Kleine tegenvaller

Wat was ik opgelucht dinsdagavond na het bezoek aan het ziekenhuis. Weg met die bult! Zo! Omdat ik opdracht had gekregen de pols verbonden te houden tot laat in de avond, haalde ik vlak voor het naar bed gaan het verband eraf. En wat zag ik: een bult. Groot en keihard. Huh? Dacht even dat het door de drie glazen wijn kwam – weinig als ik gewend ben staat dat voor mij immers gelijk aan comazuipen  – maar ook M. zag de bult.

Via de app met Zus contact gezocht en die wist te melden dat waar geprikt wordt, ook zwellingen zijn. Zij kan dat weten want bij haar in de praktijk wordt met injectables gewerkt en ze is dól op alles wat met bloed en snijden te maken heeft. Op haar vraag hoe het er dan tijdens de ingreep uitzag moest ik het antwoord schuldig blijven, deze held houdt altijd haar ogen stijf dicht in geval van prikken-snijden-hakken.

Dan maar slapen en afwachten tot de ochtend. Nu was slapen best nog een hele uitdaging. Mijn hysterische brein bleef flarden van de dag herhalen. Prikkelverwerking is niet het sterkste punt van ME-patiënten en daarom blijf ik vaak achter met ‘restafval’. Het is geen piekeren maar gewoon een plaat die blijft hangen en hangen en hangen.

Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!
Zullen we dan nu maar even kijken of we de bult met een naald kunnen leegzuigen? Nu? Ja nu!

Zo dus. Na wat woelen en draaien veranderde de tekst in:

Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? Voel je dit? ………

aaarrrghhhhh*(^*&Y&IOU&Y!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

Om half 3 in de nacht stapte ik over op plan B en dat is pillen erin gooien om slaap af te dwingen. Dat werkte goed, zó goed dat de wekker wel afging en uitgezet werd maar dat wakker worden pas lukte om een uur of 10. Best lekker na zo’n nacht ;-).

Meteen volgde natuurlijk nog liggend in bed de inspectie van De Bult. Hij is kleiner en zachter en vergelijkbaar met zoals hij de afgelopen paar jaar was. Er is minder druk in mijn arm en de doorbloeding voelt beter. Maar hij zit er nog wel. Nou ja, weten jullie, ik ben te beroerd om me er nu echt druk om te maken. Voorlopig ga ik even helemaal niets doen en zeker niet naar een arts.  Dit meisje is even Heel Erg Moe. Mijn lijf doet pijn en de wereld draait.

Wel bewees ik dat ik heus nog wel eens impulsief en ongepland geld kan uitgeven door een ergonomische muis aan te schaffen die geschikt is voor linkshandigen met carpaal tunnel syndroom. Ik zit weliswaar niet meer hele dagen achter een computer, zoals vroeger op kantoor, maar ik denk toch dat er een relatie is tussen de pijn in mijn arm, de bult en de laptop. Als ik achter de laptop zit, dan doe ik dat meestal zonder muis, zo op de bank. Het wordt denk ik tijd om eens gewoon netjes aan tafel te zitten in een goede houding en met een muis die de pols en arm ondersteunt en niet belast.

Zo dus! Niet helemaal wat ik wilde maar toch al beter dan eerst.

Heb jij nog ongeplande uitgaven gedaan deze maand?

Goed nieuws

Gisteren liet ik een echo maken van de bult aan de binnenkant van mijn pols. Hoewel ik niet medisch onderlegd ben zag ik wel dat het ding vastzat aan een pees. Dat bevestigde het vermoeden van een ganglioon, een goedaardig gezwel dat meestal als een soort verkleving aan een pees vast zit blijkbaar.

Vandaag ging ik voor de uitslag. De chirurg vertelde dat het ding toch gunstig ligt ten op zichte van de slagader. Twee millimeter meer naar links en het had operatief gemoeten, maar nu zei ze: kun je het aan als we het nu proberen leeg te zuigen? O hosanna! Niets beter dan meteen doen in plaats van volgende week. En even een naald erin is vele malen beter dan verdovingstroep in dat lijf! Dus hup naald erin en ik mocht een hand van een lieve mevrouw-assistente-dokter fijn knijpen. Het was niet leuk en het voelt nu best pijnlijk maar ik ben er wel vanaf! Hij kan nog terug komen, dat schijnt een ganglioon vaker te doen en in dat geval gaan ze wel snijden. Maar daar gaan we gewoon niet van uit.

Voor nu: klaar en weer bijkomen van de stress en de vele onverwachte acties van de afgelopen week! Ik ben zó opgelucht. Én ik heb een vriezer stampensvol met eten omdat ik overal op voorbereid wilde zijn, ook altijd fijn ;-).

Zo en dan nu een sigaret, o nee ik rook al 13 jaar niet meer, nou dan maar een wijntje. Vandaag mag dat van mezelf! Jullie bedankt voor alle lieve en mee levende reacties en mailtjes.

Met de stroom mee

Wie hier vaker komt weet dat Kerstmis niet mijn favoriete feest is. Dit jaar besloot ik echter dat met de stroom mee zwemmen beter is voor mijn humeur. Dus stelde ik vorige week woensdag al voor om een kerstboom te gaan halen, M. was toch vrij, dus hup met die boom in de auto. We zijn nog nooit zó voortvarend geweest.

Vervolgens heb ik me niet meer met de boom bemoeid. Hij stond twee dagen met één bal en één piek uit te stralen dat er iets heel erg onaf was, maar dit weekend hebben de mannen dan toch de boel verder versierd.  Ik vind kerst weliswaar niet leuk maar geniet nu toch van de boom. Van het feit dat kat Smoes er meteen onder ging liggen. Van de zoete houten engeltjes en zo, die er in hangen.

Met de stroom mee zwemmen dus. Dat is sowieso aan te raden. Hoewel ik me stiekem wel een beetje druk maak over wat ik vanmiddag in het ziekenhuis te horen ga krijgen, heb ik dat er laten zijn door het niet weg te drukken. Ik maak me een beetje druk en klaar.

Dat me een beetje druk maken is niet zozeer over de bult zelf, dan wel over hoe de komende tijd verloopt. Met weinig energie in het lijf wordt hier al jaren elk uitje, activiteit of artsenbezoek ingepland en voorbereid door vooraf maatregelen te nemen of mijn dagindeling aan te passen. De afgelopen week ben ik een keer bij de huisarts geweest én twee keer in het ziekenhuis. Bovendien volgt dus wellicht op korte termijn een kleine ingreep zelf. En dat vlak voor Kerst en Oud & Nieuw, dagen die al meer vragen door het familiebezoek, een tijd waarin ik me normaal gesproken om die reden extra rustig houd.

Maar ik ben natuurlijk niet voor één gat te vangen! Omdat ik heb geleerd dat je de druk van de ketel kunt halen door maatregelen te nemen, heb ik me afgevraagd wáár ik me nu precies druk om maak. Vreetzak als ik ben, heeft dat vooral te maken met eten ;-). Hebben we voldoende in huis om op te vangen dat ik wellicht even niet kan koken? Ik had juist flink alle voorraden opgemaakt de laatste tijd, gewoon lekker de vriezer leeg gegeten. Dat is nu niet echt handig want er is niets om op terug te vallen. Natuurlijk kan M. dat wel – hij kookt zelfs heel lekker – maar als hij om half 7 uit zijn werk komt, is het voor hem prettiger als er gewoon al eten is.

Dáár maakte ik me dus druk om en daar is natuurlijk heel makkelijk iets aan te doen. Ik maakte een mega pan soep, een ovenschotel, een pastasaus, rode kool met appeltjes en een nasi. Verdeeld over porties en zo de vriezer ingeschoven, dan is er in ieder geval weer iets achter de hand voor ‘als’. Ik draafde wel wat door want bij thuiskomst uit zijn werk trof M. een volledig doorgedraaide vrouw aan in een keuken met allemaal gevulde bakken die stonden uit te dampen. Maar hé, de vriezer is nu vol en het doel is bereikt.

Een ander deel van het druk maken was een kwestie van afspraken veranderen. Eerste Kerstdag zou ik uitgebreid gaan koken voor ons en mijn moeder. Nu gaan we naar haar toe. Dat geeft mij ruimte in mijn hoofd, niet meer dagen vooraf gaan bedenken wat ik wanneer wil gaan voorbereiden – wat ik overigens als voormalige kok heel leuk vind mensen – maar gewoon rust hebben en op de dag zelf naar mijn moeder gaan. Voor hetzelfde geld is de ingreep pas in januari maar zo handelen geeft me nu rust. Mijn brein kan maar een paar dingen tegelijk aan en ik maak zo ruimte.

Om nog meer ruimte te krijgen heb ik braaf het mediteren opgepakt, mooie muziek geluisterd, lekker gelezen en een paar leuke detectives gekeken en dat hielp wonderwel. Ook lukte het wandelen afgelopen week weer, ik liep vier keer mijn vaste rondje. Dat voelt goed! Nu ik vaker buiten ben, klaart mijn humeur ook meteen weer op.

Staat bij jou de kerstboom al?

Ik zie ik zie wat jij niet ziet

‘Of ik buiten het bultje nog andere gezondheidsklachten heb’, vraagt ze. We zitten in het ziekenhuis op poli 3 en voor me zit de arts-in-opleiding van de co-chirurg-in-opleiding van de echte chirurg die ook waarschijnlijk ergens rondloopt maar zich nu niet laat zien. Een klein kamertje zonder daglicht met een computer, twee stoelen, ik en de hoogblonde, vrolijke dame die mijn intake doet en zich goed moet informeren over mijn mooie blauwe, mysterieuze bult zodat ze straks verslag kan doen bij de co-dokter-chirurg-in-opleiding-of-zo-iemand.

Ik ben lactose-intolerant vertel ik en ook gevoelig voor gluten maar zonder een  officiële coeliakie-diagnose. Vlijtig tikt ze deze gegevens in. Nu vat ik moed. Ik heb bovendien ME, sinds 2008. Nu stopt ze met tikken. ME? Ja, ME. Het tikken gaat beduidend langzamer. ‘Maar buiten dat ben je gezond’? vraagt ze.

Tja, buiten dat ben ik gezond. Mijn lijf denkt door met haar te praten dat het aan het sporten is en ik weet dat ik straks overal spierpijn zal hebben. Mijn brein is zó overprikkeld door het onverwachte ziekenhuisbezoek, dat ik niet verwacht te kunnen slapen vannacht. Mijn hormoonstelsel is al jaren zo in de war dat het altijd een verrassing is wanneer ik ongesteld word. Door de recente opleving van de ME-klachten is mijn taalgebruik weer hilarisch en we lachen elke dag hard om alle rare woorden en versprekingen die uit mijn mond rollen. Mijn dagindeling is die van een hoogbejaarde omdat ik meer niet verdraag. Mijn zenuwstelsel is zo permanent overprikkeld dat ik nog uren na het ziekenhuisbezoek haar stem in mijn hoofd hoor. De hal van prikkelverwerking is vol en het doorverwijzen naar de juiste vakjes belangrijk – weggooien – later gebruiken – weet nog niet – is volledig gestagneerd. Ik zit al 7 jaar thuis en heb het hele medische circuit doorlopen én bovendien alle kwakzalvers geraadpleegd in de hoop op verbetering. Die verbetering is gekomen, door deze millimeter voor millimeter te bevechten. Maar hoe kan ik dat uitleggen in 2 zinnen aan iemand die twijfelt of de ME de moeite van het noteren is in mijn dossier?

Ik denk dat het aan de ME ligt. Klinkt ook helemaal niet goed, vinden jullie ook niet? En CVS klinkt al nét zo stom en niet tot de verbeelding sprekend. Mensen reageren gewoon niet want het zegt ze niets. Toen ik onlangs een testje deed en aan de postbezorger (ja mensen de postbezorger, ik heb een heel leuk contact met die man) vertelde dat ik een neurologische aandoening heb met allerlei fysieke klachten tot gevolg (en daar is geen woord van gelogen) ontving ik een zeer meelevende reactie, iets wat bijna nooit gebeurt als ik het woord ME gebruik.

‘Buiten dat ben ik inderdaad gezond’, zeg ik tegen de blonde dame. Dat klopt natuurlijk ook. Buiten dat ben ik gezond, een waarheid als een koe, ook geen woord van gelogen.

Hoeveel katten passen er op bed?

Als ik ’s avonds in bed ga liggen dan verschijnen er meestal binnen een paar minuten een paar katten, als er al niet eentje al klaar ligt. Vooral Dibbes kan in de avond echt ongeduldig zitten wachten tot ik aanstalten maak om naar boven te gaan. Als ik ‘kom maar, we gaan naar boven‘ zeg, dan stuift hij naar boven. Altijd wat geagiteerd want hij aast op de beste plek. En de beste plek is op mij of naast mij. Eerst word ik beprakt en bekopt en dan gaat hij liggen, liefst op mijn buik of – als ik het onfantsoen heb op mijn zij te gaan liggen – tegen mijn buik aan.

Zo lag ik laatst met Dibbes op mijn buik, Smoes lag ter hoogte van mijn knie rechts en Moos op dezelfde hoogte maar dan links. Ik lag helemaal ingeklemd en probeerde een boek te lezen. Gerrie besloot op dat moment dat hij er ook nog wel bij kon. De tijd van gepaste terughoudenheid is voorbij. De eerste maanden ging hij keurig op de rand van het bed liggen maar nu is hij klaar voor de volgende stap.

Dus stond meneer op zijn achterpoten met zijn voorpoten op de bedrand klaaglijk te miauwen. ‘Ik wil er ook bij, ik ben ook lief, maar er is geen plek, die dikke ligt op jouw schoot, ik hoor daar te liggen.’ Omdat ‘die dikke’ niet op of omkeek en zich ook niets aantrok van het gemiauw, ging Gerrie op de plank naast mijn bed zitten. Staren. Af en toe deed hij een poging om op bed te stappen maar dan keek Dibbes omhoog en krabbelde Gerrie weer terug. Want met die dikke wordt Dibbes bedoeld, voor het geval jullie dat nog niet doorhadden. Niet dat Dibbes dik is, hij is gespierd en atletisch maar als hij slaapt ligt hij helemaal opgerold tot een bolletje en dan lijkt hij dik. Maar hij is het natuurlijk niet en dat ik dat zo ontken heeft niets te maken met het feit dat ik als baasje verblind ben door liefde.

Na een half uur staarwerk te ondergaan van Gerrie was ik er wel klaar mee. Hij bleef twijfelen en er gebeurde niets. Dus schoof ik Dibbes van mijn schoot en legde hem naast me, tegen mijn heup aan de rechterkant. Dát was de uitnodiging waar Gerrie op zat te wachten. Hij stapte meteen op bed en ging links van me liggen, ook tegen mijn heup aan. Beide heren legden hun kop op mijn heup. Dibbes begon van de stress keihard te knorren en Gerrie durfde zich niet meer te bewegen, overmand door…ja door wat? Het was gelukt, hij lag er bij! En ik lag als een mummie volledig ingesnoerd door vier katten die uiteindelijk allemaal heel gelukkig in slaap vielen tegen ‘de blikopener’ aan. Alleen ik viel niet zo makkelijk in slaap, echt comfortabel met al die kattenlijven en kattenego’s lag het niet. Vooral die ego’s hè, die nemen zo veel ruimte in. En ik ben een watje, dat is wel duidelijk.

Fijn weekend!

Updeet ziekenhuis

Dank je wel voor de lieve reacties! Ik heb dan weliswaar geen hartelijke buurvrouw maar mijn lezers zijn des te hartelijker!

In het ziekenhuis viel het me wat tegen. Ze weten niet wat het is, de kleurt baart ze wat zorgen (blauw) en dat doet vermoeden dat er een verband is met de slagader op die plek. Het zou kunnen dat het een ganglioom is die onder de slagader doorloopt en daardoor blauw verkleurt. Maar dat testen kunnen ze niet, gezien de plek.

Maandag moet ik terug voor een echo, dinsdag voor de uitslag. Als het weg moet worden gehaald dan niet poliklinisch maar in een operatiekamer. Dat is nogmaals vanwege de risicovolle plek. Tja. Ik ga de fietsenmaker maar eens bellen want die fiets heb ik nu toch wel echt nodig komende week ;-).

Ziekenhuis

Zal je altijd zien, breng ik deze week mijn e-bike weg om te laten repareren, belt het ziekenhuis op met de vraag of ik vandaag langs kan komen om het bultje op mijn pols te laten beoordelen. Pas toen ik al had opgehangen drong het tot me door dat ik nu geen fiets heb, hoe kom ik daar?

Met de bus is niet echt een optie. Ik moet meer lopen naar en van de bushalte, dan dat ik daadwerkelijk in de bus zit en dat kost me in totaal dan een half uur. Ik kom dan bovendien voor het station uit en moet met de trap over het station heen naar de achterkant lopen richting ziekenhuis. Nou ben ik niet zozeer slecht ter been maar wel slecht van energie en een busrit levert zo bezien meer nadelen dan voordelen op.

Ik dacht ‘we werken toe naar een participatiesamenleving met zijn allen, kom ik bel eens bij één van de buren aan’. Op mijn vraag of ik vandaag een fiets mocht lenen was het weinig opwekkende antwoord ‘nou dat moet dan maar, maar leuk vind ik het niet’. Er moesten boodschappen gedaan worden op vrijdagochtend en dat moment verstoorde ik duidelijk. Nu heb ik daar alle begrip voor, aan de andere kant hebben ze alle tijd van de wereld wegens heel de dag thuiszitten en hoe erg is het nu als je even je fiets een uurtje uitleent? Bij het weglopen werd me nog even toegesnauwd dat ik niet hun e-bike meekreeg, als ik dat soms mocht denken, ik kreeg de gewone fiets mee.

Tja, tot zover mijn vertrouwen in de bereidwilligheid van mijn leefomgeving. Ik had al bedacht dat ik liever ging lopen want met deze storm is de kans dat ik het op een  normale fiets red tot het ziekenhuis en weer terug, niet groot. Bovendien zou ook dat een enorme aanslag plegen op de beschikbare energievoorraad en ik moet wel maandag naar de fysiotherapeut kunnen.

Dit mensen, is dus het gezeik op de vierkante millimeter wat het hebben van ME met zich meebrengt en wat ik soms zó zat ben. Het hebben van weinig energie is vervelend maar niet onoverkomelijk als er niets hoeft te gebeuren. Maar o wee als er wel ineens iets moet en een hulpstuk als een e-bike kapot is. Natuurlijk was het mijn lieve M. die zei: ik werk thuis vrijdag en dan breng ik je wel even weg. Meteen mijn moedertje gebeld en met haar afgesproken dat ik haar bel als ik klaar ben in het ziekenhuis dan haalt ze me op en de buurvrouw haar genereuze diensten afgezegd. Ik had het M. expres niet gevraagd omdat ik wist dat hij moest werken en hem hiermee niet wilde storen. Maar goed, ben ik ff blij dat ik met M. getrouwd ben en niet met de buurvrouw.

Dus dat ga ik doen vandaag, naar het ziekenhuis, hoop ik meteen te horen wat die vreemde bult is.

Het aardigheids-syndroom

Afbeelding Pixabay

Soms zou ik wensen dat ik meer kon loslaten van wat anderen van mij vinden. In mijn zoektocht naar eenvoudiger leven en loslaten stuit ik vaak – te vaak – op de hobbel van ‘aardig gevonden willen worden’. Ik ben 47 en nóg heb ik dat niet helemaal afgeleerd. Ik ben weinig onder de mensen en als ik dat dan ben, dan ga ik nog té vaak uit van verwachtingen die wel of niet kloppen maar die in ieder geval niet matchen met wat voor mij mogelijk is. Of – nog erger – ik geef mijn grenzen niet duidelijk aan als die niet gerespecteerd worden.

Het is niet helemaal bagger, ik ben geen konijntje waar je overheen walst. Mensen die ‘aan mijn energie komen’ weet ik inmiddels redelijk te sturen. Ik weet wat ik kan zeggen in dat soort situaties: ‘Ik hang nu op, ik besef ineens dat ik nog niet geluncht heb, ik ga nu even ‘dit of dat doen/’de muffins uit de oven halen’. Dát deel heb ik inmiddels aardig onder de knie.

Ook laat ik me niet meer overvallen door mensen die me iets vragen te doen. Ik heb mezelf aangeleerd te zeggen ‘daar kom ik op terug’. Ik heb er flink op geoefend en inmiddels kan ik wel zeggen dat dit me vaak lukt en vooral dat het me ruimte geeft. Soms lukt het me niet en ben ik niet alert genoeg maar in de praktijk blijkt dat ‘ik heb er nog eens over nagedacht maar het lukt niet/kan niet’ ook vaak werkt als je eerder wel ja zei.

Tot zover de successen. Er is echter nog een heel deel dat niet goed lukt. Het voor mezelf opkomen als mensen niet luisteren, geen rekening met me houden of erger: als mensen me kwetsen,  vind ik veel moeilijker. Als blijkt dat mensen geen inlevingsvermogen hebben, lijkt het juist nóg moeilijker om te zeggen dat ik iets niet kan of dat er iets niet lukt, zo lijkt het wel. Zeker nu ik sinds 2 jaar meer energie heb en nu toch ineens weer een vette terugslag heb, speelt dat. Ik kon immers een half jaar geleden wél iets, waarom nu dan niet? Zelf heb ik geleerd dat ME geen tot weinig logica kent. Een ander ziet of snapt dat niet. Door de afstand of door het mij niet dagelijks meemaken. Mensen zien en horen dat ik iets opknap en daarmee komen er ook verwachtingen. Dat ik blijkbaar weer mee kan doen. Soms is dat een onuitgesproken verwachting maar soms wordt het echt uitgesproken. En wanneer het wordt uitgesproken, zó onachtzaam en totaal niet rekening houdend met mijn situatie, dan kwetst me dat enorm. En wat doe ik dan? Ik zeg niets. Waarom niet? Waarom is dat toch zo moeilijk! Stel dat mensen me niet meer aardig vinden! Och guttegut, och en wee, wat dan nog?

Ik ben nu 47 jaar en het wordt misschien tijd dat ik eens leer nee te zeggen zonder schuldgevoel en zonder het gevoel dat ik iemands feestje verpest. Ik wil mijn energie, die zo verschrikkelijk kostbare en bevochten energie, stoppen in wat voor mij van belang is en niet in wat een ander behaagt of van mij verwacht.

Dus oefen ik maar weer. In nee zeggen tegen mensen die dat wel begrijpen. In niet altijd ingaan op lezersverzoeken per mail. In niet ingaan op Facebookuitnodigingen van lezers. Door mensen die me iets vragen niet meteen en per omgaande een antwoord sturen. Ik heb dit al vaker geoefend maar de vaardigheid zakt telkens weer weg. Omdat ik weinig mensen zie of omdat dit gewoon echt een zwak punt is, dat weet ik niet. Maar ooit krijg ik het onder de knie. Ik vind niet iedereen aardig en niet iedereen vindt mij aardig. Zo dus.

Gelukkig sta ik niet alleen in mijn aardig gevonden willen worden. Tik dit in op Google en er zijn 492.000 hits. 60 % van de mensen heeft hier last van. Ik ben dus in goed gezelschap, namelijk die van de meerderheid. Ik ben niet raar, ik heb last van iets waar heel veel mensen last van hebben. Grote kans dus dat de mensen die ik niet wil teleurstellen maar die wel over mijn grenzen heen denderen, precies hetzelfde voelen of meemaken. Dat is goed om in mijn achterhoofd te houden. Nee zeggen is wat de ander ook zou willen doen maar niet durft omdat hij bang is niet aardig gevonden te worden en een conflict te veroorzaken.

Heb jij wel eens last van het aardigheidssyndroom?

Vuurwerk en bange katten

Onze ex-zwerver Dibbes is voor heel veel bang. Hij schrikt extreem snel, reageert heftig op alles en heeft erg last van verlatingsangst. ‘Even’ naar de dierenarts gaan om hem te laten enten liep in oktober uit op een drama. Dierenarts thuis laten komen om te enten werd een nóg groter drama. Dat we ondertussen ook een andere zwerver in huis namen, werkte ook niet echt lekker mee natuurlijk.

Inmiddels gaat het weer redelijk met Dibbes. Er is een soort status quo bereikt met Gerrie en ze laten elkaar nu met rust. Behalve als er maar één kartonnen doos in de huiskamer staat waar ze allebei tegelijk in willen. Dat is op zich net een slapstick om naar te kijken.

Om Dibbes te kalmeren heb ik de afgelopen tijd Bach Bloesem druppels gegeven en ook Feliway in het stopcontact gestopt. Dit werkt allebei redelijk goed in op zijn gemoed. Geef ik het niet dan merk ik het onmiddellijk. Verder heb ik veel met hem gespeeld en gewerkt aan zijn motoriek. Hierdoor lijkt het alsof hij iets meer zelfvertrouwen krijgt. Kijk maar eens wat een stoere actiekat:

 

 
 

 

 
 

Gezien zijn verleden waarin hij bijna blind door het leven ging, kan hij afstanden niet inschatten, slaat hij vaak mis, springt hij ergens op en valt er meteen vanaf. Het ziet er allemaal heel lief en koddig uit omdat hij net een dik beertje met die dikke pootjes is, maar een betere motoriek is natuurlijk wel fijn voor het beest en dat kan natuurlijk getraind worden. Ik merk dat hij nu al – na een paar weken oefenen – sneller en feller reageert en soms springt en dan de veren wél tussen zijn poten heeft, een grote vooruitgang!

Nu is het over een paar weken oudejaarsavond en ik kan me nog goed herinneren dat het vuurwerk vorig jaar echt een aanslag was op zijn zenuwen en daardoor ook op die van ons. Vorig jaar gebruikten we grof geschut en gaven we hem vetranquil, een kalmeringsmiddel. Dat was geen succes want het werkt vooral als een spierverslapper maar het haalt geen angstgevoelens weg. Het had bij hem een averechts effect en hij sleepte zich met zwabberend lijf het hele huis door, gillend en al. Uiteindelijk bleef hij steken onder de bank – zijn kont was iets groter of de bank iets lager dan hij dacht. Daar bracht hij de rest van de avond door, de herrie uitzittend.

Ik heb vorig jaar vooraf niet goed ingeschat hoe het vuurwerk voor hem zou zijn. Ik wist wel dat hij een kat met een verleden was maar ik dacht toen nog dat het leven bij ons en met ons dat allemaal goed maakte. Natuurlijk is er veel voor hem verbeterd – hij kan zien, alleen dat al – maar het is wel een enorm getraumatiseerde kat en ik heb geleerd dat dit niet zomaar verdwijnt met wat liefde en lekker voer.

Tijd voor een plan dus om oudejaarsavond voor hem minder eng te maken. Er bestaan CD’s met vuurwerk- en onweersgeluiden die je kunt gebruiken om je huisdier te trainen. De bedoeling is dat je dit dagelijks opzet, eerst met zacht geluid en naarmate het beest er aan gewend raakt en minder angstig lijkt, voer je het volume op. Terwijl je de CD opzet moet je je kat of hond afleiden met leuke spelletjes. Lukt dit goed, dan beloon je hem met een lekkernij. Vertoont hij geen angst meer, dan is het tijd om het volume op te schuiven.

Ik deed eerst een test om te kijken hoe hoog het stressniveau is, ook van de andere katten want Dibbes is niet de enige kat hier die moeite met vuurwerk heeft. Ook Smoes is erg bang. Maar hoe zou Gerrie reageren? Hij is veel rustiger. Via youtube zocht ik wat vuurwerkgeluiden op. Wat gebeurde er? Moos vertoonde typisch Moosgedrag: hij keek niet op of om, hij lag te slapen, dat is een belangrijke bezigheid! Smoes verstijfde volledig en deed daardoor denken aan een konijn dat in de koplampen van een auto kijkt. Dibbes ging heen en weer rennen en was meteen volledig in paniek.

En Gerrie? Die rende snel naar zijn mandje toe en ging liggen. Om de één of andere manier ontroerde dat me enorm. Gerrie vond het vuurwerk overduidelijk niet prettig om te horen maar ging onmiddellijk naar een voor hem veilig plekje. Dat is fijn om te weten.

Ik bestelde een CD met vuurwerkgeluiden en die kwam gisteren binnen, dus ik kan beginnen met de ‘vuurwerktherapie’. Omdat ik niet uitga van onmiddellijk succes bij Dibbes heb ik ook nog een tweede plan, waar ik volgende week mee begin. In overleg met de dierenarts begin ik 3 weken voor oudejaarsavond met het geven van zylkène, een voedingssupplement dat kan helpen de stress te verlagen. Net zoals Bach bloesemdruppels maar dan net iets sterker.

Als blijkt dat Dibbes hier echt goed op reageert, wil ik dit ook gaan gebruiken als voorbereiding op een bezoek aan de dierenarts, indien er voldoende tijd is, bijvoorbeeld in aanloop naar een enting volgend jaar. Voor noodgevallen heb ik hier nog vetranquil liggen omdat ik hem bijvoorbeeld wel in een mand moet zien te krijgen als hij ineens heel erg ziek is of zijn poot heeft gebroken of een ander noodgeval.

Neem jij maatregelen voor oudejaarsavond of blijven jouw beesten stoïcijns kalm onder de herrie?

De lappenmand en wat erin zit: wij

We zitten allemaal een beetje in de lappenmand deze week. En met allemaal bedoel ik echt allemaal, zelfs een van de katten – Gerrie – was niet lekker en had gekotst op het vloerkleed en ligt nu – terwijl ik dit schrijf – zielig en in onmacht o nee, weer helemaal tevreden boven op ons bed. Misselijk en binnen zitten is nog altijd beter dan misselijk en buiten zitten, denkt deze exzwerver volgens mij.

M. had last van migraine en lag twee dagen plat. Helaas een regelmatig terugkerend iets waar hij geen grip op krijgt. Het is een tijd heel goed gegaan, maar het laatste half jaar gaat het pet.

Dan S.: die had al een paar weken last van zijn knie en lies. Dat kwam opzetten tijdens een judotraining en ging niet over. Best onhandig voor een kind dat 5 keer per week sport. Om het te laten helen, trainde hij een tijdje niet. Dat hielp iets maar niet voldoende. Dan maar naar de fysio. Die constateerde dat zijn voeten te plat staan, dat hij scheef is bij zijn heupen en dat er een spier geïrriteerd is geraakt in de lies. Die irritatie kan komen door het scheef staan, andere spieren gaan dat immers proberen te compenseren en dat vormt een risico, zeker als je zoveel sport als S.. Hij kreeg oefeningen mee, er werd wat gestretcht en er werd tape aangebracht op de geïrriteerde plek. De voeten dienen te worden  ‘opgevuld’ met zooltjes. Volgende week terugkomen en vooral rust blijven houden.

Tot slot dan uw gastvrouw: toen ik laatst onder de douche stond, viel me een plek op aan de binnenkant van mijn pols. Je kunt bij mij daar de aderen heel erg goed zien, ze liggen als het ware op de pols, meteen onder de huid. Met altijd een klein bultje op één plek. Dat bultje is altijd zacht en zit er al jaren, ik weet niet beter. Maar nu was de bult twee keer zo groot, keihard en als ik er op drukte deed het behoorlijk pijn. Ik probeerde het weg te masseren onder de warme douchestraal en dat hielp, 5 minuten, daarna was de plek weer terug.

Bovendien straalde de pijn uit naar de hele binnenkant van mijn arm. Nu heb ik daar eigenlijk al weken last van. Eerst dacht ik dat het door het breien kwam en was daar weer mee gestopt. Maar daar werd het niet minder van. De fysio voelde wel van alles vastzitten aan die kant op mijn rug, dus ik dacht eerlijk gezegd dat er gewoon iets klem zat, wat die pijn veroorzaakte. Maar misschien had dat bultje er wat mee te maken?

Naar de huisarts dus, werd ik niet heel veel wijzer van. Bultje staat op zich los van de aderen en lijkt onschuldig te zijn want geeft mee. Maar wel vreemd dat het op zijn tijd groter wordt en pijnlijk aanvoelt. Wegsnijden durft hij niet zelf want het zit te veel in de buurt van de slagader, dus moet dat eventueel in een ziekenhuis gebeuren. ‘Denk daar maar even over na, of je dit wilt, het kan volgens mij geen kwaad maar het zou wel fijn zijn als je weet wat het is, tot ziens maar weer’ en toen stond ik weer buiten en wist ik nog niets.

Op zijn eerdere vraag hoe het met me ging, hield ik het maar zo kort mogelijk. De huisarts heeft me een keer goed duidelijk gemaakt dat hij vond dat de depressie van me afdroop in de beginjaren dat ik ME had. Dat was waarschijnlijk ook wel, maar hij komt daar elke keer weer op terug. Dat het zo fijn is ‘dat ik nu een heel andere uitstraling heb’ (lees: niet huil van onmacht en woede omdat ik mijn leven terug wil). Met andere woorden: enige ruimte om eens een keer eerlijk te zeggen dat ik me niet zo denderend voel, is er niet meer. Of die ruimte neem ik niet meer, uit angst dat hij me een zeur vindt. Want stel je voor dat je als patiënt eens eerlijk zegt dat het kut gaat. Of dat het niet gezellig is, want dat moet het natuurlijk wel blijven hè, als ik op het spreekuur langskom 😉

Op zich baal ik wel. Ik voel me gewoon echt niet goed dit najaar. Elke week weer zeg ik opgewekt ( en hoopvol) tegen M. dat ik volgens mij het ergste gehad heb en dan moet ik toch telkens weer constateren dat er geen energie is om even een loopje te doen. Inmiddels komen de muren echt op me af hier want eigenlijk zit ik al sinds begin oktober binnen niets te doen, buiten af en toe een boodschap. Ik begin de goede moed een beetje te verliezen en krijg nu stiekem spijt van de keren dat ik bewust over mijn grenzen ging. Dat was drie keer sinds eind september en in ruil daarvoor ligt alles op zijn gat.  Het lukt me maar niet om weer op een basisniveau van bewegen te komen.En dat verergert zichzelf alleen maar. Toen ik laatst even een boodschap ging doen, ging de accu van mijn fiets onverwacht uit en moest ik op eigen kracht verder gaan. En dat is gewoon meer dan ik aankan. Dat duurt dan echt weer dagen voordat ik daarvan bijtrek. Soms ben ik het gewoon zo verschrikkelijk zat, dit gezeik op de vierkante millimeter! Ik sta op, ik kleed me aan, ik verzamel energie om te koken en ik ga na het eten in bed liggen. Meer is er niet op dit moment, het bezoek aan de fysio is een hoogtepunt in de week.

Bah, wat een somber gedoe. Sorry daarvoor maar soms zie zelfs ik – ik heb mezelf immers gehersenspoeld tot optimist en levensgenieter – het niet meer zitten. Ik ben moe, ik heb pijn en ik ben het zat. En dat bultje is dan – hoe klein en onbeduidend ook –  net de spreekwoordelijke druppel. Ik houd me heel vaak groot, ik houd me zó groot dat ik struikel over een bultje van 1 cm in de rondte.

Jullie merken het, ik heb een heel zwaar leven en voel me verschrikkelijk zielig. Wat dan helpt? Nou dit liedje: