Zaterdag

Aangezien ik vorige weekend nogal druk was voor mijn doen en we dit weekend een verjaardag vieren, deed ik deze week rustig aan. Ik ging dinsdag naar de sauna en genoot van het stralende weer begin deze week. Ik was veel buiten. Als ik op de stoep voor ons huis ga zitten met mijn rug tegen de deur, zit ik helemaal uit de wind en wel in de zon (als die schijnt). Dat is mijn plekje in deze tijd van het jaar. Kopje thee erbij, een boek en meestal scharrelt Dibbes wat om me heen, heerlijk!

Qua gezondheid schiet het niet zo op. Mijn energiepeil is redelijk alleen speelt nu mijn rechterschouder weer op. Na het gezeik in december met mijn linkerarm en het carpaal tunnel syndroom dat nu weer aardig onder controle is,  kan ik nu rechts niet meer goed bewegen. Het voelt anders dan de klachten die ik daar eerder had en de fysio denkt dat het een slijmbeursontsteking is. Nu zit er daar in de praktijk ook een “Chinese darter” zoals mijn fysio een acupuncturist noemt en met hem heb ik nu een afspraak gemaakt voor komende woensdag. Ik ben benieuwd. Ik merkte namelijk dat fysio met een slijmbeursontsteking weinig uithaalt, het gaat alleen maar meer pijn doen.

In het verleden heb ik hele positieve ervaringen met acupunctuur en ontstekingen opgedaan dus ik heb goede hoop. Kind schrok van mijn opmerking dat ik naar een acupuncturist ga volgende week, maar zijn referentiekader bleek Kung Fu Panda te zijn….

Morgen vieren we de 13e verjaardag van S., dat geeft dus wat drukte. Ik maakte begin van de week al een chocoladetaart en die ging de vriezer in.  Ik maakte later in de week ook een luie appeltaart en schoof die ook in de vriezer. Vandaag moet ik ze niet vergeten eruit te halen en dan maak ik morgen de chocoladetaart af met een chocoladelaagje.

De mannen halen dan straks nog een ‘echte’ taart (lees: met suiker en gluten) in de stad en dan zijn we wat taarten betreft klaar. Hoef ik morgenochtend alleen nog maar het avondeten klaar te maken. Ik maak een pilaf (gehakt met mango en tomatensaus) met daarbij gegrilde haloumikaas, gebakken bakbanaan, rijst, salade en wat brood en kaasjes. Zo kan een ieder pakken wat hem lekker lijkt en wat overblijft kan makkelijk later in de week worden opgegeten. Ik kan zelf hier ook makkelijk van eten (met uitzondering van de kaas, brood, rijst) zonder dat ik veel moeite moet doen om aparte dingen voor mezelf te maken. Eerder deze week bakte ik  paleo-tortilla’s en hield er een voor mezelf achter, die ik morgen kan eten met het gehakt en de salade.

Fijn weekend allemaal!

Afdankertjes…

Van de week lag Gerrie op een stoel en toen hij me zag, bood hij zijn buik aan voor wat kriebelwerk. Hij maakte zachte pruttelgeluidjes en ik mocht zelfs onder zijn kin aaien. Wat heeft deze kat ontzettend veel geleerd!

De buren van 2 huizen verderop hebben bijna 2 jaar geprobeerd hem te laten wennen aan mensen. Ze gaven hem eten, hij sliep in de nacht in hun huis. Dat wisten ze omdat ze witte kattenharen op de bank zagen als ze in de ochtend beneden kwamen. Hij kwam af en toe naar binnen als zij ook binnen waren maar bleef heel schuw. Ik weet zeker dat ze het heel goed met hem voor hadden, het zijn mensen die dol zijn op katten maar ze kwamen niet verder met hem, het lukte gewoon niet en waar dat nou aan lag? Katten zijn eigenwijze wezens.

op de bak buiten naar binnen gluren

Toen wij Gerrie ‘overnamen’ was hij overal bang voor. Overnemen is misschien niet het goede woord, volgens mij koos hij ons uit. Hij dook zo ergens in augustus ineens op in ons huis. We hadden hem in de twee jaar ervoor al vaker gezien maar vooral op afstand. Wij waren immers druk bezig met Dibbes te redden. Maar in ieder geval, ineens zagen we Gerrie veel bij ons in de tuin en alles was eng. Hij zat veel naar binnen te gluren op de bak buiten, het verkennende voorwerk zeg maar.  Dat maakten we ook met Dibbes mee. Uren werden we bestudeerd om uiteindelijk voor ons gunstige conclusies te trekken.

Toen hij wat vaker in huis kwam, gingen we allemaal heel rustig en zacht lopen. Want hij sprong snel een meter in de lucht van schrik. Als je in een kamer het licht aandeed of uitdeed, was er paniek en vluchtte hij weg. Als je bij hem in de buurt kwam haalde hij uit. Ik heb van oktober – het moment dat hij hier echt kwam wonen – tot half december continu met krassen en wonden op mijn armen gelopen. Geen kat heeft me zó vaak aangevallen als Gerrie. Al is aanvallen niet de juiste omschrijving, hij dacht zichzelf te moeten verdedigen.

De eerste paar weken aaide ik hem met een afwasborstel zacht over zijn rug. Later deed ik dat met mijn hand maar dat liep vaak fout af, voor mij. Aan zijn reacties merkte ik al snel dat er wat zwakke punten zijn in zijn lijf. Hij heeft een pijnlijke plek bij zijn linkerschouder en bij zijn heup. Daar is hij duidelijk gewond geweest. Wat die heup betreft, die is gebroken geweest. Vorig voorjaar werd hij gezien terwijl hij zich voortbewoog met zijn voorpoten, zijn achterpoten sleepten achter hem aan. De mensen die toen voor hem zorgden maakte zich enorme zorgen, maar kregen hem ook toen niet te pakken. Gelukkig kan een heup soms ook herstellen zonder dokter en dat is bij hem het geval. Maar je ziet aan zijn manier van lopen dat het niet soepel gaat en bij het aaien moet ik uitkijken dat ik het daar heel zacht doe.

Heel langzaam leert deze kat dat mensen oké zijn. Dat handen kunnen aaien in plaats van slaan. Dat er niets moet, behalve in het zonnetje liggen op een lekkere stoel. Ik zie hem regelmatig in een steeds diepere slaap wegzakken. De tijd van hazenslaapjes is voorbij. Hij hoeft niet meer continu alert te zijn, dus slaapt hij dieper en langer.

Hij geeft zijn vertrouwen. Als ik hem optil, laat hij zich helemaal slap hangen tot ik hem weer neerzet. Als ik aan tafel zit, komt hij bij me zitten en zitten we soms minutenlang neus aan neus. Als ik hem wil laten wennen aan de kattenmand, begrijpt hij heel snel wat de bedoeling is en stapt de mand in om het lekkers te pakken dat ik er in leg. Elke keer ga ik een stapje verder, deurtje in de mand, deur even dicht doen, hij vindt het oké.

Gerrie is mijn 7e kat. Al mijn katten zijn afdankertjes van anderen. Ik weet van geen van mijn katten waar ze vandaan komen of wat ze hebben meegemaakt. Dát ze het één en ander hebben meegemaakt merk ik aan het gedrag. Bij alle katten duurde het maanden tot soms jaren voor ze socialiseerden en vertrouwen kregen. Soms komt dat vertrouwen nooit meer. Kat Smoes voelt zich inmiddels heel wat maar ritsel met een plastic zak bij hem in de buurt en hij vliegt tegen het plafond. Dibbes is idolaat van me maar als ik hem in een mand probeer te stoppen dan krabt hij me helemaal open. Moos was zo geflipt toen hij bij ons kwam dat hij op geen enkel geluid reageerde. Maanden deed hij alsof hij doof was. We vonden hem op straat terwijl hij zo’n enorme navelbreuk had dat zijn darmen naar buiten floepten. Hij was een maand of 4. Gezien zijn reacties op een autoritje is hij uit een auto gegooid. Ik kan er niet bij wat mensen hun beesten aandoen.

Gerrie is nog vrij jong, ik schat hem op een jaar of 4,5 en hier kunnen we nog jaren van genieten. Ook nu weer – bij de 7e kat – ontroert het me dat een kat met zo’n heftig verleden zijn vertrouwen geeft, het durft te geven. Dat we mogen meemaken dat hij opbloeit en zien wat een pracht exemplaar hij is. En dat we hopelijk weer jaren gaan genieten van andermans afdankertje.

De kat in de mand

Gerrie laten wennen aan de mand gaat heel goed tot nu toe. Ik heb niet eerder met de katten iets zó gericht aangepakt omdat ik ervan uitging dat een kat toch zijn eigen goddelijke gang gaat. Nu leer ik echter dat je ook een kat kunt conditioneren. Als ik tegenwoordig de kattensticks pak, rent Gerrie al naar de mand. Hij neemt een hap buiten boord en gaat er dan in staan en neemt daar het lekkers in ontvangst. Na het uitdelen blijft hij tegenwoordig in de mand liggen. Soms 5 minuten, soms een half uur. De mand is nu duidelijk een fijne plek.

Ik ga ergens deze week over tot de volgende stap: het deurtje aan de mand bevestigen. Verder doe ik niets anders en het deurtje blijft gewoon openstaan. Ik wil dat hij went aan de aanwezigheid van het deurtje zonder dat er nog iets mee gebeurt.

Dit zo aanpakken is niet alleen goed voor Gerrie, ook voor mij. Met zijn vol vertrouwen in de mand stappen, leer ik dat ik veel kan bereiken met mijn zwervers. Ik hobbel niet achter hun trauma’s en kuren aan, ik kan ze gericht iets leren.

Mijn ‘cunning plan’ om een niet te weerstane slaapplek voor Dibbes te maken, vlak naast de vaste plek van Gerrie pakt ook positief uit. Er is minder spanning tussen de heren. Laatst lag Gerrie bij ons op bed en Dibbes ging pal naast hem liggen. Eens in de zoveel tijd moesten ze elkaar even bekijken maar er werd ook veel met oogjes geknepen, voor een kat een signaal dat hij afgeeft om te vertellen dat hij geen kwaad in de zin heeft.

Zo rommelen we lekker door, de katten en ik.

Over boeken en katten…

Vorige week schreef ik een review van het in december verschenen Paleo Lifestyle Magazine op mijn kookblog. Trouwe lezers hier hebben ook vast wel mee gekregen dat ik al geruime tijd paleo eet. Sinds ik dat doe (en sinds ik de gluten uit mijn eetpatroon schrapte) zijn mijn darmen aanzienlijk opgeknapt. Het eetpatroon bevalt me goed, wel ‘kak’ ik af en toe in en eet te veel pure chocola om vervolgens te veel van het pad af te wijken. Het tijdschrift gaf me weer veel inspiratie en ik ging meteen weer strakker in paleostyle eten. Grappig genoeg merkte ik meteen een toename in energie dit keer, wat misschien ook te maken heeft met dat ik eens niet over mijn grenzen ging in de week ervoor, maar toch.

Medeblogger Marga las mijn review en bood mij een aantal paleoboeken aan die ze weg wilde doen. Lief! Twee dagen later kwam haar pakje binnen. Drie hartstikke mooie en als nieuw uitziende boeken vol informatie en inspiratie. Vooral het boek van Robb Wolf stond al een tijdje op mijn verlanglijstje. Helaas is onze bieb zeer behoudend en de meeste paleoboeken worden niet aangeschaft. Het boek ‘Oergondisch genieten’ bijvoorbeeld werd dan onlangs wel aangeschaft door de bieb en nu sta ik al weken op een wachtlijst. Dat schiet dus niet op. Als ik erover wil lezen, moet ik dus op andere manieren aan de boeken zien te komen. Ik was dus heel erg blij met het gulle gebaar van Marga.

De katten waren ook blij met het pakje. Marga heeft twee honden en die geuren werden duidelijk opgepikt, héél interessant vonden ze dat.

Over katten gesproken (kijk nou toch eens hoe vloeiend ik van het ene naar het andere onderwerp ga). ‘I have a cunning plan‘ – zoals Baldrick in mijn favoriete TV-serie Blackadder altijd zegt – om Dibbes en Gerrie meer aan elkaar te laten wennen. Gerrie is een gewoontekat en ligt vaak op dezelfde stoel aan tafel. Nu heb ik daar vlak bij twee kleine krukjes gezet, met een kleedje erover heen. Dat plekje is bovendien heerlijk warm want het staat bij een luchtrooster van onze hete luchtverwarming. Mijn inschatting was dat Dibbes gezien zijn egocentrische aard – nieuw plekje dus van mij, van MIJ! – niet zou kunnen weerstaan. En jawel, wat heerlijk toch als beesten zo voorspelbaar zijn:

Dus slapen de heren sindsdien uren vlak bij elkaar in de buurt, naar volle tevredenheid. Ik hoop dat dit ook gaat schelen op de moeilijke momenten, als ze elkaar bijvoorbeeld passeren in de keuken, op de trap of in de deuropening. Dat leidt nu nog vaak tot gemep maar wordt misschien zo wel minder.

Fijn weekend allemaal!

Ontspanning

Eindelijk had ik weer eens een redelijk goede week. De week hiervoor had ik vooral plat doorgebracht en ook het afgelopen weekend was heel rustig omdat de mannen op stap waren naar een familieweekend met kookworkshop. Ik merkte dat de rust me echt goed deed en deze week verliep daardoor beduidend relaxter.

Hoogtepunt voor mij was een middagje sauna. Het was echt lang geleden dat ik dat had gedaan. 5 minuten van ons huis is een grote sauna waar het heerlijk toeven is. Dat ik er echt lang niet was geweest was bleek wel uit het feit dat er inmiddels een paar sauna’s bij gebouwd waren. Een daarvan is met zoutstenen en die stenen geven niet alleen warmte af maar stralen ook een heel fijn zacht licht uit. Bovendien is de temperatuur in deze sauna niet zo hoog (60 graden, terwijl in de meeste sauna’s de temperatuur rond de 80-95 graden is) waardoor het voor mij goed vol te houden was.

zoutsteencabine van sauna Suomi, Hoorn, afb. afkomstig van hun site

Later las ik dat dit zoutsteen – uit het Himalayagebergte – trouwens voor van alles en nog wat goed is. De mineralen in het zoutsteen hebben een medicinale werking.  Het is goed voor de stofwisseling, de luchtwegen en de werking van de schildklier. Door de lagere temperatuur kun je er bovendien met gemak een half uur inzitten, zo niet langer. Ik vond het in ieder geval top.

Wat ik bijzonder fijn vond om te merken is dat mijn lichaam nu heel anders reageerde dan pak em beet twee jaar geleden. Toen ging ik ook af en toe naar de sauna omdat de warmte een goed effect had op mijn spierpijnen die ik toen door de ME heel veel had. Ook vond ik het goed om af en toe flink te zweten omdat ik natuurlijk nooit kon sporten. Ik had het idee dat ik zo flink afvalstoffen kon afvoeren. Maar ik kon hooguit 2 tot 3 minuten per keer in de sauna zitten en dat maximaal drie keer. Een saunabezoek was bij mij dan ook snel voorbij. Aan- en uitkleden was erg inspannend en mijn moeder bracht en haalde me soms met de auto, terwijl het hier dus zowat om de hoek is! De dagen na een saunabezoek kon ik niets doen.

Nu merkte ik echt een enorm verschil. Aan- en uitkleden is geen gedoe meer. Ik ging 3 keer in de infraroodsauna (want die spieren zijn weliswaar niet mee zo pijnlijk maar nog steeds wel een issue), een keer in de tulisauna (houtgestookt, dus heerlijk in een vuurtje staren) en een keer in de zoutsteensauna. Al met al was ik zoet van half 2 tot bijna half 6. Ik kon per keer veel langer in de sauna blijven. Ik had twee dagen na het bezoek wel een typische ME-terugslagdag (reageren met vertraging op een inspanning is kenmerkend voor ME) maar ik heb lekker uitgeslapen en veel plat gelegen en toen was het wel weer klaar.

Ook merkte ik vooruitgang aan andere dingen. Ik kon me daar makkelijker ontspannen en vrouwen die luidkeels aan het kletsen waren buitensluiten. Lawaai en prikkels storen me minder. Ik zat op een gegeven moment gewoon heerlijk te mediteren in de zoutsteensauna en wat er om me heen gebeurde boeide me en raakte me niet.

Ik ben er nog lang niet en prikkels buitensluiten in een sauna gaat makkelijker dan prikkels buitensluiten op de markt of in een druk café, maar ik vind het wel heel bemoedigend. Soms vergeet ik waar ik vandaan kom. De slechte dagen van nu zijn de topdagen van een paar jaar geleden. Dat is goed om mezelf voor ogen te houden als ik me eens zielig voel.

Het beviel zo goed dat ik me heb voorgenomen voortaan één keer in de maand een middagje sauna te doen. Ga ik betalen van mijn zakgeld. Als het vakantiegeld dan binnen is, neem ik een 10-badenkaart, dat scheelt aanzienlijk.

Ben jij ook zo dol op de sauna of vind je het helemaal niets?

Kat in de mand

Het plan was om Gerrie deze maand te laten castreren. Of dat ook echt deze maand nog gaat lukken, vraag ik me af. We zijn wel flink bezig met de voorbereidingen. Gepokt en gemazeld als ik inmiddels ben met getraumatiseerde katten, ga ik er niet meer van uit dat ik op dag A en uur U de kat zomaar in de mand weet te stoppen. Dat deden we met Dibbes wel, gezien het feit dat hij echt doodziek was maar daar was wel een aanzienlijke hoeveelheid drugs voor nodig, voor kat en toekomstig baasje. Het had tot gevolg dat we hem nu echt de mand niet meer in krijgen. Met Gerrie moeten we dat dus anders aanpakken. Met beleid en geduld. Ik ben nooit de reactie van Vlasje vergeten die schreef dat ze heeft gewacht tot de kater die bij haar was aankomen lopen, zelf in de mand stapte, vol vertrouwen. Zo wil ik het ook graag!

Heel langzaam laat ik Gerrie aan de mand wennen. We hebben een plastic mand die bestaat uit twee delen, de bovenkant kan van de onderkant af. Eerst heb ik alleen de onderkant in de huiskamer neergezet, met een kleedje erin waarop Gerrie veel heeft gelegen de afgelopen maanden.

De mand werd vakkundig genegeerd. Ook als ik er lekkere snoepjes in verstopte. Die werden gevonden door Moos en Smoes die geen mand-trauma hebben en er erg van genoten. De snoepjes geven terwijl ik op de grond zit vóór de mand bleek een beter idee te zijn. Dus dat deed ik een paar weken, snoepjes uitdelen op de grond voor de mand.

Inmiddels heb ik de bovenkant op de mand gezet en deel ik nog steeds snoepjes uit. Eerst legde ik een snoepje op de rand en een enkele keer een snoepje helemaal in de mand. Tegenwoordig leg ik de eerste paar snoepjes buiten de mand, één voor één en de rest één voor één in de mand. Zo verleggen we heel langzaam de grenzen van wat Gerrie bereid is te doen. Laatst kroop hij uiteindelijk gewoon maar helemaal in de mand, om daar de snoepjes in ontvangst te nemen. Ook toen ik al klaar was bleef hij in de buurt van de mand en stapte er nog een paar keer in, want ‘je weet maar nooit’. In een paar weken tijd heeft de mand dus promotie gemaakt van ‘enge te negeren plek’ naar ‘daar waar lekkers wordt uitgedeeld’. De volgende stap zal zijn het deurtje in de mand te zetten en open te laten staan. Maar dat doe ik pas als ik merk dat hij er langer in blijft liggen.

De stappen die je kunt nemen om je kat te laten wennen aan de mand, kun je ook hier vinden. Inmiddels heb ik wel door dat een kat zijn eigen tijd neemt om aan iets te wennen en dat je met veel tijd, geduld en herhaling een eind kan komen.  Dus lukt het deze maand niet en volgende maand wel, ook prima. Al zou het wel fijn zijn als het voor half maart lukt omdat onze dierenarts van 15 februari tot 15 maart flink korting geeft op castraties van katten.

Als Gerrie succesvol is afgeleverd bij de dierenarts en gecastreerd, gaan we over op het volgende plan: Dibbes aan die mand laten wennen. Dat is een klus met nog meer uitdaging maar ook dat gaat vast lukken. Zodat we Dibbes wel gewoon kunnen laten enten en onderzoeken. Sommige mensen vragen zich af of jaarlijkse entingen nodig zijn. Ik vind van wel, ik ben bijna een kat verloren omdat ik ooit meende van niet. Kattenziekte is een heel snel verspreidend virus met vaak dodelijk resultaat. Dat risico wil ik niet meer nemen. Bovendien vind ik een jaarlijkse controle een goed idee. Zeker bij ex-zwervers met een immuunsysteem dat niet optimaal werkt.

Iedereen maakt voor zichzelf een keuze die past bij de situatie, de kat en de ervaring. Ik houd het betaalbaar door elke maand wat geld opzij te zetten voor entingen, vlooien- en wormenbestrijding en dierenartskosten. Echt grote pech – zoals de darmoperatie van € 500 van kat Smoes drie jaar geleden – betalen we van de buffer.

Krijg jij je kat makkelijk mee naar de dierenarts?

Vreemde kostganger

‘Onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers’, zei mijn omaatje regelmatig om duidelijk te maken wat ze van iemand vond. Dat ze zelf trouwens ook vrij hoog scoorde op de schaal van eigenaardigheid, had ze volgens mij niet door.

Maar die uitdrukking schoot me weer te binnen toen ik wegliep uit de boekhandel waar ik zojuist mijn DHL pakje had ingeleverd. De verkoop van boeken en dvd’s via B.ol gaat heel aardig. De wat zwaardere boeken verstuur ik met DHL omdat dat voor mij de goedkoopste optie is. Het Russisch-Nederlandse woordenboek dat al 20 jaar bij mij in de kast stond – en dát terwijl ik geen woord Russisch spreek en ook nooit van plan was het te leren – was verkocht en leverde zo een bijdrage aan onze hypotheekaflossing. Het woordenboek viel in de categorie ‘zwaar’ en werd dus verstuurd via DHL.

Nu was ik de afgelopen weken al een paar keer bij het inzamelpunt – een boekhandel in ons IJsselmeerstadje – geweest om andere pakjes in te leveren. En ik was verrukt over wat ik aantrof. Een mooie ruimte vol boeken (ja duh!), grote houten tafels met boeken, stapels boeken aan de zijkanten, een heerlijke versleten chesterfield bank en een prachtige afdeling met kinderboeken. En tot slot, niet geheel onbelangrijk: een hele aardige boekverkoopmeneer die elke keer heel vriendelijk het pakje in ontvangst nam en vertelde dat ik even moest wachten, dan zou hij het in orde maken. Altijd een lach en een praatje.

Nou hoor ik dat natuurlijk altijd graag, dat iemand ‘het’ in orde maakt, het geeft me een gerustgesteld gevoel. En dat heb ik ook wel nodig want ik voel me een beetje schuldig om als voormalige boekenverzamelaar alleen maar ongewenste ‘zooi’ in te leveren bij zo’n prachtige winkel zonder iets te kopen. Dus als ik dan terugloop met de verzendbevestiging in de hand, loop ik langs al die houten tafels met boeken wél te kijken en niet te kopen. En beloof ik die boeken dat ik binnenkort heus wel een mooi exemplaar uitzoek. Want dat verdient die boekhandel.

Hoe je beeld kan kantelen werd in één klap duidelijk. Ik liep naar binnen met mijn zojuist verkochte Russisch-Nederlands woordenboek en werd niet opgewacht door de leuke boekhandelaar maar door zijn chagrijnige vader of oom of oudere werknemer. Mijn fantasie slaat nogal snel op hol, dat je het weet.

Nou ja, ik werd niet echt opgewacht, ik liep de winkel in, helemaal naar achteren en zag niemand. Wel stuitte ik op een wolk van gore sigarettenrook die net goed bleef hangen in de sectie kinderboeken, wat niet geheel toevallig was want daarnaast lag blijkbaar het rookhol.

Uit dat hol dook een geïrriteerde oudere man op. Stoorde ik hem bij het roken? Stoorde ik hem omdat ik geen boek kwam kopen maar een ordinair pakketje kwam afleveren? ‘Dat hele DHL inleverpunt gedoe is toch een teken van de gehele neergang van de boekenbranche‘ hoor ik de man denken, maar ik ben dan ook bijzonder fijngevoelig en vang dat allemaal op hè, in een mum van tijd. Het kan natuurlijk ook dat ik hem stoorde omdat hij gewoon even niets wou, lekker zitten en de benen rust geven omdat hij de hele dag al had gestaan. Maar die vibraties ving ik nou net niet op.

Dát hij echt niets wou werd al snel duidelijk, ik overhandigde het pakje en er werd me toegesnauwd dat ik mee moest lopen voor de verzendbevestiging, en hij liep zo het rookhol in! Ja, dát gingen we mooi niet doen hè! Dus ik boog me over de heruitgave van de ‘Sprookjes van Grimm’ heen en begon een vrolijk verhaal te vertellen dat ik juist van dat sprookjesboek als kind trauma’s had gekregen maar dat ik het nu als volwassene wel wist te waarderen.

Ik kreeg geen antwoord maar hoorde wel gewapper van papier. Wat ik zag mensen, werkelijk waar en niet gelogen, was een arm die om de hoek stak en ongeduldig met papier wapperde. ‘Pak mij mens. Ik kom niet naar jou toe en de eigenaar van deze arm wenst jou niet te zien, pak mij en houd je mond!’ Dus pakte ik totaal verbijsterd de verzendbevestiging en liep langs al die tafels met al die boeken zonder nog enig koopverlangen in me te voelen.

Onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers en ik had er zojuist één ontmoet.

Dag!

Van redder-in-nood naar sta-in-de-weg
Toen ik nog hele dagen plat lag,
kon ik niet zonder jou.
In etappes van kwartiertjes
hakte en bakte en kookte ik.
Je was niet alleen een kruk,
je voorkwam dat ik niet kon doen
wat ik het liefste doe: koken.
Je was mijn redding.
Met dat ik me beter ging voelen,
stond je wat verloren in de keuken.
En soms ook wel verschikkelijk in de weg.
Sorry dat ik het zo bot zeg.
Dus sjouwde ik je naar boven,
waar je voor veel vermaak zorgde.
Want kinderen vinden een kruk leuk,
vooral als ie wieltjes heeft.
Maar kinderen worden groot
en willen niet meer alle dagen
heen en weer roetsjen
met een kruk op wielen,
Je stond daar maar,
zo nutteloos te zijn.
Dus stuurde ik een mail, 
naar schoonma die schildert
en wel eens had gezegd
dat zo’n zadelkruk
wel héél handig leek.
Dit weekend vertrok je.
Ajuu en tot ziens.
Dag redder in nood,
fijne houvast op wielen,
het ga je goed.
Ik ben blij dat je gaat.
Want het feit dát je gaat,
is een goed teken.
Je vertrek is ook afscheid
van verdriet en onmacht.
Ik ben nog niet
waar ik wil zijn
maar ook zonder kruk
kom ik waar ik wil.
Nu doe ik het zelf
op eigen kracht

en met wat geduld

kom ik een heel eind.

 

Telkens dezelfde kat….

Kijk ik deze week de tuin in, zie ik Dibbes zitten. Nee wacht, het is Gerrie! Nee, krijg nou wat, het is niet Gerrie of Dibbes maar een dubbelganger! Voor de zekerheid pak ik mijn bril erbij en tel ook even de katten, maar zowel de één als de ander ligt te pitten in de huiskamer.

Soms lijkt het wel alsof het leven een eindeloze herhaling is van telkens dezelfde soort kat die hier komt aanlopen. Half wit, half cyper. De kat bekijkt mij uitgebreid. Ik bekijk de kat. Scan hem met kennersblik, dat mag ik inmiddels toch wel zeggen. Ziet er goed doorvoed uit. Vacht beetje verwaarloosd. Niet heel angstig. Zelfde vierkante bouw als Dibbes, dikke kont en wiebelloopje. Komt waarschijnlijk kijken waar de rest van de familie is gebleven. Zucht. Ik heb echt mijn grens bereikt. Dus kijk ik héél erg niet uitnodigend naar de kat met het vertrouwde uiterlijk, in de hoop dat dit indruk maakt.

Helaas wij zitten vol!
Probeer het eens hiernaast….

Reageren met een vertraging

Nee, ik had geen flauw idee waardoor ik me zo voelde, loog ik glashard tegen de fysiotherapeute. Die vroeg zich af waarom ik er zo verkreukt uitzag afgelopen maandag. Ik weet het wel maar ik wil niet altijd eerlijk zijn. Want waarom zag ik er uit alsof ik in vliegende vaart tegen een muur was opgelopen? Nou, omdat er zo nodig 4 vuilniszakken, een paar dozen en een paar kratten het huis uit moesten worden gewerkt, in het kader van ontrommelen.

Voor de duidelijkheid en uw beeldvorming: ik sjouw niet met zware spullen. Ik zet een lege krat neer en gooi daar ongewenste zaken in. Is de krat vol, dan schuif ik deze naar een strategische verschrikkelijke sta-in-de-weg-plek alwaar deze subtiele hint rap door M. wordt opgepikt en het krat zijn weg richting halletje mag vervolgen.

Ook de weg van hal naar kringloop gaat zonder spierkracht van mijn kant. Wél ben ik aanwezig tijdens deze laatste reis, als een soort mentale aanmoediging en ook omdat het wel zo netjes is naar M. toe, die dat allemaal weer moet sjouwen. Ik doe eigenlijk alleen het ontrommelen en het denkwerk. Na die actie van vorige week deed ik dagen niets, want ik heb wel iets geleerd de afgelopen jaren. Nou ja, niets doen: ik keek de leuke dvd serie ‘Thicker than water’ (nu eens geen thriller) en verder zorgde ik dat het eten op tafel stond in de avond. Wandelen en huishouden liet ik zitten, ik hield me rustig.

De grote klap van het vorige week te veel doen in huis, kwam precies een week later. Eén van de kenmerken van ME is dat je lichaam reageert met een vertraging. Dus heb ik een week nadat ik wat heb opgeruimd daadwerkelijk spierpijn. Mijn spieren trillen alsof ze zojuist – en niet een week geleden – 40 boeken in een krat hebben gedonderd. Zo zit ik in elkaar. Dat is al jaren zo. Toch blijft het best bijzonder, dat lijf van mij.

De kunst is om ondanks mijn lijf tóch wat gedaan te krijgen. De kunst is om de eisen die ik heb, aan te passen aan de realiteit waarin ik leef, maar zonder meteen alle dromen te laten varen.  De kunst is te vinden zonder te zoeken en te zijn zonder te gaan. De kunst is de vertraging in te bouwen zonder te versnellen om nog even iets voor elkaar te krijgen.

Ben jij ook zo’n evenwichtskunstenaar?