Smoes

Twee weken geleden had kat Smoes ineens een dikke wang. Op naar de dierarts dan maar. Daar was het zo’n gruwelverhaal van als je in de wang drukt, dan spuit het er via de bovenkant van de kop uit. Echt. Getver. Afijn, met een uitgeknepen kat voorzien van antibioticaspuit en pillen togen we weer huiswaarts en kreeg het normale leven weer doorgang.

De nacontrole sloegen we over want we kregen hem niet in zijn reismand. Dat we Dibbes 5 minuten daar voor in een mand hadden gestopt en dat die zo hard blerde dat de buren kwamen vragen wie we aan het martelen waren droeg bepaald niet mee aan het in de mand stoppen van Smoes. Die zat onder ons bed en bleef daar zitten. Maar ach, hij gedroeg zich normaal, de wang was weer dun en ik had alle dagen gevoeld en voelde niets.

Tot afgelopen zaterdagavond. Hij lag bij mij op schoot en zijn wang voelde wat warm. Dacht ik. Maar ik zag niets. Dacht ik. Of toch wel? M. dacht ook wel of niet iets te zien en te voelen. En Smoes liet alles toe en was vooral hard aan het knorren. Zondagochtend was het echter duidelijker te zien. De wang was dik en werd met de minuut weer dikker. Omdat ik niet wilde wachten tot het spreekuur van maandag (vind ik eng, want vorige keer had hij ook hoge koorts) zocht ik op welke dierenarts weekenddienst had. Dat was onze eigen dierenarts. Dat vind ik dan altijd een stuk prettiger, ik ben fan van onze eigen dierenkliniek.

Inderdaad weer een abces, waarschijnlijk hetzelfde abces. Het was nog niet rijp en dus kon het niet worden opgemaakt. Dus weer een spuit erin en pillen mee. Als het groter wordt moeten we terugkomen om het te laten opensnijden. Maar het is niet groter geworden, dus waarschijnlijk slaat de medicatie aan. In dat geval moeten we vrijdag terugkomen voor controle. Die ik nu zeker wel ga doen. We denken dat een andere kat met Smoes gevochten heeft. Smoes vecht zelf niet, niet uit zichzelf, heb ik hem nooit zien doen. Maar hij staat wel zijn mannetje als het moet. Waarschijnlijk is er iets – een nagel? – achtergebleven in zijn wang. Zo lang dat er zit, blijft dat abces natuurlijk terugkomen, Maar dat bespreek ik vrijdag wel met de dierenarts.

schattige Smoes zonder abces en met knuffel

Zo wordt het al met al een dure maand. We hadden al wat extra kosten. Nu twee keer met Smoes naar de dierenarts. Volgende maand moeten we met Dibbes terugkomen om een rotte kies te laten verwijderen. De kraan in de keuken is kapot. Mijn mobiel is in staat van ‘bijna gaan hemelen’. De latop ging kapot en hebben we vervangen….

Tegenover deze financiële pech staat ook een meevaller. We kregen wat geld uit de erfenis van opa. Dat geld hadden we bestemd als start om te sparen voor een dakkapel op zolder. Maar nu hebben we toch een deel gebruikt om bovenstaande pech op te vangen. Om de buffer niet nóg verder te laten zakken. Want die is al behoorlijk geslonken dit jaar.

Zo naderen we het moment dat we straks de laatste aflossing van dit jaar gaan doen en dat we volgende jaar met kleinere bedragen gaan aflossen. Een heel hoog gegrepen aflosdoel is natuurlijk heel leuk, vooral als het er naar uitziet dat we het gaan halen en ik wil het nu ook heel graag halen. Maar stiekem ben ik wel blij dat we volgend jaar weer overgaan op kleinere bedragen aflossen. Want door het jaar heen gebeuren er nu eenmaal pechdingen die geld kosten of doen we gepland onderhoud aan het huis en dat geld zal weer moeten worden bij gespaard. Dat is ons dit jaar niet voldoende gelukt. Dat maakt niet uit, dat gaan we dan volgend jaar gewoon weer doen.

ps: voor het geval je afvraagt waarom Smoes Smoes heet, die naam heeft S. bedacht. Het is natuurlijk een beetje een rare naam maar zeg dat maar eens tegen een (toen) 3 jarige kleuter. 

Kattenjournaal

Regelmatig krijg ik mails van mensen die willen weten hoe het met Dibbes of Gerrie is. Of hoe de twee heren ex-zwervers nu samenleven met de andere katten Moos en Smoes. Tijd voor een update dus!

Deze week schreef ik al even over Smoes. Onze mooie cyper had zondag ineens een dikke wang. Nadere inspectie leverde een korst op zijn kop en eentje op zijn wang op. Mmm, even in de gaten houden dan maar. De volgende dag gedroeg hij zich wat versuft. Hij volgde weliswaar zijn normale routine (eten!- slapen! – waar blijft het eten!) maar met iets minder passie, Het is een nogal springerige kat dus als hij iets mankeert merken we dat meestal snel.

Maandagavond naar de dierenarts dus. Omdat M. in de mist in de file stond, maar ik toch echt wilde gaan gezien de wang in hoog tempo dikker werd, kwam Oma aan scheuren in haar auto en vertrokken we richting dierenarts. Daar moesten we lang wachten. De dierenarts stond namelijk ook in de mist in de file.

goed kijken, dikke wang links…

Dat wachten duurde Smoes te lang en van de zenuwen plaste en poepte hij in de reismand. Toen we uiteindelijk de spreekkamer in mochten komen, haalde  ik daar een klein hoopje ellende uit de mand. Hij bleek behoorlijk hoge koorts te hebben en toen de dierenarts in zijn wang drukte, spoot er pus uit de bovenkant van zijn hoofd! Een groot abces dus. Met een kaalgeschoren kop en wang, een uitgeknepen abces, antibiotica in zijn lijf en vooral veel gekwetste kattentrots konden we weer naar huis. M. was inmiddels gearriveerd om ons mee naar huis te nemen en Oma vertrok naar boven, ze woont boven de dierenartspraktijk.

geschoren, kale bedoening…

Smoes was de volgende dag weer geheel zijn springerige zelf maar slikt nog wel antibiotica. Aangezien we vandaag toch al een dierenartsafspraak hadden staan voor Dibbes, was het de bedoeling dat Smoes even ter controle mee ging. In de consternatie van Dibbes in de mand stoppen, lukte het Smoes deze dans te ontspringen en vertrokken we zonder hem naar de dierenarts. Nou ja, we houden het in de gaten maar volgens mij is er niets meer met hem aan de hand.

Dibbes woonde 15 oktober precies 2 jaar bij ons. Na een lange periode van socialiseren en lokken met eten, overwon hij zijn angst voor mensen en stapte half blind ons huis binnen. Een zware oogoperatie volgde, hij werd ge-ent en gechipt en gecastreerd en het leven als huiskat begon. Toen het na een jaar van veel huiselijk geluk tijd was voor weer een enting, dacht Dibbes daar héél anders over. We probeerden we hem in de mand te krijgen maar dat mislukte jammerlijk. De oplossing de dierenarts aan huis te laten komen bleek ook niet te werken. Dibbes vluchtte het huis uit en heeft twee dagen jankend in de tuin gezeten. We besloten de entingen dat jaar maar te laten voor wat het was.

Sommige mensen laten hun katten nooit enten. Dat kan, wij doen dat wel. Ik heb één keer een kat met kattenziekte gehad en was maar net op tijd bij de dierenarts. Ik neem daar geen risico meer mee. Bovendien hebben zowel Dibbes en Gerrie nog steeds een slecht werkend immuunsysteem, niet vreemd gezien hun zwerfverleden. Ik vind het daarom belangrijk wel te enten.

Dit jaar was ik iets beter voorbereid op het dierenartsbezoek. Ik ben weer een jaar verder met het opdoen van ervaring in kattengedrag en ga er niet meer van uit dat liefde alleen voldoende is. Dus begon ik vorige week met het dagelijks toedienen van Zylkene, een antidepressivum voor katten. Ik heb dat vorig jaar ook gegeven in de laatste twee weken van december, om de katten wat relaxter te houden ondanks het vele vuurwerkgeknal in deze periode. Het werkte goed.

Vanmorgen gaf ik hem ook nog een kwart pil Vetranquil. Dit is een spierverslapper. Voor je nu denkt dat ik op eigen houtje mijn kat aan het drogeren ben, ik overleg dit soort zaken altijd vooraf met de dierenarts.

Vooraf een strak plan bedacht, Dibbes naar het kleine kamertje gelokt, gedrogeerd en bij hem gebleven, hem zowaar in de mand weten te krijgen en toen op weg. Hij bleef opvallend rustig – op een aanval van razernij na toen hij net in de reismand zat – en liet zich bij de dierenarts alles welgevallen. Wel met veel angst in zijn lijf want hij probeerde zich onder een dekentje te verstoppen.

Afijn, hij heeft zijn entingen weer binnen en en hij is weer even goed bekeken en bevoeld. Hij is tiptop in orde, er is alleen iets te veel van Dibbes dus zijn gewicht moeten we even in de gaten gaan houden. En we moeten helaas over 4 weken terug komen omdat er een rotte kies moet worden getrokken. Dus krijgen we dan opnieuw weer de hele zenuwenbedoening van kat in de mand krijgen. Maar, het ging vandaag wel heel goed en het is in ieder geval gelukt, dus dat is een enorme vooruitgang ten opzichte van vorig jaar!

bijkomen onder een dekentje, door de vetranquil kan hij zijn temperatuur niet regelen

Dat was Dibbes, over naar Gerrie. Dit evenbeeld van Dibbes zwierf tegelijk met Dibbes door de achtertuinen hier in de buurt. Vorig jaar augustus besloot hij dat Dibbes niet meer recht had op een plek in dit huis dan hij en drong hij zich naar binnen. Gerrie was zo mogelijk nog minder menselijk contact gewend dan Dibbes, maar is wat rustiger en zelfverzekerder van aard en minder getraumatiseerd. Dibbes heeft een zeer goed ontwikkeld gevoel voor drama, terwijl Gerrie wat observerender van aard is.

Gerrie met beste vriend: de prop

Afijn, nog een kat erbij dus. Gerrie werd in maart gecastreerd en gechipt. Sindsdien is het snel gegaan met hem. Elke week behalen we kleine overwinningen. Van naast me op de bank zitten tot op me liggen met zijn kop in mijn hals, of poot in hand liggen op bed, het kan allemaal tegenwoordig. Hij is erg speels en benadert alles met hetzelfde enthousiasme of dat nu een prop papier of een voorbij lopende kater is. Dat levert wel eens irritaties op want de andere katten zitten niet altijd te wachten op het spel van Gerrie. Hij is bovendien nog niet goed thuis in kattentaal en begrijpt nog niet altijd de signalen van de anderen. Tel daarbij op dat hij de neiging heeft net altijd op die plek op bed te springen waar al een kat ligt, en je begrijpt dat er af en toe wat gedoe is.

Gedoe hoort er natuurlijk bij met vier katten met elk een eigen karakter en allemaal een vreemd onbekend verleden. Blijft nog over de vierde kat: Moos. Ja Moos is ‘gewoon’ Moos, gaat zijn eigen gang. Moos vindt het wel prima zo met al die andere katten zo lang we maar tegen hem zeggen dat hij de mooiste is….

Moos

Er zijn nog wat uitdagingen in december te verwachten vanwege het vuurwerk. Ik wil over een paar weken weer beginnen met de vuurwerktraining voor katten. Ik wen de katten zo heel langzaam aan het geknal. Dat in combinatie met de zylkene voor Dibbes leverde vorig jaar een goed resultaat op. Het was niet de fijnste avond van zijn leven, maar zeker niet zo’n ellende als de eerste oudejaarsavond dat dat hij hier woonde.

Tot zover de update van het kattenleven en kattenleed. Ik denk dat ik nu zelf ook lekker onder een deken ga liggen en probeer bij te komen. Fijn weekend allemaal!

Drugs

Wat een kussentje gevuld met valeriaan al niet kan doen, voor katten. Doe mij er ook maar één!
Ze vinden het allemaal geweldig.
Dibbes:

 Smoes:

 Gerrie:


Alleen Moos geeft geen sjoege. Maar dat is dan wel weer heel erg des Moos…
Jullie merken het al, een dieptepunt in blog inspiratie ;-). Of eigenlijk in energie. Dus ga ik nu verder met wat ik aan het doen was… dat is niets doen afgewisseld met lezen en rusten. Later op de dag krijgen we bezoek van Oma, Zus en Nicht….
Fijne dag vandaag!

Gerrie, van buiten naar binnen

Gerrie woont nu precies 1 jaar bij ons binnen als huiskat. Nog even zien hoe het was?

Twee jaar geleden:
mei 2013 1e blik op Gerrie
Hij is te schuw om iets mee aan te vangen
niet gewend aan menselijk contact
maar blijft wel in de buurt
en wordt gevoerd door buren verderop
Ruim een jaar later:
juni 2014 – zwerft nog steeds in de buurt
en zit ineens steeds vaker bij ons in de tuin
zomer 2014 – wordt wat nieuwsgieriger naar ons,
dat hij af en toe wat lekkers krijgt, helpt natuurlijk ook mee
 augustus 2014: 
start wederzijdse grondige verkenningen.
Hij krijgt eten van ons 
en ik probeer hem te socialiseren 
en te aaien,
in het begin doe ik dat 
door met een afwasborstel
voorzichtig over zijn rug aaien.
Ik zit maanden lang
onder de krassen,
meneer heeft scherpe nagels.
Maar de aanhouder wint!
Gluren door het keukenraam
September 2014: voorwerk afgerond, Gerrie ligt in de avond
in de keuken, zo lang de deur maar openblijft. 
Steeds verder in huis
en boven op bed

of in een eigen mandje!
Steeds meer ontspanning
rondhangen met de andere katten
Steeds gelukkiger worden…

en uiteindelijk: 
totale overgave
(van 2 kanten)


Dement en opdringerig

Kruimel is 19 jaar, vaalrood, broodmager en heel erg dement. Én opdringerig. Ons huis heeft sinds een paar weken een onweerstaanbare aantrekkingskracht op deze kat die al heel lang in geleende tijd leeft. Het is de kat van buren van een paar huizen verderop, daar waar Gerrie onder de veranda woonde en die heel lang voor hem hebben gezorgd.

Mijn vermoeden dat het niet echt boterde tussen Gerrie en Kruimel zie ik nu dagelijks bevestigd. Als je hard tegen Kruimel aan blaast valt hij om, maar een mep uitdelen naar Gerrie toe kan hij nog héél goed. Aan de reactie van Gerrie te zien is dat maar al te vaak gebeurt.

Minstens 50 keer per dag (en nu overdrijf ik niet) kruipt het rode gevaar naar binnen. We werken hem naar buiten, tillen hem op en zetten hem buiten de tuin, spreken hem toe maar dat hoort hij niet, hij is heel erg doof. Hij merkt ons pas op als we ineens boven hem hangen of hem optillen. Ondanks zijn frêle uiterlijk kan hij heel goed grommen en blazen als hij het huis uit wordt gewerkt.

Meerdere malen hebben we zijn baasjes aangesproken op het obstinate gedrag van deze demente bejaarde. Maar ja die kunnen er natuurlijk ook niets aan doen. Misschien hem binnen houden, maar daar is hij nog te levendig voor. Ze hebben een tijdje de poort van de tuin gebarricadeerd aan de onderkant maar daar sprong hij toen gewoon overheen. Er zit nog leven genoeg in al zou je dat niet zeggen als je hem zo ziet.

50 keer per dag dus op zijn minst, worden we vereerd met zijn bezoek. Als hij aan komt lopen zie je al: dit is een kat met een missie. Hij weet niet goed wát hij komt doen maar het moet wel in dit huis. Ineens begon deze week de terreur ook ’s nachts. Klepperend kattenluikje, bakjes die omvallen. Toen heb ik hem wel even vervloekt, stomme bejaarde kat. Want ik werd wakker en kon daarna niet meer slapen. Zat ik uiteindelijk om half 5 in de tuin naar de vogeltjes te luisteren. Maar ik weet ook dat dit een kwestie van weken is. Dan is hij óf gaan hemelen óf hij heeft in zijn demente nevel een nieuw doel in het leven ontdekt. Daar hopen we dan maar op.

Kattenjournaal

De meeste katten in dit huishouden zijn erg bescheiden op het gebied van geluid maken. Smoes horen we sowieso bijna nooit, behalve heel af en toe bij het eten uitdelen. Maar dat geluid is altijd zó zacht dat ik me altijd afvraag of ik het echt hoor of dat ik me het verbeeld. Moos miauwt soms, wanneer het zo uitkomt. Dibbes maakt wel veel geluid maar klinkt ondanks zijn stoere robuuste uiterlijk als een kitten van 6 weken. Maar dan Gerrie. Nooit een kat gehad die zoveel variatie in geluid ken én maakt.

  • geef me eten, nu
  • ik heb honger!
  • zie je mijn ingevallen wangetjes dan niet?
  • ik moet nú tegen jou aanliggen
  • ik wil knuffels
  • ik wil meer knuffels
  • als je nu ophoudt met knuffelen lijkt het net alsof we niet geknuffeld hebben, ga door!
  • ik sta hier omdat ik vind dat je aandacht aan mij moet besteden
  • hij (wijst verontwaardigd naar een andere kat) krijgt aandacht, dus wil ik het ook

Gerrie speelt kiekeboe

Gerrie heeft wel 100 verschillende soorten geluiden voor alle voorkomende situaties. Zacht miauwen, piepen, gillen, met een triller in zijn keel, mopperen, langgerekt miauwen, hij kan het allemaal. En dat terwijl er de eerste maanden dat hij hier woonde, geen enkel geluid uit hem kwam. Deze kat heeft de 1e 4 jaar van zijn leven volgens mij zijn mond gehouden en doet nu sinds hij bij ons woont een spoedcursus ‘communiceren doe je zo’ en met groot succes.

Aan alles is te merken dat Gerrie gelukkig is. Hij staat nu veel meer dan Dibbes heel ontspannen  in het leven en bereikt dus ook veel meer ontspanning. Hij geniet volop, van alles, continu. Van het eten tot het knuffelen met als hoogtepunt dat hij laatst in mijn nek kwam liggen terwijl ik TV keek. Ik vind dat knap. Het beest was tot een jaar geleden niet eens in staat om binnen een halve meter bij een mens in de buurt te zijn en blijven.

Het enige minpunt in het leven van Gerrie is dat hij 1 keer per 4 weken een vlooienpipetje toegediend krijgt. En dat is erg. Heel Erg! Het toedienen zelf gaat nog wel soepel maar daarna volgt een drama van zeker 3 uur waarin Gerrie het huis uit stormt en luid gillend door de tuin loopt, eruit rent, heen en weer rent, in andere tuinen rent, het huis weer binnen stormt en verlaat, al mopperend. Het klopt niet voor hem, het zal ook wel heel erg jeuken. Het voelt in ieder geval niet goed. Pas na een paar uur komt hij tot rust, meestal tegen mij aan en dan nog wat na mopperend. Klaaglijk miauwend over het leed dat hem is aangedaan.

Wat Gerrie kan, kan Dibbes ook: kiekeboe!

Hij is heel intelligent en pikt alles heel snel op maar dit leert hij niet, elke keer weer is het een drama.  Maar wel heel erg nodig. Zijn weerstand functioneert nog steeds niet goed en hij heeft enorme last van vlooien en teken. Dibbes ook nog steeds trouwens. Ik heb allerlei merken geprobeerd het afgelopen jaar en het maakt geen bal uit. Ze hebben bijna continu vlooien. Nu las ik laatst over pillen die tegen vlooien werken, bijvoorbeeld Comfortis. Dat is tot nu toe alleen maar op recept verkrijgbaar. Heeft een van de bloglezers ervaring met antivlooienpillen? Aangezien het nogal prijzig is, hoor ik graag eerst wat ervaringen.

Smoes

Toen Moos bij ons kwam aanlopen, was hij naar schatting 4 maanden. Een klein lief katertje met een grote speelbehoefte. Onze oude poes Dorrit tolereerde dat het prul tegen haar aan kwam liggen en hoewel zij nog wel heel speels was wilde ze met hem niet spelen, maar alleen met ons. Dus leek het handig om een kitten erbij te nemen. Alleen hoe doe je dat, als je normaal altijd de kattentoevoer laat afhangen van toevalligheden en aanlopers?

Iedereen moet voor zich weten waar hij zich prettig bij voelt maar ik haal mijn dieren liever uit het asiel of van straat in plaats van dat ik ze uit een nestje haal. Dus het asiel gebeld met de vraag of ze katten jonger dan een jaar hadden. Die hadden ze niet maar ze werkten wel samen met een mevrouw van de Dierenbescherming die zielige gevallen opving en die had toevallig net op dat moment een klein cypertje in huis.

Met het asiel als bemiddelaar mochten we een paar dagen later op bezoek bij het cypertje. Die woonde met zeker 30 andere katten op een grote woonboerderij. Het katje was toen ongeveer 3 maanden oud en was daar samen met zijn zusje dat al vergeven was. Met alle katten op die boerderij was iets (ziek, mishandeld, oud) en ook met dit katje. Hij was samen met zijn zusje in een kartonnen doos in de sloot gevonden. De andere kittens uit het nest waren al verdronken, alleen Smoes en zijn zusje nog niet. Op het nippertje gered dus.

Onze eerste blik op Smoes zal ik nooit vergeten. Een heel klein angstig katje in een bench. Afijn, wij waren meteen verkocht en we spraken af dat als zijn zusje daar weg zou gaan (haar nieuwe eigenaars waren eerst nog even op vakantie) wij Smoes in huis zouden nemen. Dat strookte niet met het plan van de enorme kater die zich in onze auto had verstopt, wat we gelukkig net op tijd ontdekten voordat we daar weg reden. Met spijt in het het hart hebben we die de auto uitgezet.

Twee weken later arriveerde Smoes. Hij werd gebracht door de vrouw die hem had opgevangen, zodat ze ook even kon zien waar hij terecht kwam. Officieel ging de adoptie via het asiel. Hij werd dus gechipt en ge-ent en met dierenpaspoort afgeleverd. Toen ik in dat dierenpaspoort keek, zag ik dat de geschatte geboortedatum van Smoes 7 juni 2006 is. Die datum is de sterfdag van mijn eerste kat Joris. Als dat geen mooi teken was!

Smoes is ook een kat met een trauma, net als de rest van zijn huisgenoten. Het trauma van Smoes is natuurlijk te herleiden tot een bijna verdrinkingsdood. Met Moos klikte het gelukkig vrijwel meteen en de heren waren vanaf het moment dat Smoes zover was, grote speelkameraden. Dat duurde wel even want Smoes moest eerst moed verzamelen en zat dagen bibberend onder de bank.

met Moos in de mand

Voetbal werd nauwgezet gevolgd, soms keek hij achter de TV op zoek naar de bal

Hoewel Smoes naar Moos en Dorrit toe niet bang was (ook niet bang voor de andere katten in de buurt toe) was hij voor de rest wel overal bang voor. Ritselende geluiden en tasjes, de stofzuiger, hem optillen. En mensen. De meeste mensen vond hij eng. Was er bezoek dan verdween Smoes al snel naar boven of buiten. Een extreem nerveuze kat die bijna continu liep te hyperventileren en heel veel last van zijn darmen had. We hebben hem van onder tot boven laten onderzoeken, zijn ontlasting meerdere malen laten testen maar er was geen medische oorzaak voor de darmproblemen. Pure stress dus.

Dat bleef zo tot ik in februari 2008 ziek werd. En toen veranderde er iets. Ineens was ik hele dagen thuis. Ik lag meestal op de bank in een slaapzak en al snel kreeg ik gezelschap van Smoes. Dag in, dag uit, jaar in, jaar uit, lag ik op de bank met Smoes die heel langzaam zo steeds een beetje rustiger en relaxter werd. Het was trouwens een verbond van wederzijds genoegen want ik heb denk ik net zo veel aan hem gehad, als hij aan mij.


Smoes staat inmiddels zijn mannetje. Is in staat zich ook aan andere mensen dan zijn baasjes te hechten en komt tegenwoordig als er bezoek is vaak nieuwsgierig even buurten. Hij is nog steeds wel wat nerveus van aard maar maakt ook een gezonde en vooral blije indruk. Optillen mogen we hem nog steeds niet maar contact is wel mogelijk. Liefst zo vaak mogelijk. Het is een kat die keurig wacht tot de wekker gaat in de ochtend maar dan staat hij ook meteen ‘aan’ en bovenop me te knorren en te prakken. Smoes is ook een duidelijke kat. Hij heeft 2 standjes: aan en uit. Staat hij aan dan komt hij altijd aan galopperen om te groeten, dat doet hij met iedereen die hij kent. Dus als Oma de straat in rijdt met haar auto, kunnen we dat zien aan Smoes nog voordat we haar auto hebben gezien.

Miauwen doet hij niet. Een heel enkele keer als ik wat treuzel met het eten geven dan hoor ik een heel zacht geluidje dat is te herleiden tot hem. Maar verder heeft hij geen kik. Dat is best onhandig want hij laat zich ook vaak opsluiten in de badkamer of de gang. Dan zitten we in de huiskamer en horen we heel zachtjes gekrabbel. Het duurt dan meestal even tot we door hebben dat het weer zover is. Andere vreemde eigenschappen van Smoes zijn dat hij geen kopjes maar kontjes geeft. En dat hij vanaf een uur of 4 in de middag ergens in mijn gezichtsveld gaat zitten en dan een cursus ‘staren zonder te knipperen met de ogen‘ geeft. Want eten dat is toch wel het belangrijkste in het leven van Smoes.

Door dat eten is hij ook flink in de problemen gekomen. In 2011 liet hij ons flink schrikken, hij vrat hij zich door een 10 kilo zak kattenbrokken heen, het plastic maar even voor lief nemend. Een zware darmoperatie was het gevolg (en sindsdien bewaren we het kattenvoer in de schuur).

1 dag na de operatie

Voor de zwervers is Smoes een kameraad die hun leert hoe te spelen. Hij speelt verstoppertje met ze en neemt ze mee op stap. Doe ik de voordeur open voor Smoes, dan volgen Dibbes en Gerrie meestal binnen 10 seconden. Soms is dat wel even een dingetje voor Smoes en probeert hij zijn fans af te schudden, maar over het algemeen laat hij het wel toe. Het verbaasde ons dus niet dat Gerrie en Dibbes wel al tegen hem durven aan te liggen.

Zoals jullie wel zien, is Smoes héél mooi om te zien en heeft hij een hoog schattigheidsgehalte. Dus vooruit, nog een foto dan, als afsluiter, hier ligt hij op mijn been en met die verliefde blik kijkt hij op dat moment naar mij. Ik keek natuurlijk net zo verliefd terug..

Moos

Gerrie en Dibbes speelden de afgelopen jaren natuurlijk de hoofdrol in de kattenverhalen op het blog. Twee zwervers je huis inlokken en socialiseren geeft nu eenmaal veel voer voor stukjes. Maar de heren zwervers kwamen in een huis dat reeds bevolkt werd door katten. Bijvoorbeeld door Moos.

Het verhaal van Moos begint op 6 augustus 2006. Het was hoogzomer maar tegelijkertijd een inktzwarte tijd. Mijn vader overleed op 4 augustus van dat jaar en naast het verdriet dat over ons heen kwam, moesten we ook veel regelen natuurlijk. Mijn vader overleed niet onverwacht, hij was bijna 20 jaar ziek geweest waarvan de laatste 5 jaren heel erg ziek. Ziekenhuis in en uit, telkens keerde het zich ten goede. Dat deed vermoeden dat hij onsterfelijk was maar de laatste ziekenhuisopname was het dus klaar. De dag voor zijn overlijden had hij nog in het ziekenhuis met S. gespeeld door het goed te vinden dat S. met de beddenverstelknop opa omhoog en omlaag en omhoog en weer omlaag deed. Opa moest zo lachen dat hij paars aanliep, iets wat natuurlijk een beetje eng is bij een longemfyseempatiënt,  maar hij genoot volop.

Wanneer komt Moos nou, hoor ik jullie denken? Nou dat zat zo, twee dagen later was mijn vader was overleden, lag in het mortuarium en op 6 augustus gingen we daar naar toe. Ik kan me niet meer herinneren wát we daar gingen doen maar de tocht ging in ieder geval daar naar toe. Toen we de voordeur achter ons dicht sloegen, stormde er een piepklein zwart katje voorbij. Te klein om zo maar buiten rond te rennen! Het katje kroop in een boom en ging daar hard zitten gillen. Ja, daar sta je dan. Wij hadden geen tijd, we moesten weg. We vroegen aan een stel buurkinderen of ze een ladder wilden halen om de kat te bevrijden en vertrokken.

Na een paar uur kwamen we weer terug. Er renden wat buren in de straat heen en weer op zoek naar dat katje. Die bleek zich te hebben verstopt in onze achtertuin en werd door M. en S. naar binnen gelokt met een stuiterbal. Binnen stond een grote bank en die lonkte naar het kleine prul dat al de hele middag heen en weer had gerend. Hij kroop tegen M. aan en viel meteen in slaap.

Afijn, na een slaapje ging hij op verkenning uit. Hij kroop in de planten, in de gordijnen en was enorm bezig ons helemaal in te pakken. Dat lukte goed. Moos was letterlijk een afleider in een periode van groot verdriet. Vooral voor S. vond ik het heerlijk dat juist op dat moment een klein katertje bij ons de boel kwam vermaken. Want dat deed hij. Niet eerder een kat gezien die zulke mooie rare fratsen uithaalde. Wat dat betreft heeft hij ons mooi op het verkeerde been gezet want Moos is lui. Héél lui. En hij heeft last van moodswings. Maar dat wisten we toen nog niet. Toen werden we verleid.

Omdat mijn hoofd logischerwijs nogal werd afgeleid waren onze buren zo lief foto’s van Moos op te hangen in de buurt, met de vraag van wie hij was. Dat er niemand zou reageren ontdekten we trouwens al na een dag of twee. Moos had een navelbreuk. Waarschijnlijk is hij uit een auto gesmeten door zijn baasje (gezien hoe hij op autoritjes reageert) op het moment dat die ontdekte dat er wat uit zijn buikje puilde.

Die uitpuilende buik was natuurlijk niet goed, ik belde de dierenarts om een afspraak te maken. De dierenarts vroeg of het topje van mijn pink in de breuk paste, dit om te achterhalen hoe groot de breuk was. Op mijn antwoord dat er met gemak twee van mijn vingers in pasten en dat ik af en toe de darmen terug moest duwen, adviseerde de dierenarts ons onmiddellijk te komen. En dus leverden we Moos bij de dierenarts af, die nogal opkeek van onze stemmige kleding. We hebben Moos voor de crematie afgeleverd en na de crematie weer opgehaald. Met een geheelde navelbreuk.

Moos is natuurlijk nooit meer weg gegaan. Nooit opgeëist door een baasje maar daar waren we maar wat blij mee. Hij had wel wat fratsen. Moos was bijvoorbeeld doof. Hij reageerde op geen enkel geluid. Wat testen met twee kletterende deksels boven zijn hoofd ontlokten geen enkele reactie. Ook de dierenarts heeft hem getest en kwam tot de conclusie dat hij niets hoorde. Moos moest dus binnen blijven want een dove kat buiten laten lopen is gevaarlijk. Hij kan geen aankomend verkeer horen. Dus bleef hij binnen. Totdat hij ontsnapte. En wel kwam aanstormen toen ik met brokjes rammelde. Meneer was helemaal niet doof. Maar blijkbaar was het brokjesgerammel het eerste geluid waar hij enthousiast over werd.

 En zo had hij wel meer streken. Het is een kat van uitersten, enorme knuffelpartijen worden afgewisseld met afstandelijk gedrag. Voor de straat was hij een tijdje de koning, hij terroriseerde alle katten in de buurt, zijn buurt, de straat van Koning Moos. Maar de laatste jaren is Moos heel zacht en lief, niet voor niets vonden onze twee ex-zwervers de weg naar ons huis, ze liepen achter Moos aan. Moos is een overgevoelige wijze ziel die met zijn gedrag rust brengt tussen de katten hier in huis.

Voor mij is Moos vooral verbonden met de heftige periode van het overlijden van mijn vader. Hij bracht heel veel vreugde op een moment van groot verdriet. Hij paste ook naadloos in ons huishouden. Dat jaar waren er twee katten overleden en we hadden toen Moos verscheen nog maar één bejaarde poes, die het prima vond dat het kleine katje tegen haar aan kwam liggen slapen. Maar spelen, dat wilde ze niet met hem. Dus haalden we Smoes in huis, maar dat is een ander verhaal….

Kat en Muis

Het is zaterdag. 
Ik zit op de bank.
Dibbes stormt voorbij.
Dat doet hij wel vaker.
Hij maakt geluidjes 
en grote sprongen.
Ook dat doet hij wel vaker.
Ik kijk naar hem.
Ach, wat speelt hij leuk.
Dibbes speelt met een blaadje uit de tuin
Dan kijk ik nog een keer.
Het is geen blaadje.
Het is een muis.
Een muis die leeft.
Dibbes heeft een muis gevangen!
Zijn eerste muis!
Dat denk ik echt.
Wat goed van Dibbes.
Wat zielig voor de muis.
Daarom grijp ik in.
Zo’n huichelaar ben ik.
Ik eet biologisch vlees
maar als Dibbes een muis vangt,
pak ik hem af.
Laat los! zeg ik
en Dibbes laat los,
de sukkel.
Muis ligt op de vloer.
Hij ziet er nog heel uit.
Maar tegelijkertijd is het mis.
Hij is in shock. 
Wat nu?
Ja, wat nu!
Dat vragen de katten zich ook af.
Ze staan inmiddels alle vier om me heen.
Eerst de moordmachines het huis uit zetten.
Dan muis voorzichtig pakken.
Dat doet de man.
Muis houdt zich stil.
Maar hij leeft nog wel.
We zetten hem op een rustige plek.
Waar de katten niet kunnen komen.
Wat doen we nu met muis?
Hij lijdt, dat is wel duidelijk.
Verzuipen dan maar?
‘Kan jij dat’ vraag ik aan man?
‘Nee, kan jij dat?’ vraagt man aan mij.
Nog maar eens kijken bij muis.
Hij ademt heel snel.
We laten het even voor wat het is.
Arme muis.
Buiten loopt Dibbes rond.
Waar is muis nou!
We speelden zo leuk!
Dibbes is net een beer.
Loopt rond met stoere stappen.
Een muis vangen 
heeft hem duidelijk goed gedaan.
Hij voelt zich heel wat.
Knap van je Dibbes, goed zo!
Al denkt de muis daar anders over.
De natuur is wreed.
Gerrie heeft grote ogen
en kijkt wat verontwaardigd.
Ze pakken hier je muis van je af!
Dát hadden ze me nog niet verteld!
Na een half uur kijken we weer bij muis.
Hij doet het niet meer. 
Hij is dood.
Gelukkig niet uit elkaar gerukt
door Dibbes
maar gestorven op 
een zacht bedje
van toiletpapier.
Maar wel dood,
hartstikke dood.
Dag muis.
Dag!

Kattenjournaal

Al weer een tijdje geleden dat ik een kattenjournaal plaatste, dus voor de dierenliefhebbers…..

Het gaat goed. Gerrie werd twee maanden geleden gecastreerd  en meteen daarna kwam er rust in de tent. De nachtelijke tochten stopten en hij werd een stuk aanhankelijker naar ons toe. Hij staat op het punt van op schoot durven springen, ligt dagelijks wel al naast me op de bank en eist inmiddels ook bijna elke avond een plek op het bed op. Daar is het inmiddels wel een beetje vol met vier katten maar met wat passen en meten lukt het. Het is natuurlijk bezopen dat we het goed vinden dat we ons bed delen met vier katten, maar goed, dat is nu eenmaal zo. De eerste 2 waren dat al gewend, toen kwam er nog een bij en die is dat inmiddels ook gewend en de vierde denkt dat dit dé beloning is van afscheid nemen van het zwerversbestaan. Als ik enige ruggengraat had deed ik natuurlijk voortaan de deur van de slaapkamer dicht, maar ik heb de ruggengraat van een weekdier, blijkt.

Tussen de katten onderling gaat het goed. Er zijn nog wel wat kleine jaloerse blikken en gedoetjes tussen Gerrie en Dibbes maar het valt mee. Als ik op lieve toon iets tegen Gerrie zeg, komt Dibbes gillend aanstormen. Dat werk. Maar er wordt ook geneusd en kopjes gegeven en de katten liggen vaak vlak bij elkaar en soms zelf tegen elkaar aan op bed. Zoals laatst, toen Gerrie en Dibbes rug aan rug lagen….

excuus voor de belabberde foto, is gemaakt met mobiel uit het jaar 0

En het is best opvallend hoe de heren op elkaar lijken. Niet alleen in gedrag en uiterlijk maar ook qua lichaamshouding. Ze zitten vaak op dezelfde manier en kijken dezelfde kant op, iets wat wel grappige plaatjes oplevert door de overeenkomsten in uiterlijk…

De katten trekken veel met elkaar op. In de ochtend stormen ze als viertal tegelijk naar buiten en hangen buiten ook veel in elkaars buurt. Gerrie doet pogingen mee te spelen met de anderen, al vindt hij dat nog ook wel eng. Dan verstopt Smoes zich achter de vuilnisbak en moet Gerrie hem zoeken. Zien we eerst vrolijk gemep van pootjes en schommelende achterwerken maar dan slaat ineens de sfeer om en denkt Gerrie zich te moeten verdedigen waarna Smoes er vandoor gaat.  Maar ook hier maakt hij vorderingen. Met ons spelen is nog te eng. Een takje dat we voor zijn neus op de grond heen en weer schuiven wordt met interesse gevolgd maar daar blijft het nog wel bij.

De transformatie van onzekere zielige kat naar tevreden huiskat is ook nu weer geweldig om te zien. Hij loopt met zijn staart in een krul rond. Komt gillend naar je toe rennen als je roept. Maakt tevreden knorgeluiden. Biedt zijn buik aan. Ligt naast ons op de leuning van de bank. En geeft kusjes. Eindeloos veel kusje. Dit is de enige kat waarmee ik soms zo tien minuten neus aan neus kan zitten. Zijn vertrouwen en zelfvertrouwen groeit met de dag. Niet alleen naar ons toe. Ook bezoek wordt inmiddels begroet en besnuffeld.

En nu ben ik voor de komende jaren klaar. Ik neem er geen katten meer bij. Ik krijg er verschrikkelijk veel liefde voor terug en daar ga ik de komende jaren goed van genieten. Maar wéér de stress van een kat socialiseren zie ik niet meer zitten. En bovendien vind ik 4 katten ook wel voldoende wat kosten betreft. De katten zijn nu allemaal nog redelijk jong maar zullen in de toekomst vast wel het één en ander gaan mankeren. Die kosten moeten we wel kunnen dragen natuurlijk.

Laatst schreef Vlijtig Liesje een stukje over dierenartskosten. Haar kat was ziek en ze had € 85 uitgegeven. Zij trok gelukkig haar portemonnee maar haar buurvrouw vond dat veel te veel. Ik schrik daar altijd van als mensen zoiets te veel vinden. Ik vind het niet kunnen dat mensen wel een huisdier nemen maar geen zin in kosten hebben. Die kosten krijg je vroeger of later, dat had je vooraf kunnen bedenken. Heb je dat niet dan kun je of elke maand wat opzij zetten (dat doen wij), of een zorgverzekering voor je huisdier nemen of er van afzien. Maar een dier laten doorlopen met klachten omdat het je financieel niet uitkomt, vind ik niet kunnen. 

Dit is ook precies de reden waarom er zoveel zwerfkatten zijn. Mensen doen hun kat weg (gooien hem uit de auto, dumpen hem ergens) als het beest een aandoening blijkt te hebben. Of laten de kat niet castreren uit verkeerde zuinigheid. Een krolse kater gaat de hort op en raakt regelmatig zo ver weg dat de weg naar huis niet meer wordt gevonden. Een niet gesteriliseerde poes raak zwanger en wordt met nest en al op een parkeerplaats gedumpt. Ik kan er zo boos om worden.

Maar goed, die van mij zijn gered, er is rust in de tent en het kwam allemaal goed….