
Ik schreef een recensie voor ME Centraal over het boek van Annelies Gramsma. Ik kan het van harte aanbevelen♥️.
Lees hier de recensie

Ik schreef een recensie voor ME Centraal over het boek van Annelies Gramsma. Ik kan het van harte aanbevelen♥️.
Lees hier de recensie

Als ik de overloop oploop, zie ik de buurkat ongegeneerd gapend uit de werkkamer lopen. Dát was een fijne dut. Het mislukt om hem het huis uit te werken want hij gaat net buiten mijn bereik onder het bed zitten. Later rennen we rondjes om de eettafel en om de gitaar van M. heen en dan, nadat ik het heb opgegeven, verlaat hij het strijdtoneel met opgeheven hoofd op een door hem gewenst moment.
Wat dacht ik toch, ik zou beter moeten weten, van een kat verlies je altijd.
Omdat de buurkat ons zo frequent terroriseert, denken onze katten dat het normaal is. Het huis is schijnbaar een doorgangsstation van ongewenste vreemdelingen. Als je als tactiek altijd de andere kant opkijkt, heb je er bijna geen last van. Bijna. Naast deze kat komen er ook twee andere katten af en toe buurten. Echt leuk vinden ze het niet. Maar om nu in beweging te komen en het vreemde volk te verjagen?
Over katten gesproken, ik lees een interessant boek nu: I love happy Cats. Handleiding voor een gelukkige kat, van kattengedragstherapeut Anneleen Bru. Het boek werd me aangeraden door onze dierenartsassistente die ook kattengedragstherapeut is, toen we het hadden over het gedrag van Dibbes en Gerrie. Je kunt weinig verwachten van katten die zo lang op straat hebben geleefd. En vooral Gerrie begrijp ik soms niet. Hij laat zich nog steeds moeilijk benaderen en is regelmatig gestrest en ongelukkig. Ik zou graag willen weten hoe ik hem zich veiliger kan laten voelen.
De huiskat van tegenwoordig stamt af van de Noord-Afrikaanse wilde kat, een solitaire jager. Deze wilde kat ontwikkelde een heel scala aan gedragingen en manieren van communiceren om te overleven in verschillende omstandigheden. De huiskat beschikt nog steeds over ditzelfde pakket aan gedragingen en overlevingsmogelijkheden en daar heb je dus meteen het probleem. De van oorsprong alleen levende kat, leeft tegenwoordig op een oppervlak dat veel kleiner is dan wat zijn voorouder tot zijn beschikking had én vaak in een groep, omdat baasjes denken dat het gezellig is voor Flip als hij een vriendje krijgt. Dat levert dus stress op.
Katten zijn sowieso stressgevoelig. Ze zijn klein, kwetsbaar en daarom meestal conflictvermijdend. Sociaal contact anders dan paren zit niet echt in het genenkoffertje. Een kat voelt zich snel bedreigd en veel van hun gedrag komt daaruit voort. Uit voorkomen dat ze ontdekt worden, denk aan het begraven van de poep, zodat een vijand die niet ruikt. Denk aan het schrapen rond de etensbak, dat een verwijzing is naar het begraven van eten, om dezelfde reden. Katten zijn om dezelfde reden enorme routinedieren: elke dag of zelfs meerdere malen per dag hetzelfde loopje doen, om te scannen of alles nog wel klopt. Om die reden zijn ze ook snel gestrest als iets afwijkt of verandert, want dat betekent vanuit hun genenpakket bedreiging. En dat laatste is natuurlijk nogal eens het geval in een huishouden met mensen en meerdere katten want daar verandert regelmatig iets.
Om zich veilig te voelen moet een kat zoveel mogelijk keuzes hebben. Keuze waar hij slaapt, eet, jaagt, speelt. Meerdere verstopplekken in een huis. Er moet veel keus zijn want de plekken wisselen voortdurend, afhankelijk van de gevoelde bedreigingen. Zeker als er andere katten in huis zijn. Door middel van geursporen communiceren ze met elkaar, verdelen ze de plekken om de harmonie te bewaren. Zo zie je hier vaak dat ze om en om in hetzelfde kistje liggen te slapen, dan ligt Dibbes er in de ochtend in en Smoes in de middag. En zeggen ze met hun achtergelaten geuren als het ware ‘ik was hier vanmorgen, doe jij dan nu je ding, dan kom ik vanavond weer terug’.

Er staan veel leuke feitjes in het boek. Dat bijvoorbeeld kont aan kont liggen niet betekent dat ze elkaars gezelschap opzoeken, maar dat ze beiden op dezelfde plek willen liggen en elkaar dus om wille van de plek tolereren. Liggen ze met de koppen naar elkaar toe, dan hebben ze elkaar wel opgezocht. Dan gaat het niet om de plek maar om het gezelschap.
Niet alles is logisch in mijn ogen. Bru schrijft meerdere malen dat katten het vaak niet plezierig vinden om geaaid te worden. Een kattenvacht het is extreem gevoelig en het zou pijnlijk aanvoelen. Nu heb ik in de 30 jaar dat ik katten heb blijkbaar alle uitzonderingen getroffen want ik heb aaiverslaafde katten. Mits ik het doe op een door hen gewenst moment.
Of ik Gerrie nu beter begrijp weet ik niet. Het probleem met Gerrie is dat hij zelf de onderlinge signalen ook nooit heeft leren interpreteren. Dus hij benadert de andere katten vaak op de verkeerde manieren en vangt de signalen niet op dat contact niet gewenst is.
Andersom is hij naar mij toe extreem aanhankelijk maar o wee als ik hem verkeerd aanhaal. Of nies. Of kuch. Hij blijft ook na 4 jaar nog extreem schrikkerig. En ik geloof dat het beste wat we kunnen doen, is hem accepteren zoals hij is. Binnen de mogelijkheden die hij heeft, is hij best gelukkig.
Ben je een kattenliefhebber dan is het boek aan te raden. Minpunten vind ik de beroerde opmaak (een absurd groot lettertype afgewisseld met blokken tekst in hele kleine iele lettertjes in lichtgroen of lichtoranje vind ik echt niet leesbaar) en het feit dat Bru uit België komt en ik wel wat moeite had met het Vlaams. Dat is natuurlijk wel jammer aangezien mijn vader in Antwerpen geboren is, maar verder dan de centrifuge een droogzwieper noemen ging de Zuid-Nederlandse taalopvoeding niet.

Als ik mijn aangevraagde boeken haal bij de bieb, kijk ik ook altijd even bij de tafel met ingeleverde boeken. Meestal lees ik volgens een leeslijst. Ik noteer de titel op een verlanglijstje wanneer ik iets lees over een boek dat me interessant of leuk lijkt . En vraag eens in de zoveel tijd wat van deze titels aan bij de bieb. Maar soms stuit ik op onverwachte parels waar ik niets over hoorde. Zoals het boek ‘Leven tot elke prijs’ van Kristina Sandberg. Dat gaat niet over het overwinnen van een depressie of een ziekte, zoals de titel doet vermoeden maar de depressie druipt soms wel van de pagina’s af.
In het boek lezen we over het leven van huisvrouw Maj in de jaren 50 en 60. Getrouwd met Tomas met wie zij twee kinderen heeft, dochter Anita en zoon Lasse die bij aanvang van het boek pubers zijn. We volgen haar in haar dagelijkse routines die bestaan uit het huishouden doen, zorgen voor man en kinderen en het toe werken naar alle hoogtepunten, zoals verjaardagen en feestdagen. Alles wordt vers gemaakt en gebakken en het huis is piekfijn op orde, tot aan de franje van de vloerkleden aan toe die de juiste richting op worden geveegd.
Deze routines geven haar leven een richting en een reden van bestaan. Maar gaandeweg wordt het een houvast. Zonder weet ze niet wat te doen. De contacten met man en kinderen zijn oppervlakkig. Niemand in het gezin lijkt in staat tot waarachtig contact. Maj voelt veel maar maakt niets bespreekbaar ook al is er alle reden om eens met het mes op tafel een gesprek te voeren. Alcoholisme, affaires, faillissement van het familiebedrijf, depressies. Er gebeurt voldoende om je er flink onder te krijgen. Maar Maj gaat gewoon door onder het motto dat het ‘allemaal nog veel erger zou kunnen zijn’.
Het boek grijpt om die reden flink naar de strot. Hoewel ik Maj wel door elkaar kon rammelen met haar passiviteit, is ze ook in en in zielig en eenzaam. Ik denk ook dat de passiviteit wel heel erg bij de tijdgeest past. De man wist het beter en de vrouw voegde zich daarnaar. Zolang alles bij het vertrouwde blijft, voelt zij zich redelijk veilig en stelt daarom maar weinig ter discussie, wellicht uit angst voor de antwoorden.
Maj heeft dan ook weinig op met de veranderende tijdgeest. Kinderen die samenwonen zonder te trouwen, zij vindt dat maar moeilijk en ongepast en maakt zich druk over of ze dan wel haar mooie geborduurde lakens kan geven als cadeau aan de vrouw die niet officieel haar schoondochter is. Stel dat de relatie overgaat, dan is zij haar lakens kwijt. Dat haar dochter kan gaan studeren wekt wel wat trots op in haar maar er zijn toch meer zorgen over het vinden van de juiste man. Want daar gaat het toch om in het leven volgens Maj.
Zo kabbelt het maar door in een stijl die eerst wat moeilijk door te komen is en dan ineens heel verslavend blijkt te zijn. Echt een prachtig boek en een indringend beeld van de jaren 50 en 60.
‘Leven tot elke prijs’ blijkt het derde deel van een trilogie te zijn, waarvan het eerste deel, ‘De komst van een kind’ in oktober in een Nederlandse vertaling beschikbaar zal zijn. Het tweede deel, ‘Zorgen voor het gezin’ is al verkrijgbaar. De delen zijn los van elkaar te lezen.
Leven tot elke prijs


Tijdens mijn laatste twee jaren op de middelbare school, kwam er een nieuwe leerlinge in onze klas. Ik keek mijn ogen uit, want wat een wereldwijze vrouw! Annette had humor, was heel gevat en straalde iets uit waardoor je graag bij haar in de buurt wilde zijn. Ik ging wel eens met haar stappen en gaf met haar en mijn vriendin Judith ons eindexamenfeest. Een paar weken later was Annette dood. Ze kwam om het leven toen ze met Judith en wat andere meiden op vakantie was naar Griekenland.
Als er iemand overlijdt, hakt dat er in. Voor mij was het een groot drama maar ook een vreemd drama. Ik kende Annette nog niet lang en niet heel goed maar ik kende mijn vriendin Judith wel heel goed en haar raakte ik (ook) kwijt. Ik zat vol emoties en verdriet zoals iedereen in de omgeving van Annette maar was niet bij machte dat te delen. Wat niet meewerkte was dat onze ‘nieuwe levens’ meteen van start gingen na de crematie. Ik zat op 4-hoog achter in een klein kamertje in Amsterdam en ging Italiaans studeren en Judith ging in Baarn wonen. Onze levens liepen al snel uit elkaar.
Nu, meer dan 25 jaar later is er een prachtig boek verschenen – Hemelvaart– waarin Judith verslag doet van de laatste fatale vakantienacht waarin Annette om het leven kwam. Maar het is meer dan dat, ze onderzoekt ook hoe het toch kan dat de herinneringen aan het ongeluk bij de betrokkenen allemaal anders zijn. Judith stuurde me het boek op en ik heb het verslonden.
Dat het boek geschreven werd wist ik. Judith nam een tijd geleden contact met me op met het verzoek eens te praten over vroeger en ze vertelde me over haar plannen. Ik dook op zolder achter de schotten en vond mijn oude dagboeken uit die tijd en brieven die we elkaar hadden geschreven. Dat terug lezen, deed van alles terugkomen bij mij. We hadden een fijne middag in de tuin en er werd veel gesproken over hoe we 25 jaar geleden waren, hoe het doodgaan van iemand zo dichtbij je leven beïnvloedt, je leven dat nog niet eens is begonnen. Wie waren we toen en wat deed dat met ons?
Voor mij was die periode nadat ik het huis uitging de zwartste tijd uit mijn leven. Na Annette overleed mijn oma, mijn verkering ging uit en het broertje van mijn toenmalige verkering pleegde zelfmoord en dan heb ik nog niet eens alle doden genoemd. Mijn studie Italiaans was – dat zal niet verbazen met zoveel onrust – geen groot succes en ik zwierf maar wat door Amsterdam, las veel en probeerde te bevatten wat er allemaal gebeurde.
Hemelvaart is een prachtig boek. Vanaf de zijlijn heb ik alles zelf meegemaakt en ik heb altijd veel vragen gehad die ik niet kon of durfde te stellen, over Judith en over Annette. Het lezen was een reis terug in de de tijd. Judith beschrijft met veel liefde details van Annette, hoe ze rookte, hoe ze fietste, over haar eigen voeten struikelde. Alles kwam weer naar boven drijven. Doordat Annette en de gebeurtenissen zo gedetailleerd maar wel met veel integriteit worden beschreven, heb ik bijna het gevoel Annette aan te kunnen raken.
Ook was het lezen erg pijnlijk. Het bracht me terug naar een tijd van verdriet en veel onmacht. Het bracht me ook terug naar Judith, toen mijn liefste vriendin. Ik kon haar al die jaren terug niet meer bereiken. Nu zoveel jaar later heeft dit mooie boek dat gat weten te overbruggen. Het boek is natuurlijk niet voor mij geschreven, maar zo voelt het wel. Het voelt als een prachtig cadeau, een eerbetoon aan een mooie, bijzondere, wilde meid van een vrouw die me heel erg lief is geweest.
Ook voor buitenstaanders zal dit een mooi boek zijn om te lezen. De thema’s van het boek zijn immers universeel: vriendschap, verlies en hoe je daar mee omgaat, onmacht, verliefdheid, schuldgevoelens. Dus: lees dit boek!
Hemelvaart. Op zoek naar een verloren vriendin
Judith Koelemeijer
Uitgeverij Atlas / ISBN 9789045021829