Kattengedoe

Wat niet zo lekker liep deze week was ons kattenhuishouden. 1,5 week geleden schreef ik nog dat het redelijk ging tussen Dibbes en Gerrie maar vlak daarna werden we ’s nachts wakker van een knokpartij tussen de heren. Daarna bleef er spanning in de lucht hangen.

Dinsdag ging dat helemaal mis. Eerst gaf ik Gerrie een standje omdat hij Moos opzij duwde en diens bak ging leeg eten. Gerrie schrok zo van de terechtwijzing (ik zei best hard:nee!) dat hij nogal panisch reageerde. En dát triggert Dibbes op de één of andere manier enorm. Daarna zag ik een vlo bij Gerrie en beging ik de stomme fout hem een pipetje te geven. Net als de vorige keer dat ik dat deed, ging het toedienen prima maar daarna werd hij erg angstig. Hij vloog weg naar buiten en was erg bang voor me. Toen ik naar bed ging durfde hij weer binnen te komen maar toen viel Dibbes hem aan, als in in een hoek drijven, aanvallen en meppen. M. greep in maar kon niet voorkomen dat Dibbes Gerrie het huis uitjoeg.Ik weer naar beneden om me ermee te bemoeien, maar zonder enig effect.

Gerrie kwam niet meer binnen ondanks geroep en gerammel met brokjes. Het was best koud buiten en ik deed geen oog dicht omdat ik in gedachten Gerrie met een knapzakje huilend op straat zag lopen, op zoek naar andere mensen. Ik weet het, ik ben een overgevoelige troela. Dus ging ik om 3 uur én 5 uur naar beneden om nogmaals te roepen (de buren waren vast blij met mij die nacht). Echt slim om dat midden in de nacht te doen, buiten in de tuin gaan staan op sokken en in pyjama als ik net hersteld ben van een luchtweginfectie en een beginnende blaasontsteking.

In de ochtend was hij er nog niet maar deed hij wel snel pogingen om weer naar binnen te komen. Alleen Dibbes bleef erg agressief gedrag vertonen. Door die streng aan te pakken was tegen het einde van de dag alles enigszins normaal.

Dibbes zit heel diep bij mij. Ik heb vanaf het eerste moment een enorme zwak voor deze kat. Daarom is het voor mij soms moeilijk om toe te geven dat hij naast geweldig ook heel onhebbelijk, jaloers en bezitterig is. Ik besef dat het nare gedrag van Dibbes uit dezelfde bron komt als het angstige gedrag van Gerrie, die het huis niet meer in durfde te komen en toen hij dat wel weer deed, verstopt achter de gordijnen ging zitten. Beide heren hebben als voormalige zwervers trauma’s én bovendien een verleden met elkaar. Op straat waren ze echt elkaars concurrenten en dat betekende waarschijnlijk ook letterlijk vechten met elkaar om het eten en om in leven te blijven. Gezellig samenleven onder één dak kan ik wel willen, maar is iets wat tijd nodig heeft. Misschien is bovendien wel het hoogst haalbare dat ze elkaar negeren en tolereren en meer ook niet, maar dat zou al veel rust geven.

Dibbes blijft een zorgenkatje. Hoeveel aandacht en liefde en eten ik ook geef, in dat hart zit een gat dat nooit kan worden gevuld. Ik bedacht me laatst dat Dibbes pas echt ontspannen zal worden als hij alleen met mij woont zonder andere katten, zodat hij me helemaal voor zichzelf heeft. Maar toen bedacht ik dat het geluk niet lang zou duren. Voor je het weet tuurt hij de hele dag naar buiten om te kijken of er geen kapers op de kust zijn. Zo zit hij in elkaar, jammer genoeg. Niet van natuur maar door ervaring, dankzij de mensen die hem hebben afgedankt.

Omdat het me in december opviel hoe relaxt Dibbes werd van de pillen die we hem gaven om vuurwerkangst tegen te gaan, besloot ik beide heren voorlopig maar op de zylkene te zetten. Dibbes zodat hij dan weer wat relaxter en aardiger wordt en Gerrie omdat ik hem dan beter kan benaderen, aangezien het doel nog steeds is hem in februari te laten castreren. Die zylkene werkt echt goed en kan ook voor iets langere tijd gegeven worden dus ik bestelde meteen een lading. Donderdag kwam dat binnen en de heren hebben meteen hun ‘drugs’ gekregen. Het feit dat dit midden op de dag gebeurde middels een extra maaltijd, deed de sfeer trouwens meteen flink verbeteren!

Katten

De komende tijd ga ik proberen Gerrie aan de kattenmand te laten wennen. Hoe sneller dat lukt, hoe sneller we hem kunnen laten castreren en chippen. Moet wel voor het voorjaar, anders gaat hij de hort op met alle gevolgen van dien. Ik heb geen flauw idee of het in de mand stoppen makkelijk zal gaan. Hij laat zich wel heel makkelijk optillen door mij maar haalt ook nog steeds regelmatig uit. Dat zijn reflexen die hij nog niet kan onderdrukken.

Hij is nog onbetrouwbaar. Van Dibbes weet ik inmiddels precies wat kan en wat niet kan (niet zoveel, alleen hij zal nooit uithalen), bij Gerrie wisselt het per keer. Wel is het zo dat hij meer van het neuzen en kopjes geven is dan van het aaien. Maar aaien vind hij wel fijn als hij met zijn rug naar me toe ligt. Behalve als hij op de grond ligt, dan grijpt hij me. En als hij op de bar zit mag neuzen wel maar moet ik mijn armen stijf langs mijn lijf houden, anders gaat het mis. Begrijpen jullie het nog? Ik niet.

Een kat met een gebruiksaanwijzing dus en die aanwijzing is helaas per keer anders. Dat gaat soms dus fout. Laatst zat hij op tafel met zijn neus tegen mijn neus aan, hij genoot. Toen draaide hij zich om en drukte zijn zijkant helemaal tegen mij aan, ik zat op een stoel. Ik maakte een inschattingsfout en aaide hem voorzichtig, zonder te veel druk. Even begon hij heel hard te knorren en toen ineens haalde hij uit met zijn nagels, naar mijn gezicht. En het was raak. Ik ben er goed van afgekomen, wat halen op mijn neus en vlak onder mijn oog. De huid is daar teer, dus het bloedde nogal. Tja. Hij schrok net zo erg als ik en heeft zich onder het bed verstopt, waar hij de hele dag bleef zitten.

Nu ben ik wel voorzichtiger geworden. Ik zet vaker een bril op als ik hem aai, dat voelt veiliger, want een millimetertje meer naar links of rechts en zijn nagels hadden in mijn oog gezeten. Ik loop nu ook meteen weg als hij uithaalt en geef hem dan even geen aandacht meer. Zo hoop ik hem ongewenst gedrag af te leren. Dat gaat vast lukken, op zich zit er geen kwaad bij. Hij zoekt een conflict nooit op en is heel rustig van aard. Alleen als hij zich bedreigd voelt haalt hij uit en soms schat hij dat dus nog niet goed in.

Een kat die onbetrouwbaar of vals is kan dat echt afleren, al moet je wel veel geduld hebben. Gelukkig heb ik het eerder meegemaakt. Mijn eerste kat Joris was zo vals dat ik in het begin regelmatig op een stoel stond met een bezem in mijn handen om hem van me af te houden. Ook dat was een kat met een verleden. Hij was zo heftig en onbetrouwbaar dat niet iedereen bij mij thuis durfde te komen en de verhalen over hem waren legendarisch. Na een paar jaar was Joris de grootste lieverd ooit. Ik kon echt alles met hem doen, bij wijze van spreken optillen en onderste boven hangen, hij vond alles best. Dát houd ik nu maar voor ogen, gaat met Gerrie ook vast lukken ;-).

Met Dibbes en Gerrie gaat het redelijk. Dibbes heeft nog wel last van jaloerse aanvallen en onhebbelijk gedrag. Maar er zijn ook momenten van nieuwsgierigheid en pogingen tot aftasten, wat voor elkaar rollen en zo. Dus ook dat gaat vast goed komen. En met de andere katten en Gerrie gaat het allemaal erg makkelijk tot nu toe.

Dibbes kan het niet meer aanzien…

Hoeveel katten passen er op bed?

Als ik ’s avonds in bed ga liggen dan verschijnen er meestal binnen een paar minuten een paar katten, als er al niet eentje al klaar ligt. Vooral Dibbes kan in de avond echt ongeduldig zitten wachten tot ik aanstalten maak om naar boven te gaan. Als ik ‘kom maar, we gaan naar boven‘ zeg, dan stuift hij naar boven. Altijd wat geagiteerd want hij aast op de beste plek. En de beste plek is op mij of naast mij. Eerst word ik beprakt en bekopt en dan gaat hij liggen, liefst op mijn buik of – als ik het onfantsoen heb op mijn zij te gaan liggen – tegen mijn buik aan.

Zo lag ik laatst met Dibbes op mijn buik, Smoes lag ter hoogte van mijn knie rechts en Moos op dezelfde hoogte maar dan links. Ik lag helemaal ingeklemd en probeerde een boek te lezen. Gerrie besloot op dat moment dat hij er ook nog wel bij kon. De tijd van gepaste terughoudenheid is voorbij. De eerste maanden ging hij keurig op de rand van het bed liggen maar nu is hij klaar voor de volgende stap.

Dus stond meneer op zijn achterpoten met zijn voorpoten op de bedrand klaaglijk te miauwen. ‘Ik wil er ook bij, ik ben ook lief, maar er is geen plek, die dikke ligt op jouw schoot, ik hoor daar te liggen.’ Omdat ‘die dikke’ niet op of omkeek en zich ook niets aantrok van het gemiauw, ging Gerrie op de plank naast mijn bed zitten. Staren. Af en toe deed hij een poging om op bed te stappen maar dan keek Dibbes omhoog en krabbelde Gerrie weer terug. Want met die dikke wordt Dibbes bedoeld, voor het geval jullie dat nog niet doorhadden. Niet dat Dibbes dik is, hij is gespierd en atletisch maar als hij slaapt ligt hij helemaal opgerold tot een bolletje en dan lijkt hij dik. Maar hij is het natuurlijk niet en dat ik dat zo ontken heeft niets te maken met het feit dat ik als baasje verblind ben door liefde.

Na een half uur staarwerk te ondergaan van Gerrie was ik er wel klaar mee. Hij bleef twijfelen en er gebeurde niets. Dus schoof ik Dibbes van mijn schoot en legde hem naast me, tegen mijn heup aan de rechterkant. Dát was de uitnodiging waar Gerrie op zat te wachten. Hij stapte meteen op bed en ging links van me liggen, ook tegen mijn heup aan. Beide heren legden hun kop op mijn heup. Dibbes begon van de stress keihard te knorren en Gerrie durfde zich niet meer te bewegen, overmand door…ja door wat? Het was gelukt, hij lag er bij! En ik lag als een mummie volledig ingesnoerd door vier katten die uiteindelijk allemaal heel gelukkig in slaap vielen tegen ‘de blikopener’ aan. Alleen ik viel niet zo makkelijk in slaap, echt comfortabel met al die kattenlijven en kattenego’s lag het niet. Vooral die ego’s hè, die nemen zo veel ruimte in. En ik ben een watje, dat is wel duidelijk.

Fijn weekend!

Vuurwerk en bange katten

Onze ex-zwerver Dibbes is voor heel veel bang. Hij schrikt extreem snel, reageert heftig op alles en heeft erg last van verlatingsangst. ‘Even’ naar de dierenarts gaan om hem te laten enten liep in oktober uit op een drama. Dierenarts thuis laten komen om te enten werd een nóg groter drama. Dat we ondertussen ook een andere zwerver in huis namen, werkte ook niet echt lekker mee natuurlijk.

Inmiddels gaat het weer redelijk met Dibbes. Er is een soort status quo bereikt met Gerrie en ze laten elkaar nu met rust. Behalve als er maar één kartonnen doos in de huiskamer staat waar ze allebei tegelijk in willen. Dat is op zich net een slapstick om naar te kijken.

Om Dibbes te kalmeren heb ik de afgelopen tijd Bach Bloesem druppels gegeven en ook Feliway in het stopcontact gestopt. Dit werkt allebei redelijk goed in op zijn gemoed. Geef ik het niet dan merk ik het onmiddellijk. Verder heb ik veel met hem gespeeld en gewerkt aan zijn motoriek. Hierdoor lijkt het alsof hij iets meer zelfvertrouwen krijgt. Kijk maar eens wat een stoere actiekat:

 

 
 

 

 
 

Gezien zijn verleden waarin hij bijna blind door het leven ging, kan hij afstanden niet inschatten, slaat hij vaak mis, springt hij ergens op en valt er meteen vanaf. Het ziet er allemaal heel lief en koddig uit omdat hij net een dik beertje met die dikke pootjes is, maar een betere motoriek is natuurlijk wel fijn voor het beest en dat kan natuurlijk getraind worden. Ik merk dat hij nu al – na een paar weken oefenen – sneller en feller reageert en soms springt en dan de veren wél tussen zijn poten heeft, een grote vooruitgang!

Nu is het over een paar weken oudejaarsavond en ik kan me nog goed herinneren dat het vuurwerk vorig jaar echt een aanslag was op zijn zenuwen en daardoor ook op die van ons. Vorig jaar gebruikten we grof geschut en gaven we hem vetranquil, een kalmeringsmiddel. Dat was geen succes want het werkt vooral als een spierverslapper maar het haalt geen angstgevoelens weg. Het had bij hem een averechts effect en hij sleepte zich met zwabberend lijf het hele huis door, gillend en al. Uiteindelijk bleef hij steken onder de bank – zijn kont was iets groter of de bank iets lager dan hij dacht. Daar bracht hij de rest van de avond door, de herrie uitzittend.

Ik heb vorig jaar vooraf niet goed ingeschat hoe het vuurwerk voor hem zou zijn. Ik wist wel dat hij een kat met een verleden was maar ik dacht toen nog dat het leven bij ons en met ons dat allemaal goed maakte. Natuurlijk is er veel voor hem verbeterd – hij kan zien, alleen dat al – maar het is wel een enorm getraumatiseerde kat en ik heb geleerd dat dit niet zomaar verdwijnt met wat liefde en lekker voer.

Tijd voor een plan dus om oudejaarsavond voor hem minder eng te maken. Er bestaan CD’s met vuurwerk- en onweersgeluiden die je kunt gebruiken om je huisdier te trainen. De bedoeling is dat je dit dagelijks opzet, eerst met zacht geluid en naarmate het beest er aan gewend raakt en minder angstig lijkt, voer je het volume op. Terwijl je de CD opzet moet je je kat of hond afleiden met leuke spelletjes. Lukt dit goed, dan beloon je hem met een lekkernij. Vertoont hij geen angst meer, dan is het tijd om het volume op te schuiven.

Ik deed eerst een test om te kijken hoe hoog het stressniveau is, ook van de andere katten want Dibbes is niet de enige kat hier die moeite met vuurwerk heeft. Ook Smoes is erg bang. Maar hoe zou Gerrie reageren? Hij is veel rustiger. Via youtube zocht ik wat vuurwerkgeluiden op. Wat gebeurde er? Moos vertoonde typisch Moosgedrag: hij keek niet op of om, hij lag te slapen, dat is een belangrijke bezigheid! Smoes verstijfde volledig en deed daardoor denken aan een konijn dat in de koplampen van een auto kijkt. Dibbes ging heen en weer rennen en was meteen volledig in paniek.

En Gerrie? Die rende snel naar zijn mandje toe en ging liggen. Om de één of andere manier ontroerde dat me enorm. Gerrie vond het vuurwerk overduidelijk niet prettig om te horen maar ging onmiddellijk naar een voor hem veilig plekje. Dat is fijn om te weten.

Ik bestelde een CD met vuurwerkgeluiden en die kwam gisteren binnen, dus ik kan beginnen met de ‘vuurwerktherapie’. Omdat ik niet uitga van onmiddellijk succes bij Dibbes heb ik ook nog een tweede plan, waar ik volgende week mee begin. In overleg met de dierenarts begin ik 3 weken voor oudejaarsavond met het geven van zylkène, een voedingssupplement dat kan helpen de stress te verlagen. Net zoals Bach bloesemdruppels maar dan net iets sterker.

Als blijkt dat Dibbes hier echt goed op reageert, wil ik dit ook gaan gebruiken als voorbereiding op een bezoek aan de dierenarts, indien er voldoende tijd is, bijvoorbeeld in aanloop naar een enting volgend jaar. Voor noodgevallen heb ik hier nog vetranquil liggen omdat ik hem bijvoorbeeld wel in een mand moet zien te krijgen als hij ineens heel erg ziek is of zijn poot heeft gebroken of een ander noodgeval.

Neem jij maatregelen voor oudejaarsavond of blijven jouw beesten stoïcijns kalm onder de herrie?

De kat in de mand

Al 20 jaar deel ik mijn huis met katten. De meesten kwamen aanlopen, twee kwamen er uit het asiel, eentje werd gescoord in de supermarkt alwaar ze in de jaszak hing van een man, die maar al te graag afstand van haar deed. Die katten die mijn leven verrijken zijn heel divers, van karakter en van uiterlijk. Toch hebben alle katten iets gemeen met elkaar: ze gaan nooit daar liggen waar ze mogen liggen maar daar waar ze liever niet gewenst zijn. Hoe minder de plek voor hen is bedoeld, hoe aantrekkelijker deze wordt gevonden.

Dus trof ik de afgelopen jaren katten aan in bed, in de kast, op het tafelkleed, in een mosselpan, in een rugzak waarmee ik binnen enkele uren op vakantie zou gaan, in weekendtassen, in wasmanden, in truien, op stapels vuil beddengoed, op stapels schoon beddengoed, op de keurig opgevouwen tent, achter de schotten op zolder, in de kruipruimte onder de kelderkast, in schoenenbakken, in doosjes die net uitgepakt zijn, op het aanrecht, in de voorraadkast, in een bak met legoblokjes, in de LP-kast, in de fototas, in mijn breimand of net op de plek waar ik wil neerploffen. Ik trof ze nooit, echt nooit in het schattige kattenmandje dat ik speciaal voor alle katten neerzette, stuk voor stuk, gewoon om het elke keer weer te proberen. Nooit had ik een kat die braaf ging liggen op de daartoe bestemde plek.

Behalve ons laatste aanwinst Gerrie. Dolgelukkig met zijn eigen mand.

 

Fijn weekend allemaal!

De kat, nog een kat, nog een kat, nóg eentje en hun mens (en de buurkatten….)

Met Gerrie gaat het goed, meer dan goed. Hij ligt op de bank, op de stoel, op de tafel, tegen ons aan, tussen ons in, op het kleed.  Hij neemt langzaam aan bezit van het huis. Ook betrapten we hem een paar keer op speels gedrag. Hij zoekt toenadering tot Smoes. Die is daar nog niet echt van gediend want het is al snel eng, spelen met een kat die je niet goed kent. Dus zagen we wat voorzichtig speels gemep met pootjes maar werd er toch snel weggerend. Waarop de teleurstelling moest worden weggepoetst door Gerrie.

Hij is nog wel heel alert. Laatst leek hij diep in slaap, pootjes helemaal voor zich uit gestrekt. Tot hij een geluid hoorde en binnen 1 seconde vanuit diepe rust overeind sprong, klaar om weg te rennen. Dat zal nog wel even duren voordat die reflex weg is. Zagen we ook bij Dibbes.

Nu we het daar over hebben, met Dibbes gaat het zozo. In de avond als we in bed liggen en hij heel dicht tegen me aan ligt, is er niets aan de hand. Zijn mens is zo dicht als mogelijk bij hem en aait hem. Maar overdag gaat het minder. Hij is erg schrikkerig en helaas ook bang voor Gerrie. Niet heel dramatisch maar als Gerrie bij hem in de buurt komt zie je dat Dibbes angstig wordt en weg probeert te komen. Vreemd genoeg heb ik Gerrie nooit zien uithalen naar Dibbes, buiten de eerste week hier. Dat was bij het eten uitdelen, toen mepte Gerrie in zijn vraatzucht en angst om te worden overgeslagen naar iedereen. Nu doet hij dat niet meer maar dat kwartje valt niet bij Dibbes.

Voor Dibbes is alles persoonlijk. Ik weet weinig van kattenpsychologie maar volgens mij heeft Dibbes last van onzekerheid en verlatingsangst. Maar misschien is dat wel mijn schuldgevoel over het feit dat ik nog een zwerver opneem, terwijl Dibbes daar duidelijk niet van is gecharmeerd.

Wat zeker niet bijdraagt aan een algeheel gevoel van behagen, is dat ik nu de buurkatten eten geef. Voor Dibbes is dit hoogverraad. Als ik naar buiten kom na het voeren van de buurtroepen, tref ik hem gillend en heen en weer rennend aan over de stoep. Hij mieuwt als een kitten, heel hoog en klagelijk.

Dat maakt het voeren van de buurkatten tot een weinig prettige gelegenheid. Sowieso is de sfeer ‘daar’ niet goed. Een kattenhuishouden met een depressieve kat van een jaar of 7 en een opdringerige kat met een bord voor zijn kop van 1,5 jaar. Het één wordt veroorzaakt door het ander. Nou was Tommie (die van 7) altijd al niet bekend om zijn vrolijkheid, maar is hij ronduit depressief sinds Kasper het Spook er bij kwam. Want een spook is het. Dus krijgt Tommie nauwelijks tijd of rust om te eten, Kasper pakt het af. Met als gevolg dat Tommie er vaker niet dan wel is als ik eten geef. Met een kattenluik heb je dat als snel natuurlijk. Is hij er wel, dan geef ik het hem en parkeer mezelf voor zijn bak, de wacht houdend.

Zo heb ik het enorm druk en ben ik blij dat die andere twee van ons, Moos en Smoes, zo normaal zijn. Die gaan gewoon hun eigen gang en maken zich nergens druk over. Een aai op zijn tijd is voldoende. Zo kan het dus ook.

 

 

 
 

 

 
 

 

Gerrie

Hoe staat het met Gerrie en zijn socialisatieproces? Nou, hij is nog wel verliefd op mij  maar ik viel deze week wel een beetje van mijn voetstuk af. Ik vond het tijd voor vlooienbestrijding. Dus diende ik hem een pipetje met antivlooienmeuk toe. Op zich ging dat goed maar daarna kwam de klap. Zijn geur klopte niet meer. Hij rook en snuffelde en was danig ontstemd. Zo erg dat hij wegdook als we hem wilden aaien en even (zeker een hele nacht) niet benaderbaar was.

Maar dat was de volgende dag weer over en alle gemiste knuffels werden ingehaald. Hij zat vanmorgen naast me op de stoelleuning kopjes te geven terwijl ik hem aaide en begon zo erg tegen me aan te leunen dat hij op schoot viel. En dat lag eigenlijk ook wel lekker, na de eerste schrik. Zo zetten we nog steeds elke dag grote stappen.

We zijn nog ver verwijderd van hem op kunnen tillen, in een reismand stoppen voor een dierenartsbezoek, maar het zit er aan te komen!

Gerrie

De afgelopen week werd het steeds meer duidelijk dat Gerrie gewoon mee hobbelt met de andere katten en zo zijn plek en ritme vindt. Is het volgens de andere katten tijd om te dutten boven? Hij rent er achteraan en gaat er tussen liggen. Als na een paar uur slaap de boel buiten moet worden gerekt en gestrekt, doet hij ook mee. Soms is er een aanvaring, vooral Dibbes kan nog wel eens jaloers reageren, maar dat blijft erg beperkt. Smoes vindt Gerrie wel lief en oké, gaat ook vaak vlak bij hem liggen – al ging het wel weer wat ver toen Gerrie laatst op hem ging liggen. En Moos, ja ach Moos, die gaat zijn eigen goddelijke gang en zo lang Gerrie hem niet stoort bij de voor Moos belangrijke zaken, zoals eten en met rust gelaten worden, is er niet veel aan de hand.

Dibbes en Gerrie kunnen erg onhebbelijk zijn naar elkaar toe. Ik kan alle katten aaien maar als ik Dibbes aai, komt Gerrie er aan stormen. ‘Hier ben ik hoor, hier, je moet mij hebben, niet hem!‘ En andersom ook. Dibbes is duidelijk nog niet helemaal zeker van zijn plek en heeft last van verlatingsangst en Gerrie is nog zó druk bezig om zich een plek te veroveren, dat hij daar gebruik van maakt. Toch is het niet echt storend. Er wordt hoogstens één keer per dag even een poot geheven maar verder niet. Vreemd genoeg lijkt Dibbes bang voor Gerrie in de keuken – hij schrikt vaak als hij hem daar tegenkomt alsof ie elk moment een mep kan krijgen – maar daarbuiten is Dibbes het mannetje.  Mijn tafel zie je wel, wie ligt hier?, juist Dibbes!, D I B B E S, nog een keer herhalen dan maar voor Gerrie: hier ligt Dibbes – en niet Gerrie’. Ik hoor het hem denken.

Nu Gerrie steeds meer ontspant, kan ik hem ook socialer maken. Om hem te verzorgen moet ik hem kunnen vastpakken en optillen. Ik werk ernaar toe dat ik hem bijvoorbeeld een vlooienpipetje kan toedienen of een teek kan weghalen. Bij Dibbes was de overgave in een klap vorig jaar en bij Gerrie moet ik het opbouwen. Dus ben ik begonnen met hem te corrigeren als hij uit de verkeerde bak eet. Ik til hem op en zet hem voor de juiste bak. Dat gaat goed. Hij laat zich optillen en weer neerzetten zonder dat er met nagels een reactie volgt. Ik kan hem nu altijd aanhalen als ik wil, wel blijft het oppassen. Als er een onverwachte beweging in de buurt is, kan hij nog steeds heftig schrikken. Elke verandering is eng. Ligt hij op bed en doe ik het licht aan? Eng! Zelfde situatie en licht uitdoen? Ook eng. Dan springt hij van bed af en loopt weg. Meestal komt hij er dan na een paar minuten achter dat het misschien toch niet zo eng was en kruipt hij weer terug.

Nu hij een paar weken binnen leeft, wordt zijn vacht steeds zachter. De eerste keren dat ik hem aaide voelde hij vettig aan. Hij zag er redelijk verzorgd uit – ik zag hem ook voordat hij hier woonde zich regelmatig poetsen – maar de vacht was harder. Nu voelt zijn vacht heel zacht en het wit wordt steeds witter. Niet alleen de buitenkant wordt zachter, ook de binnenkant. Hij straalt heel veel tevredenheid uit, diepe zuchten stijgen er soms op, pootjes worden gestrekt, soms gaat hij liggen rollen op het kleed of het bed, helemaal verliefd.  Die komt er wel, nu nog even leren dat hij ons moet delen.

Van buiten naar binnen

Nee hoor, geen filosofisch stukje – al doet de titel dat vermoeden – maar veel kattengeleuter en een verslaglegging van de zielige zwerfkat die in korte tijd tijd verandert in potentiële theemuts vaste huisgenoot.

Zoek de verschillen….

Eerste ontmoeting met Gerrie in 2013

Hij komt af en toe eten halen

Juli 2014, we gaan serieus werk van elkaar maken
Augustus, Gerrie komt steeds vaker langs
Wat voorwerk doen door naar binnen te gluren, eigenlijk wil hij naar binnen
Voor t eerst binnen eten, heel spannend
Naar binnen komen zonder reden, best eng maar toch doen
Eigen kleedje vlak bij de deur
Iets verder het huis in, ook weer spannend
Naast me op de bank zitten, eng maar toch blijven zitten
Droog, warm, wat wil je nog meer….

Vanaf half augustus zijn we echt ‘werk’ gaan maken van Gerrit. Nu, twee maanden later, woont hij binnen. Ook slaapt hij bij ons op bed sinds deze week. Vier katten op bed lukt net, als we zelf niet al te hoge eisen stellen aan hoe we liggen ;-).

Ik kreeg van de vrouw die Gerrit de afgelopen jaren eten gaf, 3 zakken met kattenbrokken. Hij komt bij haar niet meer langs. Vindt ze zelf heel jammer maar ze gaf al eerder aan dat het er uiteindelijk om gaat deze zwerfkat een huis te geven en waar dat dan is, maakt niet uit. Ze heeft twee jaar geprobeerd hem minder schuw te maken maar dat lukte niet. Waarom bij ons wel? Het is me een raadsel. Hier zijn meer katten en een kind. Misschien omdat ik overdag thuis ben? In ieder geval door de overdracht van de kattenbrokken is het wel nu voor het echie. Gerrit hoort bij ons. Nu mag hij de komende tijd gaan ontspannen en wennen.  En gaan we in het voorjaar maar eens naar de dierenarts voor castratie. Dat heeft nu geen haast, wonderlijk genoeg sproeit hij nergens in huis.

Om het te vieren kocht ik vier bij elkaar passende etensbakjes voor de katten. En gaven we hem een andere naam, want Gerrit vinden we niet mooi. Alleen daar is hij wel aan gewend geraakt. Na veel gedub – van Zoefzoef tot Malouf tot Diedus houden we het op Gerrie. Klink net wat beter – vinden wij dan – maar klinkt voor hem toch vrijwel hetzelfde als waar hij naar luistert. Dus: meet Gerrie!

Ik ga nergens meer heen hoor, dat je het ff weet
Met Dibbes en Gerrie gaat het nu goed samen. Dibbes heeft wel wat extra aandacht nodig en die geven we hem. Dat Gerrie van de week op bed sprong en naar me toe huppelde om me kopjes te geven leverde wel een fikse dreun op van Dibbes die tegen mijn buik aanlag en die toch echt vond dat er een grens werd gepasseerd die nog lang niet aan de orde is. Op bed liggen aan het voeteneind is oké maar we moeten natuurlijk niet gaan overdrijven hè! Buiten dat gaat het heel aardig, Gerrie vindt alles prima en stoort zich niet aan een mep hier of daar.
We denken wel dat het familie is, de overeenkomsten in uiterlijk zijn best groot:

beetje zielige foto, dit was nog voor de oogoperatie van Dibbes

We zijn er nog lang niet, veel angsten moet nog worden afgeleerd. Hij is bang voor stromend water en voor mensen die fluiten, ik kan hem wel aaien maar nog niet verzorgen dus die gore vieze vette teek op zijn vacht krijg ik er met de tekentang niet uit, ook niet na meerdere pogingen. Dat vertrouwen is er nog niet en hij haalt naar me uit met zijn nagels als ik het probeer. Maar die teek laat ooit heus wel los, net als dat het vertrouwen ook ooit gaat groeien.

Zo dus. Vier katten!

Fijn weekend allemaal!

Gerrit

Was het bij Dibbes in één keer – weliswaar na 5 maanden voorwerk – een omslag naar ‘ik vind jullie lief en jullie mogen me vanaf nu altijd aaien’, Gerrit zit heel anders in elkaar. Aantrekken en afstoten, elke keer weer. Na elke toenadering volgt een verwijdering en kortstondig schuw gedrag. Voor het eerst op zolder geslapen? De hele volgende dag rent hij weg, ineens bang voor hoe we reageren. Na de eerste keer buikje kriebelen krijg ik een uur erop een fikse mep met de nagels uit.

Dat maakt dat ik elke keer weer angsten uitsta om hoe hij reageert. Want soms geeft hij ineens zijn vertrouwen en krijg ik een likje of neusje maar ja, wel vlak bij mijn gezicht en die nagels zijn verdomd scherp weet ik inmiddels.

Ik neem het maar zoals het komt. Het is duidelijk een kat met bindingsangst. Ik heb voldoende ervaring met vriendjes met bindingsangst in het verleden gehad om dit gedrag te herkennen. Dus geniet ik van de toenadering en ben verrukt als hij voor het eerst zijn buik aanbiedt. En wat tref ik op de buik aan, precies dezelfde crèmekleurige vlek in het midden zoals Dibbes heeft. Ze hebben dezelfde tekening, dezelfde schommelende loop en dezelfde doorgezakte rug. Dit moet familie zijn. Zeker ook omdat ze zo’n 1,5 jaar geleden ineens allebei op hetzelfde moment door de buurt zwierven. Waarschijnlijk heeft iemand gewoon vanuit zijn auto deze twee broertjes eruit geflikkerd, daahaag, die zien we nooit meer terug!

We hebben grote vorderingen gemaakt de afgelopen weken. Er was een omslag van ‘ik kom rond etenstijd kijken wat er te bietsen valt’ naar ‘ik blijf nog even zitten, want je weet maar nooit’ naar ‘Ik woon in deze tuin en wandel een paar keer per dag door het kattenluik naar binnen want daar is het veel warmer/fijner/veiliger’. Vrijdag deed ik de deur voor hem open en hij wandelde zó naar binnen. Het wordt steeds normaler voor hem. Eerst ging hij zich dan binnen verstoppen en als hij zag dat ik hem zag – achter de gordijnen – dan rende hij weer naar buiten. Nu blijft hij steeds vaker liggen.

Inmiddels kent hij ons ritme. S. gaat in de ochtend naar de schuur om zijn fiets te pakken en waar dat eerst voldoende was om in paniek de tuin te verlaten, stapt Gerrit nu even opzij of gaat hij onder de bamboe liggen wachten tot het sein weer op veilig staat. Ook heeft hij zelf inmiddels zijn vaste rituelen. In de avond komt hij na het eten naar binnen. Flink poetsend om zich een houding te geven, of languit op het kleed liggend en net doen alsof dat normaal is (vinden wij wel maar voor hem is het nog heel spannend). Dan als hij denkt dat we niet kijken, sluipt hij naar boven. De zolder is van hem. Daar ligt hij de hele nacht. Hij is ook al wel eens bij ons een verdieping lager op bed gekropen en toen lagen we daar met 4 katten die absoluut niet wisten wat ze met de situatie aan moesten. Gelukkig werd het geen knokpartij maar iedereen was opgelucht toen hij de avonden erna koos voor een eenzame slaapplek op zolder.

Voordat ik ga slapen ga ik hem daar dan nog even knuffelen. Hij ondergaat met steeds meer ontspanning de aandacht en knuffels. In het begin nog alert maar al snel met de poten in de lucht en met de snorharen helemaal naar voren. Om er dan de volgende ochtend achter te komen dat ik de toenadering toch weer de hele dag moet opbouwen. Playing hard to get….of misschien bang voor zijn eigen overgave?

Dibbes heeft zich er inmiddels bij neergelegd. Of dat komt door de Bach Bloesem druppels, de Feliway, de extra aandacht die we hem geven of het feit dat hij doorheeft dat de komst van een extra kat niet ten koste gaat van de hoeveelheid voer? Ik weet het niet. Hij is wel jaloers, komt vaak meteen tegen me aan liggen als Gerrit het huis in stapt maar hij maakt geen geagiteerde indruk zoals hij in het begin na de komst van Gerrit wel deed.
En de andere katten? Ik vraag me serieus af of ze het wel doorhebben. Die maken zich echt niet druk, zeker niet om een zwerver. Bovendien zijn ze gewend dat de buurkatten ook om de haverklap naar binnen lopen. Een kat meer of minder maakt ze niet uit. Gerrit moet alleen nog wel keukenmanieren leren. Hij kruipt over alles en iedereen heen om als eerste het voer te pakken te krijgen. Best onhandig als je vier bakken moet neerzetten en er dus vier katten gillend rondrennen, waarbij er één zich gedraagt alsof hij elk moment dood kan neervallen als hij niet nu onmiddellijk en wel als eerste dat voer krijgt. Maar ja, dat is typisch gedrag van een kat die honger heeft gehad. Dat slijt wel.