hoe het voor een ander is

Lezers die hier vaker komen weten inmiddels wel dat ik ME heb. Sinds 2008 zit ik thuis door deze onbegrepen aandoening. Het feit dat veel mensen niet weten wat de ziekte inhoudt heeft het niet makkelijker gemaakt. De andere veel gebruikte naam voor ME – Chronisch Vermoeidheidssyndroom – dekt de lading absoluut niet. Want moe is een vaag woord. ‘Volledig uitgeput, ook na het doen van een hele kleine handeling en daar weken van bij moeten komen‘ dekt de lading beter, maar ja dat is zo’n mond vol hè.

Hoewel de oorzaak van de aandoening nog steeds onbekend is, zijn er sterke vermoedens dat het neurologisch is. En dat er onstekingen in het brein aan ten grondslag liggen.

Ik ben nu veel beter dan ik in de beginjaren was, maar verre van gezond. Ik vraag me af of dit ooit gaat gebeuren maar dat doe ik niet te vaak. Liever focus ik me op wat ik nu kan en waar ik nu van kan genieten. Onlangs ging ik naar een concert, van de zomer stond ik op een berg, ik kan af en toe kijken naar een voetbalwedstrijd van mijn kind en dat zijn momenten waarvan ik 3 jaar geleden niet dacht het ook nog mee te kunnen maken.

Onlangs plaatste de ME-CVS stichting een 6 minuten durend interview met voormalig balletdanser Anil van der Zee. Ik heb zelden iemand horen praten die zo goed duidelijk weet te maken hoe het is om met ME te leven. Ken je iemand die ME heeft? Wil je weten hoe het is? Kijk naar dit interview, het maakt zo veel duidelijk! Heel treffend legt hij uit dat het woord chronisch vermoeidheidssyndroom net zo min de lading dekt als zeggen dat iemand met longemfyseem een chronisch hoestsyndroom heeft.

Gek (en gekwetst) werd ik soms door de opmerkingen van mensen als ze wel eens belden en vroegen hoe het ging. De helft van de tijd liet ik de telefoon rinkelen omdat ik geen energie had voor een gesprek. En nam ik wel de telefoon aan dan kreeg ik regelmatig te horen ‘dat zo lekker thuis zitten toch niet zo verkeerd was? Had ik meteen lekker de tijd voor mijn kind’. Tja. Hoe maak je mensen duidelijk dat ME méér is dan ‘lekker’ thuis zitten? Dat ik mijn kind trouwens meer niet dan wel zag. Want jij was beneden met de oppas en ik lag boven in bed. Dagen lang met pijn in bed liggen met de gordijnen dicht omdat daglicht tot nog meer overprikkeling leidt, is niet mijn idee van lekker thuis zitten. Hulp nodig hebben bij het aan- een uitkleden, niet je eigen boodschappen kunnen doen, een ander jouw maandverband moeten laten kopen of boeken laten halen uit de bieb, niet naar een rapportgesprek van je kind kunnen gaan en je kind door anderen naar school laten brengen en halen, het altijd en overal moeten laten afweten op verjaardagen/feestdagen/trouwpartijen/begrafenissen is niet hetzelfde als ‘lekker thuis zitten’.

Inmiddels ben ik veel beter dan ik was. Het interview raakte me enorm omdat het zoveel herinneringen naar boven haalde. Zijn verhaal is mijn verhaal, zo was het voor mij (en voor mijn gezin niet te vergeten, want ziek ben je niet alleen, het hele gezin wordt er door geraakt!) en zo is het nog steeds voor heel veel ME-patiënten.  Het duurt maar 6 minuten mensen, maar wie weet wat je er van opsteekt. Hopelijk wat begrip en inlevingsvermogen voor die keer dat je iemand treft die ME heeft. Want die kan dat wel gebruiken!

Interview Anil van der Zee,
onlangs op Youtube gepubliceerd

Mijn eigen energieverbruik

Schreef ik gisteren over ons stroom- en gasverbruik, laat ik het vandaag eens over mijn eigen energieverbruik hebben. Want ook daar krijg ik regelmatig een rekening van gepresenteerd. Hoewel ik wel iets beter ben dan vroeger, is ‘beter’ een relatief begrip. Ik zet het namelijk af tegen hoe het was 2,3 jaar geleden. Toen kon ik vrijwel niets en lag ik volledig plat. Dus zo bezien ben ik voor mijn doen nu heel erg energiek (en geniet ik daar ook enorm van!). Ik heb geen hulp nodig bij aan- of uitkleden, doe lichte huishoudelijke taken zelf en stap ook regelmatig op mijn elektrische fiets om even iets te halen uit de stad.

Wat mensen niet zien, is wat ik tussendoor doe. En dat is niets. Ik lig en hang nog steeds heel veel, kijk uren voor me uit zonder iets te doen omdat de concentratie het op dat moment laat afweten om bijvoorbeeld een boek te lezen. Gelukkig lukt een kat aaien altijd en met vier in huis is er altijd wel eentje in de buurt.

Dus waar ik voor mijn gevoel een veel actiever leven heb, is het vooral een vergrote zelfredzaamheid die ik ervaar. Het aan- en uitkleden is geen uitputtingsslag meer of een doel van de dag, maar iets waarmee de dag start of eindigt. Er is daarnaast ruimte over voor andere dingen zoals wat rommelen in huis of dagelijks naar buiten. Anderen stellen zich bij  ‘je iets beter voelen’ vaak iets anders voor.  Veel mensen denken al snel als ze horen dat ik vooruitgang boek, dat ik doe wat zij ook doen. Zoals een sociaal leven hebben of werken. Maar dat is niet zo, mijn leven is nog steeds een leven met veel beperkingen hoewel het voor mijn beleving nu propvol zit met gebeurtenissen. Als ik zoals vorige week naar een concert ga, dan stopt alles. De mensen met wie ik naar dat concert ging, zijn allemaal de volgende dag/week naar school/werk gegaan, maar ik lag een week plat en ben er nog lang niet. De normale routine (dat was: dagelijks naar buiten kunnen) is nog niet terug. Dus er is zeker meer mogelijk dan voorheen maar ver verwijderd van een ‘normaal’ leven (wat dat ook moge zijn).

Het is ook een leven waarbij je een goed gevoel moet ontwikkelen voor wat kan en wat niet kan. En bof ik even, ik ben zo sensitief als wat! Maar helaas is dat iets anders. Wat kan en wat niet kan heeft vooral te maken met hoe energie voelt in een lijf en dat je de signalen leert herkennen wanneer het omslagpunt nadert. Hoe sneller je de signalen herkent en ernaar handelt (lees: niets meer doet, alles uit je handen laten vallen), hoe sneller je ook weer herstelt.

Dat ‘ernaar handelen’ is nog best een kunst om te ontwikkelen. Wat het zit in de mens om te denken ‘ik maak nog even dit af en dan pak ik mijn rust‘ maar zo werkt het niet. Het werkt namelijk alleen als je echt meteen stopt met wat je doet en gaat rusten. Dat is uitermate onpraktisch. Ben je halverwege een maaltijd koken en dan moet je stoppen. En weet je niet wanneer je verder kunt gaan maar verwacht je wel je man binnen een uur thuis na een dag hard werken. Die ziet dan geen dampende pan op tafel staan maar een dweil op de bank liggen. Dat is niet de situatie voor even (denk aan de ontploffing in huis bij griep) maar continu, jaar in jaar uit.

Dus moet je ook leren om prioriteiten te stellen. Opstaan en persoonlijke hygiëne gaan voor alles en daarna zijn zaken als eten en koken toch ook wel heel belangrijk. Ik heb geleerd om of vroeg op de dag al te koken of zuinig te zijn met de energie en te sparen, zodat het nog lukt om in de namiddag te koken.

‘Ik heb geleerd’ is een opmerking van drie woorden maar omvat een heel proces. Want zo te handelen gaat tegen de natuur in van de drukke mensen die we allemaal zijn. De afgrond tussen weten en doen is enorm. Dus lag ik jaren letterlijk voor pampus en probeerde ik van alles om grip op mijn gedrag te krijgen.

Cruciaal in dat proces was die commentator in mijn hoofd uitschakelen. Ik wist wel dat er een knop was om die 24-uurs uitzending uit te zetten, maar waar zat die toch? Omdat ik die knop niet vond zat ik vast in een cirkeltje. Bij het naderen van het energie-eindpunt brulde de verslaggever-in-mijn-hoofd dat ik vooral nog even moest doorgaan want het is zo lullig/dom/slap/beroerd/onhandig/slecht en ga zo maar door als je nu stopt terwijl iets nog niet af is. Schuldgevoel is een mooie aanjager voor adrenaline en dat kan als je niet oplet als energie voelen en zo lukte het vaker wel dan niet om een grens te negeren. Tot die uit de lucht kwam vallen en me vloerde, voor weken achter elkaar.

Schuldgevoel is een zinloze emotie en kleurt alles verkeerd. Toen ik dat de mond wist te snoeren kwam er ruimte en merkte ik dat ik die 24-uurs uitzending in mijn hoofd ook positief kon gebruiken.
Jawel dames en heren, daar gaat ze de trap af! Wat een souplesse en een prestatie! Net gedoucht en nu al weer naar beneden lopen! En ze pakt nu haar rust! Ze voelt dat dit nodig is! Deze vrouw overtreft zichzelf, dat we hier getuige van mogen zijn!

Dit omdraaien is cruciaal geweest. Mijn kijk op mijn haperende gezondheid en wat ik (niet) kon, is veranderd in vooral kijken naar wat ik wél kan. En dat scheelt tonnen aan energie. Ik verspil geen energie meer door mezelf bekritiseren, maar geniet van wat ik heb bereikt (weliswaar nog niet altijd maar vaker wel dan niet).

Daar is de laatste tijd een nieuwe dimensie bijgekomen. Ik wil losser leven, zonder lijstjes of plannen, het doel is een doelloos bestaan, ik schreef er eerder over. Want wat voor zin hebben plannen als het energiepeil continu wisselt? Wat ik vandaag kan, lukt morgen misschien niet maar overmorgen wel. Plannen maken zorgt regelmatig voor teleurstellingen. Plannen loslaten levert dus vrijheid op.

Ik leef nu een paar weken zonder lijstjes en plannen en vind het heerlijk. Ik doe maar wat en dat blijkt goed genoeg te zijn. Ik besef me ook dat dit eerder niet mogelijk was, omdat ik die commentator in mijn hoofd eerst moest herprogrammeren.

Is mijn energieverbruik dan nu beter? Nee, dat niet.  Ik kan momenteel niet meer dan bijvoorbeeld een half jaar geleden, eerder minder. Maar het verbruik is wel efficiënter. Omdat ik voor mij betere keuzes maak, voel ik me mentaal ook veel beter dan voorheen. Natuurlijk niet altijd, ik zit hier niet als de heilige Madonna ziek te zijn en boven mezelf uit te stijgen. Maar me niet meer continu verzetten tegen de werkelijkheid, lucht gewoon op. Niet alles is te plannen heb ik geleerd. Een goed plan is bovendien geen garantie voor een goede uitkomst. Loslaten is te leren. En goed kunnen loslaten is weliswaar ook geen garantie voor een goede uitkomst, het scheelt wel veel frustratie en teleurstellingen.

Dus verwacht ik niets en omarm ik alles. Behalve als ik ongesteld moet worden, dan eet ik chocolade.

Wat is jouw grootste les geweest?

ps: Kom je hier voor het eerst? Ik heb ME, een neurologische aandoening onder meer gekenmerkt door permanente uitputting, pijn, verstoord immuunsysteem, motorische klachten, een overprikkeld zenuwstelsel. Je ziet niets aan mij, net zoals ik niets aan jou zie. Maar het is er wel.

Lang leve de zonnebril en plan B

Zo hee, wat heb ik gisteren genoten. Het concert van Ibrahim Maalouf was geweldig. Onvoorstelbaar wat die man voor geluiden uit een trompet weet te halen. Maar ook de rest van zijn band, de energie en vrolijkheid die ervan afdroop, het was echt genieten.

En genieten lukte ook echt, de avond vloog voorbij. Ik was niet echt moe vooraf aangezien ik echt stijf stond van de adrenaline en de stress en me dus helemaal hyperactief-depieper voelde. Nu nog steeds trouwens, met dat verschil dat mijn lijf het nu volledig laat afweten en dat mijn brein nog half hysterisch is. Dat zorgt letterlijk af en toe voor stroomstoten.

Ik stond al buiten toen ik me omdraaide en weer naar binnen rende. In een vlaag van helderheid bedacht ik dat een zonnebril wel handig zou zijn. Want wie weet hoe fel de lichtstralen zijn in zo’n zaal. En wat was ik er blij mee. Was jij gisteravond ook in Tivoli in Utrecht en zag je in de zaal een stralende vrouw met een zonnebril? Had maar even naar me gezwaaid, dat was ik!

En nu beste mensen, ga ik weer plat liggen en uitstuiteren-nastuiteren-omvallendoorstuiteren en nagenieten. Hoewel ik zonder plan leef deze dagen, ben ik wel overgestapt op plan B. En plan B, dat is alles wat het leven makkelijker maakt. Dus geef ik de was mee aan mijn moeder die hier vanavond komt koken en vraag ik me bij alles af: moet dit echt? Plan B is katten aaien, boeken lezen, troep negeren en de telefoon laten rinkelen. Plan B is voelen wat kan en wat lukt en negeren wat moet. Een doelloos bestaan wordt echt beter met een plan B!

 

Genieten van wat kan

 

 

Kijk, zo voelde ik me de afgelopen dagen: ik zie niets, ik voel niets en ik doe net alsof ik er niet ben.  Dus nam ik ook de telefoon niet op, al rinkelde die meerdere keren. Vrijdagmiddag ben ik in bed gaan liggen en ik ben er net uitgekropen. Ik zit nu beschilderd en al op de bank, bijna klaar om weg te gaan. Ik kijk niet in de spiegel, dan zie ik lekker ook niet die kringen onder mijn ogen.

Ergens deze zomer kwamen we erachter dat Ibrahim Maalouf vanavond optreedt, een Frans-Libanese trompettist wiens muziek me enorm raakt. Omdat ik op dat moment zo goed was, besloten we kaartjes te kopen voor ons 3tjes. Voor het eerst in jaren ga ik naar een concert! En voor het eerst ga ik samen met mijn kind naar een concert!

Omdat ik de afgelopen periode slechter was dan ik had verwacht – het herstel van mijn activiteiten eind september bleef uit – begon ik me wat zorgen te maken. Dus deed ik de afgelopen weken weinig. Vrijdag realiseerde ik me dat dit niet ging zoals gehoopt, kroop ik in bed en verroerde me niet.

Wat is wijsheid? Ja, wat is wijsheid. Niet gaan en een waarschijnlijk prachtig concert missen waar ik me echt maanden op heb verheugd? De vreugde vooraf was des te groter omdat ik een paar jaar geleden niet had durven dromen ooit weer zoiets te kunnen doen. Wél gaan en de klap voor lief nemen, in de hoop dat de klap morgen komt en niet als ik straks in de zaal ben?

Ik heb twee dagen in bed gelegen en gedacht: ‘ik ga gewoon, het gaat lukken, ik ga genieten en ook als ik moe ben kan ik de muziek horen.’  Maar het gaat natuurlijk niet alleen om vanavond maar om wat er na vanavond gebeurt. Ik heb besloten dat ik liever terugkijk op een avond met mooie muziek (en lekkere stoelen, die zijn er, dat weet ik zeker) dan het verdriet om weer eens iets niet door te kunnen laten gaan.

Dus laat maar komen muziek, de klap, het nagenieten en wat nog meer. Ik laat het gewoon over me heen komen en zet me niet schrap. Want dat kost energie. Ik stroom mee met wat er gebeurt. En voor de zekerheid neem ik oordopjes mee voor het geval het geluid te overweldigend is…

Het losse leven

Vorige week schreef ik een stukje over mijn lijstjesmanie en hysterische overprikkelde brein.  Het plan was om geen plan meer te hebben. Hoe staat het daarmee, met het doelloze bestaan?

Nou best redelijk eigenlijk! Ik voel me vrijer en opgelucht. Ik leef meer volgens wat mijn lichaam aangeeft. Geen lijstje maken bij het opstaan (of al klaar te hebben liggen) geeft rust. Ik hoef niet meteen iets van mezelf. Ik merk dat ik vooral in de ochtend veel tijd nodig heb om op te starten. Die tijd had ik eigenlijk altijd al nodig met een lijf dat vooral in de donkere tijd van het jaar iets minder soepel is en wat meer aandacht en rust vraagt. Maar dat negeerde ik meestal. Dus moest ik opstaan, en na het uitzwaaien van man en kind begon mijn dag. Dat betekende dat ik me meteen moest gaan aankleden en dan mediteren/lopen/wat huishouden doen/ en vergeet vooral niet te lezen en dan niet alleen ontspanning maar ook-iets-waar-we-beter/slimmer/gezonder-van-worden-et cetera-bladibla. De helft van de tijd lukte dat natuurlijk niet want ik zit niet thuis wegens zweetvoeten en zo kwam ik meestal nog voor de eerste bak koffie al heftig in de knel. En voelde ik me schuldig omdat het niet liep zoals gepland.

Nu ik niet in de ochtend een plan maak maar gewoon wakker word, merk ik dat ik sommige dagen heel traag ben en op andere dagen sta ik al om half negen in de ochtend een bed te verschonen. Net zoals het uitkomt. Soms loop ik nog heel lang in  pyjama rond en hang ik op de bank met de gordijnen dicht en een dvdtje op, soms duik ik weer mijn bed in en soms kleed ik me gewoon meteen aan en ga ik iets doen. Net zoals ik voel dat het nodig is op dat moment. Zo heb ik vandaag bijvoorbeeld uitgeslapen en ben ik net uit bed, omdat het wat lijf en geest betreft best wel pokkuh is vandaag. Het feit dat ik die ruimte neem (en doorgeef aan de huisgenoten) is een grote vooruitgang.

Curieus genoeg krijg ik nu meer gedaan dan met lijstjes. Er is de afgelopen week in een heel gezapig tempo toch wat geruimd en weggegooid. Ik kom ergens in een ruimte en doe gewoon wat, zoals het in me opkomt, hooguit een minuut of 5. De reden dat ik dit nooit zo deed was dat ik bang was als een kip zonder kop tekeer te gaan als ik eenmaal bezig was, want dat manische zat er echt in bij mij. Maar ik merk nu dat ik toch meer in contact ben met mezelf dan vroeger. Dus doe ik iets en voel ik het ook als het te veel wordt, soms net iets te laat maar dat maakt dan niet uit. Ik heb toch geen plan dus kan er ook niets in de soep lopen.

Dus ga ik zo zonder plan kriskras mijn huis door, lees lekker veel, ga elke dag even naar buiten al is het maar in een tuinstoel zitten met een deken om me heen en houd me bezig met de adoptie en het socialiseren van de nieuwste aanloper. En geniet van wat kan en wat lukt. Ik kan het wel, het losse leven!

Brengt me op het volgende punt. Zo lang als ik ziek thuis ben – zeven jaar komende februari –  ben ik aan het denken over wat ik ga doen als ik niet meer ziek ben. Ik kom regelmatig tot inzichten en handel daar dan naar. Voeding, het wordt iets met voeding! En haal een cursus voedingstherapie in huis. Maar kan het niet opbrengen het te gaan doen, want de mate van gezondheid en concentratie wisselen te sterk. En dan bedenk ik later: ik wil schrijven, ik word schrijfster! En bestel voor de zekerheid alvast maar even het Basisboek Journalistiek en een goed grammaticaboek, want aan dat Nederlands van mij mankeert nog wel wat.

Bij alles wat ik bedenk (budgetcoach, schrijver, eigenaar van een paleo-eettent, bakworkshops geven, workshops geven over goedkoop en glutenvrij koken en bakken, o nee toch schrijven) volg ik steeds dezelfde routine: in mij floept een ideeballonnetje omhoog en van idee ontwikkelt zich dat razendsnel tot iets mega groots dat me verplet waar ik bij sta. Volgens mij wordt het tijd dat ik daar eens mee stop. Dus: kappen nu!

Ik hield mezelf voor dat het denken hierover mijn worst was. Het hield me gemotiveerd en ik had een doel om naar toe te werken. Maar het denken over de toekomst en de onzekerheid over wat ik zou kunnen gaan doen, genereert zó veel onrust in mij. Het wordt tijd dat ik onder ogen zie dat het nog lang niet zo ver is. Dromen mag, concrete plannen maken niet. Niet zo lang ik zoals nu, al sinds eind september, niet eens de energie heb om een wandelingetje van 15 minuten te maken. Laten we wel wezen: ik kook alle dagen, douche drie keer per week, ga twee keer per week naar de fysio, doe twee keer in de week een kleine boodschap in winkels en lig om half 8 in de avond volledig uitgepoept op bed. First things first! Het denken over straks zit me nu in de weg. Ik moet stoppen met altijd maar denken over later, later als ik groot ben, gezond ben en alles het weer doet. Want ik leef nu en verspil door al dat denken over later kostbare energie, die ik nu goed kan gebruiken.

Wat een inzicht toch weer op deze vrijdagochtend! Heb jij nog voornemens om gedrag waar je last van hebt te veranderen?

Op stap

Omdat het tenslotte herfstvakantie is, bedacht ik dat we een uitje moesten hebben. Dat had zeer zeker te maken met het feit dat we de eerste dagen van de week vooral liggend in bed doorbrachten. Ik omdat ik moe was en kind omdat hij het héél leuk vindt om lang en lui in  bed te liggen, te ontbijten in bed, te lunchen in bed, te computeren in bed. Afijn, jullie snappen wel wat ik bedoel.

Hoewel ik natuurlijk geroerd ben door de wetenschap dat onze puber graag binnen een straal van 1 meter van zijn moedertje verblijft, vond ik dus dat we iets moesten gaan doen. M. was vrij op woensdag, dus woensdag ging het gebeuren.

Utrecht, we gaan naar Utrecht! Dat klonk als een strak plan. Bij het opstaan bleek dat de eindeloze stroom regen van de afgelopen dagen was gestopt en dat de zon zelfs scheen. Dit leidde tot zoveel vreugde dat we weer in bed kropen. Want een koffie in bed is zo fijn opstarten. Afijn, toen we zo tegen 12-en uit bed kropen, was Utrecht toch niet meer zo’n goed idee, want een uur rijden en ‘het is al zo laat en zo komen we op de terugweg vast in de file terecht.’

Alkmaar, we gaan naar Alkmaar! Want ik ben natuurlijk niet voor één gat te vangen. Bovendien had ik stiekem een geheime missie. Ik wilde niet alleen een  leuk uitje, ik wilde vooral weten hoe het zou zijn om in een grote stad rond te lopen. Nu is Alkmaar geen Utrecht of Amsterdam maar het is toch zeker groter dan Hoorn met meer prikkels om te oefenen.

Bovendien is Alkmaar een stukje jeugdsentiment. Vroeger – als in toen ik nog kind was en bij mijn ouders woonde – togen we twee keer per jaar met de eend van mijn moeder (nu heb ik het over een auto en niet over een dier) naar Alkmaar om kleding te kopen. Want kleren kopen was niet goed mogelijk in Wormer, waar ik opgroeide. Daar had je welgeteld één kledingzaak en daar hing voor elk wat wils. Maar ja, als je daar kocht, dan had je kans dat je hetzelfde aanhad als de rest van de klas en veel keus was er niet. Dus gingen we naar de grote stad Alkmaar om in te slaan. En werd ik op zo’n blok in de C&A gezet om kleding te passen (bestaat dat nog?).

Eenmaal in Alkmaar aangekomen bleek dat de lift in de parkeergarage stuk was en dat er alleen nog plek was op het bovenste parkeerdek. Over prikkels en uitdagingen gesproken, dat was een forse! Naar beneden lukte natuurlijk wel maar straks weer omhoog?

Alkmaar zelf was net zo leuk als in mijn herinnering. Naast de geijkte grotere winkelstraten met de V&D, de HEMA’s en de Perry Sports is er ook een deel in het echte oude stadshart met allemaal kleine straten met leuke grappige winkels. De mannen doken een stripwinkel en CD winkel in en ik heb laarzen gepast en niet gekocht (alleen maar omdat ze niet pasten hoor, ik kan met jaloezie de verhalen van Valhalla lezen dat ze met 1 paar laarzen doet, dat lukt mij echt niet). We aten ergens, we kochten een ijsje en liepen veel doelloos rond.

En ineens was het op. De hoofdpijn die ik al sinds begin van de middag had was natuurlijk een waarschuwing. Maar toch overviel het me. Veel te veel mensen, prikkels, dingen om te zien, de gevoelde druk omdat ik vind dat ik het leuk moet hebben. Terug naar de parkeergarage dus en ‘no way dat ik omhoog ga met de trap ik wacht wel hier…. ‘

Thuisgekomen bekeek ik mezelf van een afstandje en constateerde ik met veel verbazing weer eens dat overprikkeling leidt tot volledig hysterisch gedrag. Die constatering is helaas niet zo groot dat het gedrag daarmee gestopt kan worden….Net thuisgekomen besloot ik de schuur op te ruimen en pogingen van M. om dat te voorkomen zorgden voor een enorm gespannen sfeer. Die Schuur Moet Opgeruimd En Wel Nu Want Als Ik Het Niet Doe Gebeurt Er Nooit Iets In Dit Huis. Zo dus. Dat die man mij nog nooit het huis heeft uitgezet is een wonder. Ik vond dat er in de schuur ruimte moest zijn voor de lege potten die overal in de tuin staan. Dus nu is de kliko vol, de planken in de schuur zijn leeg en er staan 5 potjes op de vrijwel lege planken, want zo bezien viel het eigenlijk best mee met al die potten in de tuin.

Na de schuur volgde het avondeten, wat gegrom op de bank en toen naar bed. Nu zit ik weer op de bank en overdenk mijn missie van gisteren. Kan ik meer prikkels aan? Ja, zeker meer dan twee jaar geleden. Heb ik het slim aangepakt? Nee, absoluut niet. Overprikkeld zijn betekent nog altijd het contact met mezelf en mijn lichaam volledig kwijt raken. Ook was het moment van een uitje niet slim gekozen. En bovendien had ik zwaar de pest in dat die laarzen niet pasten. Ik kan heel goed consuminderen maar wat laarzen betreft heb ik de ruggengraat van een weekdier. Nu heb ik mezelf uitgeput en het leverde niet eens een paar laarzen op! Dat betekent dat er vandaag chocola moet gegeten worden, het is het één of het ander…:-). Ik heb mezelf overtroffen in kinderachtig ontwijkend gedrag, applaus voor mezelf! Maar goed, de lunch was lekker en Alkmaar is een mooie stad.

Kunnen jullie ook zo moeilijk doen?

Rust

Omdat ik ben veranderd in een wezen dat zomaar kan ontploffen als er iets niet is zoals het hoort te zijn – een tas op de grond in de kamer, een rol wc-papier die moet worden opgehangen, een vaatwasser die de hele dag (echt de hele dag!) loopt te blèren dat hij uitgeruimd moet worden – ga ik er even van tussen. Als in niet online zijn hier.

Die zagen we natuurlijk van een kilometer afstand aankomen ;-). Ik ben zó overprikkeld van de afgelopen tijd dat ik om het minste geringste of ga schreeuwen of ga huilen of allebei. Best lastig als je in een gezin leeft, niet alleen voor mij maar vooral ook voor mijn huisgenoten die inmiddels op hun tenen om mij heen lopen.

De situatie is heel duidelijk en ook wel ontnuchterend. Ik kan best veel als ik dat op mijn eigen tijd en tempo kan doen en niet in live contact met anderen. Negeer ik dat, dan blijft er al snel niets meer over om te lopen, te herstellen, te revalideren. Weet ik dat ook weer (wist ik natuurlijk wel en het was een bewuste keuze om dat even te negeren). Maar goed, wil ik de winter een beetje goed doorkomen, dan moet ik nu maatregelen nemen en even de prioriteiten anders stellen.

Evengoed heb ik genoten van wat ik deed de afgelopen weken en was het onder de mensen zijn leuk, spannend en fijn. Ik besef dat dit twee jaar geleden geen optie was, dus ik zie nog steeds de vooruitgang. Dus uit die kuil kruip ik ook wel weer.

 
Dus, zo dus. Ajuu, tot ziens, tot later…

Zaterdag – uit balans

De tweede schoolweek zit er hier al weer op. Dat betekent helaas niet dat ik meteen weer strak in het ritme zit van vroeg opstaan en alles oppakken wat er op mijn verlanglijstje staat. Eigenlijk bleek dat het wennen aan het vroege opstaan alleen al voldoende uitdaging is voor mij. Maar nee, ik moest en zou ook elke dag gaan lopen, want beter moet ik worden en wel nu! Ook besloot ik dat ik binnen 24 uur moest weten wat ik nu in de toekomst ga doen en stortte me op een paar beroepskeuzetesten, niet gehinderd door het feit dat ik nog geen eens zelfstandig met de trein ergens naar toe kan gaan. Dat plus een voorlichtingsavond van school en een kind dat nu ineens veel meer begeleiding en aandacht nodig heeft aangezien er in de eerste klas wel heel veel op hem afkomt, maakt dat deze week nog niet eens op de helft was toen het licht bij mij uitging en er een storm in mijn hoofd opstak.

 
Ach, het is het oude verhaal, dat weten we nu wel bij mij. Dus haal ik mijn schouders op, slik die drol door en wacht op betere tijden. Die komen wel weer en dan pak ik mijn goede voornemens weer op, hopelijk dit maal in een langzamer tempo dat beter bij me past.  Mijn dromen en wensen en fantasieën zijn duizend keer sneller dan mijn lichaam dat er altijd weer achteraan hobbelt en mijn geest die van alles op hol slaat. Ooit vind ik wel een balans. Tot die tijd leer ik gewoon telkens achter elkaar dezelfde les, die blijkbaar nooit verveelt.

Stoot jij je vaak aan dezelfde steen?

Afbeelding Pixabay

Terug op aarde

Het is sommigen van jullie vast niet ontgaan, ik had de laatste tijd een energie-opleving. In de eeuwige zoektocht naar meer energie, stapte ik eind mei over op paleo eten en bereikte een prachtig resultaat. Ik voel dat dit iets voor mijn energie doet. Wat volgde was een gestage uitbreiding van activiteiten.

Zo lang ik die activiteiten zelf in de hand heb (lees: meester ben van mijn eigen agenda) gaat dat goed. Niet altijd, want ik ben nogal eens overmoedig en daarom is het belangrijk dat na overmoed ruimte is voor niets doen (lege agenda).

Dat lukte niet zo goed de laatste drie weken met de drukte van het afscheid nemen van de lagere school. Iemand zonder energiebeperking kan zich dit misschien niet goed voorstellen en denkt misschien: ‘mens stel je niet zo aan’. Kan ik me best indenken. Voor mij was twee avonden in de week achter elkaar naar school gaan voor de musical en de afscheidsavond heel wat. Laat naar bed, interactie met andere ouders en leerkrachten, veel prikkels (muziek, discobol, veel mensen) en daarbij nog mijn eigen emoties (WAUW, IK STA HIER, OM 9 UUR IN DE AVOND, IK LIJK WEL EEN NORMAAL MENS!!

Toen volgden ook diverse logeerpartijen in wisselende combinaties, voetbalavonden en het loslaten van de normale dagelijkse routine omdat het ‘ineens’ vakantie was. Best veel bij elkaar. Dit weekend viel het me weer op dat meer doen op sociaal gebied, betekent dat ik iets inlever op een ander gebied, meestal is dat ‘de rest’. Dus is het huis een zwijnestal, vooral boven en doe ik echt het minimale. Ik kan daar overigens goed mee leven. Me niet druk maken om zooi betekent ook vooruitgang voor mij.

Op andere gebieden lever ik ook in in zo’n situatie en dat is kwalijker. Als eerste gaat dan mijn dagelijkse wandelrondje er aan. Voor mij heel belangrijk. Ik heb namelijk elke extra meter die ik kan lopen, letterlijk veroverd. Startte ik twee jaar geleden met lopen in de straat vanuit huis tot de tweede lantaarnpaal en weer terug (duur 3 minuten), nu is dat rondje een wandeling langs het IJsselmeer van ongeveer 20 minuten.

Ook de officiële revalidatie begon er onder te lijden want ‘ineens’ doen al mijn spieren weer raar. Niet alleen kan ik niet meer met de fysio de oefeningen doen waarvoor ik kom, nee ze moet ook weer allerlei klachten weg masseren.

Gisteren bereikte ik een soort dieptepunt, ik dacht de hele dag aan mijn bed en lag er ook een groot deel van de dag in. Vandaag bedank ik mijzelf hartelijk voor de met veel moeite en plezier gegeven les. Kortom: ik ben weer geland op aarde. Ik weet weer waar mijn prioriteiten liggen. Ik ben niet normaal al voelde ik me even normaal maar dat maakt niet uit want het niet normaal zijn is normaal voor mij en dat is goed genoeg. Dus ik trek weer mijn eigen plan en houd het lekker rustig.

Gewoon weer dagelijks een kleine wandeling, vroeg naar bed, paleo eten, mijn gupta-oefeningen doen, twee keer in de week de revalidatie bij de fysio en als er dan nog wat overblijft: leuk maar niet elke week.

Heb jij ook wel eens last van overmoed?

Afscheid

Vandaag gaat S. voor het laatst naar zijn school. Als achtste groeper lijkt het schoolbestaan al weken uit feest te bestaan: op kamp, oefenen voor de musical, spelletjes doen op school. Er wordt niet echt meer les gegeven. Hij ging ook al een middag naar zijn nieuwe school om kennis te maken met zijn nieuwe klas en zijn mentor. Vandaag heeft hij les tot half 11 en dan is het klaar. De rest van de school gaat ‘ophogen’, de kinderen maken dan kennis met hun nieuwe juf of meester. Voor hem is er dus niets te doen. Beetje hangen vanmiddag en toewerken naar de grote finale: een maaltijd met alle docenten, bereid door de ouders. Daarna begint om half 8 een groot afscheidsfeest tot 12 uur vanavond. Jullie begrijpen dat ik daarbij graag aanwezig wil zijn, hoewel ik niet weet of ik het tot middernacht vol houd, maar ik doe mijn best.

Die 8 jaar lagere school lijkt omgevlogen. Als kleuter liep hij naar binnen en nu is hij een lange slungel aan het worden, met grote voeten. Geen kind meer maar een puber, met alle gedragsveranderingen die daarbij horen. We gaan een nieuwe tijd tegemoet en dat vind ik best heel spannend!

Die lagere schooltijd is voor mij als ouder heel anders geweest dan ik vooraf had gedacht. Door mijn ziekte was ik sinds groep 3 afwezig bij vrijwel alle grote gebeurtenissen die elk schooljaar terugkomen. De meeste schooluitvoeringen, sportdagen, rapportgesprekken en schooluitjes gingen aan mij voorbij. Elk jaar weer moest ik uitleggen aan de juf dat het geen onwil is dat ik me nooit aanmeld voor voorlezen/groepen begeleiden/helpen met de Sint Maarten lampions of eten maken voor de kerstmaaltijd. M. deed wat hij kon maar zijn bordje was al meer dan vol met de zorg voor een zieke vrouw, zorg voor een kind en voltijds werken.

Het zó afwezig zijn bij het schoolleven gaf mij veel verdriet en onmacht. Het merendeel van de schooltijd van S. lag ik plat en werd hij door M. of door mijn moeder & moeders van vriendjes (M!XX) naar school gebracht en gehaald. Tussen de middag at hij meestal bij anderen. Mijn moeder en oppas A. kwamen hier ook wel broodjes smeren voor hem en voor mij of met S. spelen. Zo terugkijkend besef ik hoe ziek ik was en hoeveel ik nu al opgeknapt ben. Hoewel ik weet dat hij heel erg toe is aan de volgende fase in zijn leven, zou ik best de lagere schooltijd met een jaartje willen rekken. Want net nu ik aan het opknappen ben, is mijn (fysieke) aanwezigheid minder gewenst. Natuurlijk moeten we sturen en blijven opvoeden, maar de ouderbetrokkenheid zoals die op de lagere school is, zal op de middelbare school anders zijn, zo hoor ik van ouders met pubers.

Niet alleen S. neemt afscheid. Ik neem ook afscheid, van een periode die anders liep dan ik had verwacht. Waarin ik heel veel verdriet had om wat niet kon. Maar waarin ik ook leerde dat een kind opvoeden, liefhebben, steunen en aanmoedigen ook vanaf de bank kan. Dat betrokkenheid tonen ook lukt als je plat ligt. Ik neem afscheid met een beetje verdriet om wat niet was en zie uit naar de komende jaren waarin ik met meer energie samen met mijn kind de puberteit tegemoet kan treden! Mijn prachtige kind dat in 8 jaar lagere school van een klein verlegen zacht mannetje uitgroeide tot een lieve inlevende superslimme puber met veel belangstelling voor de wereld om hem heen, een groot rechtvaardigheidsgevoel, onweerstaanbaar mooi haar en een dito karakter.

ps: tijdens de zomervakantie zal ik met wat minder regelmaat bloggen.