Vriendschap

Elke ME patiënt, of sowieso chronische patiënt, zal herkennen dat vriendschappen onderhouden terwijl je ziek bent, moeilijk is. Want je moet vaak afspraken op het laatste moment afzeggen, kan soms überhaupt geen afspraken meer maken en wat je nog met vrienden kunt doen is in veel gevallen heel beperkt geworden, gespreksonderwerpen zijn soms beladen want niet iedereen durft te vragen. En als je wel iemand treft die durft te vragen, weet je soms niet wat je kunt vertellen. Je wilt de sfeer niet te zwaar maken.

Dus bellen en appen vrienden steeds minder. De kloof tussen hun leven en het leven van een ME-patient, zeker iemand die huisgebonden leeft, is immens.

Ik heb lang getrokken aan heel veel dooie paarden. Gemerkt dat ik niet meer in de levens van anderen paste. Ik viel weg uit de dagelijkse omgeving van veel mensen en het leven ging door.

Mensen laten los. Worden afgeleid door hun eigen sores, de drukte in hun leven. En ik veranderde denk ik voor sommigen in een af te vinken klusje op de to-do list: Martine bellen of appen. Wat vaker niet dan wel gebeurde. Wat ik wel snap. Nu begrijp ik dat, 13 jaar later. Toen niet.

Toen dacht ik alleen maar dat ik iets fouts deed. Ik had het gevoel dat ik niet meer interessant of leuk genoeg was. Want ik lieg niet als ik zeg dat ik het merendeel van mijn vrienden kwijtraakte sinds ik ME kreeg. Nu begrijp ik het maar toen vatte ik het heel persoonlijk op. Het is heel pijnlijk als je naast je gezondheid en je werk ook in één klap je sociale netwerk verliest en je denkt dat het een gevolg is van iets verkeerd doen, dat het aan jou ligt.

Inmiddels heb ik geleerd zorgvuldiger met mijn energie om te gaan. En weet ik dat vriendschap van twee kanten moet komen. Ik trek niet meer aan dooie paarden. Ik ben zelf opener geworden en directer. En herken het inmiddels razendsnel als de intentie niet zuiver is.

Vriendschap is een uitwisseling en de bereidheid ergens in te investeren. Als je bevriend bent met een ME-patiënt veranderen de kaders waarbinnen de vriendschap bloeit. Je kunt dat negeren en de vriendschap opgeven of je kunt je verdiepen in wat de ander doormaakt en bespreekbaar maken hoe de vriendschap zich verder kan ontwikkelen.

Met de wijsheid van achteraf denk ik dat veel mensen helemaal niet doorhadden dat mijn leven instortte en dat ik echt heel erg ziek ben. De onbekendheid van ME en het stigma eromheen zal er ongetwijfeld toe hebben bijgedragen dat mensen mij loslieten.

Jullie merken, het blijft een open wond, na al die jaren nog. Ik begrijp het wel maar voel het nog steeds. Ook dat is een reden dat ik zo open ben over wat ik doormaak.

Verlanglijstje voor de feestdagen

✔️Een dag zonder pijn
✔️Een nacht kunnen doorslapen
✔️Een handje herfstbladeren zodat ik de geur kan opsnuiven
✔️Een keer verse pasta mét gluten kunnen eten
✔️Douchen zonder terugslag (überhaupt kunnen douchen).
✔️Kunnen zien waar mijn zus woont
✔️Met mijn voeten in het zand wiebelen
✔️Poepen op een echt toilet in plaats van een chemisch toilet in een kast van onze slaapkamer
✔️Een gesprek kunnen volgen als er buiten mij meer dan een persoon in de kamer is
✔️Niet altijd alles vergeten wat me wordt verteld
✔️Een dag meemaken zonder betonblokken aan mijn voeten
✔️Macarons waar ik niet dik van word
✔️De slappe lach kunnen krijgen zonder terugslag
✔️Kunnen huilen zonder terugslag
✔️Op vakantie gaan naar Ermelo met mijn lotgenoten (you know who you are ❤️)
✔️Een lange boswandeling maken
✔️In de tuin kunnen zitten als het lente is
✔️Iets doen waarvoor ik schoenen moet aantrekken
✔️Teruggaan in de tijd, naar het moment dat mijn kind nog hand in hand met mij liep en ik nog dacht dat ik al die 1000en dingen ging doen die moeders nu eenmaal doen

Persoonlijke verzorging en ME


Vandaag hadden we project haren wassen en rug schrobben. Dat is allereerst een kwestie van het moment zoeken dat ik het beste ben.
Meestal is dat rond een uur of 10 maar helaas was ik toen zo stoned als een garnaal. Een bijwerking van nieuwe medicatie.

Rond 12en was ik uitgetript en heeft Mischa mijn haren gewassen aan de wastafel. Het luistert altijd nauw want te snelle aanrakingen overprikkelen als hel.

Vervolgens werd mijn rug met een grove spons gescrubt. Ik kan liggend op bed overal bij met vochtige washandjes maar natuurlijk niet bij mijn rug.

Nu de fysio weer regelmatig langskomt om mijn rug te doen, werd dat wat gênant. Mijn rug (sowieso grote delen van mijn lijf) bestaat volledig uit dode huidcel 😳.

Afijn. Delen van mij zijn weer engeltjesfris. Me zo schoon voelen, geen jeukende kop met vet haar meer, het is altijd weer een enorm emotionele ervaring. Voor de buitenwereld misschien onbegrijpelijk.

In reactie op dit avontuur zit ik nu vol met adrenaline en ben ik door en door verkleumd. Een teken dat ik een voor mijn doen zware inspanning heb geleverd. Dat is de prijs die ik betaal.

Maar ik ruik nu wel naar roosjes, dat dan weer wel.

Hoe het gaat


Of ik weer eens ‘gewoon’ een stukje wil schrijven over hoe het met me gaat, werd me de afgelopen tijd regelmatig gevraagd. Eigenlijk vind ik dat best ingewikkeld. Het is makkelijker een thema te pakken en daarover te schrijven. Dat schept iets afstand, als jullie begrijpen wat ik bedoel.

Daarbij, hoe gaat het? Ik weet het niet. Elk jubelverhaal van mij wordt afgestraft, zo voelt het soms, al is dat natuurlijk niet zo. Toch heb ik al zó vaak gedacht en ook uitgesproken dat het iets beter ging en altijd ging het daarna weer mis of slechter.

Uitspreken dat het beter gaat leidt ook prompt tot misverstanden. Een paar weken geleden schreef ik dat ik vijf traptreden had gelopen. Sommigen reageerden daarop (heel lief en enthousiast) alsof ik het pad naar genezing was ingeslagen. En dat is natuurlijk niet zo.

Dat ik na die vijf treden twee weken in de kreukels lag, was ook wat onhandig. Zo zie je maar weer hoe het werkt. In mijn euforie deel ik mijn ‘overwinning’ en de terugslag is genadeloos. De overwinning blijkt geen overwinning te zijn maar een miscalculatie

Waarschijnlijk een tree teveel. Of het was niet het goede moment. Of misschien zat ik die dag ook net te lang overeind. Wie het weet mag nu zijn vinger opsteken.

Buiten dat stond de afgelopen periode vooral in het teken van pijn en het zoeken naar manieren die opnieuw onder controle te krijgen.

Ik ben weer bezig met het opbouwen van medicijnen en dat gaat niet zonder slag of stoot. Elke keer weer moet ik door de bijwerkingen heen ploeteren.

Dus hoe gaat het? Het antwoord is afhankelijk van het moment dat je het mij vraagt. Ik heb slechte dagen en dagen dat het wel gaat. Ik houd zoveel mogelijk vast aan een structuur, dat geeft houvast. Ik geniet intens van wat lukt – schrijven, contact met mijn favoriete mensen –  en huil soms om wat niet lukt. Van frustratie, gemis, verdriet of wanhoop.

Ik probeer bij de dag te leven omdat dat het beste is. Maar laten we wel wezen, dag in dag uit in een donkere slaapkamer leven doet wat met me. Dat hoeft ik vast niet uit te leggen.

Op dit moment vind ik de pijn het moeilijkst te verteren. Die is regelmatig alles overheersend. Als ik ’s nachts wakker lig van de pijn voel ik me klein en nietig. Overdag is er afleiding en kan ik er beter mee omgaan.

Dit is niet een stukje zoals ik het graag schrijf. Maar ach, dit is ook ME. Ermee omgaan en leven is gewoon moeilijk.

Kleine Uil en Grote Uil

“Het is bijna tijd om te rusten”
zei Grote Uil tegen Kleine Uil.

“Dat wil ik helemaal niet” zei het kleintje,
“Waarom moet ik dat elke dag doen?”

“Omdat het goed is Kleintje,
omdat jij niet zonder rusten kan”
antwoordde Grote Uil.

“Waarom zijn goede dingen
zo vaak stom” vroeg Kleine Uil.
“Waarom is het stomme niet leuker!”

Grote Uil dacht diep na over deze vraag.
“Niet alles is leuk en toch doe je het.
Je draait je nek, je poetst je veren,
je braakt een uilenbal uit.
Dat moet allemaal gebeuren.
Daar denk je niet over na
Dat doe je toch gewoon?
Met rusten is het net zo.”

Kleine Uil hopste op zijn pootjes.
“Ik-wil-het-echt-niet!”

“Doe maar alsof het leuk is,
het leukste wat er is”
zei Grote Uil geduldig.
“Zeg maar tegen jezelf
dat je een uiltje gaat knappen,
even tijd voor jezelf hebt
en niets hoeft te doen.”

Grote uil keek of Kleine Uil
nog wel naar hem luisterde.
Dat deed hij niet. Hij sliep.

Grote Uil zuchtte diep.
Ook hij ging nu rusten.
Al wilde hij het niet,
hij deed het toch.
Elke dag een paar keer.

In balans



Liggend in mijn bed
overdenk ik mijn beperkingen.
Dat zijn er niet zo veel,
zeg ik zonder gêne.

Sinds ik ziek ben
maakte ik met sprongen
een ontwikkeling door,
die zeer waardevol is.

Fysiek beperkt zijn
en zo weinig kunnen
valt zowat in het niet
bij wat en hoe ik nu ben.

Ik geniet van wat kan,
haal mijn schouders op
over wat niet meer kan
en zie schoonheid in alles.

Volgens mij ben ik ook
een stuk aardiger en opener
in vergelijking met vroeger,
toen alles het nog deed. 

Alleen verdomd jammer
dat zo weinig mensen zien
dat ik eindelijk in balans ben,
zo liggend In mijn bed.


(bewerking van een tekst uit 2012)


Pijn


Heel vaak als ik melding maak van pijn, reageren mensen verbaasd. “Heb je pijn dan?” Ja. Altijd, elke dag, al 13 jaar lang. De pijn is inmiddels zo aanwezig dat ik er wakker van word of het is de reden dat ik überhaupt niet kan slapen.

Pijn is helaas een onderdeel van het ME-pretpakket. De “buitenwereld” weet vaak niet eens van het bestaan van ME, laat staan welke klachten erbij horen. Daarom nu eens een stuk over pijn.

Vreemd genoeg vind ik het moeilijk om over pijn te schrijven. Ik wil niet klagerig overkomen en ik praat niet graag over pijn. Maar als ik wil dat ook dit aspect van ME bekend word, zal ik dat toch moeten doen.


Soorten pijn
ME gaat samen met verspringende, soms uitstralende pijnklachten door het hele lichaam, variërend van spier- en gewrichtspijnen, zenuwpijnen, hoofdpijn en migraine, pijn in de ogen, spierknopen en verhardingen, pijn bij de peesaanhechtingen, buikpijn, pijn op de borstkas en coat hanger pain. Daarnaast is er zeer vake sprake van pijn door neuro-sensitieve stoornissen. Tot slot is er door de voortdurende opflakkering van griepachtige klachten ook vaak keelpijn of pijn in de lymfeklieren. (bron: ICC-criteria bij ME).


Niet elke ME-patiënt heeft al deze klachten, het verschilt per persoon, ook de mate van pijn .


Oorzaken van pijn
Die variëren van een verstoorde pijnbeleving en pijnprikkelverwerking tot onvoldoende toevoer van zuurstof naar de organen en een extreme ophoping van melkzuur en een gebrekkige bloedcirculatie. Mogelijk speelt inflammatie van het brein ook een rol. Deze opsomming van oorzaken is niet compleet maar geeft wellicht een indruk.

Begintijd
ME begon bij mij na een infectie. Ik had daarna griepklachten die niet overgingen. De pijn stond toen nog niet voorop. Ik had vooral hoofpijn en pijn in de gewrichten en spieren, pijnlijke lymfeklieren en schouder- en nekklachten. Lopen deed pijn, een stekende pijn in het lijf die maakte dat ik een zeer onelegant waggelloopje had.

Verergering pijn
Gaandeweg verergerde de pijn en sinds anderhalf jaar is die zeer prominent aanwezig en ontwikkelde ik ook andere pijnklachten. Van migraine tot een stekende pijn in mijn oogbollen, knieën, heupen en bij het overeind komen op mijn borst. Soms doet ademhalen zelf pijn en dat geeft een benauwd gevoel.

Het voelt daarnaast alsof de zenuwen en bloedvaten in mijn benen te nauw zijn en dat veroorzaakt een brandende pijn. Overdag zijn mijn voeten zo koud dat het pijn doet en ’s nachts staan ze in de fik. Ik word ’s nachts vaak wakker van de pijn en  tijdens een PEM is het soms niet te harden.

Ook heb ik regelmatig last van aanrakingspijn. Er is over de hele linie meer last van overprikkeling, dus ook aanraking is snel te veel. Op dit moment is dat gelukkig meestal alleen tijdens een PEM maar begin dit jaar was het continu.

De nek- en schouderklachten zijn erger geworden en spelen onmiddellijk op als ik overeind kom, ook wel bekend als coat hanger pain.

Ik ken inmiddels geen pijnvrije dagen meer of dagen zonder pijnbestrijding.

De gevolgen van pijn
Door de pijn slaap ik slechter en door het slechter slapen word ik gevoeliger voor prikkels en pijn. Het is een vicieuze cirkel. Het belemmert me in de mogelijkheid om te kunnen bewegen, tast de veerkracht en het herstellend vermogen aan, houdt mijn lichaam in een voortdurende kramp. Het zorgt ervoor dat ik me soms nergens op kan concentreren. Pijn vreet energie die ik als ME-patiënt toch al te weinig heb.

Omdat er weinig plekken zijn in mijn lichaam die geen pijn doen, is het moeilijk een comfortabele lighouding te vinden. Zomaar even knuffelen gaat vaak niet. Kreukels in het beddengoed veroorzaken pijn. Omdraaien is een gedoe. Ik tel vaak de uren af tot het moment dat ik weer pijnstilling mag slikken. Ik vind het bovendien uitermate lastig om goedgehumeurd te blijven als de pijn erg toeslaat. Soms word ik er depressief van.

Angst
Hevige pijn is zeer beangstigend. Sommige pijnen kunnen niet genegeerd kunnen worden en ik ben er bang voor geworden. Ik heb angst dat het zo erg wordt dat ik het niet meer volhoud of dat ik zó door pijn word overgenomen dat er niets overblijft. Dat is geen doemdenken maar een realistisch scenario.

Begin dit jaar had ik zo’n pijnaanval dat ik niet meer kon bewegen of nog kon reageren toen Mischa iets vroeg. Ik voelde me compleet opgesloten in een pijncocon en hij kon alleen maar toekijken. Dat is een gruwel die nu nog op ons netvlies staat en elke dag ben ik bang dat zoiets weer gebeurt.

Sommige ME-patiënten maken dit dag in dag uit mee of hebben dit moeten meemaken tot aan hun dood. Vermenigvuldig wat ik hier heb geschreven met tien en je krijgt een beeld van de hel waarin sommigen dag in dag uit leven, zonder zicht op verbetering.

 

Hulp


Vorige week dinsdag was de dag van de mantelzorger. Maar buiten mantelzorg krijgen veel patiënten (al dan niet incidenteel) hulp van buitenaf. Bijvoorbeeld bij het boodschappen doen, op de kinderen passen of met praktische zaken die voor een patiënt soms te zwaar of te belastend zijn.

Die hulp kreeg en krijg ik ook. Wat me opvalt is hoe nauw het allemaal luistert. Hoe belangrijk het is dat je als patiënt aangeeft wát precies je behoefte is, omdat mensen vanuit hun eigen kader proberen te helpen en daarmee soms de plank gigantisch mis slaan.

Sommige hulp verdroeg en verdraag ik niet. Omdat niet iedereen begrijpt dat alles overprikkelt. Sommige hulp sloeg en sla ik af. Omdat het hulp is waar ik helemaal niet op zit te wachten.

Het is moeilijk om hulp te vragen. Maar het is bijna nog moeilijker om aangeboden hulp ‘bij te sturen’. Of om aan te geven dat wat aangeboden wordt, helemaal niet is waar je op zit te wachten. Dat leidt soms tot pijnlijke momenten en verlies van contacten.

Soms blijkt er aan ‘hulp’ een prijskaartje te hangen dat je niet wilt of kunt betalen. Sommige patiënten moeten dat toch doen, omdat er geen alternatieven zijn. Dus aanvaarden ze hulp en nemen bemoeizucht of ongewenst (veroordelend) commentaar op de koop toe.

De fijnste hulp is van mensen die je een lijstje kunt geven, met dingen die moeten gebeuren. Mensen die gewoon vragen: “waar ben jij mee geholpen en hoe vaak kan ik dat voor je doen op een manier die jou niet belast.” Mensen die vragen “helpt het als ik je eens per week eten breng, je kind van school haal, je naar de fysiotherapeut rijdt of je hond uitlaat…” en die dan ook snappen dat jij in ruil voor die praktische hulp niet altijd sociaal kunt doen, een gesprek kunt voeren.

(Onderstaande tekst is uit 2012)

HULP

Ziekzijn zorgt voor nieuwe ervaringen,
sommige negatief, sommige positief.
Niet iedereen wil mij nog kennen.
De angst voor ziekzijn is groter
dan het meeleven.

Anderen willen juist helpen,
vragen heel gericht wat ik wil.
Hulp met praktische zaken,
van koken tot kinderopvang,
ik krijg het allemaal.

Er is nóg een categorie mensen,
‘zij die willen redden’.
Al mijn leed willen ze dragen,
alles willen ze voor me regelen.
Dus regelen ze zonder te vragen
waar mijn behoefte naar uit gaat
en kletsen zo onafgebroken
over hoe ze wel even zullen helpen
dat ze mijn antwoorden niet horen
en zijn zó boos en verontwaardigd
als blijkt dat ik geen passieve geit ben
die je ongewenste ongevraagde ‘hulp’
door haar strot kunt rammen,
dat ze me de rug toekeren,
gelukkig….

Ik ben dan wel ziek
maar kan heel goed
nog zelf inschatten
wat ik wel en niet kan.

Ik ben dan wel ziek
maar kan heel goed
nog zelf bepalen
op welke manier
ik geholpen wil worden.

Ik ben dan wel ziek
maar heb heel goed door
dat een ander
mij soms nodig heeft
om een goed gevoel
over zichzelf te krijgen..

Misvattingen over ME: rusten werkt niet


Over ME bestaan veel misvattingen. Wat het is of juist niet, hoe je ermee om moet gaan en wat blijkbaar absoluut niet gedaan moet worden. Eén van de grootste misvattingen is dat rusten een ME-patiënt zieker zou maken en zou bij dragen aan decontionering. “Geef vooral niet toe aan de behoefte aan rust, want van rusten word je niet beter.” Het is mij talloze malen verteld. En iedereen die dát zegt moet voortaan stilletjes in een hoekje gaan zitten en zich schamen.

Het nut van rusten, hoe te rusten, wanneer er gerust moet worden, het is een hele wetenschap op zich. Helaas krijgt geen enkele ME-patiënt tegelijk met de diagnose een boekje met rustinstructies uitgereikt. Terwijl juist rusten als onderdeel van pacing zo ontzettend belangrijk is. Als ME-patiënt is het belangrijk dat je snapt dat regelmatig rusten een vast onderdeel van je dag zou moeten zijn. En de omgeving van de patiënt moet dat ook erkennen en het rusten aanmoedigen.

Toen ik in 2010 de diagnose ME kreeg, kreeg ik te horen dat rusten niet helpend is en juist contraproductief zou zijn. Het zou mijn slaappatroon maar verstoren. Dat droeg ertoe bij dat ik pas heel laat – veel te laat – echt ben gaan rusten. Rust pakken betekende in mijn wereld instorten, voor halfdood in bed liggen tot ik het weer enigszins deed en doorgaan tot de volgende crash.

Het herstellend vermogen van het lichaam is bij ME ernstig verstoord. Zie het als een accu die na uitgeven van energie niet goed oplaadt. Het feit dat het opladen niet goed gebeurt, betekent niet dat je het opladen maar moet laten zitten. Het betekent dat je juist vaker en langer moet opladen!

VERSCHILLENDE SOORTEN RUST
Doorgaan van crash naar crash tot je niet meer kunt en dan pas rusten richt schade aan, veroorzaakt PEM en tast je belastbaarheid op den duur enorm aan. Dus dat moet vermeden worden. Wat moet je dan wel doen?

Herstellend rusten
Dit is rusten na het doen van een activiteit. Het is noodzakelijk om in te schatten wat een handeling of activiteit kost. Dus breng in kaart wat je belastbaarheid is, op fysiek, cognitief, sociaal en emotioneel vlak en ga daar ruim onder zitten. Doe minder dan kan en rust na elke activiteit.

Het is moeilijk inschatten hoe lang er gerust moet worden, dat is een kwestie van ervaring opdoen en gewoon ergens beginnen. Ik begon met herstellend rusten met de volgende som: de duur van een activiteit maal drie. Een kwartier iets gedaan? Dan 45 minuten rusten.

Gaandeweg leerde ik dat de ene activiteit meer kost dan de andere en paste ik het aan. Door een logboek bij te houden, activiteiten en symptomen te noteren en te beseffen dat een PEM meestal met een vertraging optreedt, zag ik patronen.

Preventief rusten
Naast herstellend rusten is preventief rusten van belang. Niet rusten omdat je moet herstellen maar op vaste tijden preventief rusten. Hoe lang en hoe vaak is afhankelijk van de gradatie waarin je ziek bent. Ik heb ernstige ME en ben bedlegerig. Maar plat liggen is geen rusten. Ik rust drie keer per dag preventief. Twee keer een korte rust van een half uur en één keer een lange rust van gemiddeld twee uur.

Het belangrijkste van deze manier van rusten is dat je rust, ongeacht de symptomen die je ervaart, ook op goede dagen. Ook dit is het een kwestie van uitproberen. Sommigen hebben baat bij elke twee uur een kwartier rust, anderen doen het beter op minder vaak rusten maar per keer langer.

Een grote valkuil is dat naarmate je iets opknapt, je én meer gaat doen én minder gaat rusten. Dat werkt dus niet want dan ben je zo weer terug bij af. Doe of het één of het ander.

Wat is rusten niet?
Rusten is niet rustig liggen, Netflixen, een boek lezen, appen met je beste maatje of in gedachten boodschappenlijstjes maken.

Wat is rusten wel?
Liggen in het donker, met je ogen dicht, zonder prikkels van buitenaf. Dat is verdomd moeilijk want het is saai, niet leuk en confronterend. De gemiddelde ME-patiënt heeft bovendien een brein dat zó overprikkeld is door de normale input van het dagelijkse leven, dat rusten heel onplezierig kan zijn.

Wat kan helpen is de rusttijd te beginnen met een ademhalingsoefening. Heel simpel: adem langer uit dan je inademt. Dus bijvoorbeeld 4 tellen in, 6 tellen uit. Waarbij ik het heb over een diepe buikademhaling.

Mediteren is ook een goed idee en kan bij mij in plaats van rusten worden gedaan. Ik kan uit eigen ervaring zeggen dat dit enorm moeilijk is als je erg veel last van adrenalinerushes hebt. Toch kunnen vooral geleide meditaties dan wel helpen. Kijk eens op de app Insight Timer.

Waarom zou je naar mij luisteren? Ik heb ernstige ME. Zó goed heb ik het zelf blijkbaar niet gedaan. Helaas is het bij ME niet zo dat het juiste doen ook het juiste resultaat oplevert. Daarvoor is deze ziekte te grillig en is er nog te veel onbekend.

Wat ik wel met 100 % zekerheid kan zeggen is dat de informatie die ik aan het begin van mijn ziekte over rusten kreeg, niet helpend en zelfs schadelijk was. Rusten is van levensbelang, om erger te voorkomen. En dat had ik graag eerder geweten.

De eeuwige cirkel

Soms hoop ik
op een ander leven
en dat is goed.
De hoop houdt mij gaande,
biedt enig perspectief,
tegen beter weten in.

Soms verlies ik de hoop
op een ander leven
en dat is goed.
Het laat mij voelen
waar ik nu lig
en wat er van mij overblijft.

Soms barst ik van vertrouwen,
ben een en al vechtlust
en dat is goed.
Het brengt me verder,
van hier naar daar.
Ook al lig ik stil.

Soms word ik overweldigd,
voel me verslagen en verlamd
en dat is goed.
Het zou vreemd zijn
als ik continu bleef jubelen.
Ik laat zo toe wat er is.

Soms ben ik een en al liefde,
tot intens contact in staat
en dat is goed.
Het zorgt op zoveel manieren
dat ik me een onderdeel voel
van een groter geheel.

Soms ben ik totaal leeg,
niet in staat tot geven of nemen
en dat is goed.
Soms is niets zijn
en niets voelen
alles wat er mogelijk is.

Soms stormt het,
soms is het windstil.
En dat is goed.
Ik val en sta weer op,
Ik ben op reis
ook al lig ik stil.