Lege agenda

Dat moet dus anders. Echt. Ik kom maar niet uit de dip waarin ik zit. En dat nekt me. Het continu binnen zitten nekt me ook. Vrijwel alle energie die er is, gaat naar dagelijkse handelingen en afspraken die moeten. Eten, koken, douchen en veel gedoe rond dingen die moesten gebeuren in huis. Maar zo is er elke week wel iets. En zo gaat dat al maanden.

Ik ben zo moe en heb zo’n slechte concentratie dat ik tegenwoordig soms vier weken over een boek doe en dan aan het eind nog niet snap waar het over ging. En dat voor iemand die ook in slechte tijden zo drie boeken per week las.

Het enige wat wél goed gaat, is schrijven. Vind ik leuk en fijn om te doen en op de één of andere manier geeft dat meer dan dat het kost. Het kost me in ieder geval geen moeite zo lang ik gewoon zelf mijn eigen schrijftempo bepaal en er geen druk van buitenaf op wordt gelegd (dus niet meer zeggen dat ik mijn katten verhalen moet bundelen aub 😊).

Dus heb ik de monteur afgezegd en de enting voor de katten wordt ook gewoon maar weer opgeschoven. Ik wil nu een paar weken niets. Zelfs mijn moeder die hier één keer per week komt koken, heb ik de wacht aangezegd. Want ook dat put me uit en dan schiet het compleet zijn doel voorbij. Iedereen die iets van mij wil de komende tijd, zal moeten wachten tot volgend jaar. Ik ga me nu weer eens helemaal bezig houden met mezelf.

Het enige wat ik wel laat doorgaan is de huishoudhulp en de fysio. Voor de rest wil ik gewoon per dag voelen wat kan en vooral wat ik wil. Ik wil naar buiten! Naar buiten gaan wordt steeds ingewikkelder. Ik kan wel een paar meter lopen maar meer eigenlijk niet, omdat ik steeds meer evenwichtsproblemen heb en sta te zwaaien op mijn benen. Ik hoop dat een rollator wel wat steun geeft en maakt dat ik wat vaker zelfstandig naar buiten kan. Al is het maar tot de hoek van de straat en terug. Dus zocht en vond ik op Marktplaats een rollator en die is hier door de verkoper aan huis bezorgd, top service!

Dat is na de rolstoel natuurlijk wel weer een grens die ik oversteek. Maar die drol slik ik gewoon door. Niet meer over nadenken maar juist bedenken wat het me oplevert: naar buiten kunnen gaan!

Wat je niet moet zeggen wanneer ik in de buurt ben

Valhalla had laatst een grappig stukje over dingen die zij irritant vindt. Het meeste was niet herkenbaar voor mij. Want wat bij de één een rood waas voor de ogen doet verschijnen, heeft op de ander geen enkel effect. Wat irritatie opwekt, is heel persoonlijk.

Bij mij wisselt het bovendien nogal eens, net zoals mijn humeur. Vaak is iets pas irritant als er vooraf al een stapeling van factoren is geweest. Ik ben vaak zelf de persoon die vuile vaat in de gootsteen neerzet en wegloopt. Maar kan daar op een ander moment over ontploffen. Natuurlijk omdat ik dan nét de knoflookpers nodig heb, die ergens onder die troep ligt waar ik dan met mijn handen doorheen moet. En dan blijkt hij in de la te liggen.

Eigenlijk is het enige constante irritante in mijn leven één bepaald woord. Ik haat dat woord, ik vind het zó stom. Het gaat natuurlijk nergens over, dat geef ik onmiddellijk toe. Maar mensen die dat woord gebruiken vind ik meteen minder leuk. Spreek het uit in mijn bijzijn en je kukelt zo uit de top tien van leuke mensen.

Vorig jaar tijdens de Olympische Spelen – of was het dit jaar?- plaatste een fb-vriend nadat ‘we’ weer eens een gouden of zilveren plak hadden binnen gehaald, telkens hetzelfde commentaar op zijn tijdlijn. ‘En weer een bofbips die een gouden/zilveren plak heeft binnen gesleept!’

Bofbips.

Jak! Dat woord dat roept acuut agressie in mij op. Waarom niet gewoon bofkont zeggen? Is kont tegenwoordig een ongepast woord? Niemand had het ooit vroeger in de goede oude tijd over bofbips. Plotseling word je er dood mee gegooid, ik zie het nu bijna dagelijks voorbij komen. Bips, dat zeg je tegen kleutertjes. ‘Zo, dan gaan we nu even je bips afvegen.’

Bofbips is een woord dat inderdaad vrij recent meer wordt gebruikt, ontdekte ik toen ik er eens op ging googlen. Ik kwam al meldingen op internet tegen uit 2004 maar het stond pas in 2015 op een lijst met woorden die in dat jaar ineens veel op twitter voorkwamen. Sommige zijn duidelijk gelegenheidswoorden die je op een bepaald moment veel hoort, zoals terroroehoe (daar zal vast die uil die in Purmerend de boel terroriseerde bedoeld mee worden). Andere woorden zijn blijkbaar blijvertjes, zoals kibbelkabinet of bofbips.

Bofbips. Het enige dat ik ten voordele van dat rotwoord wil zeggen is dat het wel lekker bekt zo met die twee B’s. Maar gebruik dit woord één keer te veel en ik verwijder je uit mijn omgeving. Zou zomaar kunnen gebeuren.

Trouwens, nu ik toch lekker aan het zeiken ben: vrouwen die het over hubbie hebben als ze hun man bedoelen, vind ik ook stom (ook mannen die dit zeggen trouwens, want dát kan ook). Net als bestie zeggen als je het over je beste vriendin hebt. Niet leuk!

Wil jij me dus eens echt goed op stang jagen dan zeg je tegen mij dat jouw hubbie vindt dat jij toch maar een bofbips bent met zo een lieve bestie.

Maar verder gaat het wel goed met mij. Eigenlijk ben ik een heel mild mens. Echt.

Het nieuwe normaal


Ik leef in het nieuwe normaal. Ook al duurt dat nieuwe normaal al bijna 11 jaar, het blijft afwijkend voelen. Het nieuwe normaal dus.

In het nieuwe normaal word ik ’s ochtends wakker en merk ik dat mijn lijf voelt alsof er een vrachtwagen over mij heen is gereden in de nacht. Of wacht, misschien heb ik wel de hele nacht gesport zonder dat ik het wist. Het huis gepoetst. Of woeste sex gehad.

Wás dat laatste maar zo, dan had ik er nog iets aan.

In het nieuwe normaal lig ik in de ochtend de pijn uit. Soms lukt dat, soms niet. Onhandig is het wel. Want net als elk ander mens moet ik nodig plassen als ik wakker word. En lig ik best lang te wachten en moed te verzamelen voordat dit kan.

Natuurlijk kun je denken ‘tut niet zo, ga lekker plassen, zeikwijf!’ Maar té snel opstaan kan ervoor zorgen dat de rest van de dag slechter verloopt. Kwestie van inschatten of het lijf gewoon prut is of heel erg prut.

De kat komt één en ander even ondersteunen door lekker op mij te gaan staan prakken, op mijn buik en best wel volle blaas. Dat is zijn nieuwe normaal.

Het nieuwe normaal is om 8 uur wakker worden en vaak pas om 12 uur beneden zijn, aangekleed en wel. Nét op tijd voordat ik weer instort.

Het nieuwe normaal is dagen rondhangen in joggingbroek en fleece trui en zorgen dat ik er niet al te verfrommeld uitzie als de postbode aanbelt. De man is mijn nieuwe beste vriend want ik laat alles aan huis bezorgen.

Het nieuwe normaal is goed in de gaten houden wanneer puber thuis komt, zodat ik dan ieder geval overeind zit en een beetje op een normale moeder lijk.

Het nieuwe normaal is dagelijks een rondje internet doen op zoek naar de nieuwste ME publicaties. Die ik maar half lees en niet begrijp. Maar lezen zal ik. Stel je voor dat ik iets mis. Want ooit, ooit!

Het nieuwe normaal is buiten in de tuin even de zon op mijn smoel voelen en hopen dat de buurvrouw mij niet ziet. Want kletsen én daar zitten kost meer dan ik uit kan geven.

Het nieuwe normaal is het besef dat ik nooit zomaar spontaan weg kan gaan. Een hapje eten met een vriendin? Dát is denk ik 12 jaar geleden. In mijn wereld heb ik zorgvuldig afgebakende afspraken, hier thuis een paar keer per jaar.

Het nieuwe normaal betekent dat ik eten niet normaal verdraag, prikkels niet normaal verwerk, ik bij alles wat ik doe, goed moet voelen óf het wel kan en de terugslag die er toch altijd volgt maar voor lief moet nemen. Ik heb geen keus.

Het nieuwe normaal is het altijd vreemd blijven vinden dat de medische wereld blijft beweren dat het tussen mijn oren zit ook al vertelt mijn lijf een ander verhaal.  Zát het maar tussen mijn oren. Hielp zo denken mij maar.

Het nieuwe normaal is dat ik geen keus heb. Ik word niet ingehaald op straat door mijn bejaarde buurvrouw omdat ik lui ben of een slechte conditie heb. En ook niet omdat ik haar voor wil laten gaan. Ik heb geen keus, ik leef in het nieuwe normaal waarin niets het meer doet zoals het moet doen en niemand me kan vertellen hoe lang deze absurde en totaal niet leuke grap nog gaat duren.

Het nieuwe normaal is een apart universum waarin ik leef zonder gezien te worden en praat zonder gehoord te worden door het merendeel van de medische wereld.

In het nieuwe normaal tikt de klok, verglijdt de tijd en daarmee mijn hoop dat ik nog voor mijn pensioen beter word. Ik hoop het maar verwacht het niet. Niet meer.

Het nieuwste normaal is het besef dat ik niet langer in een tussentijd leef, de tijd tussen gezonde jaren in. Er was altijd een ‘ervoor’ en ‘erna’, ook al moest dat ‘erna’ nog komen. ‘Later als ik beter ben’ voelde ik de hele dag in mijn lijf resoneren. Ik had (heb!) wel 1000 plannen paraat voor wat ik wil doen, ga doen, zal doen, als alles het weer doet. Ik denk dat ik begin met mijn vriend op bed te smijten voor een portie wilde ongeremde sex.

Alleen, die versie van mezelf is er niet meer. Het nieuwe normaal is het besef dat dit het is. Dat ‘ooit’ misschien wel nooit komt. 

Mijn nieuwe normaal zou niet normaal mogen zijn. Want het is niet normaal. 

(Afbeelding Pixabay)

De week

Eigenlijk is het elke week hetzelfde verhaal: bijkomen van de dingen van de voorgaande week en energie sparen voor wat er de komende week op stapel staat.

Het hakte het er best in dat hier vorige week zaterdag een dakraam werd geplaatst. Omdat het op die maandag ervoor niet lukte wegens te veel regen, werd het verzet. Ik was dus voor niets het huis uit gevlucht die maandag. Zaterdag kwam best rot uit aangezien ik de dag ervoor naar de orthomoleculaire therapeut moest. Maar het was de enige optie, anders zou het ergens in december worden. Met een dakraam dat niet dicht kon was dat niet fijn.

Afijn, het nieuwe dakraam zit en het gesprek met de orthomoleculair therapeut was weer verhelderend. Ik kreeg naar aanleiding van de uitslagen van de bloedonderzoeken weer wat nieuwe supplementen voorgeschreven en wat meer uitleg over een eventueel traject om de amalgaamvullingen te vervangen. Ik zal er een andere keer meer over schrijven.

Daarna lag ik een paar dagen voor dood in bed. Nou ja, zo voelde het dan toch. Woensdag ging ik even naar de fysio, donderdag bleef ik weer liggen want vrijdag hadden wij een diploma-uitreiking op school. Puber heeft vorig jaar zijn Cambridge CAE diploma gehaald en dat werd nu uitgereikt!

Hij is verspreid over twee dagen getoetst – denk aan spreken, schrijven, luistervaardigheid en teksten lezen – en hij had het heel goed gedaan. Na het halen van het CAE heeft hij ervoor gekozen om door te gaan en hij is nu bezig met een International Baccalaureate. Het is best pittig want het CAE examen werd door native speakers afgenomen en de toetsen die hij moet maken voor het International Baccalaureate worden ook extern beoordeeld.

Ik vind het tof dat hij dit kan en doet. Er zijn veel klasgenoten die na het CAE examen hebben aangegeven niet door te willen gaan met het IB, ze vinden het wel best zo. Ik verwacht dat hij – als hij straks naar de universiteit gaat – in ieder geval geen moeite zal hebben met het studiemateriaal dat overwegend in het Engels is. 

Zo, genoeg trotse moederpraat! 😊 Ga ik nu weer bijkomen van de diploma-uitreiking. Voor komende week staan er twee afwijkende activiteiten in de agenda: regulier onderhoud aan de verwarmingsketel en geiser (heb ik al een keer afgezegd dus nu toch maar laten doorgaan) én een bezoek aan de dierenarts met Moos en Gerrie. Altijd een feestje!

Fijn weekend allemaal! 

Smoes

Lekker gespeeld joh!

‘Gaat het wel goed met Smoes’, vroeg een lezer over de mail, ‘want ik lees niets meer over hem?’ Kan ik kort over zijn: Smoes gaat goed!

Voor wie net is aangehaakt op het blog: ik heb vier katten die allemaal wel iets mankeren, vooral door de gevolgen van het leven op straat en de trauma’s die daardoor zijn ontstaan. Maar soms ook gewoon door ouderdom.

Smoes is nu 12 jaar oud en in kattentermen is dat bejaard. Nu merkten we daar altijd weinig van want hij was altijd heel druistig, hyper en speels.

Smoes is als kitten gevonden in een doos in een sloot en nét op tijd gered en naar een opvangadres gebracht. Daar zagen wij hem voor het eerst, een heel klein bang cypers katje, samen met zijn zusje tussen een heleboel andere katten, totaal verloren.

Hij stal ons hart en kwam een paar weken later bij ons wonen. Na een aarzelende start, alles was eng en hij had continu diarree, werd het leven allengs beter en dat is het eigenlijk altijd gebleven. Op die ene darmoperatie na, 6 jaar geleden. Zijn eerste drol na de operatie werd met gejuich ontvangen en het leven ging weer verder met spelen en rennen en eten en op de pergola klimmen en het te druk hebben om langer dan een minuut te blijven liggen. Opzij, opzij, opzij!

Dit voorjaar viel het mij op dat hij niet meer over de pergola heen en weer rende. Springen op bed ging ook moeizaam, hij zakte zo door zijn voorpoten en hing dan aan de zijkanten van de dekbedhoes. Kan natuurlijk, hij is inmiddels een bejaarde kat.

Maar hij werd ineens ook wel heel erg mager. En dat terwijl hij als een dokwerker at. Toen hij drie ons zalm die lag te ontdooien had gejat en opgevreten en na een uur al weer om eten kwam bedelen, ging het alarm af en maakten we een afspraak bij de dierenarts. 

Omdat poes Dorrit ook een te snel werkende schildklier had, herkende ik de symptomen. De dierenarts vermoedde het ook en zei stoer dat ze haar schoen zou opeten als het dat niet zou zijn. Gelukkig voor haar hoefde dat niet, al had ik dat wel graag willen zien.

Meneer kreeg pillen en werd flink bijgevoerd en dat hielp iets maar niet voldoende. Dus besloten we in juli hem te laten opereren. Het deel van de schildklier dat verdikt was, is weggehaald. Bij katten kan dat, bij mensen niet. Na de operatie moet het overgebleven deel dan de hormoonproductie overnemen.

Sindsdien gaat het goed met Smoes, wat zeg ik, uitstekend! Al moest hij er wel aan wennen dat hij niet meer acht keer per dag eten kreeg. Dát was hem uitermate goed bevallen.

Wat wel vreemd is om te zien is dat hij sinds hij pillen kreeg en geopereerd is, veel rustiger is. Door de verhoogde schildklierproductie was zijn hartslag altijd heel hoog en dat zal ongetwijfeld hebben bijgedragen aan het hyper gedrag wat hij vaak vertoonde. Nu is hij in één klap veel rustiger geworden. Hij haalt veel rustiger adem en is toch ineens echt wel een bejaarde kater geworden die veel ligt te pitten. Met veel speelse momenten, dat gelukkig nog wel.

Boodschappen doen

afbeelding Fennine de Weerd

Tot twee jaar geleden ging ik een enkele keer nog wel eens mee met boodschappen doen. Anders was het zo sneu voor M. als hij elke week in zijn eentje de weekvoorraad moest halen. Op een gegeven moment ben ik er mee gestopt. Te veel prikkels en te weinig energie om dat vol te houden. Inmiddels laten we alles aan huis bezorgen, veel makkelijker. Maar ik weet nog goed hoe het was!
(tekst uit het blogarchief)

Boodschappen doen

Vandaag ga ik mee
met boodschappen doen
Ik heb een briefje
met wat we nodig hebben
Als ik de winkel inloop
zie ik dat het niet druk is
Gelukkig

Ik ben niet alleen
M. is mee
Hij pakt en tilt
de zware spullen

Elke keer als ik
in de winkel kom
is er iets veranderd
Ik kom er niet vaak genoeg
om de indeling te kennen

We beginnen bij
de afdeling fruit en groente
met daarom heen
allemaal aanbiedingen
Wat vreselijk veel zeg!
Ik kijk op mijn briefje
dat geeft houvast

Lopen door de winkel
is alsof ik op de kermis loop
Een kakofonie van prikkels 
Overal borden met teksten
Schappen vol producten
met felle kleuren
die in elkaar overlopen
Zóveel prikkels dat ik
de afzonderlijke dingen
niet goed kan onderscheiden
Het wordt één grote brij

Gelukkig heb ik een kar
die ik vast kan houden
Als tegenwicht tegen al die prikkels
beweeg ik extreem langzaam
Kijken op het briefje
één ding pakken
in de kar leggen
weer kijken op het briefje
en weer één ding pakken

Ik ben zo met mezelf bezig
dat ik M. kwijtraak
die elke hoek van de winkel
met zijn ogen dicht kent
en heen en weer rent
om zo snel mogelijk 
weer buiten te kunnen staan

Zijn snelheid
vertraagt mij nog meer
Ik raak steeds meer de kluts kwijt
Nu word ik een beetje misselijk
en de wereld begint te draaien
of ben ik dat? 
Ik probeer mensen te ontwijken
maar ben zelf net zo’n bejaarde
die altijd in de weg staat
als je zelf snel iets moet pakken

Als de kar vol is
en alles van het briefje
denkbeeldig is afgestreept
gaan we naar de kassa
Dat is ook een goed moment
om in de war te raken
De snelheid van de band
de bekwame caissière
de vaart waarmee
M. alles inpakt
ik sta er maar een beetje bij 
Wachten tot het tijd is
voor mijn taak: betalen

Ook dat is een uitdaging
want als het bedrag verschijnt
kijk ik in de portemonnee 
maar mijn brein
is niet meer in staat
tot snel optellen
en herkennen van het geld
Het is me wel eens gebeurd
dat de kassamevrouw zei
geef maar hier
en het voor me uittelde
De beste tactiek is daarom
altijd met groot geld te betalen.
Gewoon 2 briefjes van €50 geven 
is meestal wel goed

Als dat ook is gebeurd
lopen we de winkel weer uit
Dát was een heel avontuur
Hier kan ik weer lang op teren
En terwijl we naar huis rijden
vraag ik me af
waar toch die vrouw is gebleven
die in haar eentje op vakantie ging
op de trein naar Parijs stapte
het vliegtuig naar Maleisië nam
Die in haar gebrekkige Italiaans
op de Frankfurter Buchmesse
vertalingen stond te regelen
Die multitasking heeft uitgevonden
en ervan genoot alles snel te doen
Die vrouw die als een stuiterbal
door het leven ging

Die vrouw heb ik al een tijd niet gezien
Ik moet haar toch eens vertellen
dat een uitje naar de winkel
ook een enorme belevenis is

Rust

Zo, het kapotte dakraam is vervangen en nu gaan mens en dier bijkomen. Opstaan lukt niet omdat ik ingebouwd ben en eigenlijk vind ik dat wel prima vandaag 😂.

Bijkomen van de onrust én van de financiële aderlating want we zijn in één klap €1300 lichter. Natuurlijk kan dit, we wonen in een oud huis, maar net als de kapotte WC vorige maand komen dit soort dingen altijd onverwacht en een beetje pijn doet dat wel. Maar ik ben ook blij dát we het weer bij elkaar konden schrapen zonder in de problemen te komen.

Fijne zondag allemaal!

Netflix: Dix pour cent

Op zoek naar heel iets anders kwam ik per ongeluk bij ‘Dix pour cent’ terecht, een Franse komische serie op Netflix over ASK, een groot agentschap in Parijs voor acteurs. Nooit van gehoord deze serie, nergens iets over gelezen maar wél een schot in de roos.

Eigenlijk vond ik bijna alles leuk aan deze serie: de arrogantie van de Parijse medewerkers van het bureau ASK, de vaak hilarische verhaallijnen en de onzekerheid en hysterie van de acteurs. Maar het grappigst vond ik toch wel dat er in elke aflevering bekende Franse acteurs meedoen die zichzelf spelen en zichzelf en het leven dat ze leiden heerlijk op de korrel nemen. Denk aan Juliette Binoche (Chocolat) , Audrey Fleurot (Engrenages, Entouchables) en Isabelle Adjani (Camille Claudel).

Het voortbestaan van het agentschap wordt in gevaar gebracht door een onverwachte crisis met grote financiële gevolgen en de vier impressario’s Mathias, Andrea, Gabriel en Arlette halen, daarbij bijgestaan door hun assistenten, alles uit de kast om het agentschap te redden van de ondergang.

Ze hebben elk hun eigen manier van benaderen en omgaan met de acteurs maar gemene deler is toch wel dat er continu wordt verleid, gevleid, gelogen en gekonkeld om de acteurs in contact te brengen met regisseurs, ze aan het werk te houden, moed in te praten of ervan te overtuigen dat ze niet lelijk/ afgedankt/ talentloos zijn. De wensen en grillen van de acteurs zijn hilarisch en soms onverwacht ontroerend en hun agenten zijn niet alleen arbeidsbemiddelaars maar ook kinderoppas/ psycholoog/ manusje van alles en boksbal om alle klappen op te vangen.

Heerlijke inkijk in een wereld die ik niet ken. 
De serie is in 2016 voor het eerst op de Franse TV geweest en heeft nogal wat prijzen in de wacht gesleept, wat ik volkomen begrijp. Er zijn twee seizoenen beschikbaar van elk zes afleveringen van vijftig minuten. Het derde seizoen wordt dit najaar op de Franse TV uitgezonden en staat hopelijk snel daarna op Netflix.

Kun jij €5 missen?

Aanstaande zondag wordt in Grootebroek een concert georganiseerd ten bate van ME patiënten door René Robert, die dit jaar al meerdere acties op touw zette om geld in te zamelen en bekendheid voor het lot van ME-patiënten te genereren.

De opbrengst gaat naar de Open Medicine Foundation dat biomedisch onderzoek doet naar de oorzaak van ME. Zelf kan ik niet gaan, dit is niet haalbaar voor mij, maar ik heb wel gedoneerd. Het mooie is dat de opbrengst wordt verdrievoudigd door twee weldoeners.

Misschien wil jij ook een donatie doen? Je helpt ons er enorm mee. Onderzoek naar ME is hard nodig, laat ons niet in de kou staan! Wij willen beter worden en weer aan het leven deelnemen.

Meer informatie over het concert of hoe je kunt doneren is verkrijgbaar bij ME-Centraal.

Ik krijg net een mail dat het nummer op de site van ME Centraal niet correct is. Het juiste nummer, wat René Robert zelf deelde is:
NL 33 INGB 06 56789 336 t.n.v R.Robert

Delen wordt zeer gewaardeerd.